Dag 356 van 2555: een vleugje afleiding

DIP LiteVaak ’s avonds wanneer ik achter mijn computer zit, in een hoek van de kamer grenzend aan de voortuin, dan weet ik zeker dat ik sigarettenrook ruik. Ik kijk dan meestal naar buiten of ik iemand bij de buren zie staan roken in de voortuin, maar tot op heden heb ik nooit iemand zien staan. Het is een hele vage tabaksgeur die ik ruik die mijn geest vervolgens koppelt aan ‘er staat iemand buiten te roken’. Er zijn geen emoties of gevoelens aan verbonden, het is een neutrale ervaring, één van een geur ruiken en die proberen te plaatsen. Wat er echter wel gebeurd is het volgende: omdat er geen fysiek bewijs is dat er iemand staat te roken of ergens rook vandaan komt, komt er in mij een drang naar boven om uit te zoeken wat dit is, waarom ik dit ruik en wat het met mij doet. Ik noem het dan ook een ‘drang’ omdat het een drang is om iets onbekends te willen weten, onderzoeken en overanalyseren en wel NU. Het is een patroon, daar werd ik op attent gemaakt, en ik kan zien dat het een patroon is om mijn ‘geest’ volledig in beslag te laten nemen en in het moment deze geur het belangrijkste in mijn leven te laten zijn. Voor een moment bestaat er niets anders. Dit is geen onbekend patroon waarin ik mij voel meegesleurd worden op een golf van ‘moeten weten’ wat iets is, zonder nieuwsgierigheid, maar een drang zo sterk dat ik het tot op heden niet heb kunnen negeren. De drang lijkt diep van binnen zijn origine te hebben en daardoor heb ik dit altijd als iets van mijzelf geïnterpreteerd.

De vraag is natuurlijk, ben ik dit? Ben ik degene die alles laat varen om stante pede iets te moeten weten/ontdekken om vervolgens, en alleen daarna, weer gemoedsrust te krijgen? Zou dat mijn ware zelf zijn? Een zelf die uit het hier en nu gerukt wordt om zich te verliezen in de ondergrondse gangen van de ‘geest’? Is dat een manier van leven die in het belang van een ieder is? Nee, het is een ideale manier van vluchten uit de werkelijkheid. Het gebeurd dan ook vaak op momenten dat ik mij eigenlijk had voorgenomen andere zaken te doen, maar nu kan ik om een reden, alles aan de kant schuiven en even wegmijmeren in de ‘geest’.

Dus of er nu een fysieke verklaring is voor het ruiken van de sigarettenrook, dat doet er niet toe. Er is een goede kans dat mijn ‘geest’ de geur die ik waarneem probeert te labelen en de meest plausibele verklaring zou dan sigarettenrook zijn. Of er staat ergens waar ik het niet zie iemand in een tuin te roken en de rook komt bij ons naar binnen. Maar welke optie het ook zal zijn, het leidt mij nergens naartoe dan afleiding van waar ik mee bezig ben of wat ik wilde gaan oppakken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om iets nodig te hebben om mij NU uit het HIER EN NU te halen en te denken dat ik dat nodig heb om te kunnen overleven/voortbestaan.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon uit het hier en nu stappen in de ‘geest’, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik attent moet zijn op het moment wanneer dit gebeurd om te zien wat ik niet wil zien of aan wil gaan in dat moment. Ik stop het mij verschuilen achter excuses om te verdwijnen in de ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om bij te houden wat mijn momenten zijn waarop ik deze drang voel die sterker is dan mijzelf om uit het hier en nu te stappen, om zo een beeld te krijgen van het gehele patroon waar ik mee te maken heb.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te vinden dat ik recht heb op momenten van dwalen in de ‘geest’ en het mij prettig voelen hierbij.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het gelijk aan mijn kant te willen hebben voor het goedkeuren van mijn daden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik goedkeuring van mijzelf wens/nodig heb om mijzelf te verliezen in de ‘geest’. Ik stop het afdwingen van een goedkeuring voor het dwalen in mijn ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te komen tot een mate van bewustzijn waarin ik weet wat het juiste is in een specifieke situatie en waar ik dus geen goedkeuring van mijzelf nodig heb, omdat ik simpelweg weet dat het okay is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik intellectueel goed bezig ben met zoeken naar antwoorden en oplossingen voor verscheidene zaken, terwijl ik mijzelf om de tuin aan het leiden ben door niet oprecht te zijn over de reden waarom ik wil wegduiken in het zoeken naar antwoorden die mij niet verder helpen in het leven.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van afleiding zoeken om mijzelf mee af te leiden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alles kan aanpakken om mijzelf mee af te leiden, maar ik kies die zaken die mij doen geloven dat ik goed bezig ben alsof zij mij verder helpen om mijzelf te verbeteren. Ik stop de afleiding en zie door mijn afleidingsmanoeuvres heen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zodra ik mijzelf zie zoeken naar de juiste afleiding, één met mijn adem te zijn en mijzelf te vertragen om te zien waar ik mee bezig ben en wat ik wil omzeilen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik mij niet intellectueel uitdaag maar mijzelf voor de gek houd.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf uitdagen te verwarren met mijzelf stoppen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf in zo’n moment van afleiding stop zet en niet langer uitdaag om verder te komen. Ik stop het stoppen van mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te stoppen wanneer ik mijzelf saboteer om vooruit te komen in iedere ademhaling en elk moment.

