Dag 357 van 2555: de ‘geest’ als broodheer

DIP Lite cursusTerwijl ik courgette pasta uit de pan haalde en op mijn bord legde, dacht ik, “is dit wel genoeg”. Het oogde vrij weinig en het was het laatste uit de pan. Daarna plopte er een andere gedachte op, “ik hoop dat ik later geen trek krijg”. In mijn hoofd zei ik tegen mijzelf dat ik eerst ging eten om vervolgens later te ervaren of het voldoende was of niet. Ik at mijn bord leeg en voelde voldaan en ging vervolgens verder met mijn beslommeringen.

Later op de avond plopte er vanuit het niets een gedachten op, “ik heb trek”, maar het gekke was dat ik fysiek geen behoefte aan eten voelde. Ik negeerde het en nog weer wat later plopte de volgende gedachten op, “ik heb niet genoeg gegeten”. Ook dit negeerde ik want nog steeds voelde ik geen behoefte aan voedsel. Totdat de gedachte concreter werd, “ik heb vanavond niet genoeg eten gehad dus moet ik nu wat eten, ik mag eten, ik heb recht op eten wanneer ik trek heb”. Wacht eens even dacht ik, hier wordt een spelletje met mij gespeeld. Ik nam een koekje bij mijn thee om te zien hoe reëel dit trek hebben was, maar ik taalde fysiek eigenlijk niet naar eten. Mijn ‘geest’ bedacht van allerlei zaken die ik nog meer zou kunnen eten, want immers ik had niet genoeg gehad. In dat moment stopte ik dit hele tafereel en deed zelfvergeving. Ik zag hoe een genegeerde gedachten van eerder op de avond een eigen leven was gaan lijden en op mijn gevoel van rechtvaardigheid, tekortkomen en niet genoeg inspeelde. Ik wist dat de ‘geest ‘ tot veel in staat was, maar ik was verbaasd hoe zoiets simpels tot iets gecompliceerds zou kunnen leiden.

Stel dat ik eraan had toegegeven en stel dat ik in plaats van alleen gezonde zaken, junkfood in huis had gehad of dit was gaan halen. Dit soort gedachten kunnen gemakkelijk een soort van opdrachtgever in het hoofd worden/zijn die uiteindelijk tot eetverslavingen leiden. Ik realiseer mij dan ook dat het van groot belang is dat we weten wanneer we met de fysieke realiteit van doen hebben en wanneer niet. Het leren kennen van ons fysieke lijf om zo te weten wanneer wij voedsel nodig hebben en wanneer dit een vraag/opdracht maakt het verschil tussen eetverslaving en eten om het lijf te ondersteunen. Eten om het lijf te ondersteunen wil niet zeggen dat wij Spartaans zijn voor het lijf, af en toe eens iets anders uitproberen en zien hoe ons lijf daar op reageert zijn ook waardevolle ervaringen. Maar we moeten altijd in staat zijn om het terug te leiden naar de fysieke werkelijkheid als meetpunt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in eerste instantie mee te gaan op de gedachte “is dit wel genoeg”.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van meegaan op een gedachte om een gevoel bevestigt te krijgen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alleen maar mee ga in een gedachte wanneer er andere herinneringen/emotie/gevoelens aanwezig en nog onverwerkt zijn die deze gedachte voeden of overeind houden. Ik stop het meegaan in een gedachte wanneer ik bemerk dat de gedachte een bevestiging is van een herinnering/emotie/gevoel in mij, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zodra een gedachte opkomt en deze overeind wordt gehouden door herinneringen/emoties/gevoelens ik direct uitzoek wat het patroon is wat deze gedachte geldig/echt maakt in mijn ‘geest’.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf achtergesteld te voelen door de gedachte “ik heb niet genoeg gegeten” toe te staan als uitvloeisel van dit gevoel.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf achtergesteld voelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit gevoel nog niet in al zijn dimensies heb onderzocht en gecorrigeerd, waardoor dit gevoel steeds weer als een ander aspect in mijn leven aanwezig is. Ik stop het mij achtergesteld voelen door het patroon op tijd te herkennen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat wanneer ik mij achtergesteld voel ik mij vergelijk met een ander en mij dus minder ervaar dan de ander vanuit een polariserende relatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik niet genoeg heb en dit in handelen om te zetten door te geloven dat dit zo is, vanuit een gevoel van altijd aan het kortste eindje te trekken.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het minder denken te hebben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik vanuit een gevoel van meer willen hebben het tegenovergestelde geloof. Ik stop het bestaan in polariteit, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet in meer en minder te denken, waardoor ik geloof dat ik minder heb en minder ben en dus verlang naar meer te hebben en meer te zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat gedachten gestoeld op emoties en gevoelens mij ergens gaan brengen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geloven dat iets waar is omdat het goed voelt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn gevoelens niet als meetinstrument kan gebruiken, omdat zij mij nergens brengen dan op een dood spoor. Ik stop het geloof in goed gevoel, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om iedere geachte die energetisch geladen is met emoties en gevoelens niet te volgen door erin op te gaan of te geloven, maar hooguit te onderzoeken om te zien wat er aan ten grondslag ligt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om door op een gedachte mee te gaan voor een moment niet meer mijn fysieke feedback te geloven maar in plaats daarvan mijn ‘geestes’ feedback aan te nemen als waarheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn fysieke feedback niet als meetpunt te gebruiken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij wil laten leiden door de ‘geest’ door opzettelijk mijn fysieke meetpunt als onwaar te beschouwen. Ik stop het mij voor de gek houden, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet langer voor de gek te houden en mijn fysieke werkelijkheid als eerste meetpunt te nemen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om door meer te willen hebben/zijn het gevoel van niet genoeg te hebben/zijn weg te stoppen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een leegte binnenin mij te willen opvullen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik meer wil om het minder te neutraliseren of op te heffen. Ik stop het vullen van de leegte, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat de leegte niet een echte leegte hoeft te zijn maar meer een gevoel van leegte is gevoed door een gevoel van meer willen hebben en dus niet werkelijk is, maar bestaat door de herinneringen/emoties/gevoelens die ik in mij heb laten bestaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om jaloezie in mij te laten bestaan door te denken dat ik minder heb en dus niet genoeg heb.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van meer willen hebben dan ik heb, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de competitie aanga met mijn buitenwereld. Ik stop de jaloezie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om jaloezie niet te leven, maar vast te stellen te corrigeren en te voorkomen in de toekomst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik kan bepalen hoe ik mijn leven ervaar en dat ik door het mij achtergesteld te voelen mijn beleving van mijzelf binnen mijn wereld bepaal en daarmee dus ook het handelen wat voortvloeit uit deze beleving.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn wereld te saboteren door de manier waarop ik toesta dat ik mij ervaar, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik met net zoveel gemak anders had kunnen ervaren en dus andere uitkomsten tot stand had kunnen brengen. Ik stop het saboteren van mijn wereld, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn wereld zo te vormen dat het in het belang van een ieder is en niet gebaseerd op gevoelens/emoties/gedachten.

