Dag 365 van 2555: van wie moet ik blijdschap ervaren?

Dag 365 van 2555: van wie moet ik blijdschap ervaren?In een eerdere blog post schreef ik over mijn zoon die een teek had opgelopen op een schoolintroductiekamp in de Ardennen. De teek was besmet met Lyme waardoor mijn zoon geïnfecteerd raakte. Inmiddels is er met behulp van electro-acupunctuur en bioresonantie een behandelplan opgesteld en uitgevoerd en was het nu zover dat we opnieuw zouden meten in wat voor fysieke fase hij momenteel is aanbelandt. De uitslag was een mooie uitslag, aangezien er geen spoor van de Lyme meer te meten was in zijn lichaam.

Op de terugweg naar huis realiseerde ik mij dat ik mijzelf niet zozeer blij of gelukkig voelde, terwijl dit toch enorm goed nieuws was wat wij gekregen hadden. Een zekere mate van opluchting was er wel. Maar het viel mij op dat het mij verbaasde dat ik mij niet enorm gelukkig voelde. Ik had dus verwacht dat ik mij in zo’n moment waanzinnig gelukkig zou voelen, maar in plaats daarvan ervoer ik een soort van zwarte wolk. Ik verwachtte dat het goede nieuws zomaar zou kunnen omslaan in slecht nieuws, dat er toch nog ergens iets in het lichaam verstopt zou zitten en later roet in het eten zou gooien. Ik vertrouwde het goede nieuws niet, omdat ik bang was dat het vertrouwen om zou slaan naar een teleurstelling.

Ik had mij nu eenmaal ingesteld op een doemscenario, te weten een tweede kind met Lyme, en nu werd mij gevraagd om het leven weer rooskleurig in te zien. Ik ervoer een soort van drempel in mij om die switch naar verandering te maken. In zekere zin voelde ik mij nu comfortabel binnen het doemscenario en wilde ik daar niet uit om geluk en vooruitgang te omarmen, los van het feit dat het laatste scenario mij meer perspectief zou bieden.

Doordat ik dit zag afspelen binnenin mij, die angst om blijdschap te ervaren, onderzocht ik waarom ik dacht dat ik uitbundig gelukkig zou moeten zijn op zo’n moment. Wie dicteert mij dat ik mij zo zou ervaren in zo’n situatie? Het antwoord is uiteindelijk dat ik het ben die mij dat dicteert, hoe dat zo gekomen is, dat is een ander verhaal. Blijdschap, geluk, opgewektheid, vreugde zijn gevoelens die wij als kind leren door anderen dit te zien ervaren, totdat wij zelf dit woord koppelen aan een ervaring die we hebben.

Wanneer ik als kind een mooi cadeau kreeg dan ervoer ik blijdschap, ik was blij met het cadeau, dus ik geloofde/nam aan dat dit blijdschap was. Wat ik als kind niet zag is dat ik wellicht gedachten had tijdens het uitpakken van het cadeau die mijn angst aanwakkerden dat het wellicht een cadeau kon zijn wat ik niet wilde hebben. Ik was dus zonder dit te snappen of bewust toe te passen mijn werkelijkheid aan het polariseren. Die blijdschap kon niet bestaan als de angst voor teleurstelling er niet was.

Nu weer even terug naar mijn afwezige blijdschap. Ik ervoer de blijdschap niet omdat ik uit veiligheid de negatieve pool van de polariteit koos om zo niet nog meer teleurstelling te hoeven meemaken. Want blijdschap zou betekenen dat ik zou hebben gekregen wat ik wilde hebben, maar ik vertrouwde mijn fysieke werkelijkheid als mijzelf niet om dit te kunnen aanvaarden. Dus nog altijd zat ik opgesloten in een gepolariseerde werkelijkheid waarbij ik blijdschap, geluk, vreugde en opgewektheid niet juist gedefinieerd had ten aanzien van de juiste ervaring. Ik dacht dat ik bij zo’n soort ervaring blijdschap moest ervaren, omdat ik zo ben gevormd tijdens mijn leven. Films, reclame en andere mensen lieten mij dit keer op keer zien dat dit het juiste gevoel is dat bij zo’n ervaring hoort. Dus dwong ik dit gevoel aan mij op als zijnde correct, terwijl ik in dat moment veel meer andere emoties ervoer die de blijdschap compleet overschaduwden.

De mate van opgelucht zijn, die ik ervoer, was een fysieke ervaring die ik in mijn lichaam waarnam, de andere emoties en gevoelens die speelden zich in mijn ‘geest’ af. Er viel een soort van zwaarzijn van mijn schouders af, ik was lichter door het wegvallen van een zorg minder. Echter dit werd niet bevestigt door mijn ‘geest’ waardoor er een frictie of disharmonie plaatsvond tussen ‘geest’ en fysiek lichaam wat ik verstandelijk (lees: niet geleefde informatie en kennis) labelde als niet ‘normaal’. “Ik ben niet normaal dat ik nu geen overwegende grote blijdschap ervaar.” Had ik dit niet onderzocht en niet gestopt dan was dit een aanleiding geweest tot meer denkpatronen en persoonlijkheden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet ‘hier’ te zijn met de situatie en dus de situatie niet te ervaren zoals hij zich voordoet binnen mijn fysieke werkelijkheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een situatie door de ogen van mijn ‘geest’ beoordelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik op deze wijze ver van de werkelijkheid af kom te staan en niet diegene kan zijn wie ik echt ben in dat moment. Ik stop de beoordeling door de ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn fysieke lichaam als indicator te gebruiken om te zien hoe ik werkelijk in een moment in een situatie sta en mij niet te laten leiden door de ‘geest’.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn werkelijkheid/definitie van het woord blijdschap als de enige werkelijkheid aan te nemen zonder te onderzoeken of dit klopt binnen mijn fysieke werkelijkheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een gekleurde definitie van een woord te leven, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ruimte open kan laten voor onderzoek om te zien of ik nog steeds op het juiste spoor zit. Ik stop de gekleurde definitie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer ik frictie ervaar tussen mijn betekenis van een woord en mijn fysieke werkelijkheid, dit te onderzoeken en aan te passen daar waar nodig.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om verwachtingen te hebben over mijn manier van reageren op bepaalde situaties.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van op voorhand denken te weten hoe ik hoor te reageren in elke situatie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn leven op deze manier maak tot een filmscript en er geen ruimte voor verandering/afwijking meer mogelijk is. Ik stop de aannames, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om elke situatie als een nieuwe situatie te zien waarin ik diegene ben die ik kan zijn gerelateerd aan waar ik in mijn leven/proces ben qua gewaarzijn/bewustzijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om schaamte te ervaren bij geen blijdschap terwijl ik dat wel had verwacht.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van schaamte ten opzichte van mijzelf door niet te voldoen aan mijn eigen verwachtingen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik verwachtingen heb die niet geheel van mijzelf zijn en vervolgens als ik er niet aan voldoe mij schaam voor de buitenwereld dat ik niet voldoe aan wat ik denk dat van mij verwacht wordt. Ik stop de schaamte, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet meer te schamen als een bestraffing voor het niet maatschappelijk aangepast reageren op een situatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat het doemscenario bewaarheid wordt ook al wijst de fysieke werkelijkheid het tegendeel uit.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf geen geluk gunnen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik geen vertrouwen heb in mijzelf en mijn toekomst wanneer ik terugkijk naar het verleden. Ik stop de zelfsabotage, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het verleden te corrigeren om zo de toekomst te kunnen sturen los van emoties/gevoelens/herinneringen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet meer in geluk te geloven voor mijzelf, door alle ervaringen die dit bevestigen over een nieuwe situatie heen te leggen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van herinneringen gebruiken als blauwdruk voor mijn heden en toekomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn verleden herleef en zo niet kan komen tot verandering. Ik stop het gebruik van de blauwdruk, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om elke situatie als een unieke situatie te beoordelen en de informatie en kennis die ik geleefd heb te gebruiken, los van emoties/gevoelens, om beslissingen te maken in het heden en voor mijn toekomst die in het belang van een ieder zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een drempel te ervaren in het moment waarin ik verandering kon/mocht omarmen van mijzelf.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van in mijn comfortzone blijven hangen of die nu positief of negatief gelabeld kan worden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik moeite met verandering heb wanneer ik denk dat ik veilig ben op de plek waar ik zit. Ik stop het verblijven in mijn comfrotzone , en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te realiseren dat ik binnen mijn leven vaak genoeg uit mijn comfortzone stap, dit zou dus voor al mijn comfortzones moeten gelden en niet de ene wel en de andere niet, gebaseerd op emoties/gevoelens.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn wereld te polariseren en daardoor fricties te ervaren op punten waar dat niet zou hoeven te gebeuren.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van polariseren omwille van de frictie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit doe vanuit de ‘geest’ om zo energetisch een situatie te laden en niet meer te zien waar het nu eigenlijk om draait en zo dus niet te handelen in het belang van een ieder. Ik stop de polariteiten, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet mee te gaan met de polariserende aard van mijn ‘geest’ maar mijzelf aan te sturen op basis van wat ‘hier’ is.

