Dag 386: veranderen in het belang van allen

leren-zelf-veranderenIk besloot om na veel innerlijke strijd over hoe een situatie aan te pakken en hoe in de situatie te staan, om te veranderen. Om mij over mijzelf als ego heen te zetten en te zoeken naar oplossingen, zodat ik mij zo kon opstellen dat mijn houding en de situatie in het belang van allen was. Ik was trots op mijzelf dat ik dit besluit had kunnen nemen en dat ik een verbintenis met mijzelf aanging om als eerste te veranderen binnen een situatie waar het mij leek dat niemand wilde veranderen vanuit tevredenheid binnen hun comfortzone.

Het moment dat ik mijn verbintenis en correctie van mijzelf toepaste, deed ik dit vanuit goede intentie en hoop dat voorbeeld zou doen volgen, hoop dat als één schaap over de dam is, het niet meer zo eng voor de anderen zou zijn om te volgen. In eerste instantie leken mijn plannen tot verandering de anderen te prikkelen en reageerde men enthousiast op wat zij dachten dat de verandering in zou houden. Echter in plaats van uiteindelijk mee te gaan in mijn veranderde houding en voorstellen, ging men opslot, er was weerstand. Vanuit de weerstand ontstond angst en waren er zelfs een aantal die met de hakken in het zand gingen staan om de verandering niet te omarmen en toe te passen. Ik wilde de anderen wel overtuigen, maar zag dat ik beter niet kon pushen en de beslissing geheel aan hen zelf te laten, ook al was ik teleurgesteld over de uitkomst. In dat moment nam ik de afwijzing op (mijn) verandering persoonlijk en nam ik het hen kwalijk dat we in een impasse zouden blijven zoals die altijd al had bestaan. Opnieuw vond ik het dus moeilijk om over mijn ego heen te stappen.

Ook al was mijn realisatie en verbintenis om te veranderen, een oplossing die zeker in het belang van allen was, ik had een aspect over het hoofd gezien. Ik was geleidelijk door de tijd heen tot een realisatie gekomen dat we zo niet verder konden, dat er verandering nodig was en dat verandering altijd eerst bij jezelf plaatsvindt. De ander had dit proces van realiseren en bereid zijn om te veranderen niet of nog niet doorgemaakt. We zaten niet op hetzelfde punt, op het moment dat ik verandering aankondigde door mijn handelen, wat weerstand en angst bij de anderen opriep en zij verandering helemaal niet zagen zitten. Zij waren tot op heden tevreden geweest in hun comfortzone en ik wilde hen daaruit halen met verandering. Dit was achteraf gezien niet de weg om te gaan en tot verandering te komen die ik had gezien als in het belang van allen.

Het punt dat ik binnen deze groep wilde aanpakken was het elkaar beter leren kennen zodat er minder onbegrip en aannames over elkaar gedaan zouden worden en waardoor we op een gelijkwaardige manier met elkaar zouden om kunnen leren gaan. Het is mij inmiddels duidelijk dat ik die verandering voor mijzelf kan en mag doorvoeren, maar dat het te utopisch is om te verwachten dat anderen dit samen en tegelijk met mij willen doen als ik hen daarmee overval. Ik ga dan ook een nieuwe verbintenis met mijzelf aan door mijzelf meer te delen met de ander, ook als er geen directe belangstelling blijkt te zijn, kleine punten te delen die de ander kan prikkelen om elkaar beter te leren kennen. Wanneer men gewend is aan mijn andere benadering kan dat de ander ook op het idee brengen om meer te delen en te vragen aan anderen.

Wat ik hiervan geleerd heb is dat het halen van iemand uit zijn comfortzone, zonder dat de ander hierom vraagt, door middel van verandering een enorme schok voor de ander is wat weerstand en angst teweeg brengt. En dat verandering eerst bij jezelf dient plaats te vinden en niet iets is dat je met elkaar moet doen omdat het allen aangaat. Ik had eerst in de schoenen van de ander kunnen gaan staan om te snappen hoe het zou voelen om uit mijn comfortzone gehaald te worden door middel van verandering, waardoor ik had kunnen voorspellen hoe de ander zich naar alle waarschijnlijkheid zou voelen.

In eerste instantie pakte ik het op als een teleurstelling, maar ik kan nu ook zien dat door schande en schade ik wijzer wordt. Ik heb deze situatie niet zozeer verkeerd aangepakt, ik heb iets uitgetest wat mij duidelijk maakte welke stappen ik had overgeslagen.

Door ‘verandering’ te willen teweegbrengen vanuit een algemeen geaccepteerde visie dat ‘één iemand de eerste moet zijn’ overzag ik niet dat het mij ging om de verandering an sich net als het in staat zijn tot verandering, en dus mij zo beter te voelen, beter dan de ander en beter als positiever over mijzelf, waardoor ik in het geheel voorbij ging aan de ander waar het mij nou juist om te doen was, het nader tot elkaar komen en niet het uit elkaar drijven van elkaar zoals nu op kleine schaal gebeurde. Ik heb inmiddels geen spijt of schuldgevoelens meer van mijn actie, aangezien ik heel goed heb kunnen zien wat mijn daden vanuit een niet volledig zelfoprecht standpunt kunnen doen met anderen en een situatie. Ik heb geleerd, zoals het leven één grote leerschool is, dat we elkaar niet opzettelijk moeten schaden, maar waar we wel de consequenties van ons handelen onder ogen kunnen zien en onszelf zodanig te corrigeren dat dit éénmalige acties zijn van waaruit we verder groeien en leren.

Advertenties

Dag 371 van 2555: De angst voor pijn als overerving

DIP Lite cursusIn mijn vorige blogpost gaf ik al aan dat ik het stukje over pijn en de angst daarvoor in een andere blog wilde gaan aanpakken. Wat ik heb gedaan is het beluisteren van een Eqafe interview waar uitgelegd wordt waar de angst voor pijn vandaan komt.

