Dag 354 van 2555: ik wil niet kiezen, ik wil doen wat ik wil

DIP Lite cursusVandaag ging ik opnieuw in een patroon wat ik bewust meemaak, maar waar ik mijzelf niet echt stop. Op dit moment stop ik het wel, in die zin dat ik het nu maar laat gebeuren wat ik eigenlijk in eerste instantie niet wilde laten gebeuren en dus vol in reactie doorga. Waar het hier om gaat is het volgende, ik plan mijn dagen behoorlijk vol als zzp-er en alles loopt op rolletjes zolang ik mijn schema/agenda kan volgen. In de zomerperiode heb ik wel mensen over de vloer die frequenter langskomen dan anders, gevraagd of ongevraagd, zij nemen tijd in beslag die ik eigenlijk niet heb wanneer ik vasthoud aan mijn schema. Daar komt nog eens bij dat ik kantoor aan huis heb en men al snel niet het gevoel heeft dat zij eigenlijk een werkplek betreden waar ik luttele seconden voordat de bel ging nog zat te werken. Ik kan natuurlijk zeggen ik heb hier geen tijd voor, dus ik wijs de mensen de deur, maar ik vind het tegelijkertijd ook fijn of gezellig wanneer mensen langskomen. Ik houd van dat sociale aspect, het communiceren met anderen. Toch zie ik dat ik niet honderd procent hier kan zijn in het moment met de ander, omdat mijn agenda zich aan mij presenteert in mijn hoofd en er een klokje als een wilde doortikt. Wat resulteert in nog langer doorwerken dan normaal.

Toen ik mijn dilemma besprak met mijn tiener zoon zei hij, ja dan kan je nooit meer mensen op bezoek krijgen want jij hebt altijd wel wat te doen. En dat is ook zo, ik zou nooit meer iemand privé treffen wanneer ik alleen voorrang aan mijn schema geef. Wat ik nu dus doe, is het soepeler plannen van mijn agenda in die periode dat ik frequenter gasten over de vloer heb of naar mensen toe ga op privé basis. Wat er dan vervolgens om de hoek komt kijken is het schuldgevoel dat als een polariteit schuldgevoelens naar mijn taken en naar de bezoekers toe oproept. Het ziet er naar uit dat ik hiermee zal moeten experimenteren om te zien hoe dit scenario wel werkt zonder emotionele reacties en polariteiten eraan te koppelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zo in mijn werk op te gaan dat ik het vervelend vind als ik in mijn ritme gestoord word van werk en taken uitvoeren en afwerken.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van dat willen doen wat ik wil, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik op die manier alle interruptie van buitenaf als vervelend ervaar. Ik stop het doen van wat ik wil in het moment, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om verder te kunnen kijken dan wat ik wil in het moment en een onderbreking van werk een echte onderbreking te laten zijn, zonder eigenlijk in mijn geest nog aan het werk te zijn en dus een ontmoeting met anderen al start met gevoelens van ‘ik word gestoord in mijn ding’.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn binnenwereld als fijn te ervaren als ik geconcentreerd aan het werk ben en alle onverwachte zaken van buitenaf als vervelend te ervaren die mijn prettig zijn/verblijven in mijn geest verstoren.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van liever met mijzelf te zijn wanneer ik geconcentreerd werk, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ook interactie met anderen kan hebben en even kan stoppen met werk. Ik stop met het koppelen van geconcentreerd werken aan het verblijven in de geest, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om gefocust te werken maar niet de realiteit uit het oog te verliezen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gefocust werken te verwarren met opgaan in de geest en niet gestoord willen worden door uit de geest gehaald te worden en dit als bruut te ervaren.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van gefocust werken te verwarren met het verblijven in de geest, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik eerst voor mijzelf helder moet krijgen wat gefocust werken is. Ik stop het gebruik van een incorrecte definitie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om gefocust werken te interpreteren als werken aan de taken die gedaan moeten worden waarbij ik gefocust werk door mijzelf te aarden en te ademen en niet in de geest weg te vluchten om een prettig gevoel te genereren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te realiseren dat ik kan zeggen tegen de ander dat een bezoek mij niet uitkomt omdat ik zaken heb die echt af moeten zijn.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf schuldig voelen om mensen teleur te moeten stellen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de ander niet wil teleurstellen zodat de ander mij niet zal teleurstellen door te reageren in emotie. Ik stop het schuldgevoel, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/begrijpen/realiseren dat een schuldgevoel niets bijdraagt aan de situatie en de angst dat de ander mij zal teleurstellen is meer iets dat zich in mijn geest afspeelt dan in de werkelijkheid.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik alles moet kunnen doen en combineren zonder mijzelf af te vragen of dit wel binnen mijn mogelijkheden ligt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een te strak schema hanteren, waardoor ik keuzes moet maken die eigenlijk geen keuzes zouden moeten zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de lat te hoog leg en zo mijzelf een vrijbrief geef om te falen. Ik stop het plannen van een te strak schema, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een realistisch schema te plannen om zo niet de behoefte te voelen om mijzelf terug te hoeven trekken in mijn geest als fijne rustige plek, terwijl dat de plek is waar de emoties gefabriceerd worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niemand te willen teleurstellen incluis mijzelf.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de teleurstelling als iets verschrikkelijks te zien, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit niet realistisch plannen aan teleurstelling koppel terwijl het één de uitkomst van het ander is. Ik stop het verwachtingspatroon dat teleurstelling in de hand werkt, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om teleurstelling niet op te roepen door mijn handelen en zo mijzelf reden te geven om mijzelf terug te trekken in werk waarin ik mijzelf toesta in mijn geest te verblijven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de geest te verkiezen boven mijn fysieke werkelijkheid terwijl ik geniet van menselijk contact/communicatie

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van liever werken dan socialiseren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet hoef te kiezen, beide opties zijn open en het moment tezamen met mijn zelfoprechtheid zal mij wijzen wat de keuze moet zijn. Ik stop het denken in hokjes waarbij ik maar één keuze kan maken en niet kan wisselen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om dat te kiezen wat het beste is voor een ieder in het moment waarop de keuze zich aandient.

Dag 284 van 2555: van boosheid tot opluchting – zelfvergeving en zelfcorrectieve zinnen