Advertenties

Dag 356 van 2555: een vleugje afleiding

DIP LiteVaak ’s avonds wanneer ik achter mijn computer zit, in een hoek van de kamer grenzend aan de voortuin, dan weet ik zeker dat ik sigarettenrook ruik. Ik kijk dan meestal naar buiten of ik iemand bij de buren zie staan roken in de voortuin, maar tot op heden heb ik nooit iemand zien staan. Het is een hele vage tabaksgeur die ik ruik die mijn geest vervolgens koppelt aan ‘er staat iemand buiten te roken’. Er zijn geen emoties of gevoelens aan verbonden, het is een neutrale ervaring, één van een geur ruiken en die proberen te plaatsen. Wat er echter wel gebeurd is het volgende: omdat er geen fysiek bewijs is dat er iemand staat te roken of ergens rook vandaan komt, komt er in mij een drang naar boven om uit te zoeken wat dit is, waarom ik dit ruik en wat het met mij doet. Ik noem het dan ook een ‘drang’ omdat het een drang is om iets onbekends te willen weten, onderzoeken en overanalyseren en wel NU. Het is een patroon, daar werd ik op attent gemaakt, en ik kan zien dat het een patroon is om mijn ‘geest’ volledig in beslag te laten nemen en in het moment deze geur het belangrijkste in mijn leven te laten zijn. Voor een moment bestaat er niets anders. Dit is geen onbekend patroon waarin ik mij voel meegesleurd worden op een golf van ‘moeten weten’ wat iets is, zonder nieuwsgierigheid, maar een drang zo sterk dat ik het tot op heden niet heb kunnen negeren. De drang lijkt diep van binnen zijn origine te hebben en daardoor heb ik dit altijd als iets van mijzelf geïnterpreteerd.

De vraag is natuurlijk, ben ik dit? Ben ik degene die alles laat varen om stante pede iets te moeten weten/ontdekken om vervolgens, en alleen daarna, weer gemoedsrust te krijgen? Zou dat mijn ware zelf zijn? Een zelf die uit het hier en nu gerukt wordt om zich te verliezen in de ondergrondse gangen van de ‘geest’? Is dat een manier van leven die in het belang van een ieder is? Nee, het is een ideale manier van vluchten uit de werkelijkheid. Het gebeurd dan ook vaak op momenten dat ik mij eigenlijk had voorgenomen andere zaken te doen, maar nu kan ik om een reden, alles aan de kant schuiven en even wegmijmeren in de ‘geest’.