De angst voor pijn en de beleving van pijn is ons aangeleerd door onze directe omgeving. Hoe dramatischer dat proces is verlopen hoe dramatischer we met pijn omgaan. Wanneer we tussen de nul en drie jaar oud zijn dan hebben we het concept pijn nog niet begrepen en zijn we ook niet in staat om dat door uitleg van onze ouders te begrijpen. Dus een baby of dreumes begrijpt pijn niet. De vraag zou dan kunnen zijn: maar hoe leg je het zo’n jong kind dan uit? Door als ouder stabiel te zijn kan je een basis bieden aan je kind om te leren omgaan met pijn zonder dat je kind emotioneel over zijn toeren raakt.

Wanneer een baby/dreumes pijn heeft dan zal het kind in eerste instantie nog niet reageren. Er is een moment van proberen te begrijpen wat hen is overkomen en wat ze ervaren. Pas als er een ouder of andere naaste uit zijn omgeving erbij komt gebruikt het kind de reactie van de ander om te begrijpen hoe het om moet gaan met deze pijn. Heeft het kind de vinger tussen de deur gehad, dan kan het zijn dat het nog staat te kijken naar wat hem net is overkomen. Komt de moeder aangesneld om naar de vinger te kijken en ze kijkt het kind verschrikt aan, waarbij de moeder angst ervaart voor wat haar kind is overkomen, dan neemt het kind de gezichtsuitdrukking en de energetische lading van de moeder haar stem om in te schatten hoe het gaat reageren. Die energetische lading van de moeder voelt zo onprettig dat het kind gaat huilen. Hoe groter de emotionele lading van de moeder is des te erger gaat het kind huilen.

Wat er dus in dat moment gebeurt, is het leggen van een koppeling tussen pijn en de energetische reactie van de moeder met name door gezichtsuitdrukking en stem. We leren dus door anderen in onze omgeving hoe we met pijn moeten omgaan. Vaak hoor je ouders ook zeggen, pas toen ik eraan kwam begon mijn kind te huilen. Anderen bestempelen dit gedrag ook wel als aanstellerij, als aandacht willen hebben van de moeder. Maar de moeder is het levend voorbeeld voor het kind, die laat het kind zien hoe hij mens moet zijn.

Zelf ben ik kind en ben ik moeder en soms ben ik als ouder geen koele kikker geweest en echt geschrokken van wat er met mijn kinderen fysiek gebeurde door valpartijen en noem het maar op. Ik heb hen geleerd hoe energetisch pijn te ervaren, net zoals mijn ouders mij hebben geleerd dat ik bang moest zijn voor pijn. Hebben we dit moedwillig gedaan? Nee, we wisten niet beter. We wisten niet dat we onszelf konden stabiliseren door op onze ademhaling te letten en onze stem geaard en stabiel te gebruiken met lage tonen. Maar nu weten we het wel en kunnen we het doorgeven aan hen die het nog niet weten.

Dus de herinnering dat ik met mijn dode vingers van de kou tegen de verwarming aan zat om mijn vingers bij te laten trekken, was een ervaring van gemixte gevoelens. Ik wilde heel graag dat het bloed weer terug kwam in mijn vingers, maar ik herinnerde mij ook van eerdere keren dat het een pijnlijk proces was. Dus ik wilde het wel en ik wilde het niet, maar toch legde ik mijn vingers op de verwarming. Tegelijkertijd voelde ik een energetisch gevoel in mijn buik dat ik als onprettig en misselijkheid ervoer. Dit was de aangeleerde angst in mijn solar plexus. De angst die ik als baby/dreumes had afgekeken van mijn ouders. Pijn is erg en naar, dat zat diep in mij, waarbij ik niet wil zeggen dat we nu alle pijn als lekker moeten gaan beleven. Pijn is functioneel, het is een waarschuwing van ons lichaam om op te passen of om een pas op de plaats te maken. Waarbij masochistische pijn een soort van genieten van de angst voor pijn zou kunnen zijn. Genieten van de verschillende hormonen die vrijkomen in het lichaam die het pijnsignaal als functionele rode vlag overschreeuwen.

Wat ik ervoer als een ervaring van mijzelf, als wie ik ben, terwijl ik de angst van pijn beleefde was eigenlijk niet puur en alleen ik. Het is een aangeleerde reactie op een lichamelijke prikkel. Toen ik als kind van 2 met mijn gezicht in een brandend campinggastelletje viel, zullen mijn ouders en opa en oma zeer zeker verschrikt hebben gereageerd. Ik zou hetzelfde hebben gedaan. Maar stel je eens voor dat we onszelf zo konden aansturen dat we kortdaad konden handelen, het natuurlijk geen fijne situatie vonden maar de ruimte in onszelf konden maken zodat we onszelf en ons kind konden stabiliseren. Dan zouden onze kinderen geen onderdrukte angst voor pijn hebben opgebouwd en als effectief mens door het leven kunnen gaan.

Eigenlijk kan ik constateren dat ik ook vandaag de dag pijn niet als een eigen ervaring beleef. Niet dat de angst en emotionele lading heel bewust aanwezig is, maar het is er wel. Dus zal ik de komende periode bij pijn letten op mijn ademhaling en op enige energetische beweging in mijn fysieke lichaam. Om vervolgens met gezond verstand te kunnen beleven om wat voor een type pijn het gaat en hoe ik moet handelen ten opzichte van de pijn.

Dag 368 van 2555: MOETEN

DIP Lite cursusEen tijd geleden viel het mij ineens op dat ik het werkwoord ‘moeten’ in gesproken taal en geschreven taal wel veel gebruikte. Ik zag dat ik het naar mijzelf toe gebruikte, maar ook naar de ander toe als een reflectie op mijzelf. Ik bekeek of de betekenis die ik aan het werkwoord gaf steeds dezelfde was of niet. Ik gebruikte het woord en in de dwingende betekenis van ‘verplicht zijn’.

