Dag 364 van 2555: computersystemen als de reflectie van mijn eigen beperkingen

DIP Lite cursusDeze post is een vervolg op de vorige post “een systeem test”. Waar ik in mijn vorige post vertelde over 3 gebeurtenissen op één dag waarbij ik tegen het ‘systeem’ aanliep, zal ik dat in deze post verder uitdiepen.

Het ‘systeem’ waar ik het over had, zijn de door mensenhanden gemaakte computersystemen, die net als de mens een reflectie van onze beperkingen zijn. En het zijn deze beperkingen waar ik zo keihard tegenop bots. Ik wil niet in dat hokje geduwd worden van beperking, terwijl ik mijzelf voortdurend in hokjes van beperking stop. Toch als dat van buitenaf wordt gedaan dan ontstaat er meer frictie/wrevel en ervaar ik het als tegenwerking.

In het eerste voorbeeld had mijn dochter in het computersysteem van het CBR een verkeerd hokje aangeklikt en tegen de tijd dat zij dit door had en het wilde veranderen ging dat niet meer. Het computersysteem en de mensen erachter wisten hier geen raad mee, er is geen protocol voor wat te doen bij het verkeerd invullen. Er werd iets bedacht en ons werd gevraagd om het op te lossen door op een uitgeprinte versie het verkeerde hokje door te kruisen, het juiste hokje aan te kruisen en een paraaf erbij te zetten, plus een verklaring van de huisarts dat het verkeerd aangekruiste ziektebeeld ook daadwerkelijk niet aan de hand was, dus geen psychiatrische behandeling/beroerte/aandoening aan het zenuwstelsel. De huisarts schreef vervolgens in deze verklaring dat er wel sprake van kortdurende psychologische interventie was geweest, wat een volgende aanvaring in het computersysteem en de mensen van het CBR opleverde. De huisarts had moeten verklaren dat er geen sprake is van een psychiatrische behandeling/beroerte/aandoening aan het zenuwstelsel, door iets nieuws in te brengen raakte het computersysteem opnieuw van de rel en produceerde een nieuwe brief die vroeg om uitleg van de huisarts. De huisarts moest nu verklaren in welke periode dit had plaatsgevonden, wat de diagnose en prognose was en wat de huidige medicatie en dosering is. Uit deze vragen kon ik opmaken dat het computersysteem nog steeds op de psychiatrische behandeling was blijven steken en de verklaring van de huisarts geen verandering had gebracht. Waarom had de huisarts dit ingevuld, omdat zij in alle eerlijkheid de verklaring wilde invullen. Maar het ging hier niet over eerlijkheid, het ging hier over een aantal gerichte vragen die voor het CBR duidelijkheid moeten geven of de aanvrager van een rijbewijs fysiek/geestelijk in staat is om auto te rijden. De huisarts heeft vervolgens de vragen van het CBR beantwoord en nogmaals geschreven dat het gaat om een psychologische behandeling.

Dit zijn dus de beperkingen van een computersysteem en de mensen erachter waar ik opgewonden over kan raken. Het computersysteem kent geen gevoelens en emoties, het is simpelweg een hokje invullen met bijvoorbeeld ja of nee. Het computersysteem is per definitie beperkt omdat het nooit alle dimensies in ogenschouw neemt of kan nemen. De verwarring ontstaat als er buiten het computersysteem om naar een oplossing wordt gezocht waar geen protocol voor is en de verkeerde triggers door verschillende mensen in het systeem worden gestopt. Dan ontstaat er chaos terwijl ik de gehele tijdslijn zie waarop dit ontstond, maar ik kon het niet stoppen of veranderen, ik was afhankelijk van anderen met emoties en gevoelens. En wow daar zit de frustratie, ik wil het tij keren, omdat ik zie dat het allemaal niet zo ingewikkeld is, maar het lukt mij niet omdat ik niet de enige deelnemer ben in dit verhaal.

In het tweede voorbeeld loop ik stuk op het feit dat de belastingdienst mijn zakelijke bankrekeningnummer wel in het computersysteem heeft staan, maar het systeem signalen afgeeft wanneer er sprake is van teruggave omzetbelasting dat er geen bankrekeningnummer aanwezig is. Dit is doormiddel van de juiste formulieren en telefoongesprekken recht gezet, maar elke keer als er geld uitgekeerd moet worden dan blijkt het systeem mijn bankrekeningnummer opnieuw niet te kennen. Dus werd mij voor de derde keer gevraagd om een formulier in te sturen omdat het laatste formulier een blanco hokje zou hebben waar ik voor de tweede maal mijn fiscaalnummer had moeten invullen. Aangezien ik dit formulier niet had ingescand kon ik dit niet nakijken, dus die les heb ik geleerd. Inmiddels wil men mijn teruggave omzetbelasting doen en heeft ook de laatste poging nog niets opgeleverd. Hier wordt ik best moedeloos van, ik zie dan al voor mij dat ik dit nog minstens 20 keer moet doen totdat iemand zegt, “oh maar we hadden een instelling in het systeem fout gezet”. Dat is wat ik vermoed dat er een kink in het systeem is wat maakt dat het systeem zegt mijn bankrekeningnummer niet te hebben, terwijl bij navraag het tot op heden wel aanwezig is.

