Dag 182 van 2555; het hongerige Afrikaanse kindje in mij

equal money capitalismAl in eerdere blogs heb ik gekeken naar het waarom van mijn slijm ophoesten, wat ik in eerste instantie koppelde aan stof of stofallergie. Na dat te hebben uitgeplozen  leek het niet het enige te zijn en ook niet altijd het meest hevige te zijn. Toen ben ik meer praktisch gaan kijken naar wanneer het voorkwam en in wat voor situaties. Op dat moment kon ik zien dat het mij al meerdere winters was overkomen en steeds in huizen waar de luchtkwaliteit ronduit slecht was. Ook hier in mijn huidige huis ben ik elke dag de woonkamer gaan luchten naast de ventilator die lucht van buiten aanzuigt, ook wanneer het vroor, om zo minder benauwd te zijn van de hoeveelheden slijm die los kwamen. Maar ook dit loste het probleem niet geheel op, wat mij weer terug bracht op het opnieuw bekijken van de conditie. Nu zag ik dat veelal na het eten van iets, ik een kwartier tot half uur erna, benauwd en slijmerig word. Ik kon dat niet goed plaatsen, want het maakt niet uit wat ik eet of hoeveel ik eet. Dus dat zou inhouden dat ik allergisch ben voor eten of reageer op al het eten dat ik tot mij neem, wat mij wat onwaarschijnlijk leek.

 

Dat bracht mij, tezamen met een herinnering voor mijn Desteniiprocess huiswerk, op het punt van ‘wie  en wat ben ik als ik eet?’ Met andere woorden hoe definieer ik mijzelf als ik eet of net dat moment van nog net niet eten maar bijna gaan eten of tijdens het bereiden van het eten. En ik zag dat ik daar emoties aan had gekoppeld. Deze korte energetische schok die door mij heen gaat met de vraag “heb ik wel genoeg” of “is er wel genoeg”. En ik zag dat ik dat kon terug herleiden naar een ervaring die ik op mijn 19e-20e had toen ik met een huisgenote samenwoonde als student. Ik eet zelf vrij langzaam en dit meisje at heel snel,  wij aten ’s avonds altijd samen en als ik niet snel genoeg was dan at ik echt erg weinig, zij vrat het zogezegd voor mijn neus weg. Ik heb in die tijd geleerd om sneller te eten, niet dat ik propte, want dat kon ik eenvoudigweg niet. Dit heeft een soort van een raar hongerige entiteit in mij gemaakt die bij alles wat ik eet of ga eten zich afvraagt of ik wel genoeg heb, of ik wel mijn deel heb. Dit heeft ook niets met de fysieke werkelijkheid te maken want ik heb het altijd of ik nu veel of weinig eet. Soms eet ik iets tussendoor met een emotie van dat komt mij toe, dat is mijn deel. Dat is dus allemaal erg geladen. In mij zit een hongerig Afrikaans kindje en als er gegeten moet worden dan komt het tevoorschijn, of ik nu een paar chips eet, een mandarijn of een complete avondmaaltijd.

 

Daarnaast heb ik een partner die al jaren tijdens het eten met hongerige ogen kijkt alsof hij niet genoeg heeft. Wanneer ik weinig heb gekookt dat heeft hij dat, maar ook als ik het dubbele kook, hij is een soort van bodemloze put. Deze ogen maken mij onzeker en zijn brandstof voor de emoties waarmee ik eet. Heb ik wel genoeg? Ik vereenzelvig mij met mijn partner en vraag nu voor ons beiden mij af of we wel genoeg hebben en niet te kort komen. Zeer heftige gevoelens levert dat op.

 