Telkens als ik het woord gebruikte stopte ik even, of als dat niet kon op een later tijdstip, en keek of ik dit woord ook voor een ander woord kon vervangen wat daadwerkelijk aangaf wat ik wilde uitdrukken. Het veelvuldig gebruik van moeten werd een soort van rode draad in mijn leven waar ik naar alle waarschijnlijkheid vind dat ik dingen moet van mijzelf of van anderen. In het moment ervoer ik het niet bewust als een last/dwingend, pas toen ik het recentelijk ging onderzoeken, zag ik dat het woord letterlijk uitdrukte hoe ik het leven daadwerkelijk en niet altijd even bewust ervoer/ervaar. Dat was best even schrikken en een ‘reality check’. Ik zie mijn leven niet als iets verschrikkelijks of niet te doen, maar dat neemt niet weg dat ik altijd dingen van mijzelf moet naast de dingen die ik van anderen moet en die ik vervolgens dus weer van mijzelf moet.

Ik keek nog eens verder en dacht: als ik telkens dingen moet van mijzelf, wie is dan dat zelf? Dat was niet zo’n moeilijke vraag eigenlijk. Alles wat ik moet daar liggen emoties, gevoelens en angsten aan ten grondslag. Mijn denken zegt dat ik dingen moet, de stem in mijn hoofd zegt dat ik naar de wc moet, nog een koekje moet eten, netjes gedag moet zeggen, beleefd moet zijn, mij van mijn beste kant moet laten zien, ik niet te laat naar bed moet gaan, niet meer geld uit moet geven dan nodig is en vooral gezond moet eten. Zo kan ik mijn hele dag vullen met moeten, zonder mijn echte zelf of zelfexpressie niet aan bod te laten komen. Het moeten is dus van de ‘geest’ omdat ik dat toesta en accepteer en daardoor ervaart mijn lijf de stress, die ik niet direct voel/ervaar en koppel aan het moeten.

Ik moet naar de wc, want als ik niet ga dan plas ik in mijn broek en moet ik de bende weer opruimen. Dus dat ik naar de wc moet van mijzelf is gebaseerd op vrees voor de gevolgen. Ik kan ook gewoon naar de wc gaan en plassen, omdat mijn blaas vol is, zonder die dwingende betekenis eraan te geven vanuit emotie.

Ik moet nog een koekje eten, want vanuit een gevoel van hebberigheid en bang tekort te komen eet ik een extra koekje alsof het een essentiële maaltijd is die ik niet kan overslaan. Ik kan ook nog een koekje eten, omdat het kan en ik tussendoor daarvan mag genieten, maar dan heeft het ineens geen emotionele lading meer.

Ik moet netjes gedag zeggen als kind, om zo de reflectie te kunnen zijn van mijn ouders en hun imago niet te grabbel te gooien. Waardoor ik vanzelf ook netjes gedag moet zeggen om mijn ouders niet teleur te stellen en uit angst voor de gevolgen als ik niet gehoorzaam. Ik kan als kind ook mensen groeten omdat ik hen ken of omdat ik net met hen gesproken heb. Ook in dit geval zou het groeten dan emotie vrij zijn.

Ik moet beleefd zijn of ik moet mij van mijn beste kant laten zien, want ik kan niet zeggen wat ik denk en in eerlijkheid er alles maar uitflappen. Ik heb dus angst dat men mij anders zal zien en waarderen wanneer ik niet beleefd ben. Ik kan de ander ook als mijzelf behandelen en de ander dat geven wat ik graag zelf zou ontvangen, vanuit wederzijds respect.

Ik moet niet te laat naar bed gaan, dus ik moet naar bed. Ik moet naar bed uit angst dat ik morgen anders niet ben uitgeslapen. Is het niet zo dat wanneer ik fysiek en/of geestelijk echt moe ben, ik gewoonweg naar bed kan gaan? Dit is gezond verstand in plaats van de dwingende toon van de ‘geest’ die ik mijzelf laat sommeren om naar bed te gaan.

Ik moet niet meer geld uitgeven dan nodig is. Het grappige is dat ik nagenoeg nooit meer geld uitgeef dan nodig is en toch moet ik dit van mijzelf goed onthouden en tegen mijzelf zeggen als ik geld uitgeef. Dus in feite vertrouw ik mijzelf niet en ben ik bang tekort te komen. Mijn handelen is, dat uitgeven wat mogelijk is, maar omdat dit met een onderlading gaat van het moeten komen mijn handelen en gedachten niet met elkaar overeen en komt er frictie. Ik kan en mag geld uitgeven voor de dingen die nodig zijn en als het budget het toestaat dan mag ik ook zo nu en dan geld aan zaken besteden die niet direct ‘nodig’ zijn.

Ik moet gezond eten, want eigenlijk ben ik bang dat ik niet gezond blijf wanneer ik niet gezond eet. Wat automatisch geeft dat ik eet met emotie, namelijk de emotie van het moeten. Ik kan ook gewoon een balans vinden in een hoofddeel gezonde zaken waarvan ik weet en getest heb dat die mijn lijf in balans houden en zo nu en dan iets wat niet direct onder ‘gezond’ valt, maar moet kunnen.

Dit is maar een greep uit mijn moeten en wat ik doe en heb gedaan met al deze voorvallen in mijn werkelijkheid, is het direct corrigeren. Het direct corrigeren voordat het plaatsvindt of nadat het heeft plaatsgevonden. Of ik doe eerst zelfvergeving wanneer ik een denkpatroon zie of zaken die ik eerst dien te vergeven alvorens mijzelf te corrigeren. Dat wil niet zeggen dat ik het werkwoord moeten nu mijd, maar ik streef ernaar om het woord niet meer in combinatie met emotie, gevoel en angst te gebruiken.