basisinkomengarantieVoor context zie mijn voorgaande blog.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om boos te worden nadat ik genegeerd werd door de hulpverlener.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf in de steek gelaten te voelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik wanneer ik wordt genegeerd en dus mij in de steek gelaten voel ik voor dat moment even ophou te bestaan door de ogen van mijn ego, wat mij boos maakt als een soort van uiting van onmacht. Ik stop dit zelfmedelijden en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn kracht niet weg te geven aan de ‘geest’/ego om zo geen boosheid meer te ervaren en even op te houden te bestaan als zelfaansturend levend wezen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat wanneer ik genegeerd word door een hulpverlener ik nooit uit deze situatie kom en daadoor te laat op het revalidatiecentrum zal arriveren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn verantwoordelijkheid weg te geven aan een ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ik mijzelf niet langer aanstuur en dus daadwerkelijk voel/ervaar dat de situatie niet goed komt als de ander mijn verantwoordelijkheid niet overneemt van mij. Ik stop het slachtoffer zijn en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om altijd mijn zelfverantwoordelijkheid te nemen en de ander niet te misbruiken om mijn verantwoordelijkheid op te leggen, maar de ander zien als een ander levend wezen waar ik mee kan samenwerken om tot een oplossing te komen die voor beiden werkt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vanuit de angst om geen hulp te krijgen opstond en zelf hulp probeerde te mobiliseren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van opstaan vanuit angst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet handel vanuit zelfoprechtheid waardoor het beschuldigen van de ander of de situatie snel op de loer ligt en ik mijn zelfverantwoordelijkheid hierdoor niet neem. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om hulp te leren zoeken vanuit een situatie van gelijkheid en niet vanuit een slachtofferrol.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vanuit angst en boosheid met de hulpverlener te communiceren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van communiceren vanuit emoties, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hiermee niet mijzelf aanstuur maar mijzelf door de emoties laat aansturen en tegelijkertijd hetgeen terugkrijg als een reflectie van mijzelf als de ander. Ik stop de emoties  en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf bewust te zijn dat ik krijg wat ik geef en het dus niet verstandig is om vanuit boosheid en angst te communiceren wanneer ik ondersteuning wil bij het zoeken naar een oplossing.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet in de schoenen van de hulpverlener te kunnen plaatsen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van egoïsme, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door alleen mijzelf in mijn eigen bubbel te ervaren ik niet de andere kant van het verhaal in ogenschouw kan nemen los van het feit of dat legitiem is of niet. Ik stop het egoïsme en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in de schoenen van de ander te gaan staan ook als ik het niet eens ben met de motivatie van het handelen van de ander, wat betekent dat ik niet alleen kennis neem van de andere kant /de ander maar dit ook meeneem in mijn handelen als een feit en niet als iets dat bestreden moet worden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om verbolgen te zijn over het feit dat iets belangrijker is dan een hoofdader naar een zorginstelling vrij te houden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van onbegrip, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet wil begrijpen dat er in deze wereld uit ongelijkheid gehandeld wordt, waardoor ik mijzelf van de ongelijkheid/wereld separeer en zo mijzelf buitenspel zet. Ik stop het onbegrip en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet buitenspel te zetten, maar te onderzoeken wat maakt dat er adhoc beslissingen op gemeentelijk niveau worden genomen die in conflict zijn met de omgeving waarin de beslissing werkelijkheid wordt, om zo te kunnen meedenken over effectiever omgaan met adhoc situaties waar meerere belangen als even belangrijk gezien kunnen worden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te willen aannemen dat het leegpompen van een museum kelder belangrijker is dan de toegang open houden van een zorginstelling.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van superioriteit, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de ander als inferieur beschouw omdat de ander niet alle dimensies van het probleem heeft gezien/meegenomen. Ik stop de polariteit en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet te laten verleiden tot mijn participatie in de polariteit superioriteit-inferioriteit en dus energie te halen uit het goed voelen wanneer ik mij naar de superieure kant toe worstel. Ik ben hierdoor niet meer instaat om te zien dat ook ik niet altijd alle dimensies van een situatie/probleem in ogenschouw neem en in dit geval de schreeuw van het geld het zwaarste woog voor de gemeente, wat hen verblinde om uitvoering te geven aan dit overstromingsscenario vanuit het principe ‘in het belang van een ieder’.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de gemeente te beschuldigen van de onveilige verkeerssituatie die ontstaat wanneer mensen tegen het verkeer in moeten rijden om bij de zorginstelling te komen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van beschuldigen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik evenveel deel ben van het creëren van een onveilige verkeerssituatie door tegen het verkeer in de singel op te rijden. Ik stop het beschuldigen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om eerst te begrijpen waarom ik zo graag de ander beschuldig in bepaalde situaties en zoals hier was dit een vorm van de aandacht afleiden van het feit dat ik zelf de verkeerssituatie onveilig maakte, maar dit verantwoorde met het excuus dat de ander mij in dat pakket duwde door de singel af te sluiten.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn veel geld aan het parkeren in de stadsparkeergarage kwijt te zijn bovenop de kosten die we al hebben binnen dit revalidatieproces.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst om geld te verliezen dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik angst heb dat ik niet rond kom wanneer ik onverwachts teveel uitgeef, waarbij ik in deze situatie mij onmachtig voel over mijn bestedingspatroon dat zich voordoet of het nu uitkomt of niet. Ik stop de angst om te overleven en stuur mijzelf aan één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geld niet als angstterrorisme te gebruiken ook al kan ik nu eenmaal zoveel doen met zoveel geld, het is het niet waard om mij zorgen te maken op voorhand waar niets aan de situatie kan veranderen, ik moest hoe dan ook mijn auto ergens parkeren en overal zou dat geld hebben gekost, hierin was geen sprake van keuze, maar een gezond verstand beslissing over hoe lang ik mijn auto op het duur tarief liet staan kon ik wel nemen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vanuit de angst om veel geld kwijt te zijn aan het parkeren mij in allerlei bochten te wringen om de auto weg te krijgen uit de dure parkeergarage.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van handelen vanuit angst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik zonder angst of emoties de auto zo snel mogelijk naar een goedkoper tarief kon brengen na mij geïnformeerd te hebben over de mogelijkheden. Ik stop het handelen vanuit angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om ten allen tijden te handelen vanuit gezond verstand en zo ook mijn goed geïnformeerde afwegingen te maken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een schrik door mijn lijf te voelen op het moment dat ik gescheiden werd van mijn auto door een dicht traliehek van de parkeergarage.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst door projectie in de toekomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik al op voorhand mij zorgen maak en de situatie als onmogelijk inschat zonder de situatie te doorlopen. Ik stop het fysiek maken van de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de angst die ontstaat door in de toekomst te projecteren niet langer fysiek te maken, maar eerst de situatie te onderzoeken binnen mijn fysieke werkelijkheid alvorens er conclusie aan te ontlenen en hier vanuit te handelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn mijn auto die dag niet meer terug te krijgen en meer kosten te moeten maken door met de trein naar huis te moeten.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het verliezen van controle, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door geen controle op de kosten en het terug krijgen van de mijn auto te ervaren ik lichtelijk in paniek raak. Ik stop de controle en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de controle over de situatie en daarmee ook het verlies van deze controle te zien als een moeilijke spagaat om een situatie te redden door de ‘geest’/ego en mij te beseffen dat wanneer ik deze controle omzet in aansturen ik dit nooit kan verliezen, want ik stuur mijzelf altijd aan ook als ik besluit niets te doen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet meer één met mijn adem in het moment te zijn en vanuit angst om geen controle over de situatie te hebben mijzelf te verliezen in allerlei rampscenario’s en dit gezond verstand te noemen en het voorbereid zijn op het ergste.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van excuses bedenken om de controle te behouden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet in het hier en nu ben en dus excuses nodig heb om goed te keuren dat ik participeer in mijn ‘geest’. Ik stop de excuses en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in het moment één met de adem te zijn van waaruit ik mijzelf aanstuur en omga met de situaties waarin ik mij bevind, die ik creëerde door de handelingen die aan mijn handelingen vooraf gingen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te voelen om voor mijzelf op te moeten komen, terwijl ik door het traliehek schreeuwde.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst te hebben om op te staan, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik liever een ander had gehad die het voor mij zou regelen, zodat ik niet geconfronteerd zou worden met dat wat ik als mijn tekortkomingen betitel. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de angst om niet op te staan te zien voor wat het is, namelijk het niet geconfronteerd willen worden met mijn tekortkomingen die illusionair zijn, want zodra geld spreekt en ik de angst ervaar om geld te verliezen zie ik dat ik door deze druk enzelfoneerlijkheid wel kan opstaan en de situatie kan aansturen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om verbaasd te zijn dat de angst om de controle te verliezen mij deed handelen op een manier die ik niet gedacht had dat ik zou doen in zo’n situatie, namelijk het hard schreeuwen om hulp.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van ongeloof over mijn kunnen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit ongeloof gebruik als rookgordijn of dekmantel om mijzelf in de waan te laten dat ik niet instaat ben voor mijzelf op te staan en dat het beter is dat een ander dit voor mij doet. Ik stop het niet nemen van zelfverantwoordelijkheid en stuur mijzelf aan één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf erop attent te maken wanneer ik mijn zelfverantwoordelijkheid niet wil nemen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de bewaker die mij binnenliet in de parkeergarage als mijn reddende engel te zien, terwijl de man naar mij toekwam omdat ik hem riep.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn kunnen te ontkennen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet graag wil zien waar ik toe instaat ben, omdat ik zo mijn legitieme rol als slachtoffer kwijt raak en dus daar geen energie meer aankan ontlenen. Ik stop mijn slachtofferrol en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat ik tot veel instaat ben en ik daar eigenwaarde aan kan ontlenen in plaats van energie te trekken uit het aannemen van een slachtoffer personage.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij schuldig te voelen wanneer ik bij noodweer de verkeersregels overtreed en ik een agent elk moment denk tegen te komen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van regels willen blijven volgen uit angst voor de consequenties, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet rigide regels kan toepassen wanneer de situatie om flexibiliteit vraagt. Ik stop mijn rigiditeit en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om door angst mijzelf niet tot een rigide wezen te maken, maar elke situatie weer als een nieuwe situatie te nemen die in sommige gevallen flexibiliteit van mij en de regels in het systeem vraagt, waar altijd gezond verstand te boventoon heeft.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om met adrenaline in mijn bloed snel tegen het verkeer in te rijden alsof ik er snel vanaf wil zijn en niet geconfronteerd wil worden met een gevoel van ‘stout’ zijn en de regels overtreden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van regels niet durven te negeren/overtreden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet zelf durf te denken en mijn deelname in het systeem als een slavenrol zie waar geen flexibiliteit of verandering inzit. Ik stop de angst voor veranderen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn angst om te veranderen onder de loep te nemen, die goed zichtbaar is wanneer ik niet durf te kijken naar de regels van het systeem en deze flexibel te interpreteren bij noodweer, maar kies voor rigiditeit en het gehoorzamen van de regels, omdat door mij gevormde opinies mij beletten van het zien van verandering en de mogelijkheid om te veranderen.