Dus na elke vorm van eten en na dus deze emotionele wijze van eten ervaar ik een slijm aanval, waarbij ik benauwd word en veel slijm ophoest. Zou dit een deel van mijn slijmerigheid verklaren? In ieder geval ga ik mijn emotionele eetgedrag vergeven en verbintenissen met mijzelf aan, aangezien dat iets is dat sowieso aangepakt moet worden. Wanneer dit verandering oplevert na het toepassen van de correcties dan weet ik dat ik goed zat en zo niet dan zal ik verder zoeken.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het bereiden/eten van voedsel te denken ‘heb ik wel genoeg’ en ik deze energetische beweging in mij laat bepalen wie ik ben in het moment van eten.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te identificeren met het hongerige Afrikaanse kind in mij zonder dat er  een reden tot honger is of directe fysieke bedreiging.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de taal die mijn lichaam tegen mij spreekt op dit punt van de slijmerigheid niet te verstaan en niet te kunnen duiden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gefrustreerd te zijn dat ik de taal van mijn lichaam niet kan horen, terwijl ik zie dat het van belang is om het wel te horen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat ik tekort kom met eten, na aanleiding van een ervaring in het verleden die momenteel niet meer actueel is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat mijn huisgenote alles zou opeten en er geen eten meer voor mij zou zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om geïrriteerd met mijn huisgenoot te zijn over haar snelle eten en mij niet in overweging te nemen en daar back-chat op te ontwikkelen wat samen eten er niet leuker op maakte.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn ware gevoelens tijdens het eten met mijn huisgenote te onderdrukken om de lieve vrede te bewaren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij achtergesteld te voelen met eten voortkomend uit de ervaring met mijn huisgenote en daardoor als een slachtoffer te reageren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn huisgenote te verwijten dat zij geen eten voor mij overliet, terwijl ik niets deed om dit te voorkomen of bespreekbaar te maken uit angst voor haar buien en humeur.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij in elke eetsituatie achtergesteld te voelen als basis emotie, waarin ik  soms meer bewust en soms minder bewust deze emotie beleefde en ook direct weer onderdrukte.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij in de rol te laten drukken van diegene die minder eet en daar genoegen mee te nemen door deze gevoelens te onderdrukken om zo gewoon te kunnen samenleven wat een financiële en vriendschappelijke kwestie was en mij niet te realiseren wat de consequenties van dit onderdrukken konden zijn in mijn leven.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om op een later tijdsstip wanneer er zich meer opent omtrent dit punt dieper te duiken in dit ‘heb ik wel genoeg’ gevoel als emotie die ten grondslag ligt aan mijn eten.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet langer te identificeren met de emotie die in een flits door mij heen gaat wanneer ik sta te koken of aan het ten ben.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het hongerige Afrikaanse kind in mij overbodig te maken als overlevingsmechanisme, omdat er genoeg eten is en ik voldoende eten tot mij kan nemen.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om emotie vrij te eten en elke emotie die toch opkomt te vergeven en te duiden, zodat ik het kan corrigeren in toekomstige gelijksoortige ervaringen.

Advertenties

Dag 49 van 2555; wanneer is armoede en honger echt?

Dag 49 van 2555; wanneer is armoede en honger echt?  Als kind kende ik geen honger of echte armoede, ik had geen idee wat dat was. Ik werd geconfronteerd met de minder bedeelde kindertjes in Afrika als ik mijn bord niet leeg at en in de kerk werd er geld opgehaald om aan de arme kinderen in de wereld te geven. Op school moesten we elke week geld meenemen, omdat de school had besloten een armkindje uit een derde wereld land te adopteren. Ik onderging dit en luisterde naar wat erover werd gezegd, maar ik kende geen armoede nog honger en zo werd het een andere realiteit waar arme, zielige kindjes woonden en waar ik alleen mee geconfronteerd werd in de vorm van bestraffing of geld.

Later konden we op tv al dit soort dingen zien, maar ik had mij jaren daarvoor al afgescheiden van deze andere realiteit, dus ik kon ernaar kijken op tv en ’s avonds gewoon naar bed gaan en de andere realiteit daar laten waar ik hem altijd al had gestopt, in mijn mind als een film zonder impact.