Dit ene werkwoord deed mij beseffen dat ik mijn hele leven dus in dienst van mijn ‘geest’ heb geleefd, omdat ik altijd van alles moest. Het is nu dan ook tijd om in dienst van mijzelf te gaan staan, los van emoties, gevoelens en angsten die mij aansturen en richting aan mijn leven geven.

Dag 366 van 2555: we zijn allemaal één en lopen ons eigen proces

DIP Lite cursusTerwijl ik een ander zelfverzekerd gedrag zag vertonen als een vasthouden aan meningen en gedachten, kwamen er reacties in mij los. Mijn reacties waren vooral gericht op het ‘willen vasthouden aan’ van de ander, de ander nam hier een houding bij aan die uitstraalde  alles te weten en week niet van het standpunt. Dit bracht mij in verwarring. Eerst verschool ik mij in stilte in inferioriteit ten opzichte van de ander. Wist ik inderdaad waar ik het over had? Vervolgens schoot ik binnenin mij in de superioriteit, de ander wil mij wat opleggen iets wat ik niet ben en hoe ik niet ben. Ik zie angst in de zelfverzekerdheid van de ander en ik zie angst in mij dat ik misschien niet die ben wie ik denk dat ik ben, hoe ik mij gedefinieerd had.

Ik had mij laten verwarren door wat ik in de ander zag en in mijzelf voelde. Wat is van mij en wat is niet van mij? Ben ik zelfverzekerd en wil ik mijn mening doordrukken? Van tijd tot tijd zeker wel. Heb ik in zo’n moment de angst dat de ander het niet zal pikken en het geheel in een ander perspectief ziet wat net zo valide is of zelfs het enige valide is? Ja, bij zelfverzekerdheid uit starheid komt ook angst om de hoek kijken. Het is mijn zelfdefinitie die hier behoorlijk gekieteld wordt. Ik doe dingen zoals ik ze doe en dat wil ik eigenlijk niet zomaar veranderen, ik wil niet verschrikkelijk veel moeite doen om het op de manier te doen zoals de ander het doet. Ik ben uiteindelijk bang om mijzelf te moeten verliezen, om mijzelf te moeten aanpassen aan de ander, omdat deze dit met stelligheid en zelfverzekerdheid brengt, maakt dat de angst in mij los dat ik als ik A zeg ook B moet zeggen en nooit meer kan zijn wie ik ben. Door deze angst kan ik ook niet meer helder denken in dat moment. Ik zie alleen maar een identiteit die afgepakt dreigt te worden en ik bestempel de ander als betweter en naar. Terwijl ik eigenlijk aan het vechten ben met ideeën en gedachten in mijn eigen ‘geest’ die alleen in mijn geest zich afspelen, alle interpretaties van woorden, handelingen, gezichtsuitdrukkingen en lichaamstaal van de ander worden vertaald door de bril van angst dat ik niet meer zal zijn wie ik denk te zijn. Ik zal mij moeten overgeven gaat er door mij heen, of ik vecht en schiet dus in dezelfde zelfverzekerdheid als de ander. Maar uit dit niet, verwerk dit vanbinnen en sta op knappen. Alle volgende momenten zijn doordrenkt van deze ervaring die zich al meerdere malen heeft afgespeeld, de ander zet de hakken in het zand en ik zet de hakken in het zand, we zijn elkaars reflectie, waardoor mijn verdere interactie met de ander krampachtig is en gebaseerd in de angst dat de ander mij wil veranderen waardoor ik mijzelf niet meer zal herkennen.

Door de angst is er niets in mij dat met gezond verstand kan zien dat ik dat wat de ander mij spiegelt en aanreikt kan gebruiken om in zelfoprechtheid te kijken naar mijn zelfdefinitie en mijn angst om te verdwijnen als wie ik ben. Gebruiken wat de ander mij aanreikt wil niet zeggen dat de ander mij verteld hoe en wat ik moet gebruiken, nee het is dat wat ik kan zien in mijzelf dat verandert kan en mag worden, om zo mijzelf te verbeteren en niet te verdwijnen. De angst zal mij langzaam doen verdwijnen. Dus ik ben één in de starheid en zelfverzekerdheid als de ander, hoe ik hier verder mee om zal gaan dat zal mijn pad zijn om te lopen, om te zien dat veranderen niet eng is en zelfverzekerdheid mag plaatsmaken voor zelfvertrouwen en zelfintimiteit.