Dus of er nu een fysieke verklaring is voor het ruiken van de sigarettenrook, dat doet er niet toe. Er is een goede kans dat mijn ‘geest’ de geur die ik waarneem probeert te labelen en de meest plausibele verklaring zou dan sigarettenrook zijn. Of er staat ergens waar ik het niet zie iemand in een tuin te roken en de rook komt bij ons naar binnen. Maar welke optie het ook zal zijn, het leidt mij nergens naartoe dan afleiding van waar ik mee bezig ben of wat ik wilde gaan oppakken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om iets nodig te hebben om mij NU uit het HIER EN NU te halen en te denken dat ik dat nodig heb om te kunnen overleven/voortbestaan.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon uit het hier en nu stappen in de ‘geest’, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik attent moet zijn op het moment wanneer dit gebeurd om te zien wat ik niet wil zien of aan wil gaan in dat moment. Ik stop het mij verschuilen achter excuses om te verdwijnen in de ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om bij te houden wat mijn momenten zijn waarop ik deze drang voel die sterker is dan mijzelf om uit het hier en nu te stappen, om zo een beeld te krijgen van het gehele patroon waar ik mee te maken heb.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te vinden dat ik recht heb op momenten van dwalen in de ‘geest’ en het mij prettig voelen hierbij.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het gelijk aan mijn kant te willen hebben voor het goedkeuren van mijn daden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik goedkeuring van mijzelf wens/nodig heb om mijzelf te verliezen in de ‘geest’. Ik stop het afdwingen van een goedkeuring voor het dwalen in mijn ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te komen tot een mate van bewustzijn waarin ik weet wat het juiste is in een specifieke situatie en waar ik dus geen goedkeuring van mijzelf nodig heb, omdat ik simpelweg weet dat het okay is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik intellectueel goed bezig ben met zoeken naar antwoorden en oplossingen voor verscheidene zaken, terwijl ik mijzelf om de tuin aan het leiden ben door niet oprecht te zijn over de reden waarom ik wil wegduiken in het zoeken naar antwoorden die mij niet verder helpen in het leven.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van afleiding zoeken om mijzelf mee af te leiden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alles kan aanpakken om mijzelf mee af te leiden, maar ik kies die zaken die mij doen geloven dat ik goed bezig ben alsof zij mij verder helpen om mijzelf te verbeteren. Ik stop de afleiding en zie door mijn afleidingsmanoeuvres heen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zodra ik mijzelf zie zoeken naar de juiste afleiding, één met mijn adem te zijn en mijzelf te vertragen om te zien waar ik mee bezig ben en wat ik wil omzeilen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik mij niet intellectueel uitdaag maar mijzelf voor de gek houd.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf uitdagen te verwarren met mijzelf stoppen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf in zo’n moment van afleiding stop zet en niet langer uitdaag om verder te komen. Ik stop het stoppen van mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te stoppen wanneer ik mijzelf saboteer om vooruit te komen in iedere ademhaling en elk moment.

Dag 355 van 2555: wil ik een eenheidsworst zijn?

DIP Lite cursusVanaf het moment dat het mij duidelijk werd dat de ‘dress code’ binnen mijn bedrijf in ‘corporate’ stijl moest zijn, wat voor mannen als vrouwen inhoudt witte blouse en zwarte broek/rok en colbert, voelde ik frictie in mijzelf. Ik stond achter deze beslissing op een begripsniveau, maar mijn gevoelens, emoties en opinies stonden daar haaks op omdat deze gebaseerd waren op herinnering en wie ik ooit had bedacht dat ik was. Ik ging eens rondkijken wat voor kleding ik binnen deze ‘dress code’ zou kunnen maken/aanschaffen. Ik maakte een witte blouse en een zwarte broek en dacht: wat saai. Vervolgens dacht ik: waarom niet een zwarte of witte blouse met een werkje. Dus ik maakte een zwarte blouse met witte stipjes en een witte blouse met een zwarte print. Het model leek niet op een blouse maar meer op een trui. Toen dacht ik hoezo witte blouse, waarom niet een zwarte blouse? Dus maakte ik een zwarte blouse met een boordje in plaats van een kraag. Ik was erg druk met het opzetten van mijn bedrijf en schonk geen aandacht/wilde geen aandacht schenken aan mijn tegendraadse gedrag. De afspraak was zwart/wit ‘corporate look’, hoe moeilijk kon dat zijn, nou moeilijker dan ik dacht.

Rationeel stond ik achter de keuze, maar emotioneel op een dieper niveau was ik bang mijn identiteit te verliezen. Ik deed er alles aan om binnen het zwart/wit toch nog anders te zijn, zodat ik kon zeggen: kijk dat ben ik. Het moment dat ik door had wat er gaande was, moest ik even om mijzelf lachen, om vervolgens de afspraak met mijzelf te maken dat ik niet langer zou geloven dat door kleding mijn zijn zou veranderen. Wie ik ben draag ik uit in mijn handelen, welk kleur jasje daar ook omheen zit. Daarnaast heb ik met mijzelf afgesproken dat ik best wat mag experimenteren met deze nieuwe kledingstijl als dat maar niet vanuit een startpunt van angst voor verlies van mijn identiteit gebeurt.

