Dag 313 van 2555: van het (medicijn)kastje naar de muur gestuurd worden – deel 3 – zelfvergeving en zelfcorrectie

8CE289089E5F03B2A82BAFEC8ABDit is een vervolg op de twee voorgaande blogs, het is dan ook aan te raden om eerst de andere blogs te lezen alvorens deze blog te beginnen.

 

Deze reeks zelfvergevingen en zelfcorrecties draaien rond het punt van geduld en geloofwaardigheid.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om geduld te moeten beoefenen om uiteindelijk te geloven dat ik ergens terecht kom waar mijn kind serieus wordt onderzocht.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van ongeduld wanneer ik zie dat de klachten van mijn kind niet serieus worden genomen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de ander zijn geloof niet kan veranderen ondanks de reëel fysieke aanwijzingen die we geven. Ik stop het ongeduld en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet meer te laten frustreren door medische en para-medische professionals die geloven dat zij het bij het rechte eind hebben zonder de fysieke werkelijkheid daarbij in ogenschouw te nemen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om na ongeduld frustratie te ervaren door het niet kunnen overbrengen van de fysieke werkelijkheid aan mensen die meer waarde hechten aan hun ‘geestes’ werkelijkheid en verstrikt zitten in opinies, ideeën en geloof.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het verstrikt zijn van de ander in de ‘geestes’ werkelijkheid persoonlijk te nemen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door dit persoonlijk te nemen denk iets niet te kunnen overbrengen. Ik stop het persoonlijk nemen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet gelijk en één te gaan staan aan de ander zijn verwardheid tussen fysieke werkelijkheid en ‘geestes’ werkelijkheid en daardoor te denken dat ik de boodschap niet kan overbrengen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om onzeker te worden wanneer ik de boodschap niet denk over te brengen over wat er met mijn kind fysiek mis is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van onzekerheid door verwarring en ruis bij de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik één en gelijk aan de fysieke werkelijkheid moet gaan staan en hier mijn kracht uit te putten om door te zetten in vastberadenheid. Ik stop de onzekerheid en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf geen onzeker gevoel aan te praten, ik weet dat wat mijn kind zegt en fysiek voelt in de fysieke werkelijkheid, gestoeld kan worden aan de fysieke werkelijkheid omdat het nooit afwijkt en altijd hetzelfde is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om van binnen te koken wanneer ik zie dat een medisch onderlegt iemand de boel traineert en mijn kind langer dan nodig in helse pijnen laat zitten.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van woede in mijzelf door onkunde van de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niets bereik met deze woede anders dan energie opwekken en meer gevolgen genereren. Ik stop de woede in mij en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien in mijn woede en te snappen wat die woede mij zegt om zo dit energetische punt voor mijzelf op te helderen en uit de wereld te helpen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn mijn woede op de ander te richten terwijl ik nog afhankelijk ben van deze mensen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om de ander te wijzen op onacceptabel gedrag, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik bang ben dat dit verregaande gevolgen heeft waardoor ik nog meer klem kom te zitten en geen oplossing kan vinden voor mijn kind. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om elke keer weer in te schatten wanneer ik onacceptabel gedrag van medici doormiddel van een officiële klacht wel uit en wanneer ik wacht totdat ik diegene niet meer nodig heb.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om iedereen die het bij het verkeerde eind hadden te willen laten zien wat de gevolgen van hun handelen zijn.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn gelijk bevestigt te willen zien worden door anderen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in zo’n moment handel vanuit het ego en niet vanuit wat het beste is voor iedereen. Ik stop het zoeken naar mijn gelijk en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen gelijk te willen halen maar simpelweg de ander erop te wijzen hoe de feiten zijn, zonder daar enige vorm van energie uit te halen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat we nooit begrepen gaan worden en nooit doorverwezen gaan worden naar de juiste medici.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van te denken dan het nooit meer goed komt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik onbewust het bijltje er bij neer wil gooien omdat ik geen mogelijkheden meer zie om verder te komen. Ik stop dit doemdenken en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om nooit het bijltje erbij neer te willen gooien, noch bewust of onbewust, totdat onomstotelijk vaststaat dat wat ik nodig heb niet gegeven kan worden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om radeloos te worden van een kind met pijn en een medici staf die vindt dat het tussen de oren zit.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van radeloosheid, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door mijn ‘resources’ heen ben om het tegendeel aan te tonen. Ik stop de radeloosheid en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om ten alle tijden te blijven aangeven dat het probleem niet opgelost is en men nog steeds naar een oplossing moet zoeken voor een kind dat veel pijn heeft.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om neer te gaan kijken op de medici en para-medici omdat zij zoiets simpels als de fysieke werkelijkheid niet aan willen nemen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van superioriteit, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik denk dat ik dit nodig heb om mij staande te houden in een verwarrende situatie waar ik weet dat ik niet gek ben en de fysieke waarheid spreek. Ik stop deze superioriteit en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen polariteiten te gebruiken om mijzelf staande te houden binnen deze illusionaire stabiele werkelijkheid, maar te zien in zelfoprechtheid dat ik en mijn kind geen dingen verzinnen en dus te staan als het woord dat we spreken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vertrouwen te willen hebben in de medici, terwijl ik wantrouwen ervaar.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van wantrouwen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik stabiliteit probeer te putten uit polariteit, terwijl ik stabiliteit uit mijzelf kan putten. Ik stop de polariteit van het wantrouwen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om vertrouwen in mijzelf te vinden en de ander in te roepen voor hulp en ondersteuning waarbij ik de eindverantwoordelijke ben en blijf om mijzelf en mijn fysieke werkelijkheid aan te sturen in zelfoprechtheid.

Dag 312 van 2555: van het (medicijn)kastje naar de muur gestuurd worden – deel 2 – zelfvergeving en zelfcorrectie

leefbaar inkomen gegarandeerdDeze blog is een vervolg van mijn vorige blog en het is aan te raden om voor context de vorige blog te lezen.

 