Ik realiseer mij dat ik dat kan gebruiken wat de ander mij aanreikt om mijn puzzel op te lossen, zonder dat mijn puzzel veranderd in die van de ander.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om reacties toe te staan op het gedrag van de ander en de ander als de schuldige te ervaren van wat het in mij los maakt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de ander als de schuldige aan te wijzen voor de angst die ik ervaar in mij in interactie met de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet geconfronteerd wil worden met wat de ander in mij los maakt. Ik stop de angst die loskomt door het gedrag van de ander, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om dat wat de ander in mij losmaakt te onderzoeken en te zien wat het werkelijk is dat mij raakt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het ‘willen vasthouden aan’ van de ander niet te willen zien als een karaktertrek van mijzelf en dit te ervaren als een aanval op mij als persoonlijkheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van aangevallen voelen door de ander die gelijk gedrag vertoont, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet geconfronteerd wil worden met een karaktertrek die ik niet echt waardeer in mijzelf maar ook zie als overlevingsgereedschap om te blijven wie ik denk dat ik ben. Ik stop de drang om de gedachten over mijzelf en wie ik ben in stand te houden, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te onderzoeken wat het precies is dat ik niet wil loslaten van mijzelf dat ik bereid ben hiervoor te vechten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om verwarring te ervaren als ik denk dat mijn persoonlijkheid die alles weet en zelfverzekerd is wordt afgenomen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om geen zelfvertrouwen meer te hebben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in polariteiten denk, waardoor ik dus onzeker zal worden als mijn zelfverzekerdheid wordt weggenomen. Ik stop het denken in polariteiten, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat ik ook besta zonder onzekerheid en zelfverzekerdheid die beiden vanuit polariteit gevoed zijn en die om te beginnen geen echt zelfvertrouwen in mij teweegbrengt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in inferioriteit te schieten en te twijfelen aan mijzelf, waardoor de zelfverzekerdheid die ik dacht te bezitten geen echt zelfvertrouwen kon zijn.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van zelftwijfel, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik aan mijzelf twijfel omdat ik diep van binnen weet dat mijn zelfvertrouwen gebaseerd is op gedachten/opinies over wie ik denk te zijn. Ik stop de de twijfel en zoek de stabiliteit in mij, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet aan mijzelf te twijfelen maar in mijzelf te geloven dat zelfvertrouwen vanuit eenheid en gelijkheid met de ander mogelijk is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in de superioriteit te schieten om mijn persoonlijkheid als zelfverzekerd veilig te stellen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon waarbij ik inferioriteit ervaar en superioriteit gebruik om dat wat ik denk dat stukgemaakt wordt te beschermen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de enige ben die iets kan stukmaken of kan toestaan dat iets in mij wordt stukgemaakt door starheid en gebrek aan wil om te veranderen. Ik stop de polariteit in mij, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de ander niet als de vijand te beschouwen maar als de aangever die mij kan doen inzien dat ik de vijand kan zijn van mijzelf als ik mijzelf als gedachten en opinies niet stop.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben over wie ik denk te zijn en of ik dat ook daadwerkelijk ben aangezien mij dat nu veiligheid en bescherming lijkt te bieden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om te ontdekken wie ik echt ben of wie ik echt kan zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik bang ben van een spookbeeld in mijn ‘geest’ zonder dit ooit in de werkelijkheid te testen. Ik stop de angst, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien wie ik ben als ik mijn ideeën over mijzelf en aangemeten persoonlijkheden los laat. In het ergste geval beval het mij niet wat ik zie, dan bestaat er altijd nog de kans om mijzelf te corrigeren in het belang van een ieder.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in verwarring te zijn over wat ik bij de ander zag en hetzelfde van binnen bij mijzelf voelde.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet de reflectie van mijzelf te willen zien in de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de reflectie als bedreigend ervoer als zijnde mijn ‘geest’ en de bedenker van mijn zelfverzekerde persoonlijkheid. Ik stop de angst voor de ander die een deel van mij reflecteerd, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet weg te schrikken van de reflectie momenten van de ander naar mij, maar het tot mij te nemen en te zien wat ik er mee kan, wat het mij zegt zonder reacties een oordelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de angst voor de ander die mij kan veranderen als een reële daad van de ander te ervaren en niet te zien dat ik bang ben voor mijzelf, voor de verandering in mijzelf die ik, alleen ik kan teweegbrengen en stoppen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst van mijn ‘geest’ uit dat ik mijzelf zal veranderen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik als ik de ‘geest’ geloof nooit zal veranderen zonder de ‘geest’ van dienst te zijn. Ik stop de angst voor mijzelf door de ogen van mijn ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te realiseren dat mijn ‘geest’ geen boodschap heeft aan veranderen in het belang van een ieder en alle gedachten zal aanwenden om mij te doen geloven dat het beter is om te gehoorzamen aan de ‘geest’ dan aan mijzelf trouw te blijven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de ander als de boodschapper van mijn eigen bericht te beschuldigen als aanvaller.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de boodschapper te willen aanvallen en het bericht niet willen accepteren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat de boodschapper slechts de boodschapper is en dat ik heftige reacties op de boodschap heb en niet op de boodschapper. Ik stop de angst en boosheid jegens de boodschapper, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in het vervolg te kijken wat de boodschapper te zeggen heeft en mijn reacties op de boodschap in het juiste perspectief te zetten zodat ik ermee kan werken en zien of ik het op dit moment in mijn proces kan aannemen of nog moeten laten liggen als iets dat ik later opnieuw bekijk.

Dag 360 van 2555: niet willen ervaren in het moment – Lyme geconstateerd bij mijn zoon

DIP Lite cursusDeze blogpost is een vervolg op de vorige post “een masker van kalmte”. In mijn vorige post beschreef ik wat er aan gevoelens door mij heen ging toen we een teek op de enkel van mijn zoon vonden en ik die verwijderde.

Deze blogpost gaat over het laten testen van mijn zoon en erachter komen dat de teek die hem beet hem Lyme gaf. Gelukkig waren we er vroeg bij en kan er nog wat aan gedaan worden. Maar wat deed dat met mij in het moment.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te willen ervaren wat er onder mijn strakke waterspiegel zich afspeelde toen ik hoorde dat ook mijn zoon Lyme heeft.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het negeren van wat hier is als gevoelens en emoties, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet mee hoef te gaan in deze emoties en gevoelens, maar het is wel waardevol om te weten wat mijn water beroerd onder de strakke waterspiegel. Ik stop het negeren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het ontkennen te stoppen als een kurk op de fles die gevuld is met angst en projecties in de toekomst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn voor het woelige water onder de strakke waterspiegel.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf aansturen in het moment door gevoelens en emoties te negeren/mij ervan af te scheiden om stabiel te kunnen zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet van stabiliteit kan spreken wanneer ik niet alles in overweging neem, dus ook de emoties en gevoelens. Ik stop het mij afscheiden van mijn gevoelens en emoties, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien dat ik een ‘totaal pakket’ ben waar ik niet die zaken uit kan halen waarvan ik vermoed dat zij mijn ‘ogenschijnlijke stabiliteit’ zullen verstoren, dus neem ik alles in overweging in het moment en kijk ik ook naar de emoties en gevoelens zonder op deze golven mee te gaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat de emoties en gevoelens die als energie bewegen in mijn solar plexus eng zijn, bedreigend zijn voor mijn stabiliteit waar ik in dat moment zo graag in wil geloven.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst hebben voor mijn eigen gecreëerde emoties en gevoelens, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn creatie wel in de ogen moet kijken, omdat het deel is van mij. Ik stop mijn angst, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen angst voor mijn angsten te hebben maar ze met opgeheven hoofd te zien voor wat ze zijn.