Wat naast de angst voor het verlies van mijn identiteit ook nog meespeelde waren opinies over mensen die zwart of wit of zwart/witte kleding dragen. Ik had dus emotionele ladingen gekoppeld aan de kleuren zwart en wit. Ik vond dat mensen die altijd maar zwart dragen saaie mensen zijn of mensen die zichzelf probeerden te verbergen of mensen die dunner wilden lijken. Witte kleding vond ik meer voor onpraktische mensen, zoals ik wel mensen kende die kinderen op zondag in het wit lieten rondlopen en dan boos waren dat ze vies werden. Met andere woorden ik had niet alleen te doen met een keuze voor zwart/witte kleding, nee, ik leegde een hele emmer aan emoties en opinies over mijzelf heen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om identiteit en kleding keuze aan elkaar te koppelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon waarin ik dat ben dat mijn kleding uitstraalt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een beeld van wie ik ben heb opgebouwd door zaken buiten mijzelf. Ik stop het mij naar buiten richten om te begrijpen wie ik ben, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in mijzelf te zien wie ik ben en alles buiten mijzelf terug te nemen naar mijzelf om zo te zien wie ik ben in relatie tot mijn buitenwereld.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik mijn identiteit verlies wanneer ik in een ‘corporate uniform’ rondloop.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om mijzelf te verliezen door uniforme kleding, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit soort kleding als eenheidsworst bestempel en zo niet meer opval/besta/leef binnen de grijze massa. Ik stop de angst om mijzelf te verliezen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te begrijpen/realiseren dat ik mijzelf niet kan verliezen, maar hooguit het gevoel kan manifesteren van mijzelf kwijt te zijn door buiten mijzelf naar mij te zoeken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat ik niet meer leef wanneer ik opga in de massa.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van denken dat ik ophoud te bestaan als ik opga in de grijze massa, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een drang heb om anders te zijn door een diep geloof binnenin mij dat zegt dat ik anders niet meer ben/niet meer besta. Ik stop de angst om op te gaan in de grijze massa, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om anonimiteit en grijze massa niet te vrezen, maar te begrijpen/zien/realiseren dat de grijze massa de groep mensen is die samen meer kracht heeft dan het enkele individu, dus de keuze is om alleen te gaan of de krachten te bundelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven in mijn onafhankelijkheid en anders zijn als een sterk punt dat leiderschap aangeeft.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van sterk zijn te koppelen aan alleen staan, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alleen kan staan in een groep om toch samen sterk te zijn door allen zelfleiders te zijn en het zelfde doel na te streven. Ik stop deze koppeling, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat veel sterke mensen die zelfleiders zijn een ultiem bolwerk kunnen vormen dat sterker is dan de kracht van één.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om speciaal-zijn te koppelen aan wie ik ben en hoe ik mij kleed, om zo te oordelen of ik voldoe aan het plaatje dat ik van mijzelf heb.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van speciaal-zijn en buitenkant-identiteit te laten bepalen wie ik ben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet weet wie ik ben en daarom zoek naar de juiste jasjes en blouses om een aha moment te krijgen waarop ik mag zien wie ik ben. Ik stop met geen verantwoordelijkheid nemen voor wie ik ben, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn verantwoordelijkheid niet te ontlopen als het aankomt op het bepalen en vormen van wie ik ben.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de kleur zwart met saaiheid te koppelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het koppelen van de kleur zwart aan saaiheid, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alles behalve saai gevonden wil worden, omdat dit gelijk staat in mijn geest aan er niet zijn/bestaan/leven. Ik stop deze koppeling en breng het woord zwart terug naar zijn definitie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zwart te zien als een kleur en bijvoeglijk naamwoord vrij van welke herinnering en opinie di eik gedurende mijn leven heb opgedaan of gevormd heb.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de kleur zwart met onzeker zijn te koppelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het koppelen van de kleur zwart aan onzekerheid, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf niet onzeker voel of wil voelen en dus niet geassocieerd wil worden met de kleur zwart. Ik stop deze koppeling die mij doet strijden in plaats van leven, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om onzekerheid wanneer ik het ervaar, dit te begrijpen en te zien in mijzelf waar het vandaan komt, zonder te denken dat ik in het zwart gekleed moet gaan als het teken van de dood, de dood van mijn identiteit.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de kleur wit met onpraktisch te koppelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het koppelen van de kleur wit aan het woord/de beleving van onpraktisch, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf als praktisch wil ervaren en dus door de kleur wit niet geassocieerd wil worden met het tegenovergestelde van wat ik denk te zijn. Ik stop de koppeling, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer kleur te laten bepalen wie ik wel of niet ben, ik zal kleur moeten bekennen als het gaat om wie ik nu daadwerkelijk ben zonder zaken van buitenaf.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om met mijzelf de strijd aan te gaan om het behoud van mijn identiteit.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het strijden met mijzelf om mijn identiteit te behouden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik doo rstrijd verdeeldheid zaai binnen mijzelf en zo afscheiden van mijzelf in de hand werk. Ik stop de strijd en het afscheiden, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om heel en gelijk aan mijzelf te zijn.