In deze blog volgen zelfvergevingen en zelfcorrecties die te maken hebben met het feit dat ik mij niet gewaar was van de pijn in beide ellebogen, nu dat na 1,5 jaar weer opspeelt. Ook in de eerste periode terug in Nederland ben ik de pijn steeds meer naar de achtergrond gaan drukken, alsof de pijn een vervelende nagedachtenis was aan een zeer harde (fysieke en financiële) periode van het wonen in de bergen van Italië.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat wanneer je de pijn geen aandacht geeft de pijn er ook niet meer is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van pijn negeren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de pijn kan negeren, maar uiteindelijk niet zijn oorsprong en wat het met het fysieke lijf doet. Ik stop het negeren en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om pijn niet meer te negeren maar te onderzoeken met de hulpmiddelen die ik ken en daar waar nodig een arts in te roepen om de fysieke kant onder de loep te nemen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de pijn niet te willen voelen omdat dat lastig is en het dan aandacht vraagt.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geen last willen hebben van mijn fysieke lijf, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn fysieke lijf wel wil gebruiken maar er geen zorg voor terug wil geven omdat dat als lastig door mij wordt ervaren en wordt gekoppeld aan geld. Ik stop het niet geven van zorg en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het geven van zorg los te koppelen van geld en de angst om de zorg mij niet te kunnen veroorloven, en dit loskoppelen in stappen te verwezenlijken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het vervelend te vinden wanneer mijn fysieke lijf aandacht vraagt terwijl ik verder wil.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van denken dat mijn fysieke lijf mij terughoudt en limiteert, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit probleem vanuit de ‘geest’ benader en niet wil zien dat ik fysiek ook werkelijk teruggehouden wordt als de fysieke pijn om rust vraagt. Ik stop deze gedachte en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om altijd te checken of iets wat ik denk ook echt zo is binnen mijn fysieke werkelijkheid, zodat ik niet meer fysieke brokken maak en meer gevolgen moet doorlopen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het vervelend te vinden wanneer mijn fysieke lijf door pijn aangeeft het langzamer aan te moeten doen, waardoor ik het lijf als een verrader ervaar die mij wil boycotten.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn fysieke lijf als een verrader zien, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij separeer van mijn fysieke lijf en mij zodoende verraden voel door mijzelf maar dat ervaar als iets buiten mijzelf. Ik stop deze energie van verraden en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om één en gelijk te leren zijn aan mijn fysieke lijf en zo te zien/realiseren/begrijpen dat er geen sprake van verraad of boycotten, maar meer een belangenverstrengeling waar ik als de ‘geest’ niet dat krijg wat ik wil en mij zo gelimiteerd voel door het fysieke aspect van mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn fysieke lijf als lastig te ervaren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn fysieke lijf lastig te vinden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn lijf lastig vind omdat het niet doet wat ik wil. Ik stop het willen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet kinderlijk dingen van mijn lijf te willen/vergen ook als mijn lijf even het niet aankan dan dien ik respect/geduld te hebben voor de beperking die ik fysiek moet ondergaan door uit te zoeken wat er aan de hand is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik een samenspel moet spelen met mijn fysieke lijf in plaats van separatie uit te spelen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van separatie in plaats van samenspel met mijn fysieke lijf, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn lijf als limiet zie, maar in deze ben ik degene die saboteert door geen samenspel met mijn fysiek lijf aan te gaan. Ik stop de separatie en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om samen met mijn fysieke lijf/voertuig, wat een éénmalige kans in dit leven is, een manier te vinden om zo optimaal door het leven te gaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om liever een lijf te wensen dat wel aan mijn eisen voldoet.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een ander lijf te wensen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik wel een ander lijf kan wensen, maar ik dan beter een andere houding van mijzelf in deze kan wensen om verandering op dit punt te bewerkstelligen. Ik stop de wens en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het wensen van een ander lijf als ontkenning van het probleem te zien, waardoor er niets zal veranderen als deze wens vervuld zou worden, het veranderen  van mijn houding ten aanzien van mijn fysieke lijf en de pijn is het enige dat verandering met zich mee kan brengen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij af te vragen waarom ik die pijn moet ervaren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van slachtoffer, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet verder kom als ik blijven hangen in het waarom ik. Ik stop de slachtofferrol en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet te vragen waarom ik de pijn moet ervaren, maar hoe het komt dat ik de ze pijn ervaar en wat er aan gedaan kan worden, met andere woorden de impasse van de slachtofferrol omzetten in zelfaansturing en actie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf zielig te vinden wanneer ik aan de pijn toegeef.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf zielig vinden wanner ik toegeef aan de pijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf als zwak zie wanneer ik toegeef en dus zielig. Ik stop het toegeven en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet toe te geven aan mijn zielige personage die het zwakke personage alleen maar aanwakkert en mij met mijn goedkeuring mijn daadkracht onderuit haalt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om toegeven aan de pijn als een zwakte bod te zien.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van zwak zijn als ik pijn heb, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik daadwerkelijk zwak ben fysiek door de pijn en dat in botsing komt met wat ik wil. Ik stop het zwak vinden van mijzelf en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet te vergissen in fysieke zwakte en een zwakke persoonlijkheid, iemand die fysiek zwak is hoeft niet een zwakke persoonlijkheid te hebben en omgekeerd. Geen pijn willen voelen en sterk denken te zijn is maar een illusie die door zijn basis te hebben in een polariteit, zomaar kan uitmonden in het tegengestelde.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om één met de pijn als iets angstigs te ervaren en niet als een oplossing om hier te zijn met mijn pijn en te snappen wat mijn lijf mij communiceert.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst te hebben om één met de pijn te zijn en het te begrijpen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn ‘geest’ het denkwerk laat doen en één met de pijn te interpreteren als een soort van hel waar er alleen nog maar pijn is. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de separatie op te heffen en één als de pijn te durven voelen wat er aan de hand is, zonder de angst dat ik de pijn wordt en dus vertrouwen in mijn fysieke lichaam te durven hebben.

Dag 311 van 2555: van het (medicijn)kastje naar de muur gestuurd worden

leefbaar inkomen gegarandeerdHalverwege mijn dochter haar revalidatieperiode kreeg zij enorme last van haar elleboog. De pijn ging haar door merg en been. Zij kaartte dit bij haar therapeuten aan maar niemand deed er daadwerkelijk iets met de gedetailleerde informatie die mijn dochter gaf over wat er in haar gewricht gebeurde en hoe de pijn voelde. Eén therapeut zei zelfs: we kunnen niet in je elleboog kijken, terwijl wij later te horen kregen dat het revalidatiecentrum over een röntgenapparaat beschikt en het academisch ziekenhuis mag inroepen om te kijken/onderzoeken. Mijn dochter voelde zich zeer onbegrepen, terwijl zij toch zo specifiek was in het communiceren over wat er mis was. Ook later begrepen wij dat zij daar als pijnpatiënt (lees tussen de oren pijn) was binnen gekomen en zij dus in een pijnprotocol vast zat waar men haar koste wat koste door haar pijn zouden pushen, omdat het lijf niet weet wat echte fysieke pijn is, maar het brein dit verkeerd verwerkt.

 

Tijdens een weekendverlof en enkele weken nadat de elleboog was gaan zeer doen en van tijd tot tijd opzwol, belde wij de huisartsenpost om te vragen of er een arts naar wilde kijken. De assistente die opnam was wel bereid in eerste instantie om ons te laten komen, maar toen zij ruggespraak met de arts had gehad en ik te eerlijk was geweest om te noemen dat mijn dochter gediagnosticeerd was met fibromyalgie en hypermobiliteit, hoefden wij niet meer langs te komen. Met andere woorden het zit tussen de oren. Mij werd gevraagd wat de pijnbeleving van mijn dochter op een schaal van 1-10 was en of zij al flauw was gevallen. Mijn dochter gaf een 8 aan pijn aan en dat ze misselijk was van de aanhoudende pijn, ze was eigenlijk al weken slecht aan het eten van deze misselijkheid. Mijn dochter mocht naast de 4000 mg paracetamol op een dag ook nog ibuprofen gaan slikken. Langskomen had geen zin aangezien zij toch weer terug ging naar het revalidatiecentrum, waar men bleef zeggen dat zij niet diagnosticeren maar behandelen. Ik was verdrietig dat we niet gezien of gehoord werden, ik zag dat mijn kind ongenadig veel pijn had en niemand die verstand van zaken had wilde hier iets mee, dat leverde een eenzaam gevoel op.

 

Een week later toen mijn dochter een overdag thuis was en de elleboog nog steeds enorm veel pijn deed, zijn we naar de huisarts geweest. Die keek wat en zag ook wel dat het opgezet was, maar hij kon daar niet zo veel mee en vond dat een revalidatie arts er iets mee moest. Ik vroeg hem of ik alsjeblieft een verwijzing voor een orthopeed mocht, maar die kon hij mij niet geven zei hij. Ik begon aan mijzelf te twijfelen, tot op heden stuurde iedereen ons van kastje naar de muur. Het leek niemand zijn verantwoordelijkheid te zijn en of een individu verging van de pijn en zwaar gelimiteerd in haar dagelijks functioneren was dat leek niemand te boeien.