Nu ik als volwassene armoede heb meegemaakt in een eerste wereldland is armoede ineens iets dat leeft en niet langer een film in mijn hoofd is zonder impact en fysieke consequenties. Ik ben nog nooit 1 dag met honger naar bed gegaan omdat ik niet te eten had, wel kende ik spannende tijden of er genoeg geld was om eten van te kopen. Nu heb ik het geleefd, de armoede en zegt het mij iets en wil ik mij inzetten om te voorkomen dat wie dan ook door armoede of honger moet, terwijl er genoeg is om van te delen. Nu maken plaatjes en films over honger en armoede wel een enorme impact op mij, maar het is natuurlijk gezond verstand om te snappen dat wanneer mensen niet te eten hebben en jij wel dat zoiets okay is en voldoende aanleiding om lekker te gaan slapen ’s nachts. Nee totaal een emotioneel wrak worden bij de gedachte aan een groot deel van de wereldbevolking die van minder dan €2 moet rondkomen per dag helpt natuurlijk ook niemand. Dat zou schuldgevoel zijn en dat is mosterd na de maaltijd. Wat zinnig is, is een stem uit te brengen op een Gelijkheids Geld Systeem om zo een einde aan honger en armoede te kunnen maken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat armoede en honger iets is dat mensen fysiek ondergaan en niet een verhaaltje dat je kunt aanhoren en wat geen verschil maakt voor jou of voor hen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om armoede en honger als iets gescheiden van mijn wereld te zien.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om armoede zelf te hebben moeten ervaren om instaat te zijn om in de schoenen van een ander te kunnen staan en mij niet te realiseren dat ik niet alles hoef te ervaren om te snappen dat een situatie onacceptabel is en niet in het belang van een ander.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alleen dan tot actie te willen overgaan als ik emoties en gevoelens heb bij bij bepaalde ervaringen in het leven zoals armoede en niet onvoorwaardelijk verandering wil brengen voor een ieder op onze planeet.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het zien van armoede en honger nu zoveel impact op mij te laten maken, wat inhoudt dat ik geroerd wordt door emoties en gevoelens en niet door het feit dat armoede en honger in de wereld onacceptabel is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te hebben gerealiseerd dat ik kan zeggen stop, tot hier en niet verder, als het gaat om ongelijkheid in de wereld en mij zodoende kan inzetten om verandering teweeg te brengen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om blij te zijn dat ik aan de goede kant van de wereld ben geboren en mij een toekomst geboden werd waardoor ik mij niet wilde realiseren dat het feit dat ik een goede toekomst zou hebben tegelijkertijd betekende dat een ander een slechte toekomst zou hebben.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het hebben van eten als vanzelfsprekend te ervaren en mij niet te realiseren hoe het zou zijn om structureel zonder of met weinig eten te moeten doen en te overleven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn goede bestaan niet op te willen geven en mij terug te vechten naar een goed bestaan na een periode van armoede.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat een goed bestaan voor de één,  een slecht bestaan voor de ander betekent.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij streven naar het behoren tot degenen die “hebben” en ons niet te realiseren dat wij allemaal kunnen “hebben” zonder te partici[peren in een polariteit van ‘hebben” en “niet hebben”.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij zielige, arme mensen op plaatjes, plaatjes laten zijn en die plaatjes niet tot leven willen roepen uit angst voor het kwijtraken van onze luxe status, terwijl wij plaatjes van luxe levens wel tot leven willen roepen en alles eraan doen om deze te manifesteren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij armoede en honger als acceptabel zien, omdat het al ons hele leven tot onze realiteit behoort en wij daardoor geen reden tot verandering zien, uit angst voor verandering en de angst om te trekken aan het kortste eindje van het touw.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij het okay vinden als anderen armoede en honger lijden, maar waar Leiden in last is als wij zelf financieel benadeeld worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij streven naar meer en meer en ons niet realiseren dat wij het voor de ander helft van de bevolking steeds minder maken door ons gedrag van hebzucht en egoïsme.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij onze identiteit afmeten aan onze financiële status en daarmee de armste ter wereld identiteitsloos maken en zo hun stem afnemen om voor zichzelf op te komen door deze mensen in de armoede en honger te laten creperen omwille van onze identiteit die niets meer waard is dan een hersenschim.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij niet willen dat onze kinderen zouden groot worden in armoede en honger maar het okay vinden dat andermans kinderen wel opgroeien in armoede en honger.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij op vakantie gaan naar de meest onbekende plekken op aarde om armoede te aanschouwen en foto’s te maken om thuis te kunnen laten zien bij een borrel en een hapje, waar geen enkele seconde iets in ons opkomt van ongelijkheid en te zien dat toekijken en niets doen gelijk staat aan het misbruiken van een ander omwille van je eigen genot.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij onze kinderen leren dat zij hun bordje moeten leeg eten omdat zij bevoordeeld zijn ten opzichte van de kindjes in Afrika en daardoor afgestomptheid promoten in onze eigen kinderen en hen een “survival of the fittest” aanleren om te zorgen dat zij niet zo worden als de zielige kindjes in Afrika.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij niet echt willen zien hoe de wereld in elkaar steekt om te moeten concluderen dat wij aan het betere eind van de deal staan en dat dus niet willen opgeven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om armoede en honger niet meer als een afgescheiden fenomeen van mijn eigen realiteit te zien.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om armoede en honger als onacceptabel te labelen zonder daar emoties en gevoelens bij nodig te hebben om mij te motiveren, omdat zo één motivatie gebaseerd is op energie en dus niet de tand des tijds zal doorstaan.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om iedereen die kan horen te laten weten dat ongelijkheid in de wereld niet nodig is en geen bedreiging van ons bestaan betekent, maar een manier is om je vast te houden in je eigen mindbubbel en zo geen verandering te wensen omdat je alles hebt dat je hartje begeerd.