Herdefinitie van blijdschap: het omarmen/aanvaarden van mijzelf, een ander als mijzelf of een situatie in gewaarzijn van alles dat er is.

Dag 364 van 2555: computersystemen als de reflectie van mijn eigen beperkingen

DIP Lite cursusDeze post is een vervolg op de vorige post “een systeem test”. Waar ik in mijn vorige post vertelde over 3 gebeurtenissen op één dag waarbij ik tegen het ‘systeem’ aanliep, zal ik dat in deze post verder uitdiepen.

Het ‘systeem’ waar ik het over had, zijn de door mensenhanden gemaakte computersystemen, die net als de mens een reflectie van onze beperkingen zijn. En het zijn deze beperkingen waar ik zo keihard tegenop bots. Ik wil niet in dat hokje geduwd worden van beperking, terwijl ik mijzelf voortdurend in hokjes van beperking stop. Toch als dat van buitenaf wordt gedaan dan ontstaat er meer frictie/wrevel en ervaar ik het als tegenwerking.

In het eerste voorbeeld had mijn dochter in het computersysteem van het CBR een verkeerd hokje aangeklikt en tegen de tijd dat zij dit door had en het wilde veranderen ging dat niet meer. Het computersysteem en de mensen erachter wisten hier geen raad mee, er is geen protocol voor wat te doen bij het verkeerd invullen. Er werd iets bedacht en ons werd gevraagd om het op te lossen door op een uitgeprinte versie het verkeerde hokje door te kruisen, het juiste hokje aan te kruisen en een paraaf erbij te zetten, plus een verklaring van de huisarts dat het verkeerd aangekruiste ziektebeeld ook daadwerkelijk niet aan de hand was, dus geen psychiatrische behandeling/beroerte/aandoening aan het zenuwstelsel. De huisarts schreef vervolgens in deze verklaring dat er wel sprake van kortdurende psychologische interventie was geweest, wat een volgende aanvaring in het computersysteem en de mensen van het CBR opleverde. De huisarts had moeten verklaren dat er geen sprake is van een psychiatrische behandeling/beroerte/aandoening aan het zenuwstelsel, door iets nieuws in te brengen raakte het computersysteem opnieuw van de rel en produceerde een nieuwe brief die vroeg om uitleg van de huisarts. De huisarts moest nu verklaren in welke periode dit had plaatsgevonden, wat de diagnose en prognose was en wat de huidige medicatie en dosering is. Uit deze vragen kon ik opmaken dat het computersysteem nog steeds op de psychiatrische behandeling was blijven steken en de verklaring van de huisarts geen verandering had gebracht. Waarom had de huisarts dit ingevuld, omdat zij in alle eerlijkheid de verklaring wilde invullen. Maar het ging hier niet over eerlijkheid, het ging hier over een aantal gerichte vragen die voor het CBR duidelijkheid moeten geven of de aanvrager van een rijbewijs fysiek/geestelijk in staat is om auto te rijden. De huisarts heeft vervolgens de vragen van het CBR beantwoord en nogmaals geschreven dat het gaat om een psychologische behandeling.

Dit zijn dus de beperkingen van een computersysteem en de mensen erachter waar ik opgewonden over kan raken. Het computersysteem kent geen gevoelens en emoties, het is simpelweg een hokje invullen met bijvoorbeeld ja of nee. Het computersysteem is per definitie beperkt omdat het nooit alle dimensies in ogenschouw neemt of kan nemen. De verwarring ontstaat als er buiten het computersysteem om naar een oplossing wordt gezocht waar geen protocol voor is en de verkeerde triggers door verschillende mensen in het systeem worden gestopt. Dan ontstaat er chaos terwijl ik de gehele tijdslijn zie waarop dit ontstond, maar ik kon het niet stoppen of veranderen, ik was afhankelijk van anderen met emoties en gevoelens. En wow daar zit de frustratie, ik wil het tij keren, omdat ik zie dat het allemaal niet zo ingewikkeld is, maar het lukt mij niet omdat ik niet de enige deelnemer ben in dit verhaal.

In het tweede voorbeeld loop ik stuk op het feit dat de belastingdienst mijn zakelijke bankrekeningnummer wel in het computersysteem heeft staan, maar het systeem signalen afgeeft wanneer er sprake is van teruggave omzetbelasting dat er geen bankrekeningnummer aanwezig is. Dit is doormiddel van de juiste formulieren en telefoongesprekken recht gezet, maar elke keer als er geld uitgekeerd moet worden dan blijkt het systeem mijn bankrekeningnummer opnieuw niet te kennen. Dus werd mij voor de derde keer gevraagd om een formulier in te sturen omdat het laatste formulier een blanco hokje zou hebben waar ik voor de tweede maal mijn fiscaalnummer had moeten invullen. Aangezien ik dit formulier niet had ingescand kon ik dit niet nakijken, dus die les heb ik geleerd. Inmiddels wil men mijn teruggave omzetbelasting doen en heeft ook de laatste poging nog niets opgeleverd. Hier wordt ik best moedeloos van, ik zie dan al voor mij dat ik dit nog minstens 20 keer moet doen totdat iemand zegt, “oh maar we hadden een instelling in het systeem fout gezet”. Dat is wat ik vermoed dat er een kink in het systeem is wat maakt dat het systeem zegt mijn bankrekeningnummer niet te hebben, terwijl bij navraag het tot op heden wel aanwezig is.

In het derde voorbeeld probeerde ik behulpzaam te zijn door de krant te melden dat zij aan mij advertentie rekeningen stuurden die voor een ander bedrijf bedoeld waren. Ook hier had het computersysteem beperkingen en kon niet het juiste adres van de klant ingevoerd worden dat nu aan mijn zakelijke adres vastzat, terwijl ik geen klant van hen ben. De enige oplossing die het computersysteem had was een creditnota aan mij uit te sturen. En daar kreeg ik er ook nog eens twee van thuis gestuurd. Op dat punt had ik spijt dat ik überhaupt gebeld had en iets probeerde recht te breien wat geen directe gevolgen voor mij had.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het computersysteem te beoordelen als beperkend waardoor mij niets valt te verwijten.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van veroordelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik binnen dit veroordelen iets trigger in mijzelf dat ik niet wil zien. Ik stop de veroordeling, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien dat ik mij verwijder van wat er gebeurd met mijzelf tijdens het veroordelen en ik niet wil zien dat ook ik een aandeel heb in de reactie die het in mij teweeg brengt. Als ik het woord veroordeling opsplits dan krijg ik ver-oor-deling, waarbij ver en oor verwijzen naar het niet willen zien/horen van wat er eigenlijk gaande van binnen en deling verwijst naar het feit dat het gaat om gedeelde smart waar ik een aandeel heb tezamen met het veroordeelde, in het tot stand brengen van deze reactie in mij.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de reactie die ik heb tijdens het veroordelen van het computersysteem wegdruk en dus liever de aandacht van mijzelf afleid en het computersysteem als de schuldige aanwijs die mij op de kast jaagt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de aandacht van mijzelf afleiden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik naar een zondebok zoek voor mijn energetische reactie. Ik stop het afleiden en onderzoek wat er gaande is in mij, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet direct het computersysteem de schuld te geven voor de emoties die ik ervaar terwijl de boel in de soep loopt, maar mijn zelfverantwoordelijkheid te nemen voor dat wat ik zelf ingang zet.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de mensen die het computersysteem vertegenwoordigen en mij te woord staan als een blok aan het been te ervaren die niet constructief willen meedenken met mijn probleem.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van anderen beschuldigen van tegenwerking, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik iets vraag van de ander wat volgens protocollen en de computersystemen ik niet van hen kan verlangen. Ik stop het beschuldigen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om onderscheid te maken tussen mensen die moedwillig mij tegenwerken en mensen die omwille van beperkte computersystemen niet mee kunnen werken en dus niet in die positie verkeren om het verschil te kunnen maken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de kwaliteit van mijn communicatie met de mensen van het computersysteem af te laten hangen van mijn reactieve staat.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet kunnen communiceren in zelfoprechtheid door reactief gedrag, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de beperkingen die ik ervaar niet verminder, maar mijzelf juist beperk in mijn communicatie naar de ander toe. Ik stop de beperking, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat reactief gedrag geen handelen of communiceren in zelfoprechtheid oplevert en ik mijzelf dus beperk en saboteer, waardoor er geen oplossingen gevonden kunnen worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frustratie te ervaren in samenhang met de situatie en dit te ervaren als in de situatie gezogen worden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van frustratie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik oploop tegen de grenzen van wat ik kan doen en ervaar mijzelf zo als beperkt. Ik stop de frustratie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in plaats van het omarmen van frustratie, wanneer ik tegen mijn eigen muur en die van het computersysteem aanloop, mijn ademhaling te omarmen en te gebruiken om hier te blijven en te kunnen zien waar de blokkade in mij en het computersysteem zit, om zo naar oplossingen te kunnen zoeken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als gescheiden van het computersysteem te zien terwijl ik in het computersysteem vertegenwoordigt ben.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van afscheiding van het geheel, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik liever wil kunnen zeggen dat ik er geen deel van uitmaak en dus ook niet deel van het probleem ben. Ik stop het afscheiden van mijzelf van het geheel, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf als deel van het geheel te beschouwen en dus elke keer wanneer ik een ervaring heb waarbij ik mij niet één met geheel voel ik in mijzelf moet kijken waar ik mijn zelfverantwoordelijkheid niet wil nemen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om behulpzaamheid op te voeren als deugd en dus niet met een kluitje in het riet gestuurd mag worden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mij superieur aan de ander/computersysteem te ervaren door mijn behulpzaamheid, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door mijn frustratie mij eigenlijk klein en hulpeloos voel ten opzichte van de ander/het computersysteem waar geen beweging in lijkt te komen, zodat ik als tegenreactie op deze ervaring in mijzelf, mij superieur gedrag en denkpatronen aanmeet. Ik stop de superioriteit en dus de polariteit, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet te laten verleiden om met reactief gedrag op mijn eigen reactief gedrag te reageren en zo voor de ander/het computersysteem het alleen maar moeilijker maak om tot oplossingen te komen.