Dag 354 van 2555: ik wil niet kiezen, ik wil doen wat ik wil

DIP Lite cursusVandaag ging ik opnieuw in een patroon wat ik bewust meemaak, maar waar ik mijzelf niet echt stop. Op dit moment stop ik het wel, in die zin dat ik het nu maar laat gebeuren wat ik eigenlijk in eerste instantie niet wilde laten gebeuren en dus vol in reactie doorga. Waar het hier om gaat is het volgende, ik plan mijn dagen behoorlijk vol als zzp-er en alles loopt op rolletjes zolang ik mijn schema/agenda kan volgen. In de zomerperiode heb ik wel mensen over de vloer die frequenter langskomen dan anders, gevraagd of ongevraagd, zij nemen tijd in beslag die ik eigenlijk niet heb wanneer ik vasthoud aan mijn schema. Daar komt nog eens bij dat ik kantoor aan huis heb en men al snel niet het gevoel heeft dat zij eigenlijk een werkplek betreden waar ik luttele seconden voordat de bel ging nog zat te werken. Ik kan natuurlijk zeggen ik heb hier geen tijd voor, dus ik wijs de mensen de deur, maar ik vind het tegelijkertijd ook fijn of gezellig wanneer mensen langskomen. Ik houd van dat sociale aspect, het communiceren met anderen. Toch zie ik dat ik niet honderd procent hier kan zijn in het moment met de ander, omdat mijn agenda zich aan mij presenteert in mijn hoofd en er een klokje als een wilde doortikt. Wat resulteert in nog langer doorwerken dan normaal.

Toen ik mijn dilemma besprak met mijn tiener zoon zei hij, ja dan kan je nooit meer mensen op bezoek krijgen want jij hebt altijd wel wat te doen. En dat is ook zo, ik zou nooit meer iemand privé treffen wanneer ik alleen voorrang aan mijn schema geef. Wat ik nu dus doe, is het soepeler plannen van mijn agenda in die periode dat ik frequenter gasten over de vloer heb of naar mensen toe ga op privé basis. Wat er dan vervolgens om de hoek komt kijken is het schuldgevoel dat als een polariteit schuldgevoelens naar mijn taken en naar de bezoekers toe oproept. Het ziet er naar uit dat ik hiermee zal moeten experimenteren om te zien hoe dit scenario wel werkt zonder emotionele reacties en polariteiten eraan te koppelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zo in mijn werk op te gaan dat ik het vervelend vind als ik in mijn ritme gestoord word van werk en taken uitvoeren en afwerken.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van dat willen doen wat ik wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik op die manier alle interruptie van buitenaf als vervelend ervaar. Ik stop het doen van wat ik wil in het moment, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om verder te kunnen kijken dan wat ik wil in het moment en een onderbreking van werk een echte onderbreking te laten zijn, zonder eigenlijk in mijn geest nog aan het werk te zijn en dus een ontmoeting met anderen al start met gevoelens van ‘ik word gestoord in mijn ding’.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn binnenwereld als fijn te ervaren als ik geconcentreerd aan het werk ben en alle onverwachte zaken van buitenaf als vervelend te ervaren die mijn prettig zijn/verblijven in mijn geest verstoren.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van liever met mijzelf te zijn wanneer ik geconcentreerd werk, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ook interactie met anderen kan hebben en even kan stoppen met werk. Ik stop met het koppelen van geconcentreerd werken aan het verblijven in de geest, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om gefocust te werken maar niet de realiteit uit het oog te verliezen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gefocust werken te verwarren met opgaan in de geest en niet gestoord willen worden door uit de geest gehaald te worden en dit als bruut te ervaren.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van gefocust werken te verwarren met het verblijven in de geest, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik eerst voor mijzelf helder moet krijgen wat gefocust werken is. Ik stop het gebruik van een incorrecte definitie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om gefocust werken te interpreteren als werken aan de taken die gedaan moeten worden waarbij ik gefocust werk door mijzelf te aarden en te ademen en niet in de geest weg te vluchten om een prettig gevoel te genereren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te realiseren dat ik kan zeggen tegen de ander dat een bezoek mij niet uitkomt omdat ik zaken heb die echt af moeten zijn.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf schuldig voelen om mensen teleur te moeten stellen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de ander niet wil teleurstellen zodat de ander mij niet zal teleurstellen door te reageren in emotie. Ik stop het schuldgevoel, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/begrijpen/realiseren dat een schuldgevoel niets bijdraagt aan de situatie en de angst dat de ander mij zal teleurstellen is meer iets dat zich in mijn geest afspeelt dan in de werkelijkheid.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik alles moet kunnen doen en combineren zonder mijzelf af te vragen of dit wel binnen mijn mogelijkheden ligt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een te strak schema hanteren, waardoor ik keuzes moet maken die eigenlijk geen keuzes zouden moeten zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de lat te hoog leg en zo mijzelf een vrijbrief geef om te falen. Ik stop het plannen van een te strak schema, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een realistisch schema te plannen om zo niet de behoefte te voelen om mijzelf terug te hoeven trekken in mijn geest als fijne rustige plek, terwijl dat de plek is waar de emoties gefabriceerd worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niemand te willen teleurstellen incluis mijzelf.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de teleurstelling als iets verschrikkelijks te zien, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit niet realistisch plannen aan teleurstelling koppel terwijl het één de uitkomst van het ander is. Ik stop het verwachtingspatroon dat teleurstelling in de hand werkt, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om teleurstelling niet op te roepen door mijn handelen en zo mijzelf reden te geven om mijzelf terug te trekken in werk waarin ik mijzelf toesta in mijn geest te verblijven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de geest te verkiezen boven mijn fysieke werkelijkheid terwijl ik geniet van menselijk contact/communicatie

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van liever werken dan socialiseren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet hoef te kiezen, beide opties zijn open en het moment tezamen met mijn zelfoprechtheid zal mij wijzen wat de keuze moet zijn. Ik stop het denken in hokjes waarbij ik maar één keuze kan maken en niet kan wisselen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om dat te kiezen wat het beste is voor een ieder in het moment waarop de keuze zich aandient.