Dag 283 van 2555: van boosheid tot opluchting

basisinkomengarantieMijn dochter is nu 2 weken geleden opgenomen in een revalidatiecentrum waar zij een 9 weken durend pijn -en chronische vermoeidheid programma loopt en ik begin een beetje te wennen aan mijn nieuwe ritme. Het eerste weekend mocht ze nog niet naar huis, dit weekend zaterdag overdag wel en moest zij om 8 uur ’s avonds weer terug zijn en zondag mocht zij 4 uur naar huis. Het hoort allemaal bij het programma, maar ik bespeurde wel een zekere mate van scepsis bij mijzelf en ik moest sterk denken aan een opvoedkamp.

 

Dus zondag reden we naar Rotterdam terug, het hield niet op met regenen, en voordat we de laatste brug over gingen om de éénrichtingsverkeer singel op te rijden zagen wij brandweer auto’s staan en konden we niet de brug over. Ik reed een rondje om zo recht op de singel uit te komen en de brandweer auto’s te omzeilen, om vervolgens te zien dat de singel naar het revalidatiecentrum met tape was afgezet. Er stond een groep brandweermannen in het gras bij de gracht en het leek alsof ze niets deden, verderop stond een busje met hulpverleners die de singel die ik moest vervolgen dwarsboomde. De auto voor mij werd te woord gestaan door een hulpverlener die vervolgens weer in het busje ging zitten toen ik vooraan stond. Een andere hulpverlener maakte vanuit het busje een gebaar dat ik linksaf moest slaan en ik haalde mijn schouders op en gebaarde met mijn armen, ik weet niet hoe ik verder moet, de hulpverlener keek vervolgens de andere kant op.

 

Dit maakte ineens een grote boosheid en een soort van onrechtsgevoel in mij los. Ik maakte mijn gordel los, zette de auto stil en stapte uit. Er probeerde mensen mij links en recht in te halen die blijkbaar niet een paar tellen konden wachten. Ik liep op het busje hulpverleners af en ik voelde de boosheid borrelen in mijzelf. Ik vroeg de hulpverlener hoe hij gedacht had dat mensen naar het revalidatiecentrum moesten komen, en voegde eraan toe dat ik niet bekend ben in Rotterdam en niet wist hoe er nu te komen. Zeer ongeïnteresseerd meldde hij mij dat ik dat zelf maar moest uitzoeken, ik voelde mij bozer worden, maar besloot te ademen en weg te lopen. Ik geloof dat ik nog iets zei over hoe al die mensen weer terug moesten komen in het revalidatiecentrum, maar de man had geen boodschap aan mij.

 

Op zondag avond komen alle revalidanten die met weekendverlof zijn geweest weer terug, dit zijn geen mensen die de auto 3 straten verderop neerzetten en vrolijk huppelend naar het revalidatiecentrum terug lopen. Dit is natuurlijk geen manier van doen om een éénrichingsstraat af te sluiten waar een revalidatiecentrum is gesitueerd. Ik kon het eigenlijk niet bevatten dat een gemeente voor wat voor reden dan ook, zonder verdere verklaring of informatie wanneer het ongemak opgelost zou zijn, zo’n straat af zou sluiten. 

 

We reden opnieuw een rondje en besloten in een parkeergarage zo dichtbij mogelijk te gaan staan, de parkeergarage was nagenoeg leeg wat een beetje raar was, maar ik had niet veel andere opties. In ieder geval kon ik volgens het bord 24 uur lang uitrijden. We liepen door het park naar het revalidatiecentrum waar ook weer brandweerauto’s stonden en daar zagen we dat het ging om overstromingen door de hevige regen. De kelders van het museum waren ondergelopen en de beelden in de beeldentuin stonden gedeeltelijk onder water. Mijn dochter en ik waden door de diepe plassen naar het revalidatiecentrum en kwamen met natte voeten binnen. Later hoorden we dat de singel was afgezet vanwege een brandweerslang die de singel kruiste en het water in de volle gracht loosde. Ook zagen we later dat er materiaal lag om een bruggetje over de slang heen te maken zodat het verkeer verder kon rijden, maar dat gebeurde niet in de rest van die avond.

 

Ik zou mee eten en ik besloot na het eten de auto uit de verder weg gelegen garage te halen en in de garage van het revalidatiecentrum te parkeren, want ineens klonk €2 per uur heel erg goedkoop in verhouding tot de prijzen in de museum garage. Dus liep ik terug door de plassen in het park naar het parkeerdek waar ik in de stromende regen mijn kaartje in een apparaat stak dat de toegangsdeur naar de parkeergarage zou open maken. Er gebeurde niets. Op een bord stond dat na sluitingstijd men bij de hoofdingang naar binnen moest, dus op naar de hoofdingang. Ook daar stak ik mijn kaartje in het apparaat en weer niets. Nu begon ik toch wel wat nerveus te worden en begonnen verschillende scenario’s door mijn hoofd te spelen. “Mijn auto staat daar in een praktisch lege garage en ik sta hier voor een dicht traliehek”. “Ik kan niet naar huis terug”. “Ik zal met de trein moeten en morgen de auto op moeten halen”. “Mijn partner kan niet met de auto naar zijn werk morgen”. En ga zo maar door.