 

Uiteindelijk wilde de arts in het revalidatiecentrum contact opnemen met het kinderziekenhuis om een afspraak met een kinderorthopeed te maken. Na 2 weken wachten bleek dat wij niet in het computersysteem aldaar voorkwamen en moest opnieuw een afspraak gemaakt worden. Uiteindelijk kwam de uitnodiging en reisden wij af naar het kinderziekenhuis. Er werd een röntgenfoto gemaakt en na daadwerkelijk fysiek onderzoek en gerichte vragen kwam de orthopeed tot de conclusie dat het om een aangeboren afwijking in het bod ging die door losse banden door de jaren heen verslechterd was. Toen hij hoorde wat een intensief oefenprogramma mijn dochter had gedraaid tijdens haar revalidatie en dat een einddoel was het weer kunnen bergbeklimmen, viel zijn mond open van verbazing. Bergbeklimmen is iets wat mijn dochter nooit meer mag doen, vanwege deze conditie. Wat ik de hele tijd had lopen roepen in het revalidatiecentrum verwoorde deze arts, hoe kun je iets behandelen als je niet weet wat er aan de hand is? We hadden een zeer goed gesprek met deze arts die nu eens begreep wat mijn dochter meemaakte fysiek en zei haar dat zij echt niet door stress deze aangeboren conditie veroorzaakt kon hebben. Mijn dochter zei dat zij dit wel wist maar dat niemand haar wilde geloven. De conclusie is dat mijn dochter een verkeerd behandelproces heeft gelopen en dat zij op de wachtlijst voor een operatie wordt geplaatst waar er een stuk bot wordt weggehaald zodat de botten niet meer over elkaar heen schuren wat haar deze botpijn oplevert. Er zijn geen therapieën mogelijk, de enige manier om van de intense pijn af te komen is opereren.

 

Uiteindelijk bleek dat ik dezelfde afwijking heb en dat aan haar heb doorgegeven. Waar ik al tijden denk dat ik een tennisarm heb ,blijk ik dus ook die botpijn te ervaren. Bij mij zijn mijn banden niet zo ruim dat het bot steeds uit de kom schiet, bij mij blokkeert het alleen. Er viel een heleboel op z’n plek, de pijn in mijn handen en de pijn die naar boven en onder mijn ellebogen doorstraalt. Het zomaar dingen uit mijn rechterhand laten vallen, ook ik zou het kunnen laten opereren, maar ik stel dat nog even uit. Mijn elleboog zal er dan niet stabieler op worden, iets waar ik nu niet zo’n last van heb. Voor mijn dochter zal de instabiliteit niet beter worden, maar ook niet slechter. Wat mij wel heeft verbaast is dat ik deze pijn zo goed heb weten weg te duwen en de zorgen omtrent mijn dochter op de voorgrond heb laten zijn. Ik had geen tijd voor mijn eigen pijntjes, die waren lastig, daar had ik geen tijd voor. Nu ik de pijn wel laat binnen komen zoals die is, is dat toch een stuk minder prettig. Ik zal in alle zelfoprechtheid moeten zien wat acceptabel is aan pijn en wat niet.

 

Naast op de lijst te zijn geplaatst voor een operatie, hebben wij ook een afspraak met een kinderreumatoloog gekregen, want volgens de orthopeed is er te weinig lichamelijk getest om tot de diagnose fibromyalgie te komen. Hij betwijfelt zelfs of mijn dochter wel fibromyalgie heeft, dus dat is voor de kinderreumatoloog om uit te zoeken en anders andere onderzoeken en specialisten die wel serieus hun werk willen doen. Want iemand fibromyalgie opplakken terwijl dat misschien niet zo is vind ik misdadig, je wordt voor aansteller en gek versleten en niemand kijkt meer naar je fysieke lichaam terwijl er heel wat andere zaken kunnen spelen en aan de hand zijn.

Dag 310 van 2555: mijn zielige ik – deel 5 – zelfvergeving en zelfcorrectie

leefbaar inkomen gegarandeerdDit is een vervolg op mijn vorige 4 blogs, voor context raad ik aan de andere blogs te lezen. In deze blog zal ik de volgende zin “waarom is dit hier” onder de loep nemen met zelfvergeving en zelfcorrectie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij af te vragen waarom dit hier is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mij afvragen waarom dit hier is, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij niet hoef af te vragen waarom dit hier is maar simpelweg hier moet zijn om dit hier te begrijpen. Ik stop het afvragen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer af te vragen ‘waarom dit hier is’ terwijl ik zelf in de ‘geest’ ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te verbazen over het feit dat dit hier is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van verbazing, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit gebruik als afleidingstactiek om in de ‘geest’ te kunnen blijven. Ik stop de verbazing en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de verbazing die feitelijk ontkenning door de ‘geest’ is van datgene wat ik heb geaccepteerd en aanvaard niet langer te gebruiken als afleiding van het niet zijn in het hier en nu en het omgaan met het hier en nu.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te separeren van wat hier nu is, en het als los van mijzelf te zien.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van separatie van datgene dat ik ontken als van mij of ontstaan door mij, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hier geen zelfverantwoordelijkheid wil nemen en het dus loskoppel van mijzelf om er zo afstand van te kunnen nemen. Ik stop de separatie en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om één en gelijk te zijn/gaan staan aan dat wat ik schep/aan deelneem op een bewust of onbewust niveau om het zo te kunnen doorgronden en te begrijpen zodat ik het niet nogmaals hoef te herhalen wanneer ik zie/begrijp/realiseer dat het niet werkt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om ‘dit niet hier te willen’ en dus mij afzet door mij ervan te separeren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van afzetten tegen dat wat ik niet wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik geen ander copingsmechanisme heb ontwikkelt dan afzetten ertegen en het uit mijn systeem drukken/duwen. Ik stop het afzetten en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een andere strategie te ontwikkelen/bedenken om met de dingen die ik als ongewenst ervaar om te kunnen gaan in het hier en nu, zonder in mijn ‘geest’ mijzelf terug te trekken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in de slachtofferrol te vervallen dat ‘dit hier’ nu is, terwijl ik er niet om gevraagd heb.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geloven dat wanneer ik er niet om vraag iets zich dus ook niet aandient, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet overzie wat ik aan gevolgen in mijn fysieke realiteit teweeg breng en zodoende mijzelf ervaar als het middelpunt van het bestaan die kan commanderen wat er wel in mijn leven komt en wat niet, terwijl ik op andere niveaus van alles in werking zet. Ik stop dit geloof en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om om minder verbaasd en overstelpt te zijn over mijn fysieke werkelijkheid en te begrijpen/realiseren/zien dat ik op vele niveaus van alles activeer indirect of direct, waar ik alleen mijzelf bewust van kan zijn zolang ik in het hier aanwezig ben en de tijdlijn terug kan lopen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om teleurgesteld te zijn in mijzelf dat ik ‘dit hier’ toesta in mijn fysieke werkelijkheid terwijl ik het niet wil.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van teleurstelling in mijzelf, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik onmacht voel en de grip op mijn fysieke realiteit niet heb door te vertoeven in mijn ‘geest’ waardoor ik de dingen niet kan zien hoe ze daadwerkelijk zijn. Ik stop de teleurstelling en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet door de ogen van ‘teleurstelling’ en ‘onmacht’ naar mijzelf te kijken maar naar mijzelf te kijken alsof het de eerste keer is dat ik naar mijzelf kijk, zonder vooroordelen/herinneringen en angsten, waardoor ik dat kan zien dat ‘hier’ is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te schoppen tegen dit wat hier is om aan te geven dat ik het niet wil.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van schoppen tegen datgeen ik niet wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik schop uit angst dat ‘wat hier is’ te dichtbij komt en zal blijken dat ik dat ben dat ‘hier is’. Ik stop het schoppen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer te schoppen, maar te kijken en te zien wat er gaande is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zoveel energie te stoppen in het ‘niet willen van ‘dit hier’ dat het een gevecht wordt.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van vechten tegen hetgeen ik niet wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik vecht uit angst. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de energie die ik stop in vechten te laten voor wat het is en in plaats daarvan moeite stop in het mijzelf en mijn realiteit begrijpen door te zien in het hier en nu.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vechten tegen ‘dit hier’ als daadkracht te bestempelen en niet als angst.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van vechten met daadkracht te verwarren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik geloof dat vechten tegen iets meer waarde heeft dan daadkrachtig zijn en in mijn kracht te gaan staan in het her en nu. Ik stop de verwarring en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om daadkracht niet moedwillig te verdraaien om zo niet dat aan te hoeven gaan wat ik zal moeten aangaan om te voorkomen dat er dingen gebeuren die ik niet wil omdat ze niet in het belang van een ieder zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat ‘dit hier’ mijn controle over mijn leven overneemt.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om controle te verliezen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik controle zie als controle in de ‘geest’ en niet in mijn fysieke werkelijkheid te staan voor het belang van een ieder. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet aan te sturen door angst voor wat ik heb gecreëerd, maar dat in de ogen te zien en zelfverantwoordelijkheid voor te nemen wat ik heb veroorzaakt, geaccepteerd en aanvaard.