Dag 363 van 2555: een systeem test

DIP Lite cursusHet systeem en ik zijn voor het overgrote deel van mijn leven geen vrienden geweest. De laatste jaren probeer ik tot verzoening over te gaan en de strijdbijl neer te leggen, aangezien vechten geen duurzame oplossing is. Zo nu en dan wordt mijn geduld dan ook danig op de proef gesteld en zo ook recentelijk. Het waren 3 testen van het systeem op één dag, waarbij ik bij de eerste dacht dat ik mijzelf er totaal in zou verliezen ging het bij de tweede en derde keer al beter.

Test 1:

Mijn dochter had bij het invullen van een eigen verklaring, voor de aanvraag van haar praktijk examen autorijden, per ongeluk het verkeerde hokje digitaal aangekruist. Toen ze dit zag, kon er niets meer worden veranderd. We hebben het CBR gebeld en gevraagd wat de procedure is. Eigenlijk is er geen procedure, je moet nu bewijzen dat wat je hebt aangekruist niet waar is. Dus onze huisarts moest op schrift zetten dat mijn dochter geen psychiatrische behandeling heeft of had, geen beroerte heeft gehad of een aandoening aan het zenuwstelsel.

Niet zo’n moeilijke vraag voor een huisarts die in het dossier kan zien dat dit niet het geval is, dacht ik nog. Ik belde de assistente en zij zou het de huisarts vragen en mij terug bellen. Even later meldde zij mij dat de huisarts geen fysieke onderzoeken doet voor het rijexamen. Ik dacht heel even dat ik wellicht een andere taal tegen de assistente had gesproken, want ik had zeer duidelijk niet gevraagd om een fysiek onderzoek maar om een paar regels tekst. Ze stelde voor om het hele dossier van mijn dochter te kopiëren en naar het CBR te sturen. Hoezo recht op privacy? Ik liet haar weten dat we geen volledig dossier naar een organisatie gingen sturen en dat het CBR daar niet op zit te wachten, ze willen alleen horen of er inderdaad geen sprake van deze aandoeningen is. Oh zei de assistente dan weet ik het ook niet, dan moet u maar een afspraak met de huisarts maken. Ik was inmiddels niet meer kalm, lette op mijnademhaling. Twee dagen later konden ik langs komen en samen met mijn partner besloten we dat hij dit bezoekje ging doen. De huisarts is van Afghaanse afkomst en ik heb het idee dat hij niet zo van mondige vrouwen gediend is, dus namen we plan B en zetten we mijn partner in.

Mijn partner heeft geen huisarts gezien en werd door de assistente geholpen. Deze schreef een paar regels, na wat heen en weer gediscussieer waarin zij stelde dat er wel een reden zou zijn waarom mijn dochter dat ene hokje had aangekruist. Het moest volgens haar dus heel eerlijk ingevuld worden. Mijn partner was uiteindelijk blij dat er wat op papier werd gezet en kwam opgelucht thuis. Ik las de verklaring waar stond dat mijn dochter kortstondige psychiatrische hulp had genoten, maar dat alles nu weer okay was. Ik was absoluut niet meer kalm. Mijn dochter had kortstondige psychologische hulp gehad binnen een revalidatie traject, maar daar vraagt het CBR niet naar. Ik was boos dat de assistente het verschil niet maakte tussen psychiatrische hulp en psychologische hulp en niet besefte wat voor gevolgen dit soort dingen kunnen hebben als zulke foute informatie bij organisaties terecht komt. Ik vroeg mijn partner om terug te gaan en het haar te laten veranderen. Het enige dat er geschreven moest worden was: X heeft nooit psychiatrische hulp gehad, nog een beroerte of een aandoening aan het zenuwstelsel. Mijn partner ging duidelijk met tegenzin terug, maar zag ook in dat dit onacceptabel was.

Ondertussen had ik echt spijt dat ik mijn partner had laten gaan. Het gaf een ervaring dat ik mijn zelfverantwoordelijkheid niet had genomen aangezien ik altijd alles regel omtrent onze kinderen en nu bang was dat er moeilijkheden gingen komen aangezien mijn huisarts weinig tot geen vragen van mij honoreert. Bij terugkomst liet mijn partner zien dat de assistente psychiatrisch had veranderd in psychologisch en verder alles had laten staan, wat nutteloos was, omdat het CBR dat niet wilde weten. Mijn man zuchtte en vertelde dat het verhaal van alles moet eerlijk gedaan worden niet uit het hoofd van deze vrouw te krijgen was en dit het beste was wat we konden krijgen. Ik was voor de zoveelste keer teleurgesteld in mijn huisarts en zijn personeel en snap niet waarom alles altijd zo moeilijk gemaakt moet worden. De vraag was zo simpel en inmiddels waren we twee telefoongesprekken en twee consulten verder met een resultaat dat niet voldeed aan de hulpvraag. Ik moest echt mijn best doen om de teleurstelling niet de overhand te laten nemen. Ik kalmeerde mijzelf met mijn ademhaling alvorens de post door de brievenbus kwam.

Test 2:

Een brief van de belastingdienst waarin zij mededeelden dat zij mijn zakelijke bankrekeningnummer niet hebben en dus de teruggave omzetbelasting niet kunnen terugbetalen. Dit is niet de eerste brief die ik hierover heb gekregen en telkens heb ik, hetzij schriftelijk of telefonisch, mijn bankrekeningnummer doorgegeven en telkens bleek dat zij het nummer toch al hadden.

Ondertussen gaan er maanden voorbij van steeds weer bellen of brieven sturen en komt er geen teruggave. Ik besloot meteen de belastingdienst te bellen en na hele verhalen te hebben verteld, waarbij de man niet begreep dat dit de vierde keer was dat ik het rekeningnummer meldde en de vierde keer dat ze het wel hebben maar niets overmaken. Uiteindelijk moest ik maar een bepaald formulier invullen waar ik allerhande officiële documenten en formulieren voor zou moeten aanschaffen om een bankrekeningnummer te melden wat al bekend is. Ik weigerde om te betalen voor mijn teruggave, inmiddels was ik ook nu niet heel kalm meer. Waarom moet ik een bankrekeningnummer blijven toesturen terwijl ze deze al hebben? Hoe kom ik hier doorheen was mijn vraag en die stelde ik ook. De meneer wist het ook niet meer en ik werd doorverbonden naar een andere afdeling.

Uiteindelijk bleek dat de belastingdienst soms denkt met mijn opgeheven eerste bedrijf van doen te hebben en dan weer met mijn nieuwe bedrijf. En toen kwam het euvel naar boven, ik zou op een formulier mijn fiscaalnummer niet hebben ingevuld. Had ik systematisch op alle drie eerdere formulieren mijn fiscaalnummer ook niet geschreven? Het leek er meer op dat er maar wat gezocht werd om mij uiteindelijk opnieuw een formulier te laten opsturen. Gelukkig was dit een formulier waar de kosten alleen opliepen tot een postzegel. De mevrouw zei nog dat zij wel zag dat alles in orde was, maar zij mocht geen vakje voor mij gaan invullen, dat mag niet van het systeem. Ik haalde diep adem en besloot het formulier te downloaden en het hele proces maar weer opnieuw te lopen, het heeft geen zin om mij te verzetten, ik zal het moeten lopen volgens de spelregels van het systeem.

Test 3:

Naast de brief van de belastingdienst kwam er ook een brief van een plaatselijke krant. Die brief kende ik wel daar hadden we er al 3 van gehad. En al twee keer over gebeld. Het ging om het plaatsen van een zakelijke advertentie, niet die van ons. Het adres op de factuur klopte maar de bedrijfsnaam niet. Waarschijnlijk was deze opdracht tot het plaatsen van een grote advertentie, van het bedrijf wiens naam bij ons zakelijke adres stond op de brief. Mijn partner had tot nu toe gebeld, maar het leek niet te helpen, dus ik besloot te bellen, nu ik toch al twee ontmoetingen met het systeem had gehad.