Dag 353 van 2555: we slaan er nog wel een putje bij

DIP Lite cursusIk was met iemand in gesprek en we spraken over gelijkheid en dat iedereen recht op water heeft. Als voorbeeld gaf ik aan dat ik het niet vind kloppen wanneer we uitvindingen zoals een rietje/buisje waarmee je uit vies en vervuild water kan drinken, uitroepen tot waanzinnige uitvindingen die de mensheid vooruit gaan helpen. Ik vroeg de ander of het een uiting van gelijkheid is wanneer we de mensen uit de derde wereld water uit vieze plassen/rivieren laten drinken met een rietje dat water zuivert, terwijl wij de kraan opendraaien en drinkwater tot onze beschikking hebben. Zo kunnen we ook drinkwater uit urine maken met een elektrisch apparaat en hebben we een boek dat bladzijden heeft die we als filter kunnen gebruiken. Je zou kunnen zeggen deze uitvindingen zijn de redding voor de mensheid of we creëren een rariteiten kabinet met deze uitvindingen, terwijl we nog steeds niet willen delen wat wij wel hebben en de ander niet heeft.

Mijn gesprekspartner zei, maar we slaan putten in de derde wereld en als ze nu leren hoe ze dat zelf moeten doen dan kunnen ze zelf verder met ontwikkelen. Ik vroeg of dat van gelijkheid betuigt wanneer wij ons ontwikkelingshulpgevoel in de strijd gooien en vinden dat een paar putten slaan gelijk staat aan onze waterkranen in huis. Mijn gesprekspartner zei, dan slaan we gewoon nog meer putten. Dus om gelijkheid te creëren moeten we veel putten slaan, zodat we kunnen zeggen dat wij er veel aan hebben gedaan om te helpen.

Dan lag er nog het punt dat men in die landen eens moest gaan leren om de boel op poten te krijgen, zoals mijn gesprekspartner dat aankaartte. Ik vroeg of wij gelijkheid hebben op het punt van oplossingen bedenken en uitvoeren. Ik kreeg hier geen antwoord op. Ik zie hier geen gelijkheid, wij kunnen mooie plannen maken en dat gaan uitvoeren met mooie middelen en machines. De mensen in de derde wereld kunnen wel plannen hebben, maar hebben zij ook net zoveel middelen als wij om deze plannen tot uitvoering te brengen.

Wat ik tijdens ons gesprek zag gebeuren dat door het ontwikkelingshulpgevoel men al snel denkt heel wat te doen voor die ‘arme mensen’, maar men bedenkt niet dat deze mensen wellicht meer geholpen zijn met een net van waterleidingen en waterzuiveringstations, in plaats van de zoveelste put te slaan uit schuldgevoel voor wat wij wel hebben en zij niet. Mijn gesprekspartner bracht ook in dat een waterleidingnetwerk niet zomaar gemaakt is, wat dus impliceert dat we die inspanning dus eigenlijk niet voor de ander over hebben.

Ik merk dat het mij raakt als men de derde wereld afschildert als een gebied met mensen die blij mogen zijn met wat wij hen brengen en men klaagt over het feit dat men in de derde wereld niet genoeg initiatief neemt om het land op orde te krijgen. We denken er niet bij na dat het deze mensen onmogelijk gemaakt wordt om boven het huidige niveau uit te stijgen zolang wij hen houden op die plek van derde wereld land. Waarom zou iemand in de derde wereld niet een huis als ons mogen hebben en de spullen mogen hebben die wij hebben? Omdat dit teveel kost? Omdat zij het niet waard zijn? Omdat dit mogelijkerwijs welvaart bij ons wegneemt?

We zouden toch gewoon in staat moeten zijn om de wereld te zijn/vertegenwoordigen, zonder onderverdelingen in eerste, tweede en derde wereld. Ik wilde daar als kind al niet aan en nu als volwassene begrijp ik wel dat bepaalde dingen zo zijn omdat wij daar debet aan zijn, maar dat betekent niet dat wij dat zouden moeten accepteren omdat wij toevallig aan de juiste kant van de lijn wonen. Voor mij zit er geen logica in heel veel putten slaan, in plaats van een waterleidingnet op poten te zetten. Ik denk dat dingen anders moeten en ook anders kunnen zolang we ons in de schoenen van de ander plaatsen om te zien hoe belachelijk het is dat we het helemaal te gek vinden dat derde wereld bewoners water door een zuiveringsrietje drinken, hun plas omzetten in drinkwater of hun water door de pagina’s van een boek te gieten. Wie houden we hier nu voor de gek? Ik zou zeggen onszelf in eerste instantie.

Mijn plan is om eens te onderzoeken waarom er geen waterleidingen en huizen zijn zoals wij die hebben, om zo een realistisch plaatje voor mijzelf te kunnen schetsen en niet meer geraakt te zijn, maar te snappen waarom bepaalde dingen worden tegengewerkt en waarom de meerderheid daar genoegen meeneemt. Ik heb al wel antwoorden op deze vragen, maar ik vind het belangrijk om dit daadwerkelijk te checken binnen mijn fysieke realiteit.