Dag 309 van 2555: mijn zielige ik – deel 4 – zelfvergeving en zelfcorrectie

leefbaar inkomen gegarandeerdDit is een vervolg op de vorige 3 blogs, het is aan te raden eerst de andere blogs te lezen voor context.

 

In deze blog zal ik zelfvergeving en zelfcorrectie op de volgende zin doen: “waarom moet ik dit meemaken.”

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de gedachte “waarom moet ik dit meemaken” in mij te dragen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het geloven in mijn gedachtes, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn leven zwaar laat voelen door te participeren in dit soort gedachten. Ik stop dit gedachtenpatroon en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet langer bezig te houden met gedachtenpatroon waar ik mijzelf als slachtoffer van mijn eigen creatie neerzet.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik ga staan als vertwijfeling door deze statement waardoor ik twijfel/vertwijfeling verspreid in mijn omgeving/realiteit.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van vertwijfeling, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik twijfel aan mijn eigen daadkracht en zodoende opgeef alvorens te beginnen. Ik stop de vertwijfeling en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de twijfel die in mij leeft over waarom ik bepaalde dingen mee moet maken niet te bevestigen in mijzelf en zodoende naar buiten uit te dragen als een levend voorbeeld van twijfel, aangezien we al genoeg twijfel in deze werkelijkheid hebben en juist behoefte hebben aan oplossingen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij terug te trekken in een slachtofferrol waarbij ik niet daadwerkelijk kijk naar het waarom, maar blijf hangen in het probleem in plaats van de oplossing.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het zijn van het slachtoffer en niet verder durf te kijken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik het probleem wordt en zodoende niet meer bij de oplossing denk te kunnen komen. Ik stop de slachtofferrol en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om buiten de beperking van het probleem te kijken en te durven zoeken naar een oplossing.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het probleem als mijn startpunt te nemen en niet de oplossing.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het probleem als mijn startpunt te nemen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik op deze wijze nooit tot een oplossing kan komen en dus ook niet meer geloof in een mogelijke oplossing. Ik stop mijn verkeerde startpunt en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in mijn startpunt altijd de oplossing te hebben om verder te kunnen kijken dan de beperkingen van het probleem dat ik wil tackelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om naar het waarom te vragen en niet naar het hoe.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het vragen naar het waarom, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik beter naar het hoe kan vragen om zo naar oplossingen te kunnen zoeken en niet te blijven hangen in de schuldvraag van waarom ik dit moet meemaken. Ik stop het verborgen beschuldigen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een vraag aan mijzelf of in het algemeen met hoe te starten om zo direct probleemoplossend aan de gang te kunnen gaan en niet eerst barrières hoef te nemen door mijn zelfverantwoordelijkheid niet te nemen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te separeren van mijn ervaring door te vragen waarom ik dit moet meemaken.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van separatie van mijn eigen ervaring, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet wil bekennen dat ik deel uitmaak van de ervaring die ik doormaak. Ik stop de separatie en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat ik deel ben van mijn eigen leven en dus meer kan dan alleen maar afvragen waarom dit mij overkomt en juist te vragen hoe ik hierin terecht ben gekomen en dus hoe ik er ook weer uit kan komen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn zelfverantwoordelijkheid niet te nemen in deze context voor dat waar ik aan deel neem en creëer.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geen zelfverantwoordelijkheid nemen voor dat wat ik creëer, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat wanneer de dingen niet leuk zijn ik mij ervan distantieer als zijnde mijn creatie en wanneer het aangename ervaringen zijn erkenning wil voor dat wat ik in gang heb gezet. Ik stop het niet nemen van mijn zelfverantwoordelijkheid en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet te hoeven scheiden voor wat ik wel en geen zelfverantwoordelijkheid neem, maar te zien/begrijpen/realiseren dat ik altijd zelfverantwoordelijk heb te nemen voor elke adem die ik neem of uitblaas en alles wat ik doe en denk.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn fysieke werkelijkheid als een verhaal te ervaren waar ik een rol in heb, maar niet weet wat er allemaal aan tegenspoed en ellende op mij afkomt, het ligt allemaal totaal buiten mijzelf.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het niet aanvaarden van gevolgen van mijn eigen handelen of denken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik liever iets buiten mij de schuld geef van onaangename ervaringen die op mijn pad komen. Ik stop het beschuldigen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/begrijpen/realiseren dat de onaangename ervaringen die op mijn pad komen altijd momenten zijn waar ik in mijn eigen kracht kan gaan staan om te zien waar ik de gevolgen kan ombuigen in oplossingen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat mijn leven mij overkomt.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geloven dat mijn leven mij overkomt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf niet wil zien als schepper om zo de schuld en de zelfverantwoordelijkheid ook niet hoef te dragen. Ik stop dit geloof en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zelfoprecht te zijn en te zien dat ik altijd deelgenoot ben van dat wat mij overkomt, los van het feit of ik anders gehandeld had kunnen hebben, het blijft onomstotelijk vast staan dat ik mijn leven leef omdat het mijn leven is en ik daar niemand anders de schuld van kan geven dan mijn zelfverantwoordelijkheid te nemen en daadkrachtig mijn oplossing te zijn in plaats van mijn probemen.

Dag 308 van 2555: mijn zielige ik – deel 3 – zelfvergeving en zelfcorrectie

leefbaar inkomen gegarandeerdDeze blog is een voortzetting van de vorige twee blogs, alvorens deze blog te lezen is het aan te raden eerst de andere twee te lezen.