~

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat het fout zal aflopen met mijn zoon en hij net als mijn dochter chronische Lyme zal ontwikkelen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het projecteren van een uitkomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet bij machte ben in dat moment om de uitkomst te voorspellen. Ik stop het projecteren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om dit proces met hem te lopen en elke keer daar waar kan te handelen in het belang van een ieder, te ademen en mijzelf niet gek te laten maken door een angst die nergens op gebaseerd is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat mijn zoon niet meer te redden is.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon waar ik van het ergste uitga en dus in polariteit ben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik het ergste denk om zo verast te worden wanneer het tegenovergestelde bewaarheid wordt. Ik stop de polariteit, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te snappen/zien/realiseren dat wanneer ik van het ergste uitga, ik niet mijn ware ik mijzelf laat aansturen, maar een ego/’geest’ ben die vaart op polariteit om energie op te wekken in mij met de mogelijkheid om dit te vergroten door de frictie die in mij in gang is gezet door mijn goedkeuring en acceptatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik de teek er verkeerd uit heb gehaald en dus dit alles heb veroorzaakt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van willen verklaren waarom mij dit een tweede keer overkomt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in een slachtoffer rol ga zitten door mijzelf de schuld te geven. Ik stop het beschuldigen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren /begrijpen dat ik door mijzelf de schuld te geven ik mijzelf stop en mijzelf niet verder motiveer om te zien waarom dit is en hoe het komt dat er zoveel besmetting door teken plaatsvindt en het zo in een groter perspectief zet dan mijn eigen bubbel.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik gefaald heb als moeder.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf in te dekken door mijzelf af te vallen als moeder, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alvast maar zeg tegen mijzelf dat ik gefaald heb om alles voor te zijn wat in deze richting zou wijzen. Ik stop het indekken, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het indekken achterwege te laten en mij te richten op oplossingen in plaats van mijzelf naar beneden halen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat wanneer ik de angsten erken, ik mijzelf zal verliezen in de hysterie van deze emoties en gevoelens.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van bang te zijn de controle te verliezen over mijn emoties en gevoelens, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door controle te proberen houden mijzelf een niet echte vorm van aansturen voorhoud. Ik stop de angst voor het verlies van controle, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de woorden controle en aansturen niet met elkaar te verwarren en te zien dat controle van het ego/’geest’ is en mij een niet echte ervaring bezorgt van het aansturen van mijzelf.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken “nee hè niet weer”.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van slachtofferschap door te projecteren in de toekomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet werk aan een oplossing maar mijzelf stop en laat devalueren. Ik stop het devalueren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet langer als slachtoffer te zien maar als een moeder met een kind dat Lyme in een zeer vroeg stadium heeft waar de kaarten nog absoluut niet van geschud zijn en de uitkomst nog alle kanten op kan. Dat is ook waarom we behandelen als oplossing en niet bij de pakken gaan neerzitten en wachten totdat de ziekte chronisch wordt en hem gaat belemmeren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om met het hoofd koel houden en sterk te zijn in een heftige situatie voor mijn kinderen, mis te interpreteren en dus alles te onderdrukken en te geloven dat ik daar goed aan doe.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van onderdrukken om het hoofd koel te houden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf van mijzelf afscheid. Ik stop het afscheiden, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf heel te maken en de emoties en gevoelens durf te aanschouwen in het moment waarbij ik geen angst heb dat ik wordt gezogen in een innerlijke onrust/verwarring, maar simpel zie/begrijp/realiseer dat dit in mij bestaat en ik dat kan veranderen door mijzelf te begrijpen en te zien/begrijpen/realiseren waarom ik dit doe.

Dag 359 van 2555: een masker van kalmte

DIP Lite cursusMijn zoon kwam terug van 3 dagen schoolkamp naar de Ardennen. Zij hadden survival activiteiten gedaan en kampeerden midden in de natuur in tipi tenten. Er werd hen aangeraden om zichzelf te controleren op teken na het struinen in de natuur. Mijn zoon besloot niet te douchen aangezien zij met 100 man 2 douches tot hun beschikking hadden en dit moest plaatsvinden voordat zij een survivaltocht door water en modder gingen maken.

Na het eten op de avond dat hij terug was gekomen zat ik met hem na te praten over hoe hij het had ervaren zo’n kamp, waarop hij aan zijn enkel kriebelde en vervolgens keek naar wat daar zat. Het was een teek van zo’n 2-3 millimeter groot die inmiddels in zijn enkel vastzat. Hij had deze teek absoluut niet gezien, maar toch was hij daar. Ik bleef kalm, maar voelde de onrust van binnen wel aanzwellen. Gedachten kwamen op van: niet nog een kind dat aan Lyme moet lijden. Met de chronische Lyme van mijn dochter in mijn achterhoofd kon ik in dat moment mij niet neutraal opstellen.

Normaal gesproken verwijdert mijn partner de teken aangezien hij daar een handigheid in ontwikkelt heeft. Mijn partner was niet thuis, dus besloot ik met mijn bijna geen ervaring toch de theorie in de praktijk te brengen. Met de tekentang heb ik zo’n 6 pogingen gedaan voordat ik de teek eruit had. De plek was wat geïrriteerd en rood om de beet door het kriebelen van mijn zoon en het eruit halen van de teek. Mijn dochter wilde naar de huisartsenpost om de teek daar te laten verwijderen, maar ik vond dat ik het eerst moest proberen aangezien ik een tekentang bezit. Toen de teek eruit was heb ik een cirkel om de beet met pen op zijn enkel gezet en de volgende ochtend was er geen grote rode kring ontstaan. Wel ben ik goed aan het opletten of hij verschijnselen krijgt die anders zijn dan anders, wat niet makkelijk is met een kind dat 2 nachten slecht geslapen heeft en spierpijn van de activiteiten en lange busreis.