Dag 352 van 2555: dansen op het graf van een ander

DIP Lite cursusVandaag zag ik mijzelf in een reactie schieten toen iemand over een stel dat uit elkaar gaat iets zei met de volgende strekking: dit was te verwachten ik heb hem nooit gezien als een goede partij voor haar. Terwijl deze persoon over de jaren heen zijn mening over de man al had bijgesteld naar meer positief, maar nu het tot een einde kwam leek het of hij nog even een natrap moest geven en zichzelf op de borst slaan over hoe hij het bij het rechte eind had. Want dat was hoe ik de opmerking ervoer als een trappen naar de ander en tegelijkertijd in je gelijk willen staan. Wat ik deed was aangeven dat wanneer mensen uit elkaar gaan er twee mensen verantwoordelijk zijn. Ik hoopte de geschetste situatie te kunnen nuanceren, maar de ander had daar geen boodschap aan.

Later vroeg ik mij af wat mij nu zo geraakt had, waarom schoot ik in een reactie van ‘dat is niet eerlijk’ om zo over een ander te spreken. Ik heb geen bepaalde emotionele binding bij dit stel, dus daar zat het niet in. Het voelde voor mij als een soort van dansen op het graf van een overledene, waarbij hier de relatie de overledene was.

Ik vond het niet eerlijk om zo ongenuanceerd over anderen te spreken, ik vond het niet eerlijk om iemand als de boosdoener neer te zetten en ik vond het niet eerlijk om te oordelen over een ander terwijl de ins en outs ons niet duidelijk waren.

Ik heb zelf ook wel ongenuanceerd over anderen gesproken, ook heb ik een ander wel als boosdoener afgeschilderd en ik heb zeker wel geoordeeld over een ander zijn leven zonder alle details en beweegredenen te weten. Op momenten dat ik dit deed voelde ik mij niet goed over mijzelf, laat ik zeggen dat ik niet trots op mijzelf was. Dus dit shit gevoel wat ik ervaar als ik dit zelf doe, ervoer ik ook nu de ander het deed, maar vertaalde dat naar ‘het is niet eerlijk’.

Het mechanisme wat hier dus speelt is de ander zijn woorden ervaren door de ogen van schuldgevoel van eerdere gelijksoortige ervaringen waar ik in de schoenen van de ander stond. Dus het is niet eerlijk als de ander het doet en wanneer ik het zelf doe kruip ik weg achter een naar gevoel van het oordelen over de ander. Net als wat vandaag gebeurde, proberen we ons hatelijke gedrag naar de ander toe te verbloemen door onszelf belangrijk te maken en te vermelden dat we dit al lang hadden zien aankomen. Wij weten wel beter, de veroordeelde is dom en heeft dit alles aan zichzelf te danken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om reactief te reageren op de ander die oordelend is over anderen net zoals ik dat in andere situaties ook kan zijn.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de ander verwijten wat ik zelf ook doe, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik het niet prettig vind wanneer ik oordelend ben naar anderen en heb dan plaatsvervangend schuldgevoel wanneer ik een ander dat zie doen wat ik van mijzelf niet waardeer. Ik stop het verwijten, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn eigen oordelen af te zwakken en het oordelen van de ander uit te vergoten om zo mijzelf beter te voelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf opduwen ten koste van de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik liever mijzelf in een goed daglicht zie staan en daarvoor makkelijk de ander opoffer dan te kijken hoe ik het oordelen kan stoppen in mijzelf. Ik stop het opofferen van de ander om zo mijzelf niet in de ogen te hoeven kijken, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de ander als slecht te zien en mijzelf als minder slecht.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn eigen daden niet als destructief te willen zien, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de aandacht van mijzelf afleid om zo niet aan mijzelf te hoeven werken. Ik stop mijn destructieve daden, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om oordelend te zijn naar een ander.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van oordelen over een ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik eerst moet ademen en reflecteren wat het is dat ik trigger in mijzelf alvorens ik iets over iemand of een situatie te zeggen heb. Ik stop het oordelen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf te vergelijken met de ander wanneer ik het handelen van een ander veroordeel.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf vergelijken met een ander en te denken dat ik zoiets nooit zou doen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de ander oordeel om mijzelf beter te laten lijken. Ik stop het vergelijken en oordelen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij schuldig te voelen over mijn oordelen en mij niet te realiseren dat ik ook kan stoppen met oordelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet veranderen maar blijven hangen in gevoelens en emoties, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in plaats van mij te verliezen in gevoelens/emoties ik met net zo veel gemak had kunnen beslissen om te stoppen en dus mijzelf te veranderen op dat punt. Ik stop de angst voor verandering, en sta één en gelijk aan het leven.

Dag 351 van 2555: Mijn beste kunnen realiseren en leven.

DIP Lite cursus

1. Mijn beste kunnen realiseren en leven.

Dit is het eerste principe van mijn beginselverklaring en ook het eerste principe waarover ik zal schrijven in deze blog post.

