Dag 227 van 2555; spiegeltje spiegeltje aan de wand van wie is die reflectie aan de andere kant? – deel 3

equal money capitalismNa mijn blog van gisteren met zelfvergevingen zal ik vandaag het probleem tastbaar gaan maken door correctieve zinnen en  verbintenissen te schrijven.

 

 

Wanneer en als ik mijzelf in angst zie gaan om niet meer gezien te worden dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat dit een angst is die zolang ik hem omarm en verwelkom  er een reden is om deze angst niet los te laten, alleen wanneer ik zie dat deze angst bestaat in mijn geest en ik beslis of ik meetel door mijn participatie in de maatschappij, dan kan ik de angst loslaten. Ik stop de participatie in de angst om niet mee te tellen en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de angst om niet meer mee te tellen om te zetten in fysiek aanwezig te zijn in mijn werkelijkheid en 1 en gelijk te participeren in mijn fysieke werkelijkheid, zodat de angst om niet mee te tellen alleen nog in mijn geest bestaat en niet aan de werkelijkheid getoetst kan worden.

 

Wanneer en a s ik mijzelf vergelijk met een wegwerpartikel dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat ik naar binnen moet kijken om te zien wat ik wil wegwerpen om op deze manier over mijzelf in angst te denken. Ik stop de vergelijking en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat ik als 1en gelijk aan leven geen wegwerpartikel kan zijn. Ik werd gecreëerd uit stof van de aarde en zal weer wederkeren als stof op de aarde, wat mij maakt tot een gerecycled product, een ecologisch verantwoord product dat daarom 1 en gelijk aan haar leefomgeving en al het leven daarin kan staan en altijd van waarde zal zijn als een schakel in de ketting.

 

Wanneer en als ik mijzelf in vertwijfeling zie gaan en denk dat ik het leven misloop dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik het leven niet kan mislopen als en gelijk aan het leven. Ik stop dit gevoel van mislopen en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet te laten verleiden door gevoelens van mislopen als een gemiste kans dat het leven doorgaat zonder mij. Ik zie dat dit een angst van mijn ego is om niet alles te hebben wat zijn hartje begeert, terwijl ik als leven het leven niet al te serieus neem en elke adem die ik niet neem niet als een gemiste kans beschouw. Ik ga dus met mijzelf de verbintenis aan om het leven als een serieuze zaak te zien en elke adem te nemen om zo mijn leven in volledigheid en het belang van een ieder te leven en geen angst hoef te hebben om kansen te missen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vergelijken met jongere mensen dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat het niet uitmaakt wat voor leeftijd ik heb of de ander, iedereen doorloopt zijn/haar proces en kiest zijn/haar kansen in het leven door acceptatie en aanvaarding. Ik stop de vergelijking en participeer 1 en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat vergelijken voortkomt uit gebrek aan eigenwaarde/zelfvertrouwen en bang te zijn om kansen te missen zoals een goed consument betaamt.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vrezen dat het leven zal verdergaan zonder mij wanneer ik ouder word dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik bepaal of het leven verder gaat zonder mij en of ouderdom/ouder worden het startpunt is om uit de trein van het leven te stappen. Ik stop de angst dat het leven verder gaat zonder mij en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn angst voor het niet eeuwig te blijven doorleven in mijn fysieke hoedanigheid te stoppen en te zien dat mijn bestaan/ wie ik ben niet afhankelijk is van mijn fysieke vorm, zodra een wedergeboorte in het fysieke mij is gelukt zal ik voortbestaan als wie ik werkelijk ben in welke vorm dan ook.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie kijken door de ogen van mijn voorprogrammering en mijzelf als oud beschouw dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat dat oud voelen naar aanleiding van mijn reflectie een gewaarwording van de geest is en niet mijn werkelijke fysieke status quo is. Ik stop het kijken door mijn voorprogrammering en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn voorprogrammering elke keer wanneer ik hem zie te ontmantelen en af te breken om zo achter de sluier va de geest de fysieke werkelijkheid te aanschouwen  en in te participeren.

 

Wanneer en als ik mijzelf niet herken als de reflectie in de spiegel dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat ik niet wil zien wie ik geworden ben als de reflectie van mijn binnenkant. Ik stop de ontkenning van de reflectie van wie ik ben geworden en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te realiseren dat ik niet wil zien wie ik geworden ben door alles wat ik heb geaccepteerd en toegestaan, wat maakt dat ik mij niet kan herkennen in mijn reflectie in de spiegel en pas als binnen en buiten 1 en gelijk is aan het leven dan zal ik de reflectie in welke vorm dan ook kunnen velen en herkennen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie dat ik mijzelf saboteer door niet te zien wat /wie hier is als mijn reflectie dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik nu leef als een fantasie van mijzelf en niet met dat wat hier is. Ik stop de zelfsabotage en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer als de fantasie van mijzelf te leven, maar te participeren in het leven in elke fase van mijn leven, omdat ik leven ben door elke ademhaling.