In het derde voorbeeld probeerde ik behulpzaam te zijn door de krant te melden dat zij aan mij advertentie rekeningen stuurden die voor een ander bedrijf bedoeld waren. Ook hier had het computersysteem beperkingen en kon niet het juiste adres van de klant ingevoerd worden dat nu aan mijn zakelijke adres vastzat, terwijl ik geen klant van hen ben. De enige oplossing die het computersysteem had was een creditnota aan mij uit te sturen. En daar kreeg ik er ook nog eens twee van thuis gestuurd. Op dat punt had ik spijt dat ik überhaupt gebeld had en iets probeerde recht te breien wat geen directe gevolgen voor mij had.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het computersysteem te beoordelen als beperkend waardoor mij niets valt te verwijten.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van veroordelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik binnen dit veroordelen iets trigger in mijzelf dat ik niet wil zien. Ik stop de veroordeling, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien dat ik mij verwijder van wat er gebeurd met mijzelf tijdens het veroordelen en ik niet wil zien dat ook ik een aandeel heb in de reactie die het in mij teweeg brengt. Als ik het woord veroordeling opsplits dan krijg ik ver-oor-deling, waarbij ver en oor verwijzen naar het niet willen zien/horen van wat er eigenlijk gaande van binnen en deling verwijst naar het feit dat het gaat om gedeelde smart waar ik een aandeel heb tezamen met het veroordeelde, in het tot stand brengen van deze reactie in mij.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de reactie die ik heb tijdens het veroordelen van het computersysteem wegdruk en dus liever de aandacht van mijzelf afleid en het computersysteem als de schuldige aanwijs die mij op de kast jaagt.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de aandacht van mijzelf afleiden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik naar een zondebok zoek voor mijn energetische reactie. Ik stop het afleiden en onderzoek wat er gaande is in mij, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet direct het computersysteem de schuld te geven voor de emoties die ik ervaar terwijl de boel in de soep loopt, maar mijn zelfverantwoordelijkheid te nemen voor dat wat ik zelf ingang zet.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de mensen die het computersysteem vertegenwoordigen en mij te woord staan als een blok aan het been te ervaren die niet constructief willen meedenken met mijn probleem.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van anderen beschuldigen van tegenwerking, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik iets vraag van de ander wat volgens protocollen en de computersystemen ik niet van hen kan verlangen. Ik stop het beschuldigen, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om onderscheid te maken tussen mensen die moedwillig mij tegenwerken en mensen die omwille van beperkte computersystemen niet mee kunnen werken en dus niet in die positie verkeren om het verschil te kunnen maken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de kwaliteit van mijn communicatie met de mensen van het computersysteem af te laten hangen van mijn reactieve staat.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet kunnen communiceren in zelfoprechtheid door reactief gedrag, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de beperkingen die ik ervaar niet verminder, maar mijzelf juist beperk in mijn communicatie naar de ander toe. Ik stop de beperking, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat reactief gedrag geen handelen of communiceren in zelfoprechtheid oplevert en ik mijzelf dus beperk en saboteer, waardoor er geen oplossingen gevonden kunnen worden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frustratie te ervaren in samenhang met de situatie en dit te ervaren als in de situatie gezogen worden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van frustratie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik oploop tegen de grenzen van wat ik kan doen en ervaar mijzelf zo als beperkt. Ik stop de frustratie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in plaats van het omarmen van frustratie, wanneer ik tegen mijn eigen muur en die van het computersysteem aanloop, mijn ademhaling te omarmen en te gebruiken om hier te blijven en te kunnen zien waar de blokkade in mij en het computersysteem zit, om zo naar oplossingen te kunnen zoeken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als gescheiden van het computersysteem te zien terwijl ik in het computersysteem vertegenwoordigt ben.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van afscheiding van het geheel, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik liever wil kunnen zeggen dat ik er geen deel van uitmaak en dus ook niet deel van het probleem ben. Ik stop het afscheiden van mijzelf van het geheel, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf als deel van het geheel te beschouwen en dus elke keer wanneer ik een ervaring heb waarbij ik mij niet één met geheel voel ik in mijzelf moet kijken waar ik mijn zelfverantwoordelijkheid niet wil nemen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om behulpzaamheid op te voeren als deugd en dus niet met een kluitje in het riet gestuurd mag worden.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mij superieur aan de ander/computersysteem te ervaren door mijn behulpzaamheid, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door mijn frustratie mij eigenlijk klein en hulpeloos voel ten opzichte van de ander/het computersysteem waar geen beweging in lijkt te komen, zodat ik als tegenreactie op deze ervaring in mijzelf, mij superieur gedrag en denkpatronen aanmeet. Ik stop de superioriteit en dus de polariteit, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet te laten verleiden om met reactief gedrag op mijn eigen reactief gedrag te reageren en zo voor de ander/het computersysteem het alleen maar moeilijker maak om tot oplossingen te komen.