Tijdens het eruit halen van de teek had ik een angst over mij heen dat ik de teek er niet goed uit zou krijgen en daardoor meer schade zou aanbrengen. Wanneer mijn zoon au zei dan wist ik bijna zeker dat ik iets fout deed met de teken tang. Hetgeen waarom mijn zoon au zei was het feit dat ik met de 6 pogingen ook langzaam de plek aan het epileren was en het eruit draaien van haren nu niet heel lekker aanvoelt op een tere plek als een enkel. Ik wilde kalmte bewaren om mijn zoon geen angst aan te jagen, maar noch ik als mijn dochter waren er echt kalm onder. Het was dan ook niet gek dat mijn zoon even later precies wilde weten hoe iemand besmet kon raken met Lyme door een teek die als gastheer functioneert. Ook toen voelde ik mij schuldig dat hij verder aan het denken was over Lyme en ik wellicht hem had bang gemaakt door te handelen vanuit een startpunt van angst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het woord teek in mijn solar plexus beweging waar te nemen en dit te negeren, omdat ik er niet mee geconfronteerd wil worden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van energie beweging in mijn solar plexus te ervaren en dit te negeren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in dat moment de confrontatie met mijzelf niet aan wil en sterk wil zijn, maar het tegenovergestelde bereik door angst toe te laten in mijn denken en handelen. Ik stop het negeren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om energie beweging in mijn solar plexus altijd in het moment te onderzoeken, zodat de gevolgen beperkt blijven, en ik vervolgens vrij van emoties en angsten kan denken en handelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het zien van de teek in de enkel van mijn zoon het hele traject van besmetting aan mij voorbij zag gaan in mijn ‘geest’.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het projecteren van gevolgen in de toekomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf niet stabiliseer door aan alle mogelijke uitkomsten te denken vanuit een startpunt van energie/angst. Ik stop het projecteren, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om vanuit gezond verstand te bedenken wat ik moet doen in het moment om verdere gevolgen te voorkomen, maar niet preventief te denken/handelen vanuit angst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat wanneer ik een masker van kalmte opzet ik ook kalm van binnen ben en dus kan handelen/denken vanuit stabiliteit/kalmte.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de buitenkant perfect te laten zijn terwijl de binnenkant niet meer weet wat te doen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de schone schijn niet kan ophouden en dat ik binnen en buiten hetzelfde zal moeten zijn om echte kalmte te kunnen uitstralen en een echt punt van kalmte voor de ander kan zijn. Ik stop de mooie buitenkant als het niet strookt met de binnenkant, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om meer te oefenen met het gelijk trekken van mijn binnen- en buitenwereld en dat ik zolang dat nog niet een natuurlijke expressie van mijzelf is, ik de buitenkant stabiel laat zijn en vergeving doe op dat wat nog niet lukte aan de binnenkant, om zo mijzelf te corrigeren en het op een ander moment nogmaals te proberen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de emoties die rondgingen binnenin mij ten tijde van het verwijderen van de teek te willen onderdrukken om zo kalmte op te roepen of ruimte te maken voor kalmte.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van emoties onderdrukken om er geen last van te hebben in het moment, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik met iedere onderdrukking vaneen emotie meer gevolgen de wereld in help. Ik stop het onderdrukken, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer er emoties van binnen rondgaan ik de emoties erken en zie, maar ze niet ervaar of meega op de emoties en zo mijn handelen/denken te laten beïnvloeden door deze emoties. Op die manier weet ik dat deze emoties er zijn en kan ik op een later tijdstip hen aanpakken om zo in het vervolg te snappen wat mijn valkuilen zijn in bepaalde situaties.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat deze angst die ik ervoer een angst voor de dood van mijn kind is en dus een overlevingsangst.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van overlevingsangst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik angst ontwikkel voor iets dat nog niet gebeurt is of staat te gebeuren. Ik stop het projecteren van angst voor overleving, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/begrijpen/realiseren dat angst op voorhand geen goede gids is om zaken met gezond verstand af te handelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf de schuld te geven van het krijgen van een tweede kind met Lyme.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mij schuldig voelen aan iets dat er nog niet is, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik bang ben dat door mijn handelen vanuit emotie gevolgen ontstaan waardoor mijn zoon ziek wordt. Ik stop het aanpraten van een schuldgevoel aan mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet op de feiten vooruit te lopen en te zien/begrijpen/realiseren dat ik wel weet dat handelen vanuit angst niet okay is en daardoor dus vrees dat er nare gevolgen van komen en zo op voorhand mijzelf te straffen doormiddel van een schuldgevoel.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik de chronische Lyme van mijn dochter emotioneel aankan en dus niet geconfronteerd wil worden met het tegenovergestelde.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van denken dat ik stabiel ben op een bepaald punt, maar waar de realiteit mij anders laat zien, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hierop reageer met ontkenning en mijn buitenkant bij elkaar pak om een masker van kalmte op te zetten. Ik stop de ontkenning, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niets te ontkennen dat fysiek bewezen is en zo dus geen strijd aan te gaan binnenin mij die alleen maar meer energie en ontkenning zal uitlokken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om kalm te willen blijven voor de ander om zo mijn angst niet over te berengen op de ander.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van kalm willen blijven omwille van de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik eerst zelf kalm moet wezen om als punt van kalmte voor de ander te kunnen fungeren. Ik stop het handelen om de ander te ondersteunen zolang ik mijzelf niet eerst kan ondersteunen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om eerst voor mijzelf te kiezen, niet vanuit een punt van egoïsme, maar om te zien/begrijpen/realiseren dat ik niets voor de ander kan betekenen als ik het niet eerst zelf op orde heb.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een kalme persoonlijkheid in het leven te roepen om zo niet eerst naar wie ik ben in het moment hoef te kijken.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een persoonlijkheid uit de kast trekken om zo mijzelf te omzeilen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet alleen mijn emoties onderdruk/negeer maar ook mijzelf. Ik stop het omzeilen/negeren van mijzelf, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer zodra het moeilijk wordt een andere persoonlijkheid uit de kast te trekken en zo te denken dat ik de situatie heb gered/opgelost, terwijl ik afscheiding in mijzelf heb gecreëerd door mijzelf af te splitsen in een andere persoonlijkheid.