 

Toen zag ik ineens iemand bij een busje staan diep in de garage, het deed mij denken aan bewaking en ik dacht dit is mijn enige kans want de telefoon werd ook niet opgenomen. Ik begon te schreeuwen door het traliehek, “hallo” en de man keek op om vervolgens zich weer van mij af te draaien. Ik voelde mijzelf wee in mijn buik worden, ik was niet instaat om de man zijn aandacht te trekken. Ik bedacht dat ik beter moest communiceren en riep: “hallo, mag ik U iets vragen?” Waarop de man zich nogmaals omdraaide en riep ik kom zo bij U. De man stapte in zijn busje en kwam richting de ingang rijden en vroeg wat er was. Ik deed mijn verhaal en voelde een opluchting, de man probeerde mijn kaartje in het apparaat te stoppen en ook nu gebeurde er niets. Hij liet mij binnen en begeleidde mij naar het betaalapparaat, waar mijn kaartje niets mankeerde en ik gewoon kon betalen. Opgelucht reed ik de garage uit, maar wist dat ik nog niet via de singel naar het revalidatiecentrum kon komen. De verpleging had mij aangeraden om een gedeelte van de singel tegen het verkeer in te rijden om zo toch binnen te kunnen komen. Zo gezegd zo gedaan, maar er kwam een auto aan en ik was aan het spookrijden, ik reed om de auto heen en gaf een dot gas om op het terrein van het revalidatiecentrum te komen. Opgelucht zette ik mijn auto in de parkeergarage va het revalidatiecentrum om zo nog wat langer bij mij dochter te kunnen blijven.

 

Wat een avond zeg en wat een variëteit aan emoties kwamen langs, in mijn volgende blog zal ik mijn zelfvergevingen uitschrijven en mijn emoties nogmaals onder de loep nemen.

Dag 211 van 2555; hou je mond als je de woorden die je spreekt niet kunt leven

equal money capitalismWie kent het niet dat wanneer je enthousiast bent en iets wilt beginnen of iets wil gaan doen en alvorens het te doen heb je het erover met je vrienden, familie of collega’s. Als het iets is dat tot de verbeelding spreekt van anderen of wanneer anderen vinden dat het echt iets voor jou is om te doen dan zul je positieve bevestiging krijgen van de ander. Dit voelt goed deze bevestiging, het is alsof je al hebt gedaan wat je wilde gaan doen. Zo’n voornemen om iets te gaan ondernemen/doen kan dan verschillende kanten opgaan, of je begint eraan en zodra de positieve bevestiging van de ander wegebt stopt ook jouw motivatie, of je begint er niet eens aan want na de eerste positieve oppepper van de ander keert de andere zijde van de polariteit zich naar je toe en wordt het een enorme drempel om nog overheen te gaan. In beide gevallen doe je uiteindelijk niet wat je jezelf hebt voorgenomen, omdat je hypothetisch sprak en het vervolgens al had geleefd in je geest wat de fysieke werkelijkheid alleen maar tot iets lastigs maakt dat niet in lijn is met wat je al had beleefd in de geest.

Ik ben zelf op zo’n punt aangekomen waar ik dit soort voornemens niet meer deel, totdat ik gelijk aan het voornemen kan staan en mijn woorden kan leven. Ik heb in het verleden vaak genoeg mijn hoofd gestoten op deze manier en mooie zaken laten liggen door dingen ingewikkelder te maken dan ze zijn en uit een soort van angst om te falen mijn plannen niet uit te voeren. Dit is zelfsabotage en kan dan ook niet geaccepteerd worden. Doelen stel je voor jezelf of met een groep als jezelf en het verbaal delen als een soort van verbale diaree is niet nodig, dat is streling van het ego. Het doel en de woorden die je voor jezelf hebt geformuleerd om het doel tot leven te laten komen zul je moeten leven en alleen als levend voorbeeld kan je met succes dit doel met anderen communiceren en uitleggen aan diegenen die erin geïnteresseerd zijn.

Probleem:

Prematuur je doelen delen met anderen op zoek naar positieve bevestiging, waardoor het verkrijgen van de positieve bevestiging een doel op zich wordt en verheven boven het startdoel.

Oplossing:

Geen doelen delen met anderen zolang je niet kunt staan als de woorden van je doel en je positieve bevestiging nodig hebt van buiten jezelf om aangespoord te worden.

Beloning:

De woorden leven die je spreekt en daardoor jezelf bewust zijn van de interconnectie die je hebt met anderen in je wereld waardoor je een levend voorbeeld kunt zijn door de woorden die je spreekt en leeft.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat wanneer ik mijn doelen niet deel met anderen ik geen positieve bevestiging krijg en daardoor niets heb om op te gaan/starten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat de positieve bevestiging vanuit mijzelf moet komen, zodat ik mijn eigen motivator ben en mijzelf zo aanstuur.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zo enthousiast te zijn over een doel dat ik het met iedereen wil delen ook al weet ik dat ik nog niet kan staan als de woorden die ik spreek.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de energie die wordt gegenereerd door het prematuur delen van doelen te gebruiken om een eigen variant ervan in de geest te creëren waardoor mijn fysieke werkelijkheid ondergeschikt raakt aan mijn binnenwereld.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te verkneukelen aan iets dat er niet is in de fysieke werkelijkheid en alleen als energie bestaat in de geest.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wanneer de energie opraakt ook mijn motivatie voor het verwezenlijken van mijn doelen opraakt en mij niet te realiseren dat ik niet mijn woorden leef maar mijn energie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn doel als een premature ejaculatie in het niets te laten verdwijnen en mij op mijn rug te rollen om in slaap te vallen en niet meer aan mijn doel te denken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zodra de energie op is, ik met de werkelijkheid geconfronteerd word en zonder energie zie ik niet mijzelf mijn doelen verwezenlijken, maar eerder drempels opwerpen om niet aan mijn doel te kunnen voldoen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om drempels op te werpen en niet aan mijn doel te kunnen voldoen als een soort van achterdeurtje om niet geconfronteerd te worden met mijn angst om te falen en niet mijn woorden te kunnen leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn voor de fysieke werkelijkheid van mijn doelen, terwijl ik mijn doelen die in de geest gecreëerd waren toejuichte, terwijl ik werd aangespoord door positieve bevestiging van anderen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om met zevenmijlslaarzen door mijn leven te willen stappen en ongeduldig te zijn met het verwezenlijken van mijn doelen en mij niet te realiseren dat ik eerst moet kunnen staan als mijn woorden om ze vervolgens te kunnen leven als mijzelf en dat vereist tijd en oefening.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om met de snelheid van de geest door mijn fysieke leven te gaan en mij niet te realiseren dat ik in de geest niet alles kan overzien, aangezien de geest niet handelt in het belang van een ieder, maar geheel en alleen in eigenbelang.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat het een daad van eigenbelang is wanneer ik doelen verwezenlijk op basis van energie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alles wat ik weet door eigen ervaring, in de wind te slaan en te gaan voor een doel gebaseerd op energie als positieve bevestiging.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik positieve bevestiging nodig heb voor het behalen van mijn doelen en mij niet te realiseren dat daadkracht in mij is en ik alleen maar die daadkracht hoef te leven net als de woorden van mijn doelen om zo een voorbeeld te zijn en niet een schreeuwend reclame bord langs de weg voor mijn doelen die energie nodig heeft om de neonverlichting te laten branden.

Ik vergeef mijzelf dat ik niet heb geaccepteerd en toegestaan om te leven in het moment en mijn doel leef in de toekomst en het verleden als een ding en niet als een deel van mijzelf.

Wanneer en als ik mijzelf een doel door energie te leven in plaats van mijn woorden te leven dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat de gevolgen van het gaan op energie als motivatie een valkuil is waar emoties als angst, falen en minderwaardigheid op de loer liggen. Ik stop de energie afhankelijkheid en haal adem.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om gas terug te nemen wanneer ik een doel stel in mijn leven en te zien hoe ik mijn woorden kan leven of wat er nog nodig is om mijn woorden te kunnen gaan leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn doelen niet als verbale diaree rond te spuiten, maar mijn doelen te ventileren als een levend voorbeeld door te doen.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen extra drempels op te werpen bij het realiseren van mijn doelen door energie als mijn motivator te gebruiken.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om energetische afhankelijkheid bij het stellen van doelen direct kort te sluiten.