Advertenties

Dag 328 van 2555: op gesprek – deel 5 – zelfvergeving en zelfcorrectie

ego-mirrorDeze blog is een vervolg op de vorige blogs, het lezen van de vorige blogs biedt context voor deze blog.

Voor nu is dit de laatste blog in deze serie en zal deze blog gaan over het afraden van de revalidatie arts om naar op aan raden van de orthopeed naar de reumatoloog te gaan om de diagnose fibromyalgie nog eens onder de loep te nemen. En het schuldgevoel dat de arts ons probeerde aan te praten voor het gaan naar een andere reumatoloog, als een second opinion, op de diagnose die al gesteld is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij gekleineerd te voelen wanneer mij op een snauwerige manier wordt gevraagd of ik een second opinion wil halen bij een andere reumatoloog, en of dit is omdat ik een andere diagnose wil.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van de geïrriteerdheid van de ander en de onvrede van de ander persoonlijk te nemen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij als ego aangevallen voel en voel het bewaken van en controle over de realiteit van de ander als een aanval op mijn realiteit. Ik stop het persoonlijk nemen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer de irritatie bij de ander zeer goed voelbaar is, dat niet over te nemen en eigen te maken alsof ik zelf iets ‘fout’ heb gedaan, en te verwachten dat de ander mij nu vanuit die irritatie wil pootje haken. Ik ga dus de verbintenis met mijzelf aan om te kijken naar de situatie en te zien/realiseren/begrijpen wat de ander te ‘verliezen’ denkt te hebben en bezie vanuit daar of dit in conflict is met wat het beste voor ons beiden is en dus of de ander een wezenlijke bedreiging is binnen mijn fysieke realiteit en ik daar iets mee moet doen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij beledigt te voelen wanneer de arts vraagt of ik een andere diagnose voor mijn dochter voor elkaar wil krijgen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn ego gekrenkt te voelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik vind dat ik recht heb op een gedegen onderzoek al betekent dat een second opinion en vrees dus dat de ander mij daaruit gaat praten waardoor ik mij verplicht voel dit plan te laten varen. Ik stop de angst dat de ander mij kan voorschrijven wat ik moet doen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet aan mijzelf te twijfelen of ik wel kan ‘staan’ als de ouder die alleen door gedegen onderzoek van artsen zich neerlegt bij wat de uitkomsten zijn en niet twijfel of ik andere onderzoeken wel mag aanslingeren, omdat ik zie dat de artsen niet volledig zijn door zich niet volledig te baseren op fysiek onderzoek maar ideeën van collega’s en door opleiding aangeleerde ideeën in de weg laten staan van wat ze daadwerkelijk gepresenteerd krijgen. Dus verbind ik mij om te blijven zoeken naar de arts die wel naar alle aspecten kijkt, en dit niet voor mijzelf af te doen als drammerig en mij niet willen neerleggen bij een diagnose als opinie die ik heb door te kijken door de ogen van de samenleving en de angst om niet geaccepteerd gedrag te vertonen waardoor ik mij aan de zijlijn van de samenleving plaats en elke vorm van hulp wel op mijn buik kan schrijven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om uit een soort van paranoia te vrezen dat deze revalidatie arts mijn bezoek aan de reumatoloog gaat dwarsbomen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van bang te zijn dat de ander de macht heeft mij te dwarsbomen in mijn zoektocht om uit te zoeken wat mijn dochter mankeert, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik twijfel aan mijzelf en daardoor twijfel aan de ander zijn bedoelingen zonder te realiseren dat de ander mijn niet kan ontzeggen om naar een andere reumatoloog te gaan. Ik stop de angst en de twijfel aan mijzelf en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in de ander een vijand te zien en zo mijn wereld op te delen in medestanders en tegenstanders, in plaats van mijn weg te bewandelen die ik moet bewandelen om het best mogelijke voor mijn kind te bereiken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn geen medewerking van artsen te krijgen om uit te zoeken wat er nu precies mis is met mijn kind.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst te hebben dat verdere onderzoeken mij niet worden gegund door eigen belangen van anderen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mij niet bezig hoef te houden en mij niet tegen hoef te laten houden met/door de angsten van anderen. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de angst en het eigen belang van de ander mij niet eigen te maken door de motivaties die hieruit voortkomen als geldige regels te zien waardoor ik niet meer mag/kan kijken of er iemand is die eens echt goed wil kijken naar mijn dochter haar situatie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te hopen dat de reumatoloog kan vaststellen of mijn dochter fibromyalgie heeft of dat er wellicht iets anders aan de hand is, aangezien ik steeds meer symptomen zie die dit ziektebeeld niet ondersteunen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een juk te voelen door de diagnose die gesteld is door de eerste reumatoloog die niet lijkt te passen op mijn  dochter haar situatie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat het juk dat ik voel de angst is dat ik niet verder mag zoeken door te denken dat ik toestemming nodig heb van de ander terwijl ik toestemming nodig heb van mijzelf . Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien /realiseren/begrijpen dat ik degene ben die toestemming/erkenning aan mijzelf kan geven dat het niet ‘raar’ of ‘afwijkend’ is dat ik verder zoek voor mijn kind wanneer duidelijk is dat de diagnose die gesteld is niet de lading dekt en wel gebruikt wordt om fysieke pijn en condities te duiden die uiteindelijk van een geheel andere aard blijken te zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bevestiging te willen van wat ik zie in de fysieke toestand van mijn kind.