Dag 345 van 2555: opvoeden hoef je niet te leren dat doe je gewoon, toch?

DIP lite cursusIk was bij de kapper, zo’n kapper waar je zonder afspraak je haar kunt laten doen, waar ook een moeder met twee kleine kinderen aan het wachten was voor een knipbeurt van het jongste kind. Ze zaten al langer te wachten dan het moment dat ik de kapperszaak binnenkwam en wellicht hadden de kinderen al ‘braaf’ op de bank zitten wachten. Wat ik aantrof waren een 2 jarig jongetje en een 4 jarig meisje die rondjes door de kapperszaak renden.

Nu is het een ruim opgezette zaak en men had er nier direct last van, maar het bleef niet bij rennen alleen. Het leek alsof deze kinderen de kapperszaak als een soort van attractiepark ervoeren. Het meisje pakte een spiegel en rende daarmee achter haar broertje aan, viel op de grond met de spiegel. Het meisje draaide zeer wild rondjes met de kappersstoelen die niet bezet waren en greep een föhn waarvan ze tijdens het draaien het snoer rond de poot van de stoel draaide. Waarop een kapster zei: “alleen de kapsters mogen aan de stoelen draaien.” Waarop het meisje tot twee keer toe de kapster antwoordde dat ook kinderen mochten draaien in de stoelen omdat het leuk was en het meisje ging verder met draaien in de stoel. Ook pompte ze verschillende stoelen omhoog en omlaag, kwam haar voet klem te zitten in de beugel van de stoel. Vervolgens spotte het meisje de zadel krukken van de kapsters en ging daar vervolgens rodeo op rijden en was nijdig toen haar moeder haar daar vervolgens vanaf haalde.

Ik kan me voorstellen dat je denkt, die kinderen waren daar toch met hun moeder, waar was de moeder in dit verhaal? De moeder hobbelde achter de feiten aan en greep in wanneer het al escaleerde. Pikte vervolgens steeds het jongetje eruit die zijn zus imiteerde. Na een rondje of zes rennen, pakte ze het jongetje tijdens het rennen uit het spel om te zeggen dat dit niet mocht. Na een rondje of drie werd de spiegel afgepakt, toen deze met de kinderen op de grond viel. De draaistoel werd door moeder gestopt nadat de kapster commentaar had gegeven en de dochter het snoer van de föhn volledig om de stoelpoot had gedraaid. De moeder haalde nijdig haar dochter van de zadelkruk, toen die wild aan het rodeo rijden was. De moeder stond erbij en keek er naar en haar handelen om de situatie te keren leek uit haat tenen te moeten komen.

Ik zag de boosheid en dus de onmacht in de moeder groeien. Iets in mij wilde haar helpen, maar ik wist dat ik dat beter niet kon doen. Iemand helpen die in een reactieve staat van doen is heeft niet zoveel zin. Wat deze vrouw doorliep waren haar zelf gecreëerde gevolgen van het niet consequent met haar kinderen omgaan en het pas ingrijpen als de situatie al is geëscaleerd. De mensen in de kapperszaak mochten meegenieten van een moeder die gezakt was voor haar moederdiploma, als er al zoiets bestond. Ik zeg dit niet om deze moeder zwart te maken, maar om aan te geven dat wij het vrij normaal vinden dat we voor de meest onbenullige zaken een diploma of certificaat moeten behalen, maar opvoeden schijnt daar niet onder te vallen. Denk je eens in wat een verantwoordelijkheid wij als ouders dragen en denk je dan eens in dat wij als ouders worden geacht het allemaal te weten en goed te doen. Dat is natuurlijk wachten totdat de bom barst. Elke generatie die volwassen wordt en deel gaat uitmaken van de samenleving laat zien hoe er is opgevoed en elke generatie krijgt de schuld van het niet perfect zijn in de ogen van de vorige generaties. Het mag duidelijk zijn dat we hier met een ‘kip of het ei’ verhaal te maken hebben en dat de opvoedende generatie net zoveel debet is aan de nieuwe generatie als de nieuwe generatie zelf. Wij zijn nu eenmaal een product van onze voorouders.

Wat er door mijn hoofd ging was, hoe had dit anders gekund, waar had deze moeder het tij kunnen keren? Waar kunnen wij als samenleving ouders ondersteunen? Het moment dat deze moeder de kapperszaak binnenkwam was zij al de gevolgen van haar handelen aan het doorlopen. Ze had zich de vraag kunnen stellen waarom ze de zeer ondernemende niet corrigeerbare dochter meenam naar de kapperszaak. Er was een vader in beeld want daar dreigde de moeder mee, dus de vader had die taak op zich kunnen nemen om tijd met zijn dochter te spenderen. De dochter had ook bij buren, familie of een vriendinnetje kunnen gaan spelen. Dit had de moeder gedeeltelijk ontlast en was het voor haar mogelijk geweest om zich op het jongste kind te concentreren. Moeder wist dat het lang wachten is bij een kapper die zonder afspraak werkt, er zijn andere kappers die voor dezelfde prijs knippen en wel op afspraak werken, dit had onnodig wachten kunnen voorkomen. Ook wist moeder dat de omgeving waarin zij met haar twee jarige zoon moest wachten niet kindvriendelijk zou zijn en niet uitdagend genoeg voor het kind, zodat het zichzelf kon vermaken en zo op zijn beurt kon wachten. Moeder had van te voren kunnen bedenken welk speelgoed er meegenomen kon worden zodat het wachten niet zo moeilijk zou zijn voor haar jonge zoon. Ook had moeder kunnen overwegen om een voorleesboek mee te nemen en gezellig met het kind op de grote bank bij de kapper samen te lezen. Met andere woorden de moeder had dit ‘uitje’ naar de kapper kunnen voorbereiden, zodat er al een van te voren bepaalde setting ontstond die het niet zo gauw zou laten escaleren bij de kapper.