Dag 168 van 2555; kindertjes die vragen worden overgeslagen en de omarming van de LOA

equal money capitalismIk bedacht mij vandaag ineens dat ik tijdens mijn jeugd eigenlijk nooit vroeg om zaken die niet vanzelfsprekend waren om te vragen. Zo vroegen mijn broertje en ik nooit of wij een ijsje mochten als wij buitenshuis of op vakantie waren. We wisten dat het vragen van zoiets zou leiden tot het overgeslagen worden, het krijgen van het ijsje was een spontane daad van mijn ouders die dan als een verassing bij ons aankwam, waarvan mijn ouders waarschijnlijk dachten dat ze ons een groot plezier deden. De werkelijkheid is dat elke keer wanneer we door een stadje liepen met ‘ijsjesweer’ ik elke ijscoman spotte en dan in mijn hoofd/geest zoiets zei van mag ik een ijsje, mag ik alsjeblieft een ijsje, laten we hier stoppen om een ijsje te nemen, we kunnen best een ijsje eten met dit weer etc. Dus in plaats van het zeurende irritante kind te zijn, was ik het brave kind van buiten en had ik het zeurende kind in mijn hoofd zitten. Wanneer wij dan een ijsje kregen bij de gratie van 1 van mijn ouders, dan vierde mijn geest een overwinning. Deze overwinning bevestigde mijn geest dat het zeuren had geholpen en was beloond. Zo ontstond er een levende wereld in mijn geest en elke keer als ik iets wilde hebben of wilde laten gebeuren maar het niet kon vragen of het niet durfde te vragen, dan dacht ik er zo sterk aan in mijn geest dat ik ervan overtuigt was dat ik beloond zou worden. Ik begon dus superkrachten aan mijn geest toe te kennen en begon mijzelf als supermens te zien. De connectie tussen geest/binnen wereld en buiten wereld als een oorzaak-gevolg manifestatie was nu gemaakt en zo sterk dat ik er verslaafd aan raakte. Dit was namelijk zoveel veiliger dan het fysiek vragen door gesproken woord, hier kon ik in de veiligheid van mijn geest alles wensen wat ik wilde en dat werd mij dan vaak ook bezorgd.

Terwijl ik mij dit zo bedacht schrok ik even toen ik mij besefte dat ik met bepaalde zaken nog altijd deze manier van vragen heb en dus niet vrij ben van dit ‘kindertjes die vragen worden overgeslagen syndroom’. Wanneer ik het nog eens goed bekijk ben ik een soort van ‘Law of Attraction’ mentaliteit gaan ontwikkelen als kind om toch dat te krijgen wat mijn hartje begeerde. Wanneer ik het gewenste niet kreeg door mijn magische herhaling van het gewenste in mijn geest, dan was ik daar best wel even overrompeld door, een naar gevoel. Een gevoel van falen en mijzelf bekritiseren dat het niet gelukt was. Ook nu als volwassene slaat het niet krijgen van het gewenste zonder dit simpelweg te communiceren als een terugslag van een geweer in. Ik zie namelijk wel dat ik had moeten communiceren, maar niet communiceren binnen in mijn zelfgecreëerde wereldje voelde als de beste weg, de weg van de minste weerstand en ik neem het mij vervolgens dan kwalijk dat ik niet durf te communiceren of magisch hoop dat het wel gebeurd ook wanneer ik het niet communiceer. Het is dus tijd om dit punt onder de loep te nemen en ermee af te rekenen.

In deze vergevingszinnen zal ik het hebben over vreugde als verzamelwoord voor alles wat ik niet voor mijzelf durf te vragen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn om dingen te vragen voor mijzelf die mijzelf vreugde zouden geven, vanuit de angst dat wanneer ik vraag ik wordt overgeslagen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat wanneer ik om een ijsje zou vragen mijn ouders mij zouden overslaan en samen met mijn broertje een ijsje zouden gaan eten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn om ongehoorzaam te zijn aan mijn ouders uit angst voor represailles.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een eigen wereldje te creëren waar ik mij in kan terugtrekken zodra er zich een moment voordoet waarop ik iets graag zou willen hebben.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te separeren van mijn fysieke wereld om zo het moment van vragen en overgeslagen worden niet fysiek te hoeven ervaren. maar veilig mijzelf kan terugtrekken in mijn geest.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de geest als veiliger te beschouwen dan in het hier en nu te vragen om datgene wat mij vreugde zou geven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat wanneer ik om vreugdevolle zaken vraag, ik geen vreugde zal ervaren in mijn leven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn wanneer ik om zaken vragen die mij vreugde geven afgewezen wordt als mens.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om als afgewezen mens mijzelf niet waardig te achten en liever niet met mijzelf van doen wil hebben.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf te ontkennen en leven te ontkennen wanner ik mij onwaardig acht als afgewezen mens door een ander en mij niet te realiseren dat het om een afwijzing van mijzelf gaat want ik ben altijd diegene die het toestaat en accepteert.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de overtuiging te hebben dat vreugde mij niet toekomt en het enge wat mij rest is hopen stil weggetrokken in mijn geest dat het gewenste misschien ooit gaat uitkomen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om boos te zijn op mijn fysieke realiteit wanneer ik denk dat vreugde mij niet toekomt en ik dat vervolgens manifesteer in mijn fysieke realiteit.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de overtuiging te hebben dat wanneer ik maar hard genoeg denk aan hetgeen ik wil dat mij vreugde zal brengen het vanzelf naar mij toekomt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het zijn in de fysieke realiteit als beangstigender te beschouwen dan het zijn in mijn geest en hopen dat ik dingen in stilte voor elkaar krijg.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven in mijn superkrachten door de LOA en niet naar mijn statistieken kijk om te zien dat mijn score erbarmelijk is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de angst voor afwijzing als persoon als zoiets verschrikkelijks te zien dat ik mijzelf liever wegcijfer en stilletjes ga zitten hopen dat iets gebeurd, dan de confrontatie met mijzelf ten opzichte van mijn fysieke realiteit aan te gaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om daar waar vroeger eigenbelang het startpunt was voor het niet vragen van vreugdevolle zaken uit angst het niet te krijgen het nu om zaken gaat die niet mijn eigen belang alleen dienen, maar nu doorslaan in zelfsabotage omdat ik allang de grens niet meer kan zien va acceptabel of onacceptabel.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf weg te cijferen terwijl dat wat ik wil bereiken juist vergt dat ik mijzelf presenteer en laat horen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zelfsabotage te aanvaarden als hulpmiddel om mijn angst om afgewezen te worden niet hoef onder ogen te komen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij afwijzing bang te zijn voor het negatieve gevoel wat het met zich mee zal brengen en mijn aanzien voor mijzelf daalt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alleen voor het positieve gevoel te willen gaan om zo mijzelf in aanzien te laten stijgen en de confrontatie niet met mijzelf aan hoef te gaan want er is niets aan de hand.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn fysieke realiteit net aan te kunnen als het gaat om het vragen van zaken die mij vreugde zullen geven.