Ik belde de krant en meldde hen dat deze facturen op deze manier niet betaald gingen worden en dat ze beter het andere bedrijf even konden bellen om het juiste adres te vragen. De dame aan de andere kant had er duidelijk geen zin in en zei dat ze wel een creditnota zou sturen. Waarop ik haar vroeg geen brieven meer te sturen naar mijn adres. De dame zei, dat is het enige wat mogelijk is binnen het SYSTEEM. Ik zuchtte, het systeem, het systeem… Inmiddels heb ik twee creditnota’s ontvangen en het adres is nog steeds niet veranderd. De brieven gaan nu linea recta in het oud papier. Deze keer ging de ontmoeting met het systeem mij beter af, wat waarschijnlijk ook kwam omdat hier niets voor mij vanaf hing. Ik probeerde het bedrijf op iets te wijzen, zodat ze hun geld konden krijgen voor die advertentie, maar het leek er haast op of dat ondergeschikt was geraakt aan wat het SYSTEEM daar doet en wil.

Inmijn volgende blog volgen de zelfvergevingen en correcties om te komen tot oplossingen binnen mijn werkelijkheid.

Dag 362 van 2555: Schep nog maar een keertje op

DIP Lite cursusWe spraken als groep af om ook te bloggen over al de zaken die wij inmiddels door het lopen van ons Desteni proces ons eigen hebben gemaakt, wat we in onszelf hebben veranderd en hoe het gebruik van de Desteni gereedschappen/hulpmiddelen ons hierbij hebben geholpen. Ik stelde deze vraag aan mijzelf, wat is er veranderd en hoe ben ik veranderd? Er kwam stilte binnenin mij, niet de stilte van rust en niet de stilte voor de storm. Meer een vacuüm dat verlammend werkt en een staat van zijn waarbij het duidelijk is dat er geen antwoord gaat komen. Waarop ik de volgende vraag aan mijzelf stelde: hoe kan ik geen antwoord hebben op deze vraag? Terwijl ik dagelijks ervaar dat ik door mijn proces anders in het leven sta dan voorheen en zoveel meer in staat ben om mijzelf en mijn wereld te begrijpen.

De leegte of de stilte die ik in eerste instantie ervoer was een weerstand die mijn ‘geest’ opwierp en die ik toestond in dat eerste moment. Echter ik accepteerde het niet als zijnde het antwoord en vroeg dus door aan mijzelf. Als dit een weerstand is, welk luikje in mijzelf mag ik dan niet openmaken? Wat moet er voorkomen worden door geen antwoord op de vraag van verandering te geven? Er borrelden gevoelens en emoties omhoog en een zin “je mag geen opschepper zijn”. Okay dacht ik, in mij zijn dus overtuigingen actief die mij doen geloven dat wanneer ik spreek over verandering die ik in mijzelf liet plaatsvinden, dat dit een vorm van opscheppen is. Je bent een opschepper wanneer je laat zien dat het goed met je gaat en je dit zelf hebt veroorzaakt, was min of meer de onderliggende gedachte. Waar heb ik dat opgepikt dacht ik nog.

Door nog wat dieper in mijn verleden te graven, zie ik mijzelf als kind na een verjaardag met mijn gehele familie. Mijn ouders waren vaak teleurgesteld na zulke bijeenkomsten waar zij het gevoel hadden dat zij niet konden delen wat zij hadden bereikt of daardoor hadden kunnen aanschaffen. Er was sprake van jaloezie onderling en als kind pik je dit soort dingen op en je categoriseert ze als een soort van levensles ergens in je databank. Mijn ouders stopten op een bepaald moment met het delen van wat zij bereikten in het leven, omdat het werd ervaren als opschepperij en dus werd het voor de ander duidelijk dat zij op dat punt niet zo geslaagd waren geweest. Je zou het zelfs als een overlevingsmechanisme kunnen zien wat je als kind filtreert uit zo’n levensles. De angst om als opschepper te worden gezien en zo jezelf buiten de groep te plaatsen waar je voor steun van afhankelijk bent.

Ik kon dus zien waarom ik voor een moment in een weerstand schoot bij deze vraag naar verandering. Vervolgens zag ik hoe ik mijzelf niet liet bungelen en zocht naar het waarom en het hoe, om duidelijk te krijgen waarom dit gebeurde en niet nogmaals hoeft te gebeuren. En dat was het moment dat ik dacht: dat is een enorme verandering in mijn leven geweest en iets wat ik sinds een jaar als een natuurlijk iets ben gaan leven, het zoeken naar mijn startpunt. Bij de dingen die ik doe en zeg momenteel heb ik mijn startpunt helder en mocht dat een keer niet helder zijn dan zoek ik dat onmiddellijk uit. Natuurlijk zegt dit niets over het feit of ik altijd direct iets kan met het startpunt, er zijn ook momenten dat ik mijn startpunt wel zie, maar nog niet hetgeen wil loslaten wat mij nog energetische voldoening oplevert. Toch is ook dit loslaten veel gemakkelijker geworden door mijn proces heen, wanneer het vasthouden van patronen je niets meer opleveren op de korte en langere termijn, dan is het makkelijker om deze los te laten.

Hier laat ik zien hoe ik deze opinie, ‘dat ik een opschepper ben wanneer ik laat zien dat het goed met mij gaat’, loslaat door zelfvergeving, correctie en verbintenissen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om weerstand te gebruiken om niet naar mijn eigen vorderingen te hoeven kijken en te delen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van weerstanden gebruiken om mijzelf in het ongewisse te laten, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf alleen maar tekort doe wanneer ik  meega in de weerstand. Ik stop de weerstand, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om weerstanden voor te zijn door preventief te zien/begrijpen/realiseren dat iets een ‘tricky’ punt voor mij is en ik dus alert kan zijn op mijn gedachten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het kijken naar mijn eigen vorderingen en veranderingen als beangstigend te ervaren, als iets waar je bij uit de buurt moet blijven.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet willen benoemen wanneer ik iets beheers, wat een ander wellicht nog niet beheerst wanneer ik dit deel met de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik bang ben voor afwijzing en het verstoten worden waardoor ik niet meer kan rekenen op steun. Ik stop het de angst voor afwijzing, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat deze angst voor afwijzing niet echt is, maar voortkomt uit opinies die werden gevormd door subjectieve uitspraken en gedragingen van anderen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben mijn hoofd boven het maaiveld uit te steken en zo vergeleken te worden met anderen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet anders durven zijn dan de meute, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik bang ben om te tonen dat dingen mij goed afgaan na een lange weg van vallen en opstaan en te worden gezien als een opschepper. Ik stop de angst om als opschepper te worden gezien, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het woord opschepper los te koppelen van het principe ‘delen wat ik beheers’.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn om voor opschepper te worden uitgemaakt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om voor opschepper te worden uitgemaakt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet graag als opschepper gezien word, omdat dit niet in mijn beeld van wie ik denk te zijn past en het naar mijn ‘mening’ een gevaarlijke karaktereigenschap is die alleen maar ellende kan veroorzaken. Ik stop de angst, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn mening bij te stellen en te zien dat ‘opscheppen’ en ‘delen’ niet dezelfde definitie hebben en als zodanig als woorden ook niet met elkaar geruild kunnen worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik het eerst anderen naar de zin moet maken, door precies dat wel en dat niet te zeggen, en pas daarna te zien of het veilig genoeg is om mijzelf en mijn vooruitgangen te delen met anderen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf onveilig te voelen om mijzelf en mijn vorderingen te delen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik veilige en onveilige situaties op dit gebied niet kan inschatten, omdat mijn startpunt een overlevingsangst is die mijn beeld vertroebelt. Ik stop de overlevingsangst, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn startpunt helder te krijgen en te veranderen zodat er een veilige situatie ontstaat waarin ik in  staat ben om mijzelf en mijn vorderingen te delen zonder eerst op slot te gaan door weerstanden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf niet belangrijk genoeg te vinden om mijzelf te delen en dus ondergeschikt te maken aan mijn angsten en meningen die ik in mijn kindertijd in mijzelf programmeerde.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf ondergeschikt maken door desinformatie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik naast het snappen van mijn startpunt ook mijn startpunt mag bevragen en aan de kaak mag stellen om zo te zien of het een geldig startpunt is of niet. Ik stop het ondergeschikt maken van mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet alleen op zoek te gaan naar mijn startpunt en die te veranderen, maar ook te zien/begrijpen/realiseren waarom mijn startpunt niet in het belang van een ieder was en waar dat door veroorzaakt werd.

Dag 361 van 2555: de kleur rood

DIP Lite cursusRecentelijk zag ik Anna over kleuren bloggen en Marjo, ik luisterde het Eqafe interview over kleur en besloot er ook een paar blog posts aan te wijden.

Als kind vond ik het moeilijk om mijn lievelingskleur te noemen, aangezien ik niet één kleur had die ik mooi vond maar een scala aan kleuren die ik weer in bepaalde combinaties mooi vond. Wanneer ik dan toch een kleur moest kiezen dan koos ik in het moment een kleur om mij zo aan te passen aan het feit dat iedereen een lievelingskleur leek te hebben.

