Dag 353 van 2555: we slaan er nog wel een putje bij

DIP Lite cursusIk was met iemand in gesprek en we spraken over gelijkheid en dat iedereen recht op water heeft. Als voorbeeld gaf ik aan dat ik het niet vind kloppen wanneer we uitvindingen zoals een rietje/buisje waarmee je uit vies en vervuild water kan drinken, uitroepen tot waanzinnige uitvindingen die de mensheid vooruit gaan helpen. Ik vroeg de ander of het een uiting van gelijkheid is wanneer we de mensen uit de derde wereld water uit vieze plassen/rivieren laten drinken met een rietje dat water zuivert, terwijl wij de kraan opendraaien en drinkwater tot onze beschikking hebben. Zo kunnen we ook drinkwater uit urine maken met een elektrisch apparaat en hebben we een boek dat bladzijden heeft die we als filter kunnen gebruiken. Je zou kunnen zeggen deze uitvindingen zijn de redding voor de mensheid of we creëren een rariteiten kabinet met deze uitvindingen, terwijl we nog steeds niet willen delen wat wij wel hebben en de ander niet heeft.

Mijn gesprekspartner zei, maar we slaan putten in de derde wereld en als ze nu leren hoe ze dat zelf moeten doen dan kunnen ze zelf verder met ontwikkelen. Ik vroeg of dat van gelijkheid betuigt wanneer wij ons ontwikkelingshulpgevoel in de strijd gooien en vinden dat een paar putten slaan gelijk staat aan onze waterkranen in huis. Mijn gesprekspartner zei, dan slaan we gewoon nog meer putten. Dus om gelijkheid te creëren moeten we veel putten slaan, zodat we kunnen zeggen dat wij er veel aan hebben gedaan om te helpen.

Dan lag er nog het punt dat men in die landen eens moest gaan leren om de boel op poten te krijgen, zoals mijn gesprekspartner dat aankaartte. Ik vroeg of wij gelijkheid hebben op het punt van oplossingen bedenken en uitvoeren. Ik kreeg hier geen antwoord op. Ik zie hier geen gelijkheid, wij kunnen mooie plannen maken en dat gaan uitvoeren met mooie middelen en machines. De mensen in de derde wereld kunnen wel plannen hebben, maar hebben zij ook net zoveel middelen als wij om deze plannen tot uitvoering te brengen.

Wat ik tijdens ons gesprek zag gebeuren dat door het ontwikkelingshulpgevoel men al snel denkt heel wat te doen voor die ‘arme mensen’, maar men bedenkt niet dat deze mensen wellicht meer geholpen zijn met een net van waterleidingen en waterzuiveringstations, in plaats van de zoveelste put te slaan uit schuldgevoel voor wat wij wel hebben en zij niet. Mijn gesprekspartner bracht ook in dat een waterleidingnetwerk niet zomaar gemaakt is, wat dus impliceert dat we die inspanning dus eigenlijk niet voor de ander over hebben.

Ik merk dat het mij raakt als men de derde wereld afschildert als een gebied met mensen die blij mogen zijn met wat wij hen brengen en men klaagt over het feit dat men in de derde wereld niet genoeg initiatief neemt om het land op orde te krijgen. We denken er niet bij na dat het deze mensen onmogelijk gemaakt wordt om boven het huidige niveau uit te stijgen zolang wij hen houden op die plek van derde wereld land. Waarom zou iemand in de derde wereld niet een huis als ons mogen hebben en de spullen mogen hebben die wij hebben? Omdat dit teveel kost? Omdat zij het niet waard zijn? Omdat dit mogelijkerwijs welvaart bij ons wegneemt?