Als en wanneer ik mijzelf in het patroonvan wegvluchten in de geest als ik iets wil van mijn fysieke realiteit dat mij vreugde zal opleveren dan stop ik en adem ik. Ik realiseer mij dat het hopen op vreugdevolle zaken niet mij zelfverantwoordelijkheid nemen is en ik zo ook niet de regie over mijn leven in handen neem en alleen maar consequenties accumuleer. Ik stop en adem en zie dat ik mijzelf herhaal in dit patroon en corrigeer mijzelf net zo lang totdat dit patroon uit mijn geest gesleten is en ik er niet meer in participeer.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet weg te cijferen uit angst voor mijn fysieke realiteit en de afwijzing van mij als mens door deze realiteit en mij te realiseren dat ik mijzelf afwijs door mijzelf te separeren van mijn fysieke realiteit wanneer ik mij terugtrek in mijn geest.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om elk moment als nieuw moment te ervaren en dus niet bang hoef te zijn voor een afwijzing wanneer ik om zaken vraag aan mijn fysieke realiteit die mij vreugde opleveren, omdat dat gebaseerd is op herinnering en angst geprojecteerd in de toekomst gebaseerd op die herinnering.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen LOA-achtige praktijken te ontwikkelen, omdat ik klaarblijkelijk niet kan inschatten hoe het effect en de consequenties op mijn fysieke realiteit uitwerken en ik in dat geval niet kan staan voor het belang van een ieder.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn sociale en genetische programmering nu te zien voor wat het is, en geen waarde meer te schenken aan’ kindertjes die vragen worden overgeslagen’, omdat het merendeels een dreiging is van iets dat misschien kan gebeuren en dus als manipulatie kan afschrijven.

Dag 159 van 2555; associatief denken als vliegwiel voor de geest – deel 2

equal money capitalismDit is een vervolg op mijn blog van gisteren, waar ik een alinea uit heb genomen om vervolgens zelfvergevingen op te doen en verbintenissen aan te gaan.

 

“Ik heb het dus altijd met mij meegedragen dit aangedragen feit dat ik een beelddenker zou zijn en voerde het in het begin nog weleens op als excuus, maar dat ebde weg. Tot ik vandaag in een, voor mijn gevoel, nutteloze discussie verzeilde met mijn partner en ineens zag dat wij een patroon voor de zoveelste keer aan het herhalen waren, waarbij mijn partner strakke kaken krijgt en op één of andere manier zijn gelijk lijkt te moeten halen. Kromme tenen krijg ik daarvan en ik snap niet wat hij nu eigenlijk van mij wil op zo’n moment. Wat hier gebeurd is het volgende, ik ben overwegend beelddenker en mijn partner overwegend woorddenker/lineair denker. Mijn denkprocessen gaan van A naar D naar F, terwijl mijn partner zijn denkprocessen gaan van van A naar B naar C. Ik ben dan al op F terwijl hij op C zit en waarschijnlijk helemaal ook niet uitkomt op F, omdat hij dat als niet relevant zal afstrepen. We denken dat we het nog over hetzelfde hebben, maar eigenlijk praten we langs elkaar heen en raak ik gefrustreerd doordat hij niet kan zien wat ik bedoel en mijn partner raakt gefrustreerd over het feit dat ik er dingen bij haal die er volgens hem niet toe doen. Wanneer ik het geduld heb om hem door mijn denkprocessen heen te praten, dan komen we vaak ergens in het midden uit en hebben we het ‘gevoel’ dat we niet langs mekaar heen praten, maar eigenlijk praten we 2 verschillende talen tegen elkaar, die we allebei niet spreken of begrijpen van elkaar. Wat ik veelal doe is even aankondigen dat ik van het conventionele pad afga, maar ook dat komt na een aantal keren herhalen niet aan bij een lineair denker. Het beste is mij te realiseren dat de wereld niet gebaseerd is op associatief/creatief denken en ik die behoefte om dat te delen zal moeten onderzoeken als, wat is die behoefte nu eigenlijk in mij? Associatieve denkprocessen die niet denken om het denken zijn, hoeven niet perse gestopt te worden, de energie vreters die moeten buitenspel worden gezet. Dan zal een gesprek ook effectiever verlopen en de lineair denker zich niet aangevallen doen voelen met voor zijn/haar gevoel irrelevante argumenten. Wanneer conclusies door associatief denken verkregen zijn, er toe doen, en niet op energie gebaseerd zijn dan moeten ze overdraagbaar zijn en minder in een ‘overtuigen van’ sfeer terecht komen. Wanneer ik mij kan focussen om specifiek te zijn/blijven en zo dicht mogelijk bij het onderwerp te blijven terwijl ik praat met anderen, dan ben ik nog te volgen en zal dat minder botsingen/frustraties opleveren. Want ook frustraties zijn energievreters en onnodig om effectief te communiceren. Wanneer ik kan zien waar mijn gesprekspartner zich bevindt in het proces, dan moet ik instaat zijn om in de schoenen van die ander te gaan staan om te zien/begrijpen/realiseren waar ik moet insteken om mijzelf duidelijk te maken.”

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om communiceren in de gevoelssfeer te trekken en mij niet te realiseren dat communiceren in mijn fysieke realiteit met 2 voeten op de grond is en niets te maken heeft met gevoel.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gevoel mijn communicatie te laten beïnvloeden en zodoende naast de fysieke realiteit communicatie die gaande is er een schaduw communicatie naast te laten draaien die wordt gevoed door gevoelens/emoties/herinneringen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om communicatie te hebben met anderen met een startpunt van energie verkrijgen/opwekken om zo deze communicatie draaiende te houden als een aggregaat.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om communicatie en denken om de denkprocessen om energie te generen met elkaar te verwarren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik communiceer, terwijl wanneer ik in zelfoprechtheid zie, dan kan ik zien dat mijn startpunt niet zuiver is wanneer ik associeer om het associëren en denk om het denken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat wanneer ik communiceren en voelen in 1 adem uitspreek, ik mijzelf voor de gek houd en niet met daadwerkelijke communicatie bezig ben die vrij is van gevoelens en emoties.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om associatief denken als iets vrijwilligs te zien en als van mijzelf, terwijl ik kan ervaren dat het bijna onmogelijk is om het uit te zetten zonder een vastberaden standpunt in te nemen die energie generen niet toestaat.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat associatief denken van de geest is en alleen van mijzelf kan zijn wanneer ik het zelf aan en uit kan zetten in het belang van een ieder zonder gevoelens en emoties eraan vast te plakken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat denken altijd van de geest is en zien en realiseren van mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren in hoeverre ik verslaafd ben aan mijn manier van denken, omdat ik geloof dat ik dat ben en dat ik dus niet anders kan, terwijl het zelfde type denken los van emoties en gevoelens alleen dan wanneer het nodig is en waar ik de regie over heb niet iets is om mij van af te keren als iets kwaadaardigs.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de slaaf te zijn van mijn geadopteerde associatief denken en niet altijd de manier te kunnen zien om mij ervan te bevrijden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik mij als slaaf van het denken kan bevrijden door te staan als wie ik ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om tegenwerking te ervaren als associatief denker in een wereld waar lineair denken wordt beloond en mij niet te realiseren dat dit gebaseerd is op een gevoel van niet geaccepteerd te worden omdat ik anders doe dan de geaccepteerde norm.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het fijn te vinden om anders te denken dan de geaccepteerde norm en zo een gevecht met het systeem aan te kunnen gaan en de illusie op te wekken dat ik de strijd aan ga met het systeem, terwijl ik mij niet realiseer dat dit gevecht in mijn geest zich afspeelt en ik in werkelijkheid het systeem niet bevecht.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als denkactivist te zien en mij niet te realiseren dat mijn activisme maar een hoofd groot is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij goed te voelen bij het afzetten van de norm binnen de veilige omgeving van mijn geest en mij niet te realiseren dat dit een andere vorm van denken en energie generen is die net als al de andere vormen niets oplevert voor het leven dan consequenties.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frustraties toe te staan binnen mijn communicatie met anderen onder het mom van niet begrepen te worden, zonder te kijken of mijn manier van communiceren voortkomend uit mijn manier van denken, wel aansluiting heeft bij mijn gesprekspartner.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet specifiek te zijn in mijn communicatie en voor buitenstaanders van mijn geest over kom als een van de hak op de tak prater, terwijl er wel een verhaallijn in mijn praten zit maar dat behoeft de nodige illustraties om duidelijk te zijn en over te komen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij als ego gekrenkt te voelen als anderen mijn denken af doen als het mij verliezen in details en niet kunnen zien in dat moment dat het wel ter zake doend is, maar mijlen ver vooruit is op hetgeen er dan besproken wordt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn communicatie te dwarsbomen door associatief te denken en praten met mensen die lineair denken en praten, waarbij er geen communicatie plaatsvindt, maar Babylonische spraakverwarring en het principe van communiceren totaal om zeep helpt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat echte communicatie frustratie vrij is en simpelweg overdracht van informatie om samen tot daden over te kunnen gaan en de samen gevormde informatie te leven en ervaren.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om communicatie niet te misbruiken voor energie opwekking en daarom er geen emoties/gevoelens aan te koppelen, waardoor het niet uitmaakt of ik beelddenk of woorddenk,  zolang er maar communicatie plaatsvindt die in het belang van een ieder is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om specifiek te zijn in mijn communicatie om zo geen ruis te accepteren die de communicatie kan verstoren.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij in de schoenen van mijn gesprekspartner te verplaatsen en te zien op welk niveau wij samen kunnen komen om effectieve communicatie te hebben zonder frustraties en onbegrepen te worden waar onnodige back chat door ontstaat.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om communicatie met het ego niet te accepteren en toe te staan, omdat dat afbreuk aan jezelf en de ander als jezelf doet en in tegenspraak met het principe van het leven is om in gelijkheid en eenheid ons tot elkaar te verhouden.