Wat mij wel opvalt in winkels of bij huisartsen, is dat er echt niets wordt gedaan om kinderen van deze tijd te boeien en bezig te houden terwijl ze moeten wachten. De speeltjes die er zijn, als ze er al zijn, zijn speeltjes waar ik mij ruim 40 jaar geleden ook mee ‘zoet’ hield. Het kind van nu prikkelen we de hele dag tot aan overstimulatie toe en wanneer het moet wachten in een winkel of bij de huisarts dan denken we dat we dat kunnen met speelgoed uit een tijd die niet aansluit bij de kinderen van nu. Dat een kind wil rennen en het fijn vindt om hard rond te draaien in een draaistoel, dat zijn geen gekke dingen, dat is de zelfexpressie van het kind. Het is anders wanneer het kind deze zelfexpressie gaat gebruiken als manipulatie of om uiting te geven aan zijn verveeldheid. Hier kun je als ouders afspraken over maken, ook met jonge kinderen, maar niet vanuit manipulatie vanuit de ouder of het kind.

Wat duidelijk te zien was aan deze moeder, was het feit dat zij moedeloos was en pas zichzelf aanstuurde wanneer emoties en gevoelens en wellicht de angst van wat zal mijn omgeving wel niet denken, de overhand namen. Een kind voelt feilloos aan wanneer jij je machteloos voelt en zal zijn onacceptabele gedrag opvoeren. Want hoe moedeloos de moeder was, ook de dochter straalde een soort van moedeloosheid uit naar de moeder die haar niet toonde waar de grens lag. Het meisje schreeuwde om grenzen maar de moeder gaf die niet. Toen de kapster voorzichtig het meisje een grens aangaf, door te zeggen dat alleen kapsters aan de stoelen mochten draaien, probeerde het meisje ook deze vrouw uit en gaf een antwoord waar de kapster niets meer op terug zei. Hierdoor voelt een kind een overwinning en tegelijkertijd voelt het zich ongemakkelijk, omdat het nog steeds niet weet waar het aan toe is. Het kind groeit op en niemand stopt het onacceptabele gedrag van het kind, wat naarmate het ouder wordt omvormt naar gedrag dat beter geaccepteerd wordt door de omgeving maar nog steeds hetzelfde doel beoogd en vanuit dezelfde emotie zijn oorsprong vindt. We zouden kunnen stellen dat wij als samenleving niets doen voor mensen/kinderen, dan ze links te laten liggen door onze eigen onmacht.

Dit soort ondernemende kinderen of kinderen die door verveling ondernemend worden, zijn de kinderen die al snel worden weggezet als zijnde ADHD-ers. De vraag rijst dan al snel of deze kinderen wel een afwijking/stoornis hebben of dat de omgeving hen in dit gedrag heeft gemanipuleerd? Wanneer de ouder het laat afweten dan voed het kind zichzelf op met emoties, gevoelens en angsten als leermeester. Dat vinden wij helemaal niet raar als samenleving, want dit is wat in veel gezinnen gebeurd. Wanneer er in het nieuws een verhaal zou komen van kinderen die zichzelf hebben moeten opvoeden dan zouden we moord en brand roepen en verbolgen zijn over het feit dat zoiets mogelijk is. We hebben allemaal de mond vol van ‘kinderen zijn de toekomst’, maar snappen we eigenlijk wel wat we zeggen? Wanneer we kinderen niet als kritische burgers opvoeden die snappen hoe zij zich in verschillende situaties het beste kunnen gedragen, dan boycotten wij als ouders en samenleving de toekomst van deze kinderen oftewel deze nieuwe generatie. Waarom zouden we genoegen nemen om maar de helft van de mogelijkheden die een kind in zich heeft te ontwikkelen? Zouden we zelf ook niet tot ons volledige potentieel willen uitbloeien? Wat is het dat wij als mens zo snel genoegen nemen met minder, maar het tegenovergestelde schreeuwen op de social media, in demonstraties of petities? Wij willen alles hebben en ervaren, maar ons handelen in onze fysieke werkelijkheid geeft het tegenovergestelde aan. We kunnen niet het beste uit onszelf halen of uit ons kind als we niet in onszelf geloven als mens of ouder. Zou een cursus opvoeden dan toch niet zo’n slecht idee zijn?

Voor wie zijn opvoedkundige vaardigheden wil uitbreiden adviseer ik om eens te luisteren naar deze interviews.

One thought on “Dag 345 van 2555: opvoeden hoef je niet te leren dat doe je gewoon, toch?

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s