Toen ik voor in de twintig was ging mijn interesse wat kleding betreft ineens uit naar rood als een accent om mee te spelen. Ik was tevreden met mijn figuur en had het gevoel dat ik de wereld wel aankon. Ik maakte mijzelf een scharlaken kleurige regenjas en ik voelde mij in die kleur echt ‘in control’. Rood is altijd een kleur gebleven om deze ervaring van, alles op orde hebben in het leven, uit te drukken.

Toen ik voor in de dertig was schilderde ik twee wanden van de woonkamer vol met blokjes die ik met vijf verschillende kleuren rood invulde. Mijn partner zat voor zaken in Frankrijk die week en ik besloot de woonkamer een metamorfose te geven. Toen hij ’s nachts thuiskwam had ik wat lampjes aangelaten zodat hij de muren zou zien. Gelukkig vond hij het mooi. Zelf vond ik het een warme uitstraling hebben en ’s avonds met de lampjes aan gaf het een geborgen en gezellig effect. Je zou bijna kunnen zeggen dat het een ‘terug naar de baarmoeder’ ervaring opriep.

Nu ik terugdenk aan mijn kindertijd om te zien waar rood een rol heeft gespeeld dan zie ik ineens die rode deken die op mijn bed lag. Wellicht dat daar het gevoel van geborgenheid vandaan komt. Mijn partner en ik kochten onze eerste fauteuils en die waren scharlaken rood, van die fauteuils met oren waar je in weg kon kruipen. Ook hier komt geborgenheid weer terug.

Rood heb ik eigenlijk nooit als de kleur van de liefde gezien, de tegenpool wel, haat en boosheid als het gaat om een koele harde tint rood. Dit zijn natuurlijk allemaal voorgeprogrammeerde aannames over de kleur rood.

Wanneer ik naar de kleur rood kijk door de ogen van de kleurenpsychologie dan zie ik allerlei karaktereigenschappen die ik in mijzelf terug zie of die ik mijzelf zou willen toewensen of die anderen in mij zien. Eigenschappen zoals: zelfbewust, onafhankelijk, impulsief, enthousiast, ondernemend, vooruitstrevend, pioniersgeest, vrijheidsbehoefte, strijdbaar, eigenmachtig, maar ook: ongeduldig en tegen de draad in.

Bij de kleur rood, binnen de jaargetijde symboliek, kom ik uit op april, begin van de lente en in april ben ik geboren.

De kleur rood in kleding bijvoorbeeld draag ik wanneer ik lekker in mijn vel zit en mij geborgen genoeg voel om mij uit te drukken naar de buitenwereld toe. Of is het andersom en draag ik dit omdat ik dit gevoel wil ervaren?

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij geborgen te voelen wanneer mijn omgeving mij daartoe uitnodigt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van stimulans van buitenaf nodig hebben om geborgenheid te ervaren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij niet elk moment van mijn leven geborgen kan voelen vanuit en stabiel punt binnenin mijzelf. Ik stop het zoeken naar geborgenheid om geborgenheid te kunnen voelen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geborgenheid of intimiteit bij mijzelf te vinden door zelfvertrouwen en de wetenschap dat ik op mijzelf kan rekenen in welke situatie dan ook.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om rood te zien als een kleur die ik van tijd tot tijd nodig heb om krachtigheid te bevestigen in mijzelf alsof het er nog niet is maar aangewakkerd moet worden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de kleur rood nodig hebben om krachtigheid te bevestigen in mijzelf, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in elke ademhaling de kracht van leven kan ervaren zonder dit met ceremonie zoals kleur in mijzelf te moeten aanmoedigen. Ik stop het nodig hebben van de kleur rood, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen ceremonie buiten mijzelf om te gebruiken om de kracht in mijzelf te ervaren. Ik weet dat die kracht in mij is en dus is de kracht klaar om te worden ervaren los van wat er in mijn buitenwereld zich afspeelt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik niet ‘in control’ ben zonder het dragen van de kleur rood.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van zoeken naar rode kleding om alles onder controle te willen hebben of denk te hebben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik zelfaansturing denk te halen uit de kleur van mijn kleding. Ik stop de controle, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/snappen/realiseren dat ik mijzelf ten alle tijden kan aansturen, in welke kleur kleding dan ook. Daarnaast heb ik geen rode kleding nodig om een gevoel van controle uit te dragen, zelfaansturing is iets dat ik doe, zonder enige vorm van ritueel of ceremonie.

Dag 360 van 2555: niet willen ervaren in het moment – Lyme geconstateerd bij mijn zoon

DIP Lite cursusDeze blogpost is een vervolg op de vorige post “een masker van kalmte”. In mijn vorige post beschreef ik wat er aan gevoelens door mij heen ging toen we een teek op de enkel van mijn zoon vonden en ik die verwijderde.

Deze blogpost gaat over het laten testen van mijn zoon en erachter komen dat de teek die hem beet hem Lyme gaf. Gelukkig waren we er vroeg bij en kan er nog wat aan gedaan worden. Maar wat deed dat met mij in het moment.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te willen ervaren wat er onder mijn strakke waterspiegel zich afspeelde toen ik hoorde dat ook mijn zoon Lyme heeft.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het negeren van wat hier is als gevoelens en emoties, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet mee hoef te gaan in deze emoties en gevoelens, maar het is wel waardevol om te weten wat mijn water beroerd onder de strakke waterspiegel. Ik stop het negeren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het ontkennen te stoppen als een kurk op de fles die gevuld is met angst en projecties in de toekomst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn voor het woelige water onder de strakke waterspiegel.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf aansturen in het moment door gevoelens en emoties te negeren/mij ervan af te scheiden om stabiel te kunnen zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet van stabiliteit kan spreken wanneer ik niet alles in overweging neem, dus ook de emoties en gevoelens. Ik stop het mij afscheiden van mijn gevoelens en emoties, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien dat ik een ‘totaal pakket’ ben waar ik niet die zaken uit kan halen waarvan ik vermoed dat zij mijn ‘ogenschijnlijke stabiliteit’ zullen verstoren, dus neem ik alles in overweging in het moment en kijk ik ook naar de emoties en gevoelens zonder op deze golven mee te gaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat de emoties en gevoelens die als energie bewegen in mijn solar plexus eng zijn, bedreigend zijn voor mijn stabiliteit waar ik in dat moment zo graag in wil geloven.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst hebben voor mijn eigen gecreëerde emoties en gevoelens, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn creatie wel in de ogen moet kijken, omdat het deel is van mij. Ik stop mijn angst, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen angst voor mijn angsten te hebben maar ze met opgeheven hoofd te zien voor wat ze zijn.

~

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat het fout zal aflopen met mijn zoon en hij net als mijn dochter chronische Lyme zal ontwikkelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het projecteren van een uitkomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet bij machte ben in dat moment om de uitkomst te voorspellen. Ik stop het projecteren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om dit proces met hem te lopen en elke keer daar waar kan te handelen in het belang van een ieder, te ademen en mijzelf niet gek te laten maken door een angst die nergens op gebaseerd is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat mijn zoon niet meer te redden is.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon waar ik van het ergste uitga en dus in polariteit ben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik het ergste denk om zo verast te worden wanneer het tegenovergestelde bewaarheid wordt. Ik stop de polariteit, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te snappen/zien/realiseren dat wanneer ik van het ergste uitga, ik niet mijn ware ik mijzelf laat aansturen, maar een ego/’geest’ ben die vaart op polariteit om energie op te wekken in mij met de mogelijkheid om dit te vergroten door de frictie die in mij in gang is gezet door mijn goedkeuring en acceptatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik de teek er verkeerd uit heb gehaald en dus dit alles heb veroorzaakt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van willen verklaren waarom mij dit een tweede keer overkomt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in een slachtoffer rol ga zitten door mijzelf de schuld te geven. Ik stop het beschuldigen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren /begrijpen dat ik door mijzelf de schuld te geven ik mijzelf stop en mijzelf niet verder motiveer om te zien waarom dit is en hoe het komt dat er zoveel besmetting door teken plaatsvindt en het zo in een groter perspectief zet dan mijn eigen bubbel.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik gefaald heb als moeder.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf in te dekken door mijzelf af te vallen als moeder, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alvast maar zeg tegen mijzelf dat ik gefaald heb om alles voor te zijn wat in deze richting zou wijzen. Ik stop het indekken, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het indekken achterwege te laten en mij te richten op oplossingen in plaats van mijzelf naar beneden halen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat wanneer ik de angsten erken, ik mijzelf zal verliezen in de hysterie van deze emoties en gevoelens.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van bang te zijn de controle te verliezen over mijn emoties en gevoelens, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door controle te proberen houden mijzelf een niet echte vorm van aansturen voorhoud. Ik stop de angst voor het verlies van controle, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de woorden controle en aansturen niet met elkaar te verwarren en te zien dat controle van het ego/’geest’ is en mij een niet echte ervaring bezorgt van het aansturen van mijzelf.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken “nee hè niet weer”.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van slachtofferschap door te projecteren in de toekomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet werk aan een oplossing maar mijzelf stop en laat devalueren. Ik stop het devalueren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet langer als slachtoffer te zien maar als een moeder met een kind dat Lyme in een zeer vroeg stadium heeft waar de kaarten nog absoluut niet van geschud zijn en de uitkomst nog alle kanten op kan. Dat is ook waarom we behandelen als oplossing en niet bij de pakken gaan neerzitten en wachten totdat de ziekte chronisch wordt en hem gaat belemmeren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om met het hoofd koel houden en sterk te zijn in een heftige situatie voor mijn kinderen, mis te interpreteren en dus alles te onderdrukken en te geloven dat ik daar goed aan doe.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van onderdrukken om het hoofd koel te houden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf van mijzelf afscheid. Ik stop het afscheiden, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf heel te maken en de emoties en gevoelens durf te aanschouwen in het moment waarbij ik geen angst heb dat ik wordt gezogen in een innerlijke onrust/verwarring, maar simpel zie/begrijp/realiseer dat dit in mij bestaat en ik dat kan veranderen door mijzelf te begrijpen en te zien/begrijpen/realiseren waarom ik dit doe.