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van bevestiging zoeken buiten mijzelf van iets dat voor mij duidelijk is maar waarvan ik vrees dat ik als ‘gek’ of ‘raar’ zal worden weggezet voor de denkbeelden die ik heb hierover, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik bang ben voor de mening van de ander over mijzelf, waardoor ik mijzelf terug laat houden en niet ga voor het zoeken naar antwoorden maar mij laat afleiden door zaken als ‘wat denkt de ander van mij’. Ik stop het kijken door de ogen van de nader naar mijzelf en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer door de ogen van de ander naar mijzelf te kijken en mijzelf te beoordelen, maar te vertrouwen in mijzelf te durven zien wanneer ik zuiver handel vanuit een zuiver startpunt en wanneer niet om zo mijzelf te corrigeren wanneer mijn startpunt niet zuiver is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf wel voor het hoofd te kunnen slaan wanneer mijn dochter zegt: “de arts wil ons geen second opinion laten doen, want wanneer blijkt dat ik iets anders heb dan waarmee zij mij hebben aangenomen, als client op basis van vage klachten en een vage diagnose, dan zitten zij verkeerd en kunnen wij hen aanklagen daarvoor”, en ik dus mijzelf niet gerealiseerd heb dat de arts geen second opinion wil uit zelfbehoud.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf ‘dom’ vinden dat ik iets niet (door)zie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik vind dat ik alles dien door te hebben om zo optimaal interactie te kunnen hebben en mij niet te realiseren dat wanneer ik ruis van de ‘geest’ toesta in de vorm van emoties en gevoelens ik niet alles kan (door)zien. Ik stop de ruis en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet naar beneden te halen door mijzelf ‘dom’ te vinden of te noemen, maar te zien/realiseren/begrijpen dat ik niet alles in ogenschouw kan nemen waneer ik een situatie/onderwerp onder de loep neem wanneer ik energetisch reactief ben en handel/denk vanuit energie, dus een keuze moet maken, of een startpunt vanuit energie of een startpunt vanuit wat hier is en zich hier aandient.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het een naar gevoel te vinden dat deze revalidatie arts zover zou gaan om mij een ‘second opinion’ af te raden uit angst dat ik alsnog een aanklacht in zal dienen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mij angstig te voelen over het feit dat anderen tot het uiterste gaan om hun doel te bereiken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik zelf ook tot het uiterste wil gaan om mijn doel te bereiken en mij dus bedreigt voel wanneer deze wegen elkaar kruisen en niet met elkaar in overeenstemming zijn. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat het belang dat ik nastreef niet perse hoeft te stroken met wat de ander nastreeft, maar dat ik alleen kan instaan voor mijn eigen startpunt en dus alleen mijn eigen startpunt kan corrigeren zodat ik blijf handelen vanuit wat het beste is voor allen en eenvoorbeeld kan zijn voor de ander, dus wanneer startpunten niet in overeenstemming zijn met elkaar zal er met elkaar een overeenkomst gemaakt moeten worden om toch beiden verder te kunnen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn kind niet onder behandeling te willen hebben bij een arts die handelt vanuit angst voor haar goede naam, in plaats van een startpunt te hebben waar het welzijn van de patiënt voorop staat, zodat er geen kwesties zijn van goede of slechte naam.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van utopische eisen te stellen aan anderen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet kan eisen van de ander om niet vanuit angst/emoties/gevoelens te handelen binnen hun professie, terwijl ik zelf kan zien/ondervinden hoe een moeilijk proces dat is. Ik stop dat te eisen van anderen wat ik zelf nog niet beheers en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om er naar toe te streven dat ik als een voorbeeld kan staan hoe te handelen vanuit wat in het belang is voor een ieder en niet vanuit angst/emoties/gevoelens en mij niet te focussen op wat de ander nog niet beheerst als een excuus om niet met de ander te maken te hoeven hebben en dus niet met mijn eigen ‘imperfectie’ geconfronteerd te hoeven worden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wanneer iemand snauwerig en neerbuigend tegen mij spreekt, dat persoonlijk te nemen en dat reactieve moment niet te nemen/in te ruilen voor een moment waarin ik de situatie en de persoon goed inschat.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van informatie verkregen door het handelen van de ander niet te gebruiken om de situatie goed in te schatten maar om reactief op in te haken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de informatie die voor mijn neus ligt niet gebruik om de situatie in goede banen te leiden, maar de informatie die voor mijn neus ligt te gebruiken om mij energetisch op te pompen en zo meer olie op het vuur te gooien dan nodig is. Ik stop het misleiden van mijzelf en de ander en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om situaties niet energetisch aan te wakkeren, maar te zien wat hier is, en dat te gebruiken om wat hier is terug te leiden naar een situatie die in het belang van een ieder is en te zien dat er een keuze moment is, maar dat dit een andere keuze is dan de keuze die ik tot op heden heb gemaakt, namelijk is het in het belang van een ieder en niet vanuit een startpunt van ego te denken hoe pak ik de ander terug die mij krenkt.