 

In deze blog zal ik zelfvergeving en zelfcorrectie gaan doen op de volgende zin: “moet ik dit doen”, voortbordurend op mijn vorige blog waar ik “Ik wil dit nu niet doen” onder de loep nam en al kort even het moeten aantipte.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het moeten in “moet ik dit doen” als van buitenaf te ervaren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van separatie wanneer ik iets moet doen en ik mijzelf hiertoe moet aanzetten, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij niet wil associëren met moeten en mijzelf dwingen om iets te doen waardoor ik het liever ervaar als iets dat van buiten komt. Ik stop de separatie en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet in separatie van mijzelf taken uit te voeren, maar dat wat gedaan moet worden te doen zonder vragen te stellen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om moeten met autoriteit te associëren en dus in separatie met mijzelf.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het schuwen van autoriteit, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik autoriteit als negatief heb gelabeld en dus mijzelf niet wil vereenzelvigen met autoriteit. Ik stop de tweedeling en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de polariteit van negatief-positief niet te voeden door het schuwen van autoriteit en niet gezien te willen worden als negatief en zelfs niet mijzelf wil ervaren als negatief.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om aan mijzelf te vragen of ik iets moet doen wanneer ik iets moet doen, met het gevoel alsof ik mijn eigen autoriteit ben.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf als tiran te zien die mij dwingt dingen te doen, maar dit om te buigen naar “moet ik dit doen” alsof ik een eigen wil erin heb, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf gebruik als autoritaire opdrachtgever en tegelijkertijd als een moeder die het voor mij zal verzachten waardoor ik het waarschijnlijk niet hoef te doen. Ik stop de twee persoonlijkheden en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de schijn op te wekken dat ik met het moederlijke personage nog enigszins een vrije wil denk te hebben, terwijl het autoritaire werkgever personage in mijn nek hijgt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om stil te staan bij het feit of ik iets moet doen dat gedaan moet worden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van blijven hangen in de ‘geest’ en in zogenaamde logica en rede terwijl mijn fysieke werkelijkheid om daadwerkelijke actie vraagt voor dingen die simpelweg gedaan moeten worden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de logica gebruik als een achterdeurtje om zo te denken nog een vorm van vrije wil te hebben. Ik stop de drang naar valse vrijheid en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te snappen/realiseren/begrijpen dat wanneer ik iets moet doen omdat het gedaan moet worden en het mijn verantwoordelijkheid is, geen achterdeurtjes te gebruiken om zo een valse vorm van vrijheid te ervaren waardoor het ‘moeten’ afgezwakt lijkt en niet meer prominent dicteert wat ik moet doen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om eerst mijzelf af te vragen of ik het moet doen en dan pas mijzelf te overtuigen en op te peppen dat ik het moet doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van eerst mij afvragen of ik iets ‘moet’ doen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik eerst moet handelen omdat ik weet dat het mijn verantwoordelijkheid is. Ik stop het traineren en afvragen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet na te denken of in de ‘geest’ te gaan alvorens ik mijn verantwoordelijkheden uitvoer in deze fysieke werkelijkheid.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om ‘moed’ te verzamelen om hetgeen ik ‘moet’ doen te doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van moed moeten verzamelen om iet ste doen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik barrières opwerp die er niet zijn waardoor alles zwaar voelt. Ik stop het moed verzamelen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om taken die gedaan moeten worden niet zwaarder te maken dan ze zijn en mijzelf doen geloven dat ik er moed voor nodig heb om eraan te beginnen en door te zetten.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage van autoritaire werkgever te gebruiken om mijn onrecht en slachtofferrol te bevestigen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het aannemen van het autoritaire werkgever personage, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit doe om mijn zieligheid te bevestigen en polariteit uit te spelen. Ik stop dit personage en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet te verleiden tot het aannemen van personages om mijn gelijk te behalen en de werkelijkheid te verdraaien.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage van verzachtende moeder aan te nemen om mijzelf een achterdeurtje te verschaffen om dat niet te hoeven doen waar ik wel verantwoordelijkheid voor draag.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het aannemen van het verzachtende moeder personage, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf zo een uitweg en een alibi/excuus kan verschaffen om dat niet te doen waar ik wel verantwoordelijkheid voor draag. Ik stop dit personage en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet te zeuren/vragen bij mijzelf als personage om iets niet te hoeven doen waar ik wel verantwoordelijkheid voor draag, hoe klein of hoe groot het ook mag zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als redder van mijzelf op te stellen om iets niet te hoeven doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het redden van mijzelf uit de handen van mijzelf, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf niet van mijzelf kan redden wanneer ik weet wat mijn verantwoordelijkheden zijn en die ook respecteer. Ik stop het redden van mijzelf en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer te denken dat ik mijzelf moet redden uit de handen van mijzelf als het gaat om dingen die ik ‘moet’ doen, maar te zien dat het niet gaat om zaken die niet in het belang van mijzelf en anderen is, maar simpelweg het doen van mijn taken in mijn fysieke werkelijkheid zonder de ruis van de ‘geest’.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf niet tegen mijzelf te keren alsof ik mijn eigen vijand ben door een reactie te hebben op het woord ‘moeten’.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van te denken dat ik tegen mijzelf ben door mijzelf te laten handelen met tegenzin, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik tegenzin heb omdat ik denk dat ik van mijn vrijheid wordt beroofd terwijl die vrijheid er in de eerste plaats al niet was. Ik stop dit denkbeeld en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet te ervaren als een vijand, maar mijzelf te zien als één, hetgeen ik kan vertrouwen en te zien dat mijn tegenzin voortkomt uit reacties en denkbeelden uit de ‘geest’ wat zodoende een denkbeeldige vijand in het leven roept. Zaken/taken/dingen ‘moeten’ gedaan worden, zonder tussenkomst van de ‘geest’, maar als puur fysieke handeling waar ik in het moment van kan genieten zonder ruis van de ‘geest’

Dag 307 van 2555: mijn zielige ik – deel 2 – zelfvergeving en zelfcorrectie

leefbaar inkomen gegarandeerd Voor context is het aan te raden om mijn voorgaande blog te lezen. In deze blog en de komende 3 blogs zal ik de volgende zinnen onder de loep nemen.

 

Ik wil dit nu niet doen

moet ik dit doen

waarom moet ik dit meemaken

waarom is dit hier

 

Te beginnen met “ik wil dit nu niet doen”:

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om van binnen mij te verzetten tegen iets dat ik niet wil doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van verzet van binnen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik frictie en strijd binnenin mijzelf maak wat alleen de ‘geest’ voorziet van energie, maar dat het verzet een stil verzet is als een uitvloeisel van het moeten van vroeger. Ik stop het verzet van binnen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen geheim verzet van binnen te voeren om zo op geheimzinnige manier te ontkomen aan de verantwoordelijkheden die ik heb aanvaard en geaccepteerd, maar daadwerkelijk met gezond verstand in zelfoprechtheid in mijzelf te kijken of het weerstand is of dat het hier echt gaat om het niet juiste moment om iets te doen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om weerstand te voelen voor hetgeen ik moet gaan doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van te reageren op het woord ‘moeten’ met weerstand, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik iets nu niet wil doen en ook niet wil onderzoeken waarom ik dit nu niet wil doen, ondanks dat ik afspraken met mijzelf ben aangegaan. Ik stop de weerstand en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het niet van mijzelf te accepteren wanneer ik niet wil onderzoeken waarom ik iets nu niet wil doen, terwijl ik het heb afgesproken met mijzelf of een ander, en het toch doe maar back chat gebruik om mij door hetgeen ik moet doen te leiden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in het moment iets als opgelegd te ervaren en dus niet nu te willen doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van iets niet willen doen wanneer het lijkt dat iets mij wordt opgedragen door hetzij mijzelf of een ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet iets wil doen wat opgedragen is en mij dan interne weerstanden oplevert wat mij herinnert aan vroeger, waarbij ik geen tegengas gaf als kind maar het over mij heen liet komen en alleen van binnen verzet toonde. Ik stop het gevoel van niet vrij zijn en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het moeten van vroeger los te koppelen met het praktische moeten van nu en in het moment te beslissen of het een goed idee is om iets nu te doen of niet, ook al is het afgesproken, het kan zijn dat het beter op een ander moment plaats vindt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om andere zaken belangrijker te vinden/maken dan datgeen dat ik nu moet doen en dus niet wil doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van hetgeen ik niet wil doen onder geschikt te maken aan andere zaken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hetgeen ik moet doen klein en niet belangrijk maak en de zaken die ik wel wil doen groot en belangrijk maak. Ik stop het verdraaien van de werkelijkheid in mijn hoofd en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet vanuit eigenbelang een inschatting te maken wat echt gedaan moet worden en wat niet, maar te kijken in zelfoprechtheid of dit het moment is om iets dat ik met doen aan te pakken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om excuses te vinden waarom ik iets nu niet hoef te doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van excuses bedenken om iets niet te hoeven doen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf als de ‘geest’ probeer te overtuigen van mijn gelijk. Ik stop de excuses en werk alleen met de feiten en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te beslissen dat wat ik mij heb voorgenomen te doen is bedacht vanuit zelfoprechtheid en dus gedaan moet worden, waardoor ik alleen vanuit zelfoprechtheid kan bepalen of dit het moment is of niet.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven in de excuses die ik bedenk waarom ik nu niet datgeen hoef te doen wat ik mij had voorgenomen te doen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van bedenksels voor mijn voeten te werpen om mijzelf te verblinden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hiermee alleen maar de ‘geest’ dient en niet het belang van een ieder. Ik stop het eigenbelang en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet te verblinden met eigen belang om zo mijn ‘geest’ te voorzien van energie door emoties en gevoelens op te wekken door weerstand in mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik niet langer het heft in handen heb wanneer ik niet meer kan bepalen of ik iets doe of niet doe.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geloven dat ik mijzelf niet langer aanstuur wanneer ik doe wat ik heb afgesproken te doen op dit moment, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik het aansturen vanuit  de ‘geest’ en het fysiek mijzelf aansturen binnen de taken die ik doe met elkaar verwar. Ik stop de verwarring en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het aansturen van mijzelf goed te begrijpen en niet te verwarren met het aangestuurd worden door gevoelens en emoties.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het idee te hebben dat ik van mijn vrijheid wordt berooft door al die zaken die ik met doen en iet wil doen wanneer ze zich aandienen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst te hebben dat ik van mijn vrijheid word berooft als ik niet kan beslissen iets niet te doen om de verkeerde redenen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik vrijheid interpreteer als de vrijheid om te doe wat ik wil zonder te zien of het datgene is dat het belang van een ieder dient en in zelfoprechtheid genomen is. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om vrijheid in de juiste proportie te zien en niet irrationele redenen als ‘ik heb er geen zin’ in de boventoon te laten voeren en het niet doen van iets als vrijheid te bestempelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om dit een stille strijd in mijzelf te laten wezen en voor de buitenwereld het over te laten komen alsof ik alles met plezier en toewijding doe.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een stille strijd voeren als de kracht in mijzelf te zien, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet in mijn kracht sta wanneer ik mij door emoties en gevoelens laat leiden. Ik stop de stille strijd en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn copingmechanisme van de stille strijd die ik als kind gebruikte te begraven en los te laten, ik kan nu heel goed zelf bepalen of iets mij daadwerkelijk wordt opgelegd of niet. Dus hoeven er geen dingen meer te bestaan die ik niet wil doen, want dingen die mij daadwerkelijk worden opgelegd die hoef ik niet te accepteren en te aanvaarden wanneer die niet in het belang van een ieder zijn, waardoor ik overblijf met datgeen dat ik daadwerkelijk nu moet doen of op een later meer praktisch moment.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat er verandering ontstaat doordat ik iets nu niet wil doen en hierover een dialoog in mijzelf aanga waardoor ik vervolgens mij gesterkt voel om het niet te doen en dit als een overwinning op mijzelf te beleven.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een overwinning op mijzelf te behalen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij op deze manier energetisch oplaat door te rebelleren. Ik stop het rebelleren en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen spel te maken van de weerstanden in mijzelf die ik ervaar, maar zelfoprecht te zijn en te zien wanneer ik reacties/weerstanden ervaar en te begrijpen waarom ik die accepteer in dat moment als mijn waarheid.

Dag 306 van 2555: mijn zielige ik – deel 1

leefbaar inkomen gegarandeerdIk vroeg Sunette wat de achterliggende oorzaken van de pijn in mijn linker elleboog konden zijn, oftewel mijn tennisarm, die vorig jaar langzaam overging maar nu weer opnieuw opspeelt. Zij antwoordde mij het volgende:

Wat bijdraagt aan de pijn in je linker elleboog is een patroon in de ‘geest’ wanneer er uitdagende dingen gebeuren in jezelf/je wereld waar jij dan de neiging hebt om machteloos te reageren, je zou het apathie kunnen noemen, waar je een grote zucht slaakt en dan in de ervaring wil opgeven, in de trant van: ik wil dit nu niet doen, moet ik dit doen, waarom moet ik dit meemaken, waarom is dit hier. Je laat op deze manier toe dat uitdagingen jou aansturen, in plaats van te zien hoe jij jezelf kunt uitdagen wanneer uitdagingen op je pad komen en hoe je hierdoor kan groeien, leren en jezelf ontwikkelen.

En hoe kan het ook dat dit niet vreemd in de oren klinkt, ik weet dat ik dit doe, maar ik doe het al zo lang dat het als een soort van achtergrondruis aanwezig is waar ik geen aandacht aan geef en dus laat bestaan in mijzelf. Ik wil heel vaak een heleboel dingen niet doen, die ik overigens wel doe, maar met de zwaarte van het niet willen wordt zoiets een uitputtingsslag. En dan komt de vraag of ik dit nu echt moet doen, wat maakt dat wanneer ik het doe ik het met een lang gezicht doe en absoluut van niets meer kan genieten in dat moment. En dan vraag ik mij af waarom ik die dingen moet meemaken in mijn leven, waarom het allemaal niet wat makkelijker kan en waarom deze situatie überhaupt hier is en zich aan mij aandient.

Wat maakt dat het woord moeten, iets moeten doen zeer beladen is, beladen door mijzelf. Waardoor de uitdagingen in mij of mijn wereld ineens strijdpunten worden, dingen die ik te lijf moet gaan om het kwaad af te wenden. Ik ervaar mijn leven als zwemmen, iets wat ik moest leren om niet te verdrinken, maar ik had angst voor water. Door te moeten zwemmen ontstond er een vijand. Dus het is alsof ik zwem en dat gaat goed totdat de golven te hoog worden, ik teveel water binnen krijg en het water mijn vijand wordt. Dan weet ik niet meer wat ik moet doen, het wordt blanco en ik zink in een apathische houding.

Ook nu hebben wij als gezin veel op ons bordje aan zaken waar we in kringetjes in blijven ronddraaien, waardoor ik het allang niet meer zie als een uitdaging. Ik wil eruit ontsnappen, ik ben de strijd moe, er komt toch geen verandering en ik kan ook geen oplossingen meer zien. Het wordt blanco/apathisch en ik wens dat het weggaat en er niet meer is als ik wakker wordt.

Ondanks dat wij veel pech hebben in ons leven als gezin ervaar ik mijn leven gek genoeg niet als een drama, terwijl het ene drama het andere opvolgt of eruit voortvloeit. Ik vroeg aan mijzelf of ik vond dat ik zielig ben. En het eerste dat in mij opkwam was: doe niet zo gek natuurlijk niet, moet je eens zien wat je allemaal wel niet hebt in je leven. Toen ik mij echter bewust werd van mijzelf en mijn fysieke lichaam en de vraag nogmaals stelde, voelde het zwaar en voelde ik emoties opkomen, ik werd overspoeld door een gevoel van medelijden met mijzelf. Ja ik vind mijzelf zielig en voel mij het slachtoffer van mijn eigen leven.

Dit is een interessant gegeven dat ik mij dus in feite slachtoffer voel van mijzelf/mijn leven, want mijn eigen leven is een product van mijzelf. Ik besluit dat uitdagingen in mij of in mijn wereld mij aansturen en ga niet in mijn eigen kracht staan om mijzelf uit te dagen de uitdaging aan te gaan en het niet te ervaren als een moeten, als iets dat mij opgelegd word. Geen wonder dat alles zwaar en een strijd is wanneer ik niet het heft zelf in handen heb of neem. Het is inderdaad een patroon geworden in het moment dat ik besloot niet meer te vechten tegen het moeten als kind, als het teveel wordt sluit ik mijn ogen en oren en zink weg in mijn ‘geest’ om met een knoop in mijn maag weer terug in de realiteit te komen en te zien dat er niets is veranderd. Er is niets veranderd omdat ik niets heb veranderd.