 

Wanneer en als ik mij mijzelf zie bevechten om geen verandering te hoeven doormaken dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat door mijzelf als leeftijdsloos te willen zien ik alles zo probeer te behouden als het was en doet de angst voor verandering mij mijzelf bevechten als en gelijk aan het systeem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet langer te bevechten als het systeem en mij te realiseren dat ik angst voor verandering heb en daardoor niet oud wil worden of hier door mijn reflectie aan herinnerd te worden.

 

Wanneer en als ik mijn reflectie zie ontkennen dan stop ik en haal ik adem, Ik realiseer mij dat ik een deel van mijzelf niet wil erkennen en onder ogen wil komen. Ik stop de ontkenning en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zelfoprecht te zijn en dat wat ik in mijzelf als goed  en in het belang van een ieder acht te behouden en alles dat ik als slecht acht onder ogen te komen.

 

Wanneer en als ik paniek voel bij het zien van mijn reflectie in de spiegel dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat er oneerlijkheid in mij is en dat ik nog delen in mij heb die ik onder ogen moet komen. Ik stop de paniek als de oneerlijk en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de paniek te zien voor wat het is, oneerlijkheid in mijzelf, en het navenant te behandelen.

 

Wanneer en als ik mijzelf teleurgesteld zie zijn in mijn fysieke verouderde lichaam dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat het leven altijd van jong naar oud gaat als  een natuurlijk verloop en dat een teleurstelling een teleurstelling in het leven is oftewel een teleurstelling in wie ik ben of ben geworden. Ik stop de teleurstelling in mijzelf en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer teleurgesteld te zijn in het leven 1 en gelijk aan mijzelf, maar de daadkracht van het leven te ervaren en 1 en gelijk te willen participeren aan het leven.

 

Wanneer en als ik mijzelf mijn fysieke lichaam even stop zie zetten dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer dat starheid en stokken van mijn adem en manier van mijn geest zijn om niets te laten veranderen en even de tijd stil te willen zetten. Ik stop dit fysiek stop zetten en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn fysieke lichaam niet te misbruiken voor verlangens van de geest  en dus niet de tijd stil te zetten door fysiek in starheid te gaan en mijn adem te laten stokken.

 

Wanneer en als ik mijzelf opgelaten voel dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat ik mij opgelaten voel over de positie die ik inneem in mijn leven in oneerlijkheid. Ik stop de opgelatenheid en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn positie in het leven niet in oneerlijkheid aan te nemen en mij zodoende ook niet opgelaten te hoeven voelen voor wie ik ben geworden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie leven op basis van een idee uit mijn geest dat ouderdom betekent niet meer meetellen dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik zelfverantwoordelijkheid zal moeten nemen voor mijn leven en dat er zo geen enkele reden is om niet meer mee te doen in welke vorm dan ook, maar dat het de angst voor verandering is die mij aanstuurt. Ik stop het leven als een idee uit de geest en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het leven adem na adem te nemen en geen angst te hebben als mijn leidraad, zodat ik niet mijzelf zal opgeven en mijn leven zal laten doorlopen in volle bewustzijn, in zelfoprechtheid, wat mij de levenskracht zal geven om door te gaan.

Advertenties

Dag 200 van 2555; omgelabelde woede als consumentisme

equal money capitalismNa de realisatie dat ik boosheid/woede omlabel naar andere emoties/gevoelens die mijn “ik word nooit boos’ personage welgevallen, viel mijn oog op de link naar de commercie waar producten ook omgelabeld worden en zo opnieuw worden aangeboden om toch verkocht te worden. Het aloude winstprincipe van ons kapitalistische stelsel dat hoog in het vaandel gehouden dient te worden, want groei naar meer en dus winstbejag is alles zaligmakend binnen onze consumentistische maatschappij. Wij zijn de kip en het ei van het consumentisme, wij houden het in stand door te participeren en wij hebben het tot stand gebracht door erin te gaan participeren. Verlangend naar meer en beter, waarmee we meer voor minder kregen en beter moest plaatsmaken voor inferieur. En dat is wat er is gebeurd we zijn inferieur geworden aan ons verlangen. Kijk maar naar mijn boosheid/woede, door het niet te erkennen en om te labelen, verlang ik naar het zijn van een goed en niet boosaardig/haatdragend persoon. In dit verlangen ben ik dan inferieur aan dat verlangen door het onderdrukken van de boosheid/woede en iets te wensen wat ik niet ben. Ik voel mij echter superieur door mij te personifiëren met het zijn van iemand die niet boos wordt, wat niet de fysieke realiteit is en een gevolg van polariteit.