Dag 359 van 2555: een masker van kalmte

DIP Lite cursusMijn zoon kwam terug van 3 dagen schoolkamp naar de Ardennen. Zij hadden survival activiteiten gedaan en kampeerden midden in de natuur in tipi tenten. Er werd hen aangeraden om zichzelf te controleren op teken na het struinen in de natuur. Mijn zoon besloot niet te douchen aangezien zij met 100 man 2 douches tot hun beschikking hadden en dit moest plaatsvinden voordat zij een survivaltocht door water en modder gingen maken.

Na het eten op de avond dat hij terug was gekomen zat ik met hem na te praten over hoe hij het had ervaren zo’n kamp, waarop hij aan zijn enkel kriebelde en vervolgens keek naar wat daar zat. Het was een teek van zo’n 2-3 millimeter groot die inmiddels in zijn enkel vastzat. Hij had deze teek absoluut niet gezien, maar toch was hij daar. Ik bleef kalm, maar voelde de onrust van binnen wel aanzwellen. Gedachten kwamen op van: niet nog een kind dat aan Lyme moet lijden. Met de chronische Lyme van mijn dochter in mijn achterhoofd kon ik in dat moment mij niet neutraal opstellen.

Normaal gesproken verwijdert mijn partner de teken aangezien hij daar een handigheid in ontwikkelt heeft. Mijn partner was niet thuis, dus besloot ik met mijn bijna geen ervaring toch de theorie in de praktijk te brengen. Met de tekentang heb ik zo’n 6 pogingen gedaan voordat ik de teek eruit had. De plek was wat geïrriteerd en rood om de beet door het kriebelen van mijn zoon en het eruit halen van de teek. Mijn dochter wilde naar de huisartsenpost om de teek daar te laten verwijderen, maar ik vond dat ik het eerst moest proberen aangezien ik een tekentang bezit. Toen de teek eruit was heb ik een cirkel om de beet met pen op zijn enkel gezet en de volgende ochtend was er geen grote rode kring ontstaan. Wel ben ik goed aan het opletten of hij verschijnselen krijgt die anders zijn dan anders, wat niet makkelijk is met een kind dat 2 nachten slecht geslapen heeft en spierpijn van de activiteiten en lange busreis.

Tijdens het eruit halen van de teek had ik een angst over mij heen dat ik de teek er niet goed uit zou krijgen en daardoor meer schade zou aanbrengen. Wanneer mijn zoon au zei dan wist ik bijna zeker dat ik iets fout deed met de teken tang. Hetgeen waarom mijn zoon au zei was het feit dat ik met de 6 pogingen ook langzaam de plek aan het epileren was en het eruit draaien van haren nu niet heel lekker aanvoelt op een tere plek als een enkel. Ik wilde kalmte bewaren om mijn zoon geen angst aan te jagen, maar noch ik als mijn dochter waren er echt kalm onder. Het was dan ook niet gek dat mijn zoon even later precies wilde weten hoe iemand besmet kon raken met Lyme door een teek die als gastheer functioneert. Ook toen voelde ik mij schuldig dat hij verder aan het denken was over Lyme en ik wellicht hem had bang gemaakt door te handelen vanuit een startpunt van angst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het woord teek in mijn solar plexus beweging waar te nemen en dit te negeren, omdat ik er niet mee geconfronteerd wil worden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van energie beweging in mijn solar plexus te ervaren en dit te negeren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in dat moment de confrontatie met mijzelf niet aan wil en sterk wil zijn, maar het tegenovergestelde bereik door angst toe te laten in mijn denken en handelen. Ik stop het negeren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om energie beweging in mijn solar plexus altijd in het moment te onderzoeken, zodat de gevolgen beperkt blijven, en ik vervolgens vrij van emoties en angsten kan denken en handelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het zien van de teek in de enkel van mijn zoon het hele traject van besmetting aan mij voorbij zag gaan in mijn ‘geest’.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het projecteren van gevolgen in de toekomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf niet stabiliseer door aan alle mogelijke uitkomsten te denken vanuit een startpunt van energie/angst. Ik stop het projecteren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om vanuit gezond verstand te bedenken wat ik moet doen in het moment om verdere gevolgen te voorkomen, maar niet preventief te denken/handelen vanuit angst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat wanneer ik een masker van kalmte opzet ik ook kalm van binnen ben en dus kan handelen/denken vanuit stabiliteit/kalmte.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de buitenkant perfect te laten zijn terwijl de binnenkant niet meer weet wat te doen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de schone schijn niet kan ophouden en dat ik binnen en buiten hetzelfde zal moeten zijn om echte kalmte te kunnen uitstralen en een echt punt van kalmte voor de ander kan zijn. Ik stop de mooie buitenkant als het niet strookt met de binnenkant, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om meer te oefenen met het gelijk trekken van mijn binnen- en buitenwereld en dat ik zolang dat nog niet een natuurlijke expressie van mijzelf is, ik de buitenkant stabiel laat zijn en vergeving doe op dat wat nog niet lukte aan de binnenkant, om zo mijzelf te corrigeren en het op een ander moment nogmaals te proberen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de emoties die rondgingen binnenin mij ten tijde van het verwijderen van de teek te willen onderdrukken om zo kalmte op te roepen of ruimte te maken voor kalmte.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van emoties onderdrukken om er geen last van te hebben in het moment, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik met iedere onderdrukking vaneen emotie meer gevolgen de wereld in help. Ik stop het onderdrukken, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer er emoties van binnen rondgaan ik de emoties erken en zie, maar ze niet ervaar of meega op de emoties en zo mijn handelen/denken te laten beïnvloeden door deze emoties. Op die manier weet ik dat deze emoties er zijn en kan ik op een later tijdstip hen aanpakken om zo in het vervolg te snappen wat mijn valkuilen zijn in bepaalde situaties.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat deze angst die ik ervoer een angst voor de dood van mijn kind is en dus een overlevingsangst.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van overlevingsangst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik angst ontwikkel voor iets dat nog niet gebeurt is of staat te gebeuren. Ik stop het projecteren van angst voor overleving, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/begrijpen/realiseren dat angst op voorhand geen goede gids is om zaken met gezond verstand af te handelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf de schuld te geven van het krijgen van een tweede kind met Lyme.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mij schuldig voelen aan iets dat er nog niet is, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik bang ben dat door mijn handelen vanuit emotie gevolgen ontstaan waardoor mijn zoon ziek wordt. Ik stop het aanpraten van een schuldgevoel aan mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet op de feiten vooruit te lopen en te zien/begrijpen/realiseren dat ik wel weet dat handelen vanuit angst niet okay is en daardoor dus vrees dat er nare gevolgen van komen en zo op voorhand mijzelf te straffen doormiddel van een schuldgevoel.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik de chronische Lyme van mijn dochter emotioneel aankan en dus niet geconfronteerd wil worden met het tegenovergestelde.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van denken dat ik stabiel ben op een bepaald punt, maar waar de realiteit mij anders laat zien, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hierop reageer met ontkenning en mijn buitenkant bij elkaar pak om een masker van kalmte op te zetten. Ik stop de ontkenning, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niets te ontkennen dat fysiek bewezen is en zo dus geen strijd aan te gaan binnenin mij die alleen maar meer energie en ontkenning zal uitlokken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om kalm te willen blijven voor de ander om zo mijn angst niet over te berengen op de ander.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van kalm willen blijven omwille van de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik eerst zelf kalm moet wezen om als punt van kalmte voor de ander te kunnen fungeren. Ik stop het handelen om de ander te ondersteunen zolang ik mijzelf niet eerst kan ondersteunen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om eerst voor mijzelf te kiezen, niet vanuit een punt van egoïsme, maar om te zien/begrijpen/realiseren dat ik niets voor de ander kan betekenen als ik het niet eerst zelf op orde heb.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een kalme persoonlijkheid in het leven te roepen om zo niet eerst naar wie ik ben in het moment hoef te kijken.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een persoonlijkheid uit de kast trekken om zo mijzelf te omzeilen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet alleen mijn emoties onderdruk/negeer maar ook mijzelf. Ik stop het omzeilen/negeren van mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer zodra het moeilijk wordt een andere persoonlijkheid uit de kast te trekken en zo te denken dat ik de situatie heb gered/opgelost, terwijl ik afscheiding in mijzelf heb gecreëerd door mijzelf af te splitsen in een andere persoonlijkheid.