Ooit werd mijn wil gebroken als klein kind, dat deed men dat was opvoeding in de jaren 60/70, maar er werd niets gebroken er ging iets vervelends ondergronds. Het lieve kind wat gemaakt werd door de wil te breken kreeg een andere kant, die de wil om ‘niets te moeten’ leefde op de achtergrond, bij alles wat ik slikte/accepteerde. Ik ontwikkelde een patroon waarin ik machteloos reageerde en niet in mijn kracht ging staan, terwijl ik mij binnenin mijzelf het slachtoffer voelde en een automatisme ontwikkelde in het stellen van vragen over waarom dit mij overkwam en waarom ik dit moest doen. Binnenin mij wilde ik niet braaf en aangepast zijn, ik wilde zijn wie ik was als kind, dus werd ik ik de rebel van binnen die nooit verder kwam dan protesteren over hetgeen ik moest doen of wat mij overkwam. Tegelijkertijd ervoer ik mijzelf als verliezer en slachtoffer, maar van buiten bleef ik positief en in de illusie dat ik de touwtjes in handen had. Ik zeg niet voor niets een illusie, want mijn hele leven voel ik angst als ik denk niet meer de controle over mijzelf te hebben. Als tiener dronk ik geen alcohol en werd niet dronken ook drugs liet ik voor wat het was, ik was een braaf kind, of was ik een bang kind dat de wil gebroken was en dacht controle over mijzelf te moeten hebben alsof dat het in mijn kracht staan was en mijzelf aansturen.

Een lange periode waarin ik erg angstig voor insecten was, zei ik dingen als: ik heb die vliegen niet uitgenodigd, wat doen ze hier. Wat duidelijk mij als een slachtoffer benadrukte. Ik zei dit op een grappige manier, maar de boodschap was gemeend. Dit volgt precies het patroon van ik wil dit nu niet, waarom overkomt mij dit en waarom is dit hier. Het omgaan met deze angst was een uitdaging, maar ik daagde mijzelf niet uit om dit op te lossen. Ik onder ging het en had medelijden met mijzelf als ik niet kon genieten van het buiten zijn door mijn angst voor insecten. Pas toen ik snapte hoe ik deze angst kon vergeven en hoe ik mijzelf kon corrigeren, verdween deze angst en zag ik dat een angst geen feitelijkheid was, maar iets van tijdelijke aard gecreëerd door de ‘geest’ en mijn acceptatie daarvan.

Dus om mijn elleboog weer pijnloos te krijgen zal ik het één en ander moeten gaan doorlopen, maar dan een moeten dat ik mijzelf opleg uit liefde voor mijzelf en niet om mijzelf te onderdrukken. Dit patroon is ontstaan dus kan ook weer opgeruimd worden, net als het zielige personage dat voor lang een coping mechanisme is geweest, maar nu geen dienst meer hoeft te doen, zodra ik mijn kracht weer terug kan pakken.

In mijn volgende blog zal ik de zelfvergevingen en zelfcorrecties uitschrijven.

Dag 305 van 2555: een ongeluk en een engeltje op mijn schouder – zelfvergeving en zelfcorrectie

leefbaar inkomen gegarandeerd Het is aan te raden om voor de juiste context de twee voorgaande blogs te lezen. De volgende zelfvergevingen en zelfcorrecties zullen voornamelijk gaan over de nasleep van het ongeluk en zijn een greep uit een grotere verzameling.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren hoeveel impact het auto ongeluk op mijn leven zou hebben en te denken dat wanneer ik weer direct in de auto zou stappen ik niet zoveel last ervan zou hebben.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van ‘doe maar gewoon en ga maar verder er is niets aan de hand’, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik eventuele nare gevoelens zo probeer weg te drukken en te hopen dat het vanzelf wel weer weg zal gaan. Ik stop het wegdrukken en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet als eerste een probleem te bagatelliseren, maar reëel ernaar te kijken, en te zien wat ik nodig heb om weer verder te kunnen zonder emoties/gevoelens/angsten onder het tapijt te vegen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik niet hier was tijdens het moment dat ik alleen wit licht zag.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet meer weten wat er gebeurd is en daar angstig over te zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik wil weten wat er gebeurd om zogeheten controle te kunnen hebben op mijn bestaan. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet direct in paniek te raken over momenten die ik niet kan terug halen, alsof er iets ergs met mij aan de hand is, maar adem te halen en in alle rust terug te lopen wat er mogelijk gebeurd zou kunnen zijn om zo de lege momenten weer in te vullen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben voor het zoeken van de ‘geest’ naar aanknopingspunten om nieuwe angsten door te ontwikkelen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn kracht aan de geest weg te geven, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik wanneer ik niet sta voor wie ik echt ben gelijk aan het leven ik heel gemakkelijk ten prooi val aan mijn ‘geest’. Ik stop het weggeven van mijn kracht en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wel te zien wanneer de ‘geest’ een loopje met mij wil nemen en mij angsten in de schoenen wil schuiven die niet nodig zijn, maar niet in de verleiding te komen om echt mee te gaan in deze angsten en dus deze angsten mij niet eigen te maken om ze vervolgens als excuses te kunnen gebruiken in welke omstandigheid dan ook waar ik die zou kunnen gebruiken om de situatie te manipuleren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben voor het invoegen met de auto op een andere rijbaan.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst voor mijn handelen als automobilist, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik geen veilige weggebruiker ben wanneer ik vanuit angst rijd in plaats vanuit zelfvertrouwen en gezond verstand. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te rijden vanuit zelfvertrouwen en mij niet te laten verleiden tot angsten en het rijden vanuit deze angsten.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de angst voor grote vrachtwagens in mijzelf te zien ontwikkelen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een angst te zien ontwikkelen in mijzelf en niet het vertrouwen in mijzelf te hebben dat ik deze angst op een juiste wijze stop, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door gebrek aan zelfvertrouwen angst heb dat ik zal gaan voor een nieuwe angst in plaats van te staan en te zien dat het onacceptabel is om mijzelf niet te stoppen en dus ook geen discussie in mijzelf dient te zijn. Ik stop het wantrouwen in mijzelf en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen interne gesprekken aan te gaan met mijzelf over het wel of niet ontwikkelen van angsten in mijzelf, maar eenvoudigweg het niet van mijzelf te accepteren dat ik twijfel over mijn houding ten opzichte van angst en het ontwikkelen van angst omwille van de energie en mijn ‘geest’.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de strijd met mijzelf als de ‘geest’ aan te gaan over het feit dat ik angsten zou kunnen ontwikkelen voor grote vrachtwagens.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het aangaan van strijd in mijzelf, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik het ego en de ‘geest’ hiermee vlei zonder enige vorm van progressie in het hier en nu. Ik stop de strijd in mijzelf en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer te strijden in mijn hoofd en het als het ware op te nemen tegen de ‘geest’ en mijn ego, maar zaken uit te schrijven of uit te spreken, zodat het tastbaar en hier in het moment blijft en ik dus geen loopje met mijzelf kan nemen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zo voorzichtig te willen rijden zodat ik zeer onnatuurlijk achter het stuur zit en mijzelf doe geloven dat mij nu niets zal gebeuren want ik zie alles, neem alles waar door een energetisch opgepompt bewustzijn/hier zijn en zal niet meer worden verrast vanuit een.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van kunstmatige oplettendheid die mij zal behoeden voor ongeluk, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf voor de gek houdt en beter vrede kan maken met het feit dat ik niet van minuut tot minuut weet wat er zal gebeuren. Ik stop het neppen ‘gevoel’ van veiligheid en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen nep veiligheidsgevoel in mijzelf te plaatsen om zo te denken dat mij niets kan overkomen omdat ik super oplettend ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de opinie te hebben dat mij te allen tijde zomaar iets naars en traumatisch zal overkomen waar ik geen grip op heb om dat te voorkomen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van doemdenken zodat nare dingen zomaar kunnen gebeuren terwijl ik erbij sta en ernaar kijk, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf angstig wil maken door vanuit de ‘geest’ te denken en zo energie op te wekken die mij nog angstiger zal doen worden. Ik stop het doemdenken en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in het hier en nu te leven en niet alvast vooruit te projecteren wat er allemaal voor naars op mijn pad kan komen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat ik andere weggebruikers schade zal berokkenen en daar financieel voor moet opdraaien.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst voor geldproblemen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik al op voorhand bang ben dat ik ergens financieel voor op zal moeten draaien en dat niet zal kunnen betalen. Ik stop de angst voor het niet kunnen betalen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de angst voor geldproblemen niet mijn leidraad te laten zijn bij het rijden op de weg, maar mij simpelweg te concentreren op de weg en mijn weggebruikers om zo alert mogelijk te kunnen reageren en handelen daar waar nodig.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat ik niet meer kan autorijden zoals voor het ongeluk en dat alles nu anders is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van denken dat alles nu anders is na een voorval, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik nog steeds ben wie ik ben en nog steeds kan wat ik kon. Ik stop het mijzelf aanpraten van angsten en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet wijs te maken dat mijn wereld anders is nu er iets heeft plaatsgevonden dat ik als onprettig heb ervaren, maar dat er feitelijk niets veranderd is aan mijn leven en ik alles wat ik al kon nog steeds kan wanneer ik mij niet laat leiden door de geest.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angstiger te zijn in het verkeer dan nodig is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst in plaats van hier te zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik denk dat het gemakkelijker is om angst te overwinnen door in mijn ‘geest’ tezamen met de angst te gaan zitten dan dan in het hier  en nu te zien en ervaren dat er niet meer angst nodig is dan voorheen om mij over dit voorval heen te zetten. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet met angst te reageren in het verkeer na het ongeval, maar met gezond verstand en twee beentjes op de grond