Ik ben een product van het consumentisme door acceptatie en mijn toestemming, en zo is mijn boosheid/woede als het principe van het consumentisme om de boosheid zo weg te zetten dat ik het aan mijzelf kan verkopen als iets goeds/nobels. Ik volg de wetten van het consumentisme zelfs zonder dat ik mij ervan bewust ben in elk moment en elke ademhaling. Hier zit de verandering, hier kan ik het tij keren. Door mijn boosheid/woede te erkennen hoef ik het niet om te labelen en te verkopen, ik kan het erkennen en aansturen en zelfs preventief voorkomen. Zo ook binnen het consumentisme kunnen we erkennen dat we bepaalde producten niet nodig hebben of in deze hoeveelheden nodig hebben en kunnen we preventief voorkomen dat de ‘rat race’ van consumentistisch produceren in lage loonlanden in werking gaat. We hoeven dat niet te verkopen waarvan we weten dat het niet nodig is/overbodig is. Dus wanneer ik mijzelf kan aansturen dan kan ik mij ook als het consumentisme aansturen en dat kun jij ook, totdat we samen 1 luide stem zijn die een halt toe roept aan het winstbejag om een systeem te handhaven wat niet nodig is en wat niet in het belang van al zijn deelnemers is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn boosheid/woede om te labelen als een product dat verkocht moet worden om de winst marges/ de energie hoog te houden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn emotie van boosheid/woede opnieuw aan mijzelf aan te bieden in een acceptabele vorm die aansluit bij mijn personage van niet boos worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik mijn gevoelsleven niet aan mijzelf hoef te verkopen in een acceptabelere vorm, het is wat het is in het moment en het kan of voorkomen worden of gecorrigeerd, mijn emoties/gevoelens geven mij aan waar ik ben in mijn proces en het ombuigen hiervan is gelijk aan het proberen toepassen van mijn geest werkelijkheid im mijn fysieke werkelijkheid.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om hoe ik geprogrammeerd/gevormd ben als consument te leven in mijzelf en buiten mijzelf.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het systeem van winst in stand te houden door te verlangen naar meer energie om mijn geest op te laten draaien.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om inferieur aan het verlangen van meer energie te zijn geworden door mij superieur te voelen wanneer ik in zelfoneerlijkheid mijn omgelabelde boosheid/woede alsnog aan mijzelf verkoop als acceptabel.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een product van het consumentisme te zijn om zo mijn verlangens te kunnen honoreren en mijzelf te verschuilen achter een masker van goed en niet haatdragend zijn en niet te durven zien dat ook boosheid/woede deel uit maken van mijn fysieke werkelijkheid en dat deze emoties preventief voorkomen kunnen worden of gecorrigeerd en niets zijn om bang voor te zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een mechanisme/patroon van omlabelen en verkopen te behouden terwijl ik kan zien dat het niet in het belang van een ieder is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in oneerlijkheid met mijn boosheid/woede om te gaan en zo mijzelf niet kan leren kennen/aansturen/verbeteren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij onprettig te voelen in de rol van consument, omdat de oneerlijkheid mij duidelijk in het gezicht schreeuwt, en tegelijkertijd mijzelf goed te voelen wanneer ik de patronen van het consumentisme in mijzelf toepas en mij niet realiseer dat het beide dezelfde principes/patronen zijn waarbij ik mij goed voel bij de ene en onprettig bij de ander.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de patronen van het consumentisme in mijzelf te herkennen die ik heb geaccepteerd en toegestaan om zo van binnen naar buiten toe te kunnen werken aan verbetering en preventie.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het beestje bij het naampje te noemen en ook de emoties/gevoelens die ik niet waardeer in mijzelf te benoemen en aan te sturen in het belang van een ieder.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om winst/energie niet langer als een hoger doel te zien, hetzij bewust of onbewust, wat mij afleid van wat werkelijk hier is en hier gedaan moet worden.

Dag 86 van 2555; manna uit de lucht

Dag 86 van 2555; manna uit de lucht  Vandaag liep ik tegen een citaat aan van Mahatma Gandhi die mij even liet huiveren:

 

 

 

“There are people in the world so hungry, that God cannot appear to them except in the form of bread” ~ Mahatma Gandhi

“Er zijn mensen in de wereld die zo hongerig zijn, dat God niet aan hen kan verschijnen, behalve in de vorm van brood.”