Dag 295 van 2555: kwetsen

leefbaar inkomen gegarandeerd2 Blogs terug schreef ik dat ik niemand wilde ‘kwetsen’ met mijn blog en tegelijkertijd zag ik dat dit een punt was dat ik moest aanpakken. Want wie bang is te kwetsen is in feite in datzelfde moment bang om gekwetst te worden. Dus om maar even bij de basis te beginnen, heb ik het woord opgezocht in de van Dale.

 

1. verwonden

2. krenken, beledigen

 

De betekenis waar ik mee zal werken is de 2e betekenis; krenken.

Het is niet zo dat ik niets tegen anderen durf te zeggen en bij alles wat ik zeg bang ben de ander te ‘kwetsen’, het zijn specifieke momenten waarin ik bang ben de ander te ‘krenken’ en bang dat dit als een boemerang effect op mij terug zal slaan. Het woord ‘krenken’ is dan ook een klank die het gevoel en de emotie die eraan vastzit heel goed verbeeld. Er komt een beeld op van een stuk papier dat met woeste beweging tot een bal wordt geknepen om vervolgens als een projectiel te gebruiken.

 

Zo ook zijn de woorden die ik niet gebruik uit voorzorg de ander niet te krenken/kwetsen. Dus het lijkt of ik mij verplaats in de ander, waarbij ik besluit dit niet te zeggen want ik zou dat zelf ook niet tegen mij gezegd willen krijgen. Dit klinkt haast als naastenliefde, maar als ik er goed naar kijk dan zie ik dat ik, dingen niet zeg uit angst de bal terug gekaatst te krijgen en geen zin te hebben in de eventuele ‘nare’ woorden van de ander die mogelijkerwijs uit frustratie/reactie weer op mij reageert als een boemerang-effect.

 

Dus heb ik te maken met ego en de controle willen behouden. Ik wil mijn ego niet laten ‘krenken’ en dus ‘krenk’ ik de ander niet om zo de ander niet de gelegenheid te bieden om mij te ‘krenken’, dus totale controle van de situatie.

 

Die totale controle over de situatie maakt dat ik in zo’n moment mij ellendig voel, mentaal en fysiek, ik blijf wikken en wegen of het verstandig is hetgeen te zeggen wat ik wilde zeggen. Dit wikken en wegen maakt mij vervolgens dan weer onzeker en totaal niet meer instaat om de afweging die ik bij mijzelf afdwing nog te maken. Uiteindelijk neemt dit proces bezit van mij en raak ik bezeten van dit punt om niet gekwetst te willen worden en laat ik de angst die ermee gepaard gaat mijn lijf in hoogste alarmfase gaan om de vijand af te weren.