Advertenties

Dag 310 van 2555: mijn zielige ik – deel 5 – zelfvergeving en zelfcorrectie

leefbaar inkomen gegarandeerdDit is een vervolg op mijn vorige 4 blogs, voor context raad ik aan de andere blogs te lezen. In deze blog zal ik de volgende zin “waarom is dit hier” onder de loep nemen met zelfvergeving en zelfcorrectie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij af te vragen waarom dit hier is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mij afvragen waarom dit hier is, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij niet hoef af te vragen waarom dit hier is maar simpelweg hier moet zijn om dit hier te begrijpen. Ik stop het afvragen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer af te vragen ‘waarom dit hier is’ terwijl ik zelf in de ‘geest’ ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te verbazen over het feit dat dit hier is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van verbazing, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit gebruik als afleidingstactiek om in de ‘geest’ te kunnen blijven. Ik stop de verbazing en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de verbazing die feitelijk ontkenning door de ‘geest’ is van datgene wat ik heb geaccepteerd en aanvaard niet langer te gebruiken als afleiding van het niet zijn in het hier en nu en het omgaan met het hier en nu.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te separeren van wat hier nu is, en het als los van mijzelf te zien.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van separatie van datgene dat ik ontken als van mij of ontstaan door mij, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hier geen zelfverantwoordelijkheid wil nemen en het dus loskoppel van mijzelf om er zo afstand van te kunnen nemen. Ik stop de separatie en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om één en gelijk te zijn/gaan staan aan dat wat ik schep/aan deelneem op een bewust of onbewust niveau om het zo te kunnen doorgronden en te begrijpen zodat ik het niet nogmaals hoef te herhalen wanneer ik zie/begrijp/realiseer dat het niet werkt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om ‘dit niet hier te willen’ en dus mij afzet door mij ervan te separeren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van afzetten tegen dat wat ik niet wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik geen ander copingsmechanisme heb ontwikkelt dan afzetten ertegen en het uit mijn systeem drukken/duwen. Ik stop het afzetten en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een andere strategie te ontwikkelen/bedenken om met de dingen die ik als ongewenst ervaar om te kunnen gaan in het hier en nu, zonder in mijn ‘geest’ mijzelf terug te trekken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in de slachtofferrol te vervallen dat ‘dit hier’ nu is, terwijl ik er niet om gevraagd heb.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geloven dat wanneer ik er niet om vraag iets zich dus ook niet aandient, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet overzie wat ik aan gevolgen in mijn fysieke realiteit teweeg breng en zodoende mijzelf ervaar als het middelpunt van het bestaan die kan commanderen wat er wel in mijn leven komt en wat niet, terwijl ik op andere niveaus van alles in werking zet. Ik stop dit geloof en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om om minder verbaasd en overstelpt te zijn over mijn fysieke werkelijkheid en te begrijpen/realiseren/zien dat ik op vele niveaus van alles activeer indirect of direct, waar ik alleen mijzelf bewust van kan zijn zolang ik in het hier aanwezig ben en de tijdlijn terug kan lopen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om teleurgesteld te zijn in mijzelf dat ik ‘dit hier’ toesta in mijn fysieke werkelijkheid terwijl ik het niet wil.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van teleurstelling in mijzelf, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik onmacht voel en de grip op mijn fysieke realiteit niet heb door te vertoeven in mijn ‘geest’ waardoor ik de dingen niet kan zien hoe ze daadwerkelijk zijn. Ik stop de teleurstelling en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet door de ogen van ‘teleurstelling’ en ‘onmacht’ naar mijzelf te kijken maar naar mijzelf te kijken alsof het de eerste keer is dat ik naar mijzelf kijk, zonder vooroordelen/herinneringen en angsten, waardoor ik dat kan zien dat ‘hier’ is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te schoppen tegen dit wat hier is om aan te geven dat ik het niet wil.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van schoppen tegen datgeen ik niet wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik schop uit angst dat ‘wat hier is’ te dichtbij komt en zal blijken dat ik dat ben dat ‘hier is’. Ik stop het schoppen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer te schoppen, maar te kijken en te zien wat er gaande is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zoveel energie te stoppen in het ‘niet willen van ‘dit hier’ dat het een gevecht wordt.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van vechten tegen hetgeen ik niet wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik vecht uit angst. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de energie die ik stop in vechten te laten voor wat het is en in plaats daarvan moeite stop in het mijzelf en mijn realiteit begrijpen door te zien in het hier en nu.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vechten tegen ‘dit hier’ als daadkracht te bestempelen en niet als angst.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van vechten met daadkracht te verwarren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik geloof dat vechten tegen iets meer waarde heeft dan daadkrachtig zijn en in mijn kracht te gaan staan in het her en nu. Ik stop de verwarring en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om daadkracht niet moedwillig te verdraaien om zo niet dat aan te hoeven gaan wat ik zal moeten aangaan om te voorkomen dat er dingen gebeuren die ik niet wil omdat ze niet in het belang van een ieder zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat ‘dit hier’ mijn controle over mijn leven overneemt.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om controle te verliezen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik controle zie als controle in de ‘geest’ en niet in mijn fysieke werkelijkheid te staan voor het belang van een ieder. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet aan te sturen door angst voor wat ik heb gecreëerd, maar dat in de ogen te zien en zelfverantwoordelijkheid voor te nemen wat ik heb veroorzaakt, geaccepteerd en aanvaard.