Dag 351 van 2555: Mijn beste kunnen realiseren en leven.

DIP Lite cursus

1. Mijn beste kunnen realiseren en leven.

Dit is het eerste principe van mijn beginselverklaring en ook het eerste principe waarover ik zal schrijven in deze blog post.

Mijn beste kunnen is een redelijk soepel begrip binnen onze maatschappij, al van kleins af aan roepen we: “…maar ik heb echt mijn best gedaan”, de vraag is of dat hetgeen is wat nodig is wanneer wij het uiterste uit ons zelf willen halen omdat wij simpelweg geloven dat we het in ons hebben. Geloven of weten dat je het in je hebt om alles aan te pakken wat op je pad komt en in het belang van een ieder is, dat is in wezen het volste vertrouwen in jezelf hebben. Wanneer wij erop vertrouwen dat wij iets kunnen, dan weten we ook in zelfoprechtheid of wij echt ons best hebben gedaan om dit ‘iets’ te laten gebeuren. Geen vertrouwen in onszelf maakt dat we vleugellam worden gemaakt door onszelf.

Het begint met van die gedachten die door je hoofd gaan die je ontmoedigen om door te gaan en net niet dat extra stapje doen zetten waardoor je zou moeten weten dat je tot het uiterste van jezelf bent gegaan en dus het uiterste binnen je mogelijkheden hebt bereikt. Als ik terugkijk in mijn leven dan heb ik veel mijn best gedaan omdat dit van mij werd verwacht als kind en later als volwassene. Bijna altijd kon ik zien dat ik niet tot mijn uiterste kunnen ging. Er was altijd dit moment van: “het is zo wel goed genoeg”. Het zag er voor de buitenwereld uit alsof ik enorm mijn best deed en alles uit mijzelf haalde en wellicht deed ik meer dan gemiddeld, ik ha dalleen mijzelf als voorbeeld. Toch deed ik niet zoveel als ik had kunnen doen en dit heeft duidelijk te maken met uiteindelijk niet echt vertrouwen in mijzelf hebben.

Op een bepaald punt liet/laat ik het los ondanks dat ik wist/weet dat ik nog niet op de bodem van mijn kunnen zat/zit. Wat is dit punt nu precies? Een soort van zelfsabotage waarin ik geloof dat ik zoiets niet kan en dus op het moment dat ik zou kunnen laten zien aan mijzelf dat ik het wel kan, dan stop ik mijn handelen om te voldoen aan het plaatje dat ik van mijzelf heb gemaakt in mijn geest. Alsof ik niet buiten het voorgeprogrammeerde plaatje kan treden, alsof ik niet kan/mag veranderen van mijzelf. Dus een angst om te veranderen is het wat achter dit niet tot het uiterste schuilgaat.

Sinds ik met mijn Desteni proces ben begonnen heb ik mijzelf op velerlei gebied op de proef gesteld en mijzelf steeds weer een stukje verder gemotiveerd. Nu ik in het proces ben van het opzetten van een bedrijf zie ik dat ik wel in staat ben om net dat stapje verder te gaan en dingen aan te pakken die ik eerder bestempeld had als ‘dat ben ik niet’ of ‘dat is niet echt iets voor mij’. Ik heb nieuwe dingen in mijzelf ontdekt die ik eerder niet wilde zien, omdat dit verandering met zich meebracht die ik toen niet aan durfde te gaan. Ik merk nu dat ik niet alleen op het zakelijke gebied mijzelf er toe zet om het uiterste uit mijzelf te halen, maar dit werkt ook door in mijn privé leven. Het moment dat ik door de zoveelste barrière heenging en merkte dat er niets gebeurde als ik een tandje meer bijzette en mijzelf dwong niet met minder genoegen te nemen dan wat er in mij zit, waren eigenlijk hele gewone momenten. Met andere woorden het leven ging gewoon door, geen knallende champagne flessen en vuurwerk omdat ik mijzelf door weerstanden en angsten heen duwde. Achter de weerstand was gewoon leven, alleen ik was in staat om meer uit dat leven te halen dan voorheen.

Momenteel ben ik bezig mijzelf steeds weer op nieuw terrein te begeven om te zien dat wie ik inmiddels ben en de handvaten die ik inmiddels heb in het leven, voldoende zijn om tot volledige bloei te komen. Het enige dat ik moet doen is geloven in mijzelf en de kansen die op mijn pad komen met beide handen aanpakken. Een verkeken kans komt niet meer terug een nieuw moment om te besluiten om te veranderen dient zich aan in elke nieuwe ademhaling. Dat is mijn houvast in het leven geworden en niet meer een beperkt beeld van mijzelf gevormd door angsten. Wanneer het in mij zit dan mag het er ook uitkomen, het getuigt niet van gezond verstand om met minder genoegen te nemen als ik in staat ben om mijzelf het uiterste/beste te kunnen geven. Het is een besluit/principe waar ik voor sta en waar ik mijzelf aan kan herinneren in tijden van terugval.

Ik ben wie ik ben door hoe ik mijzelf heb voorgenomen te zijn, ik kan mijzelf te kort doen en ik kan mijzelf overschatten of door vallen en opstaan leren waar mijn uiterste kunnen ligt en te werken met wie ik ben in het moment zonder opgelegde beperkingen te accepteren en toe te staan. Ik ben wie ik kan zijn en dus wie ik mag zijn van mijzelf.