Dag 358 van 2555: tijd als ontmaskering van zelfbeperking – Lucy

DIP Lite cursusWe besloten als gezin om naar de film te gaan, meestal is het moeilijk om die ene film te kiezen die we allemaal de moeite waard vinden om te kijken. Dit keer had mijn partner de film ‘Lucy’ gespot bij ‘the Movies’ bij ons in de stad en wonder boven wonder leek het ons allemaal leuk om daarheen te gaan. Daar zaten we dan in de nog bijna nieuwe bioscoopzaal, mijn kinderen hadden al gezegd dat het wel een actiefilm is, maar ik liet het over mij heen komen. Films met alleen maar geschiet en geweld daar kan ik niet minimaal 80 minuten naar zitten kijken, dat wordt op een bepaald moment een soort van overload op mijn systeem.

Wat ik in deze blog post wil bespreken zijn bepaalde zinnen en delen uit de film, dus mocht je nog van plan zijn de film te gaan bekijken, ga gerust je gang ik zal niet alles vertellen.

De film gaat in grote lijnen over het gebruik van onze hersencapaciteit die gemiddeld bij ons mensen 15% is, maar door een nieuwe drug in grote hoeveelheden binnen te krijgen gaat de hoofdrolspeelster Lucy van een hersencapaciteit van 15 naar 100%. In dit proces gaat zij door verschillende stadia en  realisaties over het beheersen van haarzelf, haar lichaam en haar omgeving.

Op een bepaald moment legt ze uit dat woorden en cijfers alleen maar bestaan om onze wereld begrijpelijk te maken, een soort van code om het behapbaar te maken. Waardoor woorden en cijfers meteen ook onze grootste beperking zijn. De wereld zo gaat zij verder, is gebaseerd en dus gemaakt door onze beperkte hersencapaciteit, we leven dus in een beperkte wereld.

Dat is toch redelijk de spijker op z’n kop, binnen mijn perspectief slaan we onze vleugels uit zodra we meer woorden en meer betekenissen gaan kennen. De wereld van een kind is vrij klein, omdat het nog niet veel woorden kent. Hoe meer woorden we leren hoe groter onze wereld als kind wordt. Dus leren wij als volwassenen vrijwel geen nieuwe woorden erbij dan blijft onze wereld statisch en is er geen sprake van evolutie binnen onze eigen wereld. We kennen allemaal wel zo’n moment waarop we iets werkelijk niet kunnen bevatten. Dat kan frustrerend zijn of iets waar we ons bij neerleggen, maar het is tegelijkertijd wel het eind van onze horizon waar we direct tegenaan kijken.

Wanneer we ons dan realiseren dat veel mensen niet het uiterste uit zich zelf hebben gehaald gedurende hun leven en dus ongeveer op basisschool leeftijd qua woordenschat zijn blijven steken. Dan hebben we met aardig grote aantallen mensen te maken, die meehelpen scheppen aan deze wereld zoals die vandaag de dag is, die de vooruitgang tegen gaan door hun beperkte hersencapaciteit. Dit klinkt misschien alsof ik alle ‘domme’ mensen wil verbannen, maar het gaat hier niet zozeer over dom en slim dan wel over de beperking die we onszelf opleggen door te stoppen met connecties te leggen in ons brein.

Het is de hersenplasticiteit, het ontwikkelen van netwerken en connecties in het brein die ons inzicht doet vergroten en dus onze wereld doet vergroten. Hoe meer woorden ik ken hoe meer concepten ik kan begrijpen, hoe meer concepten ik kan begrijpen hoe meer oplossingen ik kan bedenken voor zaken die niet oplosbaar leken vanuit een beperkter gezichtspunt op een eerder tijdstip.

Ook het begrip tijd werd als een sleutel aangekaart in de film. Tijd als de motivatie van alles op aarde. Het fysieke leven kent tijd, die voor velen van ons als een rees tegen de klok in is. Zodra we zien dat tijd meer een orde is in de chaos en alles op z’n tijd kan plaatsvinden, dan veranderd onze strijd in mogelijkheden. Wanneer we nog een stapje verder gaan en tijd vertalen naar ademhaling, dan kunnen we zien dat we adem na adem effectief kunnen bestaan in onze wereld. De adem/tijd blijft doorgaan totdat we niet meer fysiek zijn en overgaan naar tijdeloosheid. Wanneer we die overgang hebben gehad dan zijn we niet meer gebonden aan het hier en nu, wat zo belangrijk in de fysieke werkelijkheid is. Dan zijn we overal omdat alles nu en hier is zonder orde en zonder chaos. Niet dat dit een streven is, het is gewoonweg anders.

De hele film ondanks dat het best een heftige actiefilm is sprak mij erg aan en inspireerde mij ook. Ik kwam bijna verkwikt uit de bioscoopzaal. Ik kon duidelijk zien hoe ook een simpel iets als twijfel bijvoorbeeld funest is en ons beperkt net als onze woordenschat en de tijd. Bij 20% hersencapaciteit heeft Lucy geen emoties en gevoelens meer die haar beperken of laten twijfelen en de verkeerde beslissingen laten nemen. Zij is ten alle tijden gefocust en blijft connecties in haar brein aanmaken om tot een verbetert zelf te komen. Niet dat dit een vrije keuze is geweest voor haar, aangezien zij onvrijwillig deze drugs binnen kreeg in het begin van de film. Wij hebben wel de keuze om onze vleugels uit te slaan en de connecties te vergroten in ons brein door woorden te leren die we nog niet kenden, door te lezen en werelden te ontdekken die we nog niet kenden, door onszelf te vergeven en steeds dieper naar binnen te kunnen kijken om op de juiste tijd zonder twijfel de juiste keuze te maken die in het belang van een ieder is.

Ik vind het een aanrader de film Lucy, heb je de film ook gezien, deel dan gerust jouw perspectieven in de commentaren.

Dag 357 van 2555: de ‘geest’ als broodheer

DIP Lite cursusTerwijl ik courgette pasta uit de pan haalde en op mijn bord legde, dacht ik, “is dit wel genoeg”. Het oogde vrij weinig en het was het laatste uit de pan. Daarna plopte er een andere gedachte op, “ik hoop dat ik later geen trek krijg”. In mijn hoofd zei ik tegen mijzelf dat ik eerst ging eten om vervolgens later te ervaren of het voldoende was of niet. Ik at mijn bord leeg en voelde voldaan en ging vervolgens verder met mijn beslommeringen.

Later op de avond plopte er vanuit het niets een gedachten op, “ik heb trek”, maar het gekke was dat ik fysiek geen behoefte aan eten voelde. Ik negeerde het en nog weer wat later plopte de volgende gedachten op, “ik heb niet genoeg gegeten”. Ook dit negeerde ik want nog steeds voelde ik geen behoefte aan voedsel. Totdat de gedachte concreter werd, “ik heb vanavond niet genoeg eten gehad dus moet ik nu wat eten, ik mag eten, ik heb recht op eten wanneer ik trek heb”. Wacht eens even dacht ik, hier wordt een spelletje met mij gespeeld. Ik nam een koekje bij mijn thee om te zien hoe reëel dit trek hebben was, maar ik taalde fysiek eigenlijk niet naar eten. Mijn ‘geest’ bedacht van allerlei zaken die ik nog meer zou kunnen eten, want immers ik had niet genoeg gehad. In dat moment stopte ik dit hele tafereel en deed zelfvergeving. Ik zag hoe een genegeerde gedachten van eerder op de avond een eigen leven was gaan lijden en op mijn gevoel van rechtvaardigheid, tekortkomen en niet genoeg inspeelde. Ik wist dat de ‘geest ‘ tot veel in staat was, maar ik was verbaasd hoe zoiets simpels tot iets gecompliceerds zou kunnen leiden.