 

Uiteindelijk heeft de ander het zo’n beetje gedaan, wat niet verwonderlijk is want het is een ego-kwestie, en het ego wil best een nederlaag nemen maar dan wel als slachtoffer. Dit hele proces kost energie en als het voorbij is ben ik op of nog zo opgepompt van de energie dat ik niet kan wachten om een volgend kwets-punt op te pakken om nogmaals het hele energetische circus af te laten draaien.

 

Ik zie dat dit energetische circus niet in het belang van een ieder is en dus moet ik dit stoppen in mijzelf. Met gezond verstand kan ik zien wanneer ik iemand kwets en wanneer ik realistische feedback geef of dingen zeg die gezegd mogen worden, want dat is een punt van zelfoprechtheid en niet van het ego. Wanneer ik alleen maar positief wil zijn en leuk gevonden wil worden dan leef ik niet dan fantaseer ik in mijn ‘geest’ een leven dat geen leven is. Dus tijd om te stoppen en te leven.

 

In mijn volgende blog zal ik zelfvergeving doen op dit punt en mijzelf corrigeren in mijn fysieke werkelijkheid.

Dag 186 van 2555; wanneer frustratie de overhand neemt

equal money capitalismGisteravond wilde ik mijn partner een website tonen, maar zodra ik op mijn balk ging staan om de URL in te voeren dan floepte mijn cursor naar boven of beneden van de balk. Mijn partner zei iets in de trant van, je moet wel in het kader klikken. Waarop ik zei, dat is wat ik doe, maar de cursor springt meteen weg. Ik zat te zuchten en te bedenken hoe ik het snelst dit kon oplossen. Mijn partner vroeg mij om niet de rechter muis knop in te drukken, maar gewoon op de balk te klikken, en dat was nu juist wat ik steeds had gedaan. Ik raakte geïrriteerd van de opmerkingen van mijn partner, hij veronderstelde door alleen naar het scherm te kijken dat ik van allerlei zaken deed, terwijl dat niet het geval was. Ik zag irritatie bij hem en ik wilde dit snel tot een einde brengen om niet in een impasse te komen, dus besloot ik de tab te sluiten. De tab sloot niet maar gaf in plaats daarvan een voor mij nieuw uitklap venster. In de tussentijd bleef mijn partner door ratelen in mijn linker oor dat ik toch echt moest ophouden om de rechter muisknop te gebruiken. En ja toen was ik gefrustreerd, mijn partner dacht dat ik gefrustreerd was van de computer, maar in werkelijkheid was ik gefrustreerd van mijn communicatie met hem. Ik had het idee dat ik niet tot hem kon doordringen dat hij vast zat in de realiteit van het beeldscherm, wat duidelijk niet de realiteit was aangezien ik niet dat met de muis deed wat er werd weergegeven op het scherm. Maar wat mij het meest frustreerde was dat ik door de woordkeuze die mijn partner gebruikte kon horen dat ik in dit moment werd beoordeeld door de ogen van eerdere ervaringen geladen met frustratie die mijn partner over mij heeft. Daar zat ik dus in mijn fysieke realiteit en ik snapte niet hoe ik tot mijn partner kon doordringen die zijn vertrouwen bouwde op eerdere negatief geladen ervaringen en de werkelijkheid van het computerscherm dat duidelijk in de bonen was.

 