We zouden toch gewoon in staat moeten zijn om de wereld te zijn/vertegenwoordigen, zonder onderverdelingen in eerste, tweede en derde wereld. Ik wilde daar als kind al niet aan en nu als volwassene begrijp ik wel dat bepaalde dingen zo zijn omdat wij daar debet aan zijn, maar dat betekent niet dat wij dat zouden moeten accepteren omdat wij toevallig aan de juiste kant van de lijn wonen. Voor mij zit er geen logica in heel veel putten slaan, in plaats van een waterleidingnet op poten te zetten. Ik denk dat dingen anders moeten en ook anders kunnen zolang we ons in de schoenen van de ander plaatsen om te zien hoe belachelijk het is dat we het helemaal te gek vinden dat derde wereld bewoners water door een zuiveringsrietje drinken, hun plas omzetten in drinkwater of hun water door de pagina’s van een boek te gieten. Wie houden we hier nu voor de gek? Ik zou zeggen onszelf in eerste instantie.

Mijn plan is om eens te onderzoeken waarom er geen waterleidingen en huizen zijn zoals wij die hebben, om zo een realistisch plaatje voor mijzelf te kunnen schetsen en niet meer geraakt te zijn, maar te snappen waarom bepaalde dingen worden tegengewerkt en waarom de meerderheid daar genoegen meeneemt. Ik heb al wel antwoorden op deze vragen, maar ik vind het belangrijk om dit daadwerkelijk te checken binnen mijn fysieke realiteit.

Advertenties

Dag 49 van 2555; wanneer is armoede en honger echt?

Dag 49 van 2555; wanneer is armoede en honger echt?  Als kind kende ik geen honger of echte armoede, ik had geen idee wat dat was. Ik werd geconfronteerd met de minder bedeelde kindertjes in Afrika als ik mijn bord niet leeg at en in de kerk werd er geld opgehaald om aan de arme kinderen in de wereld te geven. Op school moesten we elke week geld meenemen, omdat de school had besloten een armkindje uit een derde wereld land te adopteren. Ik onderging dit en luisterde naar wat erover werd gezegd, maar ik kende geen armoede nog honger en zo werd het een andere realiteit waar arme, zielige kindjes woonden en waar ik alleen mee geconfronteerd werd in de vorm van bestraffing of geld.

Later konden we op tv al dit soort dingen zien, maar ik had mij jaren daarvoor al afgescheiden van deze andere realiteit, dus ik kon ernaar kijken op tv en ’s avonds gewoon naar bed gaan en de andere realiteit daar laten waar ik hem altijd al had gestopt, in mijn mind als een film zonder impact.