Stel dat ik eraan had toegegeven en stel dat ik in plaats van alleen gezonde zaken, junkfood in huis had gehad of dit was gaan halen. Dit soort gedachten kunnen gemakkelijk een soort van opdrachtgever in het hoofd worden/zijn die uiteindelijk tot eetverslavingen leiden. Ik realiseer mij dan ook dat het van groot belang is dat we weten wanneer we met de fysieke realiteit van doen hebben en wanneer niet. Het leren kennen van ons fysieke lijf om zo te weten wanneer wij voedsel nodig hebben en wanneer dit een vraag/opdracht maakt het verschil tussen eetverslaving en eten om het lijf te ondersteunen. Eten om het lijf te ondersteunen wil niet zeggen dat wij Spartaans zijn voor het lijf, af en toe eens iets anders uitproberen en zien hoe ons lijf daar op reageert zijn ook waardevolle ervaringen. Maar we moeten altijd in staat zijn om het terug te leiden naar de fysieke werkelijkheid als meetpunt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in eerste instantie mee te gaan op de gedachte “is dit wel genoeg”.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van meegaan op een gedachte om een gevoel bevestigt te krijgen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alleen maar mee ga in een gedachte wanneer er andere herinneringen/emotie/gevoelens aanwezig en nog onverwerkt zijn die deze gedachte voeden of overeind houden. Ik stop het meegaan in een gedachte wanneer ik bemerk dat de gedachte een bevestiging is van een herinnering/emotie/gevoel in mij, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zodra een gedachte opkomt en deze overeind wordt gehouden door herinneringen/emoties/gevoelens ik direct uitzoek wat het patroon is wat deze gedachte geldig/echt maakt in mijn ‘geest’.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf achtergesteld te voelen door de gedachte “ik heb niet genoeg gegeten” toe te staan als uitvloeisel van dit gevoel.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf achtergesteld voelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit gevoel nog niet in al zijn dimensies heb onderzocht en gecorrigeerd, waardoor dit gevoel steeds weer als een ander aspect in mijn leven aanwezig is. Ik stop het mij achtergesteld voelen door het patroon op tijd te herkennen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat wanneer ik mij achtergesteld voel ik mij vergelijk met een ander en mij dus minder ervaar dan de ander vanuit een polariserende relatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik niet genoeg heb en dit in handelen om te zetten door te geloven dat dit zo is, vanuit een gevoel van altijd aan het kortste eindje te trekken.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het minder denken te hebben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik vanuit een gevoel van meer willen hebben het tegenovergestelde geloof. Ik stop het bestaan in polariteit, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet in meer en minder te denken, waardoor ik geloof dat ik minder heb en minder ben en dus verlang naar meer te hebben en meer te zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat gedachten gestoeld op emoties en gevoelens mij ergens gaan brengen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geloven dat iets waar is omdat het goed voelt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn gevoelens niet als meetinstrument kan gebruiken, omdat zij mij nergens brengen dan op een dood spoor. Ik stop het geloof in goed gevoel, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om iedere geachte die energetisch geladen is met emoties en gevoelens niet te volgen door erin op te gaan of te geloven, maar hooguit te onderzoeken om te zien wat er aan ten grondslag ligt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om door op een gedachte mee te gaan voor een moment niet meer mijn fysieke feedback te geloven maar in plaats daarvan mijn ‘geestes’ feedback aan te nemen als waarheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn fysieke feedback niet als meetpunt te gebruiken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij wil laten leiden door de ‘geest’ door opzettelijk mijn fysieke meetpunt als onwaar te beschouwen. Ik stop het mij voor de gek houden, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet langer voor de gek te houden en mijn fysieke werkelijkheid als eerste meetpunt te nemen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om door meer te willen hebben/zijn het gevoel van niet genoeg te hebben/zijn weg te stoppen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een leegte binnenin mij te willen opvullen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik meer wil om het minder te neutraliseren of op te heffen. Ik stop het vullen van de leegte, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat de leegte niet een echte leegte hoeft te zijn maar meer een gevoel van leegte is gevoed door een gevoel van meer willen hebben en dus niet werkelijk is, maar bestaat door de herinneringen/emoties/gevoelens die ik in mij heb laten bestaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om jaloezie in mij te laten bestaan door te denken dat ik minder heb en dus niet genoeg heb.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van meer willen hebben dan ik heb, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de competitie aanga met mijn buitenwereld. Ik stop de jaloezie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om jaloezie niet te leven, maar vast te stellen te corrigeren en te voorkomen in de toekomst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik kan bepalen hoe ik mijn leven ervaar en dat ik door het mij achtergesteld te voelen mijn beleving van mijzelf binnen mijn wereld bepaal en daarmee dus ook het handelen wat voortvloeit uit deze beleving.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn wereld te saboteren door de manier waarop ik toesta dat ik mij ervaar, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik met net zoveel gemak anders had kunnen ervaren en dus andere uitkomsten tot stand had kunnen brengen. Ik stop het saboteren van mijn wereld, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn wereld zo te vormen dat het in het belang van een ieder is en niet gebaseerd op gevoelens/emoties/gedachten.

Dag 356 van 2555: een vleugje afleiding

DIP LiteVaak ’s avonds wanneer ik achter mijn computer zit, in een hoek van de kamer grenzend aan de voortuin, dan weet ik zeker dat ik sigarettenrook ruik. Ik kijk dan meestal naar buiten of ik iemand bij de buren zie staan roken in de voortuin, maar tot op heden heb ik nooit iemand zien staan. Het is een hele vage tabaksgeur die ik ruik die mijn geest vervolgens koppelt aan ‘er staat iemand buiten te roken’. Er zijn geen emoties of gevoelens aan verbonden, het is een neutrale ervaring, één van een geur ruiken en die proberen te plaatsen. Wat er echter wel gebeurd is het volgende: omdat er geen fysiek bewijs is dat er iemand staat te roken of ergens rook vandaan komt, komt er in mij een drang naar boven om uit te zoeken wat dit is, waarom ik dit ruik en wat het met mij doet. Ik noem het dan ook een ‘drang’ omdat het een drang is om iets onbekends te willen weten, onderzoeken en overanalyseren en wel NU. Het is een patroon, daar werd ik op attent gemaakt, en ik kan zien dat het een patroon is om mijn ‘geest’ volledig in beslag te laten nemen en in het moment deze geur het belangrijkste in mijn leven te laten zijn. Voor een moment bestaat er niets anders. Dit is geen onbekend patroon waarin ik mij voel meegesleurd worden op een golf van ‘moeten weten’ wat iets is, zonder nieuwsgierigheid, maar een drang zo sterk dat ik het tot op heden niet heb kunnen negeren. De drang lijkt diep van binnen zijn origine te hebben en daardoor heb ik dit altijd als iets van mijzelf geïnterpreteerd.

De vraag is natuurlijk, ben ik dit? Ben ik degene die alles laat varen om stante pede iets te moeten weten/ontdekken om vervolgens, en alleen daarna, weer gemoedsrust te krijgen? Zou dat mijn ware zelf zijn? Een zelf die uit het hier en nu gerukt wordt om zich te verliezen in de ondergrondse gangen van de ‘geest’? Is dat een manier van leven die in het belang van een ieder is? Nee, het is een ideale manier van vluchten uit de werkelijkheid. Het gebeurd dan ook vaak op momenten dat ik mij eigenlijk had voorgenomen andere zaken te doen, maar nu kan ik om een reden, alles aan de kant schuiven en even wegmijmeren in de ‘geest’.

Dus of er nu een fysieke verklaring is voor het ruiken van de sigarettenrook, dat doet er niet toe. Er is een goede kans dat mijn ‘geest’ de geur die ik waarneem probeert te labelen en de meest plausibele verklaring zou dan sigarettenrook zijn. Of er staat ergens waar ik het niet zie iemand in een tuin te roken en de rook komt bij ons naar binnen. Maar welke optie het ook zal zijn, het leidt mij nergens naartoe dan afleiding van waar ik mee bezig ben of wat ik wilde gaan oppakken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om iets nodig te hebben om mij NU uit het HIER EN NU te halen en te denken dat ik dat nodig heb om te kunnen overleven/voortbestaan.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon uit het hier en nu stappen in de ‘geest’, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik attent moet zijn op het moment wanneer dit gebeurd om te zien wat ik niet wil zien of aan wil gaan in dat moment. Ik stop het mij verschuilen achter excuses om te verdwijnen in de ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om bij te houden wat mijn momenten zijn waarop ik deze drang voel die sterker is dan mijzelf om uit het hier en nu te stappen, om zo een beeld te krijgen van het gehele patroon waar ik mee te maken heb.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te vinden dat ik recht heb op momenten van dwalen in de ‘geest’ en het mij prettig voelen hierbij.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het gelijk aan mijn kant te willen hebben voor het goedkeuren van mijn daden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik goedkeuring van mijzelf wens/nodig heb om mijzelf te verliezen in de ‘geest’. Ik stop het afdwingen van een goedkeuring voor het dwalen in mijn ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te komen tot een mate van bewustzijn waarin ik weet wat het juiste is in een specifieke situatie en waar ik dus geen goedkeuring van mijzelf nodig heb, omdat ik simpelweg weet dat het okay is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik intellectueel goed bezig ben met zoeken naar antwoorden en oplossingen voor verscheidene zaken, terwijl ik mijzelf om de tuin aan het leiden ben door niet oprecht te zijn over de reden waarom ik wil wegduiken in het zoeken naar antwoorden die mij niet verder helpen in het leven.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van afleiding zoeken om mijzelf mee af te leiden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alles kan aanpakken om mijzelf mee af te leiden, maar ik kies die zaken die mij doen geloven dat ik goed bezig ben alsof zij mij verder helpen om mijzelf te verbeteren. Ik stop de afleiding en zie door mijn afleidingsmanoeuvres heen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zodra ik mijzelf zie zoeken naar de juiste afleiding, één met mijn adem te zijn en mijzelf te vertragen om te zien waar ik mee bezig ben en wat ik wil omzeilen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik mij niet intellectueel uitdaag maar mijzelf voor de gek houd.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf uitdagen te verwarren met mijzelf stoppen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf in zo’n moment van afleiding stop zet en niet langer uitdaag om verder te komen. Ik stop het stoppen van mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te stoppen wanneer ik mijzelf saboteer om vooruit te komen in iedere ademhaling en elk moment.