Wat mij opviel in deze situatie was dat dit een grote frustratie van mij is wanneer mensen mij beoordelen aan de hand van gewezen ervaringen. Ik ken mensen die altijd blij worden van mij, omdat zij die ervaringen hebben gehad en dat willen behouden.Vroeger als kind werd je vaak afgerekend op het beeld dat je ouders van je hadden gevormd. Dit zijn zulke situaties waar ik het gevoel heb dat ik geen invloed kan uitoefenen op mijn werkelijkheid, omdat de ander niet deelneemt aan de fysieke werkelijkheid. En omgekeerd maak ik mij er natuurlijk zo nu en dan ook schuldig aan om anderen te benaderen op basis van opinie of eerdere ervaringen. Zo kunnen we niet effectief met elkaar omgaan, de werkelijkheid van de geest en de fysieke werkelijkheid zijn niet 1 op 1 uitwisselbaar. Diegene in de werkelijkheid van de geest is een zombie in de fysieke werkelijkheid en diegene in de fysieke werkelijkheid kan geen contact maken met de zombie.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gefrustreerd te raken van het feit dat ik niet in contact sta met de ander.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat wanneer de ander mij beoordeeld aan de hand van eerdere negatieve ervaringen ik ook daadwerkelijk diegene ben uit de werkelijkheid van de geest van de ander.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te verzetten tegen het personage dat ik denk te moeten aannemen omdat het op mij gedrukt wordt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn om dit negatieve personage te worden, wat frictie geeft met het positieve zelfbeeld van mijzelf dat altijd goed uit de verf komt in mijn geest.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn ego los te laten in zo’n situatie en probeer mijn gezicht te redden, wanneer ik zie dat de ander mij negatief wil afschilderen, terwijl dat niet berust op de werkelijkheid in dat moment.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om letterlijk een muur te voelen tussen mij en de ander wanneer ik niet met communicatie kan doordringen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat het nooit meer goed komt en ik nooit meer zal doordringen tot die ander, nu de mindset veranderd is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frustratie te gebruiken om mijn angsten te verbergen die erachter schuil gaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frustratie de boventoon van mijn interactie te laten zijn en mij niet te realiseren dat ik mij op die manier limiteer en niet meer kan zien wat er gedaan kan worden om de situatie terug in het hier en nu te zetten om ermee om te kunnen gaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij hulpeloos te voelen nu communicatie niet lukt met de ander en het daar dan maar bij te laten en de frustratie in al zijn lagen in te slikken en te onderdrukken totdat het er een keer uit zal komen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om geen oplossing te kunnen zien, omdat ik denk vanuit het eigen kader en mij niet realiseer dat we met z’n tweeën zijn en dus samen uit een communicatie impasse dienen te komen, wat niet rust op 1 partij maar op beiden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij in zo’n situatie van geen communicatie te willen terugtrekken om mijn wonden te likken om niet meer met de negatieve ervaring geconfronteerd te worden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het terug trekken in de geest als meest veilige optie te zien wanneer communicatie in mijn fysieke werkelijkheid niet lukt en ik de handdoek in de ring gooi.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om anderen te beoordelen op basis van opinie en herinneringen en de ander niet de kans te geven om te laten zien wie hij/zij is in het moment en mij in dat moment niet te realiseren dat het ook mij frustreert wanneer anderen mij zo beoordelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om situaties in de fysieke werkelijkheid te beoordelen met de werkelijkheid van mijn geest en mij niet te realiseren dat zo’n beoordeling altijd verwijtend is of de werkelijkheid verdraaid ten voordele van mijzelf.

 

Wanneer en als ik zie dat ik mij verlies in frustratie over hoe de ander mij beoordeeld dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat deze beoordeling niets aan mijn zijn veranderd en slechts een perceptie van de ander is. Ik stop en zie dat deze angst om slecht beoordeeld te worden mij nergens brengt dan consequenties en haal ik adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet te laten leiden door frustratie in welke vorm dan ook en hoe geoorloofd ik het ook vindt ik het moment, frustratie geeft aan dat ik mijzelf niet aanstuur in het belang van een ieder dus is het een actie vanuit zelfoneerlijkheid.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat alleen ik bepaal wie ik ben in elk moment van mijn ademhaling en dat een opinie/ervaring/beeld van een ander daar geen verandering in aan kan brengen in de fysieke werkelijkheid.

Dag 159 van 2555; associatief denken als vliegwiel voor de geest – deel 2

equal money capitalismDit is een vervolg op mijn blog van gisteren, waar ik een alinea uit heb genomen om vervolgens zelfvergevingen op te doen en verbintenissen aan te gaan.

 