Dag 158 van 2555; associatief denken als vliegwiel voor de geest – deel 1

Dag 158 van 2555; associatief denken als vliegwiel voor de geest - deel 1  Tijdens mijn examenjaar van de academie voor maatschappelijk werk en dienstverlening, terwijl ik mijn eindwerkstuk en de presentatie daarvan aan het doornemen was met mijn mentor, riep mijn mentor ineens uit, maar jij bent voor het grootste gedeelte een beelddenker. Dat zei mijn niet zoveel en ik had tot dusver mijzelf niet in al teveel hokjes weten te drukken dan de nodige personages die ik bewust en onbewust aannam en aangenomen had in mijn leven tot dusver. Hij legde mij uit dat een beelddenker voornamelijk denkt in plaatjes en filmpjes en ik had geen idee dat anders denken ook mogelijk was. Denkprocessen waren nooit relaxed bij mij, als éénmaal het vliegwiel draaide dan was er geen stoppen meer aan, wat veelal resulteerde in verassende oplossingen maar ook mijzelf uitputte als ik erop terug kijk. Een uitputtingsslag om zoveel mogelijk energie op te wekken in zo min mogelijk tijd.

 

Ik heb heel lang gedacht dat het normaal is dat je eerst een filmpje in je hoofd ziet van hoe je iets gaat aanpakken en dan dat filmpje bewaarheid in je fysieke realiteit. Het om het probleem heenlopen in je geest in 3-d, om te zien waar de haken en ogen zitten en zo al kunnen inzoomen op de details waar een lineair denker de details als verwarrend ervaart en jouw inbreng al snel afschiet als, “verlies je niet in de details blijf gefocust”.

 

Op middelbare schoolleeftijd, ik denk dat ik in 2 HAVO zat, ervoer ik mijn fantasie als te overweldigend en als een beperking voor het gefocust kunnen leven/leren in mijn fysieke realiteit. Ik sprak dus met mijzelf af dat de tijd was gekomen om deze fantasie denkbeelden los te laten. Wanneer ik nu terugkijk was het niet zozeer het leven in een fantasiewereld, want ik was hier, zo goed en zo kwaad als wij mensen hier kunnen zijn in dienst van de geest. Waar ik mee te maken had was het associatief denken, het creatief denken, wat mij tot verassende oplossingen bracht en de clown van mijn vriendenclubje maakte. Door al de verbanden die ik zag, reële of irreële, werd ik overweldigd. Dit soort denken ging niet echt over problemen, meer ‘als dit’ ‘dan dat’ vraagstukken die dan heel hilarisch konden aflopen. Tijdens de les volgde ik de les, maar zodra ik associaties met woorden of concepten de vrije loop liet, zag ik allerlei plaatjes en filmpjes langskomen, wat het volgen van de les toch minder effectief maakte.  Waarop ik dan tekeningetjes maakte als een stripje over wat ik in mijn geest had zien langskomen. Niet effectief binnen een lineair denk systeem wat het onderwijs toen was en nog steeds is. Dit was dus het moment waarop ik STOP zei tegen deze manier van denken die mij overweldigde. En het stopte, maar vond als water weer een nieuwe uitgang om net even anders naar buiten te komen. Echt stoppen zou stoppen met de energie verslaving zijn geweest, maar dat was toentertijd nog niet duidelijk.

 

Rond mijn 26e had ik van die buien dat wanneer ik erg opgeladen was met energie, zoals na het zingen in een gospelkoor, dan deed ik fysiek hetzelfde als wat er aan versnelde processen in mijn hoofd zich afspeelde. Op woensdag repeteerden wij als gospelkoor en op woensdag werden ook de reclamefolders door mijn deur geperst. Wanneer ik dan terugkwam van zo’n repetitie dan was ik bijna misselijk van de energie die dit zingen en samenzijn had opgeleverd en dan pakte ik de stapel reclamefolders om daar vervolgens turbo doorheen te bladeren. Ik bladerde alles door, sloeg niets over en nam alles waar, het was de overweldigende plaatjes wereld in mijn geest die ik nu buiten mij manifesteerde doormiddel van deze reclamefolders. Het was een soort van afbouwen van de energie piek die ik had ervaren met het zingen, waardoor ik mijn beeldenken tot rust probeerde te brengen met meer van hetzelfde, plaatjes. Dit waren geen leuke ervaringen, dit waren momenten dat ik echt voelde dat ik slaaf was van een systeem in mij, maar er nog niet aan toe was om mij er los van te maken en het te bevragen en te onderzoeken.

 