Mijn beste kunnen is een redelijk soepel begrip binnen onze maatschappij, al van kleins af aan roepen we: “…maar ik heb echt mijn best gedaan”, de vraag is of dat hetgeen is wat nodig is wanneer wij het uiterste uit ons zelf willen halen omdat wij simpelweg geloven dat we het in ons hebben. Geloven of weten dat je het in je hebt om alles aan te pakken wat op je pad komt en in het belang van een ieder is, dat is in wezen het volste vertrouwen in jezelf hebben. Wanneer wij erop vertrouwen dat wij iets kunnen, dan weten we ook in zelfoprechtheid of wij echt ons best hebben gedaan om dit ‘iets’ te laten gebeuren. Geen vertrouwen in onszelf maakt dat we vleugellam worden gemaakt door onszelf.

Het begint met van die gedachten die door je hoofd gaan die je ontmoedigen om door te gaan en net niet dat extra stapje doen zetten waardoor je zou moeten weten dat je tot het uiterste van jezelf bent gegaan en dus het uiterste binnen je mogelijkheden hebt bereikt. Als ik terugkijk in mijn leven dan heb ik veel mijn best gedaan omdat dit van mij werd verwacht als kind en later als volwassene. Bijna altijd kon ik zien dat ik niet tot mijn uiterste kunnen ging. Er was altijd dit moment van: “het is zo wel goed genoeg”. Het zag er voor de buitenwereld uit alsof ik enorm mijn best deed en alles uit mijzelf haalde en wellicht deed ik meer dan gemiddeld, ik ha dalleen mijzelf als voorbeeld. Toch deed ik niet zoveel als ik had kunnen doen en dit heeft duidelijk te maken met uiteindelijk niet echt vertrouwen in mijzelf hebben.

Op een bepaald punt liet/laat ik het los ondanks dat ik wist/weet dat ik nog niet op de bodem van mijn kunnen zat/zit. Wat is dit punt nu precies? Een soort van zelfsabotage waarin ik geloof dat ik zoiets niet kan en dus op het moment dat ik zou kunnen laten zien aan mijzelf dat ik het wel kan, dan stop ik mijn handelen om te voldoen aan het plaatje dat ik van mijzelf heb gemaakt in mijn geest. Alsof ik niet buiten het voorgeprogrammeerde plaatje kan treden, alsof ik niet kan/mag veranderen van mijzelf. Dus een angst om te veranderen is het wat achter dit niet tot het uiterste schuilgaat.

Sinds ik met mijn Desteni proces ben begonnen heb ik mijzelf op velerlei gebied op de proef gesteld en mijzelf steeds weer een stukje verder gemotiveerd. Nu ik in het proces ben van het opzetten van een bedrijf zie ik dat ik wel in staat ben om net dat stapje verder te gaan en dingen aan te pakken die ik eerder bestempeld had als ‘dat ben ik niet’ of ‘dat is niet echt iets voor mij’. Ik heb nieuwe dingen in mijzelf ontdekt die ik eerder niet wilde zien, omdat dit verandering met zich meebracht die ik toen niet aan durfde te gaan. Ik merk nu dat ik niet alleen op het zakelijke gebied mijzelf er toe zet om het uiterste uit mijzelf te halen, maar dit werkt ook door in mijn privé leven. Het moment dat ik door de zoveelste barrière heenging en merkte dat er niets gebeurde als ik een tandje meer bijzette en mijzelf dwong niet met minder genoegen te nemen dan wat er in mij zit, waren eigenlijk hele gewone momenten. Met andere woorden het leven ging gewoon door, geen knallende champagne flessen en vuurwerk omdat ik mijzelf door weerstanden en angsten heen duwde. Achter de weerstand was gewoon leven, alleen ik was in staat om meer uit dat leven te halen dan voorheen.

Momenteel ben ik bezig mijzelf steeds weer op nieuw terrein te begeven om te zien dat wie ik inmiddels ben en de handvaten die ik inmiddels heb in het leven, voldoende zijn om tot volledige bloei te komen. Het enige dat ik moet doen is geloven in mijzelf en de kansen die op mijn pad komen met beide handen aanpakken. Een verkeken kans komt niet meer terug een nieuw moment om te besluiten om te veranderen dient zich aan in elke nieuwe ademhaling. Dat is mijn houvast in het leven geworden en niet meer een beperkt beeld van mijzelf gevormd door angsten. Wanneer het in mij zit dan mag het er ook uitkomen, het getuigt niet van gezond verstand om met minder genoegen te nemen als ik in staat ben om mijzelf het uiterste/beste te kunnen geven. Het is een besluit/principe waar ik voor sta en waar ik mijzelf aan kan herinneren in tijden van terugval.

Ik ben wie ik ben door hoe ik mijzelf heb voorgenomen te zijn, ik kan mijzelf te kort doen en ik kan mijzelf overschatten of door vallen en opstaan leren waar mijn uiterste kunnen ligt en te werken met wie ik ben in het moment zonder opgelegde beperkingen te accepteren en toe te staan. Ik ben wie ik kan zijn en dus wie ik mag zijn van mijzelf.