 

Voor sommigen lijkt dit misschien een uitspraak vol compassie, maar ik zie een God die een schepping heeft geschapen waarin het mogelijk is dat de een met een volle buik naar bed gaat en de ander op sterven na dood is. Dat is een God die niet te omschrijven is als één van compassie en mededogen, maar één van sadisme en het veroorzaken van ongelijkheid binnen zijn schepping, een schepping in polariteit. Een God die alom wordt geprezen zou toch geen God kunnen zijn die de hongerigen der aarde niet onder ogen kan komen en dan zijn aanwezigheid te claimen door het zijn van brood? En tellen al die mensen die ook geen brood hebben als nog lager in rangorde, zodat God in het geheel niet kan verschijnen aan deze mensen? Is God de manna die uit de lucht komt vallen? Maar wat is manna dan? Bommen in een oorlog, pillen om onszelf te verdoven, geld om te kunnen consumeren? En hoe verschijnt God dan aan de mensen die niet hongerig zijn? In de vorm van geld?

 

Dus wellicht moeten we dit citaat geheel anders lezen en vertegenwoordigt de honger de drang/behoefte aan consumeren? Dat God alleen kan spreken tot de consument door het geld te zijn dat als manna uit de lucht komt vallen? Maar dat zou net zo goed een kwalijke zaak zijn, want ook hier gaat het om ongelijkheid. De enige manier om contact met de consument te krijgen is door geld. Een consument die door God geschapen is om geconsumeerd te zijn met dat wat hem afleidt van de echte zaken die er toe doen in het leven en een consument is die in het gareel meeloopt uit angst de boot te missen, maar in realiteit het leven mist en niet kan zien dat God niet liefde is, maar een uit de hand gelopen scheppingsdrang.

 

We zijn beter af wanneer wij onze eigen God zijn en een wereld scheppen waarin we aan iedereen kunnen verschijnen, omdat we weten dat we hebben gehandeld in het belang van een ieder en wij aansturen op een beter wereld waar ongelijkheid verleden tijd is en zelfverantwoordelijkheid onze werkelijke natuur is. Geven zoals wij zouden willen ontvangen, dan is er niemand zonder brood/geld. Het is allemaal niet zo moeilijk zodra we onze bubbelmentaliteit kunnen loslaten en snappen dat wij met z’n allen in hetzelfde schuitje zitten, we kunnen het schuitje laten zinken of we varen af op een betere toekomst voor ons allemaal.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om reacties van huivering en ongeloof te hebben bij het lezen van dit citaat.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het verschrikkelijk te vinden dat mensen een God aanbidden in totale onwetendheid en hem goedheid en puurheid toeschrijven terwijl de fysieke realiteit laat zien wat God’s scheppende handelen teweeg brengt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ook ik in de goedheid van God wil geloven, maar het niet kan door de ellende die de wereld mij voorschotelt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te willen geloven in goedheid en een sprookjesachtige realiteit, maar mij te realiseren/begrijpen/zien dat zulke woorden horen bij een mindrealiteit en niet bij onze fysieke werkelijkheid.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat het lekker gemakkelijk is om te geloven dat sommige mensen het nu eenmaal minder hebben dan anderen, zodat er geen aanleiding meer is om op te staan en te werken naar gelijkheid en eenheid in het leven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het woord God als een positief geladen woord te beschouwen door opvoeding en socialisatie en tegelijkertijd frictie te voelen tussen geloof en werkelijkheid.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waar het idee van een goede God waardevoller is dan het recht op leven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waar wij het normaal vinden dat wij zo nu en dan worden geconfronteerd met de minder bedeelden maar hier geen conclusies uit trekken anders dan ons te vergelijken met hen en God op onze blote knieën te danken dat wij het niet zijn die in een benarde situatie leven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waar wij in een God geloven die het voor ons beter gaat maken en bij het uitblijven hierover teleurgesteld zijn dat ons gebed niet verhoort is als een kind dat zijn snoep wordt ontzegt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waar wij beter af zijn dan anderen en daardoor ons niet willen afvragen waarom de anderen minder af moeten zijn uit angst voor het wisselen van de rollen wetende dat God een God is van wraak en onvoorspelbare wreedheid.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet op voorhand in de goedheid van God te geloven maar vraagtekens te zetten bij de wereld die hij schiep om zo te kunnen zien waar ongelijkheid heerst en waar wij nog niet handelen in het belang van een ieder.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om anderen te informeren over de ware aard van dat wat wij God noemen voor diegenen die eraan toe zijn om te luisteren.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een Gelijkheids Geld Systeem onder de aandacht te brengen en te laten zien dat dit onze manier is om een God te kunnen zijn van mededogen die een fatsoenlijk leven voor iedereen voor ogen heeft.