Ik heb het dus altijd met mij meegedragen dit aangedragen feit dat ik een beelddenker zou zijn en voerde het in het begin nog weleens op als excuus, maar dat ebde weg. Tot ik vandaag in een voor mijn gevoel nutteloze discussie verzeilde met mijn partner en ineens zag dat wij een patroon voor de zoveelste keer aan het herhalen waren, waarbij mijn partner strakke kaken krijgt en op één of andere manier zijn gelijk lijkt te moeten halen. Kromme tenen krijg ik daarvan en ik snap niet wat hij nu eigenlijk van mij wil op zo’n moment. Wat hier gebeurd is het volgende, ik ben overwegend beelddenker en mijn partner overwegend woorddenker/lineair denker. Mijn denkprocessen gaan van A naar D naar F, terwijl mijn partner zijn denkprocessen gaan van van A naar B naar C. Ik ben dan al op F terwijl hij op C zit en waarschijnlijk helemaal ook niet uitkomt op F, omdat hij dat als niet relevant zal afstrepen. We denken dat we het nog over hetzelfde hebben, maar eigenlijk praten we langs elkaar heen en raak ik gefrustreerd doordat hij niet kan zien wat ik bedoel en mijn partner raakt gefrustreerd over het feit dat ik er dingen bij haal die er volgens hem niet toe doen. Wanneer ik het geduld heb om hem door mijn denkprocessen heen te praten, dan komen we vaak ergens in het midden uit en hebben we het ‘gevoel’ dat we niet langs mekaar heen praten, maar eigenlijk praten we 2 verschillende talen tegen elkaar, die we allebei niet spreken of begrijpen van elkaar. Wat ik veelal doe is even aankondigen dat ik van het conventionele pad afga, maar ook dat komt na een aantal keren herhalen niet aan bij een lineair denker. Het beste is het mij te realiseren dat de wereld niet gebaseerd is op associatief creatief denken en ik die behoefte om dat te delen,  zal moeten onderzoeken als, wat is die behoefte nu eigenlijk in mij? Associatieve denkprocessen die niet denken om het denken zijn, hoeven niet perse gestopt te worden, de energie vreters die moeten buitenspel worden gezet. Dan zal een gesprek ook effectiever verlopen en de lineair denker zich niet aangevallen doen voelen met voor zijn/haar gevoel irrelevante argumenten. Wanneer conclusies door associatief denken verkregen zijn, er toe doen, en niet op energie gebaseerd zijn dan moeten ze overdraagbaar zijn en minder in een ‘overtuigen van’ sfeer terecht komen. Wanneer ik mij kan focussen om specifiek te zijn/blijven en zo dicht mogelijk bij het onderwerp te blijven terwijl ik praat met anderen, dan ben ik nog te volgen en zal dat minder botsingen/frustraties opleveren. Want ook frustraties zijn energievreters en onnodig om effectief te communiceren. Wanneer ik kan zien waar mijn gesprekspartner zich bevindt in het proces, dan moet ik instaat zijn om in de schoenen van die ander te gaan staan om te zien/begrijpen/realiseren waar ik moet insteken om mijzelf duidelijk te maken.

 

In mijn proces heb ik al heel veel korte metten gemaakt met vele van die overweldigende denkprocessen in mijn geest. Na 2 jaar proces zag ik de rust in mijn hoofd komen en kon ik in bed stappen ’s avonds zonder dat er complete speelfilms begonnen te draaien of dia shows. Ik gaf het geen attentie meer, ik zocht niet meer naar betekenissen voor de beelden die langskwamen. Ik wist het terug te brengen tot lukrake beelden, waar ik niets mee hoefde te doen. Terugkijkend naar toen, dan heb ik nu een leeg en rustig hoofd als ik het heb over de beelden, wat niet zegt dat ik er al ben. Het vrij associëren is er nog steeds en nu meer gekoppeld aan vergelijken en oordelen, dus deed ik vandaag een test met mijzelf terwijl ik naar het winkelcentrum liep voor een boodschapje. Dit vrij associëren gebeurd vaker met nieuwe en andere dingen die ik zie dan binnen mijn eigen vertrouwde omgeving. Het is nieuwe input waarop de geest mij probeert te verleiden tot over-associëren en denken. Dus zodra ik voelde dat het ‘oog’ van mijn geest zich vastbeet in een voorwerp/onderwerp, dan zei ik STOP in mijn geest. Ik wist op dat moment nog niet of ik dat overwicht had op mijn geest en dus verbaasde het mij best dat dat het werkte. Wel moet ik zeggen dat mijn geestes oog direct opzoek ging naar iets anders. Als de dreumes die iets niet mag en direct wat anders doet waarvan het weet dat het ook niet mag.

 

Zo kwam mijn geestes oog terecht op een paar paarse hoge pumps van een dame die voor mij liep, ik zei STOP en bleef ernaar kijken alsof ik mijn geest uitdaagde. De geest wilde niet meer kijken en wilde het hoofd afdraaien. Ik bleef kijken en associaties niet tolereren, het was een gevecht zoals mijn geest het aanpakte. Ik wilde geen gevecht, ik wilde gewoon kijken en waarnemen en hier zijn in elke adem. Ik bleef de regie in handen houden en onze wegen scheiden, waarbij de paarse pumps fysiek uit mijn gezichtsveld verdwenen. Dit was echt een cool experiment en het liet mij ook zien wat ik kon en hoe sterk de geest is om op kinderlijke wijze zijn zin te willen halen. Wat mij dus weer handvaten geeft over hoe met het kind als de geest in mij om te gaan. Het wordt dus een time-out en anders zonder eten naar bed, wetende dat energie zijn lievelingseten is.

 

Ik zal in deze blog zelfvergevingen en verbintenissen aangaan op het personage van beelddenker en in opvolgende blogs de andere stappen zetten.

 

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage als beelddenker aan te nemen op basis van een docent die mij dit label geeft.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik een beelddenker ben en dat zoiets iets bijzonders is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een bepaalde status te ervaren zodra ik mij identificeer met het personage van beelddenker.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als afwijkend te zien door de ogen van de samenleving als mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te twijfelen  of het echt wel bijzonder is dat ik beelddenker ben en niet gewoon een leuk woord voor afwijkende mensen in de samenleving.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet in een hokje gedrukt te willen worden, maar tegelijkertijd wel zoek naar iets dat mij speciaal kan maken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage als beelddenker aan te dragen als excuus voor bepaalde gedragingen en manieren van met anderen omgaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage als beelddenker aan te dragen als excuus, wanneer ik anderen niet begrijp die lineair denken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij warm van binnen te voelen toen ik als beelddenker benoemd werd en het voelde alsof ik thuis kwam en mij niet te realiseren dat dit alles gevoel was dat nergens op gebaseerd was.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het vele en intensive denken als positief te bestempelen en mij niet te realiseren dat dit soort denken gebaseerd op energie niets oplevert dan consequenties.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om trots te zijn op mijzelf dat ik oplossingen en antwoorden zie die anderen niet zo snel zien.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alles op cognitief gebied waarover ik onzeker ben in evenwicht te brengen met het feit dat ik goed ben in associatief denken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een beelddenk personage te creëren dat beter is als mijzelf om zo onzekerheden onder het tapijt te kunnen vegen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf op te trekken aan een op energie gebaseerd personage en dat als meer dan mijzelf te beschouwen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een personage nodig te hebben om met het leven om te kunnen gaan, terwijl ik mijzelf heb in elke adem en elk moment.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik een personage als de beelddenker nodig heb om mijn cognitieve waardigheid op te krikken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn om cognitief nets voor te stellen zonder iets speciaals dat mij vrijpleit van het hebben van de doorsnee cognitieve vaardigheden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij totaal te identificeren met mijzelf als beelddenker om dat ik geloof dat dat het is want ik ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik zonder het beelddenken niets of niemand meer ben en mijzelf niet langer kan aansturen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te weten hoe ik mijzelf aanstuur als het leeg en zwart in mijn hoofd is en geen enkel voorbeeld er meer is dat als instructie zich afspeelt in mijn hoofd.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het beelddenken niet als mijzelf te zien, als wie ik ben, maar als eenmanier van denken die ik mijn hele leven heb gehad en die wanneer het los staat van emoties/gevoelens/herinneringen een goed middel is om te komen tot oplossingen en antwoorden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de identificatie van mijzelf met de beelddenker los te laten en te zien dat het niets brengt en de wereld niet veranderd of antwoorden brengt waarop de wereld zit te wachten, in plaats daarvan haal ik diep adem en ontdoe ik mijn denken van alle connecties met energie om zo in het belang van een ieder mijn leven te kunnen leiden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer warm te worden van en erkenning te zoeken in het personage van beelddenker  en te zien/realiseren/begrijpen dat ik meer in plaatjes denk dan in woorden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren /begrijpen dat ik al enorm veel vooruitgang heb geboekt door het rustiger in mijn hoofd te maken wat mij vertrouwen zal geven om dit pad te doorlopen, totdat er geen enkele energie behoefte meer aan vast zit.