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te begrijpen waarom mij dit moest overkomen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van slachtofferschap, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf als slachtoffer zie wanneer ik mij afvraag waarom dit mij moest overkomen. Ik stop het slachtoffer zijn en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet het slachtoffer te zijn door de vraag waarom mij dit moest overkomen, maar dit ongeval op te pakken als een punt waar ik lering uit kan trekken door de manier waarop ik gereageerd heb en mijzelf te sterken door andere copingsmechanismen te bedenken die mij niet in een slachtofferrol trekken.

 

Dag 304 van 2555: een ongeluk en een engeltje op mijn schouder – nabeschouwing

leefbaar inkomen gegarandeerdDeze blog is een vervolg op mijn vorige blog, het is aan te raden om eerst de vorige blog te lezen.

 

Het is inmiddels een x aantal dagen na het ongeval en ik heb al weer aardig wat gereden in de auto. In al die momenten in de auto heb ik heel nauwlettend naar mijzelf gekeken en elke opkomende angst of gespannenheid in mijn lijf waargenomen en vergeven. In het moment heb ik hardop zelfvergeving gedaan of de waarneming doorgesproken met mijn mede passagiers. Ook hebben mijn dochter en ik zoveel als wij nodig hadden over het ongeluk gesproken. Inmiddels heb ik zo vaak verteld hoe het ongeluk gebeurde en verliep dat ik op dit moment er zonder gevoelens en emoties oftewel een energetische lading naar terug kan kijken.

 

Er was nog een stukje in mijn verhaal dat ik niet kon plaatsen, want net nadat de vrachtwagen mij schepte, had ik een moment waarop ik zeer helder wit voor mij zag en het even leek of ik niet hier in de fysieke werkelijkheid was. Door alles te reconstrueren zijn we erachter dat ik recht in de koplampen van de vrachtwagen heb gekeken toen ik voor hem langs schoot/gelanceerd werd. Ik was dus even verblind en was met recht geschrokken toen ik weer iets kon zien terwijl ik al spinnend langs het tegemoet rijdend verkeer reed. Ik was blij dat we hier vrij snel achter kwamen want mijn ‘geest’ bleef er over doormalen, iemand zei gekscherend ‘het witte licht’ en ik zag dat mijn ‘geest’ aan het zoeken was om dit tot een ‘bijzonder’ moment te maken, maar ik accepteerde dat niet.

 

De angsten/stress in mijn lijf die ik had de afgelopen dagen was de angst om in te voegen. Ik had het ‘gevoel’ dat ik niet kon inschatten of ik kon invoegen en of dit alles wel paste. Ik bemerkte een angst die ik in mijn fysieke lijf als spanning voelde en in mijn solar plexus als een misselijk makend gevoel, het was de angst dat ik de ander zou raken met mijn auto. Dezelfde angst die ik had toen ik spinnend langs het tegemoet rijdend verkeer ging en zo ontzettend hoopte dat ik geen schade zou maken waar ik voor zou moeten opdraaien financieel.

 

Ook bemerkte ik dat ik niet al te hard durfde te rijden en dat er een opinie bij was gekomen die mij de overtuiging gaf dat er altijd zomaar uit het niets iets naars kan gebeuren waar ik dan vervolgens niet op voorbereid ben. Ik reed dus boven normaal preventief, iets wat zoveel stress oplevert dat je er ongelukken door zou maken. Dus dat heb ik vrij direct weer los kunnen laten, totat ik op de proef werd gesteld. Er kwam vanuit het niets een steentje over de snelweg aangezeild en die ketste hard tegen mijn voorruit aan. Het gaf even korte stress in mijn lijf, ik keek al rijdend of ik een buts of barst in mijn autoruit had, terwijl ik in gedachten al de voorruit in diggelen zag gaan. Er was niets aan de hand en ik zag dat mijn reacties nog steeds voortkwamen vanuit de opinie dat er zomaar iets onverwachts kan gebeuren.

 

De mensen die ik heb gesproken zeiden stuk voor stuk dat ik zo luchtig over het ongeluk deed. Ik heb hier eens naar gekeken en ik kwam tot de conclusie dat we vaak na dit soort gebeurtenissen de neiging hebben om of onszelf tot held te maken of tot slachtoffer en ik deed niet mee aan deze polariteit. Ik heb geen ‘speciaal zijn’ gevoelens uit deze ervaring gehaald en daar waar het ‘speciaal zijn’ potentie had er meteen mee afgerekend. We zijn ongedeerd, we hebben zeker schade aan de auto maar dit wordt door de verzekering allemaal geregeld.  Het is zaak dat we dit voorval verwerken en het geen loopje met ons gaat nemen, nu of in de toekomst.

 

Inmiddels heeft de schade expert naar de auto gekeken en is de auto total los verklaard, dit is de schaduwkant van het hebben van een oudere auto. Wanneer je aan wordt gereden en je een oudere auto hebt dan kun je wel verzekert zijn, maar qua transport zal je nooit meer op het punt uitkomen waar je voor het ongeluk was. Dus dat wordt nog even alles op een rijtje zetten wanneer we definitief te horen krijgen hoeveel we voor de auto krijgen om hem op te knappen.

 

In mijn volgende blog zoals eerder aangekondigd in de vorige blog zal ik mijn zelfvergevingen en zelfcorrecties plaatsen.