Nu ik als volwassene armoede heb meegemaakt in een eerste wereldland is armoede ineens iets dat leeft en niet langer een film in mijn hoofd is zonder impact en fysieke consequenties. Ik ben nog nooit 1 dag met honger naar bed gegaan omdat ik niet te eten had, wel kende ik spannende tijden of er genoeg geld was om eten van te kopen. Nu heb ik het geleefd, de armoede en zegt het mij iets en wil ik mij inzetten om te voorkomen dat wie dan ook door armoede of honger moet, terwijl er genoeg is om van te delen. Nu maken plaatjes en films over honger en armoede wel een enorme impact op mij, maar het is natuurlijk gezond verstand om te snappen dat wanneer mensen niet te eten hebben en jij wel dat zoiets okay is en voldoende aanleiding om lekker te gaan slapen ’s nachts. Nee totaal een emotioneel wrak worden bij de gedachte aan een groot deel van de wereldbevolking die van minder dan €2 moet rondkomen per dag helpt natuurlijk ook niemand. Dat zou schuldgevoel zijn en dat is mosterd na de maaltijd. Wat zinnig is, is een stem uit te brengen op een Gelijkheids Geld Systeem om zo een einde aan honger en armoede te kunnen maken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat armoede en honger iets is dat mensen fysiek ondergaan en niet een verhaaltje dat je kunt aanhoren en wat geen verschil maakt voor jou of voor hen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om armoede en honger als iets gescheiden van mijn wereld te zien.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om armoede zelf te hebben moeten ervaren om instaat te zijn om in de schoenen van een ander te kunnen staan en mij niet te realiseren dat ik niet alles hoef te ervaren om te snappen dat een situatie onacceptabel is en niet in het belang van een ander.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alleen dan tot actie te willen overgaan als ik emoties en gevoelens heb bij bij bepaalde ervaringen in het leven zoals armoede en niet onvoorwaardelijk verandering wil brengen voor een ieder op onze planeet.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het zien van armoede en honger nu zoveel impact op mij te laten maken, wat inhoudt dat ik geroerd wordt door emoties en gevoelens en niet door het feit dat armoede en honger in de wereld onacceptabel is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te hebben gerealiseerd dat ik kan zeggen stop, tot hier en niet verder, als het gaat om ongelijkheid in de wereld en mij zodoende kan inzetten om verandering teweeg te brengen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om blij te zijn dat ik aan de goede kant van de wereld ben geboren en mij een toekomst geboden werd waardoor ik mij niet wilde realiseren dat het feit dat ik een goede toekomst zou hebben tegelijkertijd betekende dat een ander een slechte toekomst zou hebben.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het hebben van eten als vanzelfsprekend te ervaren en mij niet te realiseren hoe het zou zijn om structureel zonder of met weinig eten te moeten doen en te overleven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn goede bestaan niet op te willen geven en mij terug te vechten naar een goed bestaan na een periode van armoede.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat een goed bestaan voor de één,  een slecht bestaan voor de ander betekent.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij streven naar het behoren tot degenen die “hebben” en ons niet te realiseren dat wij allemaal kunnen “hebben” zonder te partici[peren in een polariteit van ‘hebben” en “niet hebben”.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij zielige, arme mensen op plaatjes, plaatjes laten zijn en die plaatjes niet tot leven willen roepen uit angst voor het kwijtraken van onze luxe status, terwijl wij plaatjes van luxe levens wel tot leven willen roepen en alles eraan doen om deze te manifesteren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij armoede en honger als acceptabel zien, omdat het al ons hele leven tot onze realiteit behoort en wij daardoor geen reden tot verandering zien, uit angst voor verandering en de angst om te trekken aan het kortste eindje van het touw.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij het okay vinden als anderen armoede en honger lijden, maar waar Leiden in last is als wij zelf financieel benadeeld worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij streven naar meer en meer en ons niet realiseren dat wij het voor de ander helft van de bevolking steeds minder maken door ons gedrag van hebzucht en egoïsme.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij onze identiteit afmeten aan onze financiële status en daarmee de armste ter wereld identiteitsloos maken en zo hun stem afnemen om voor zichzelf op te komen door deze mensen in de armoede en honger te laten creperen omwille van onze identiteit die niets meer waard is dan een hersenschim.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij niet willen dat onze kinderen zouden groot worden in armoede en honger maar het okay vinden dat andermans kinderen wel opgroeien in armoede en honger.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij op vakantie gaan naar de meest onbekende plekken op aarde om armoede te aanschouwen en foto’s te maken om thuis te kunnen laten zien bij een borrel en een hapje, waar geen enkele seconde iets in ons opkomt van ongelijkheid en te zien dat toekijken en niets doen gelijk staat aan het misbruiken van een ander omwille van je eigen genot.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij onze kinderen leren dat zij hun bordje moeten leeg eten omdat zij bevoordeeld zijn ten opzichte van de kindjes in Afrika en daardoor afgestomptheid promoten in onze eigen kinderen en hen een “survival of the fittest” aanleren om te zorgen dat zij niet zo worden als de zielige kindjes in Afrika.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in een wereld waarin wij niet echt willen zien hoe de wereld in elkaar steekt om te moeten concluderen dat wij aan het betere eind van de deal staan en dat dus niet willen opgeven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om armoede en honger niet meer als een afgescheiden fenomeen van mijn eigen realiteit te zien.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om armoede en honger als onacceptabel te labelen zonder daar emoties en gevoelens bij nodig te hebben om mij te motiveren, omdat zo één motivatie gebaseerd is op energie en dus niet de tand des tijds zal doorstaan.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om iedereen die kan horen te laten weten dat ongelijkheid in de wereld niet nodig is en geen bedreiging van ons bestaan betekent, maar een manier is om je vast te houden in je eigen mindbubbel en zo geen verandering te wensen omdat je alles hebt dat je hartje begeerd.