“Ik heb het dus altijd met mij meegedragen dit aangedragen feit dat ik een beelddenker zou zijn en voerde het in het begin nog weleens op als excuus, maar dat ebde weg. Tot ik vandaag in een, voor mijn gevoel, nutteloze discussie verzeilde met mijn partner en ineens zag dat wij een patroon voor de zoveelste keer aan het herhalen waren, waarbij mijn partner strakke kaken krijgt en op één of andere manier zijn gelijk lijkt te moeten halen. Kromme tenen krijg ik daarvan en ik snap niet wat hij nu eigenlijk van mij wil op zo’n moment. Wat hier gebeurd is het volgende, ik ben overwegend beelddenker en mijn partner overwegend woorddenker/lineair denker. Mijn denkprocessen gaan van A naar D naar F, terwijl mijn partner zijn denkprocessen gaan van van A naar B naar C. Ik ben dan al op F terwijl hij op C zit en waarschijnlijk helemaal ook niet uitkomt op F, omdat hij dat als niet relevant zal afstrepen. We denken dat we het nog over hetzelfde hebben, maar eigenlijk praten we langs elkaar heen en raak ik gefrustreerd doordat hij niet kan zien wat ik bedoel en mijn partner raakt gefrustreerd over het feit dat ik er dingen bij haal die er volgens hem niet toe doen. Wanneer ik het geduld heb om hem door mijn denkprocessen heen te praten, dan komen we vaak ergens in het midden uit en hebben we het ‘gevoel’ dat we niet langs mekaar heen praten, maar eigenlijk praten we 2 verschillende talen tegen elkaar, die we allebei niet spreken of begrijpen van elkaar. Wat ik veelal doe is even aankondigen dat ik van het conventionele pad afga, maar ook dat komt na een aantal keren herhalen niet aan bij een lineair denker. Het beste is mij te realiseren dat de wereld niet gebaseerd is op associatief/creatief denken en ik die behoefte om dat te delen zal moeten onderzoeken als, wat is die behoefte nu eigenlijk in mij? Associatieve denkprocessen die niet denken om het denken zijn, hoeven niet perse gestopt te worden, de energie vreters die moeten buitenspel worden gezet. Dan zal een gesprek ook effectiever verlopen en de lineair denker zich niet aangevallen doen voelen met voor zijn/haar gevoel irrelevante argumenten. Wanneer conclusies door associatief denken verkregen zijn, er toe doen, en niet op energie gebaseerd zijn dan moeten ze overdraagbaar zijn en minder in een ‘overtuigen van’ sfeer terecht komen. Wanneer ik mij kan focussen om specifiek te zijn/blijven en zo dicht mogelijk bij het onderwerp te blijven terwijl ik praat met anderen, dan ben ik nog te volgen en zal dat minder botsingen/frustraties opleveren. Want ook frustraties zijn energievreters en onnodig om effectief te communiceren. Wanneer ik kan zien waar mijn gesprekspartner zich bevindt in het proces, dan moet ik instaat zijn om in de schoenen van die ander te gaan staan om te zien/begrijpen/realiseren waar ik moet insteken om mijzelf duidelijk te maken.”

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om communiceren in de gevoelssfeer te trekken en mij niet te realiseren dat communiceren in mijn fysieke realiteit met 2 voeten op de grond is en niets te maken heeft met gevoel.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gevoel mijn communicatie te laten beïnvloeden en zodoende naast de fysieke realiteit communicatie die gaande is er een schaduw communicatie naast te laten draaien die wordt gevoed door gevoelens/emoties/herinneringen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om communicatie te hebben met anderen met een startpunt van energie verkrijgen/opwekken om zo deze communicatie draaiende te houden als een aggregaat.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om communicatie en denken om de denkprocessen om energie te generen met elkaar te verwarren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik communiceer, terwijl wanneer ik in zelfoprechtheid zie, dan kan ik zien dat mijn startpunt niet zuiver is wanneer ik associeer om het associëren en denk om het denken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat wanneer ik communiceren en voelen in 1 adem uitspreek, ik mijzelf voor de gek houd en niet met daadwerkelijke communicatie bezig ben die vrij is van gevoelens en emoties.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om associatief denken als iets vrijwilligs te zien en als van mijzelf, terwijl ik kan ervaren dat het bijna onmogelijk is om het uit te zetten zonder een vastberaden standpunt in te nemen die energie generen niet toestaat.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat associatief denken van de geest is en alleen van mijzelf kan zijn wanneer ik het zelf aan en uit kan zetten in het belang van een ieder zonder gevoelens en emoties eraan vast te plakken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat denken altijd van de geest is en zien en realiseren van mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren in hoeverre ik verslaafd ben aan mijn manier van denken, omdat ik geloof dat ik dat ben en dat ik dus niet anders kan, terwijl het zelfde type denken los van emoties en gevoelens alleen dan wanneer het nodig is en waar ik de regie over heb niet iets is om mij van af te keren als iets kwaadaardigs.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de slaaf te zijn van mijn geadopteerde associatief denken en niet altijd de manier te kunnen zien om mij ervan te bevrijden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik mij als slaaf van het denken kan bevrijden door te staan als wie ik ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om tegenwerking te ervaren als associatief denker in een wereld waar lineair denken wordt beloond en mij niet te realiseren dat dit gebaseerd is op een gevoel van niet geaccepteerd te worden omdat ik anders doe dan de geaccepteerde norm.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het fijn te vinden om anders te denken dan de geaccepteerde norm en zo een gevecht met het systeem aan te kunnen gaan en de illusie op te wekken dat ik de strijd aan ga met het systeem, terwijl ik mij niet realiseer dat dit gevecht in mijn geest zich afspeelt en ik in werkelijkheid het systeem niet bevecht.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als denkactivist te zien en mij niet te realiseren dat mijn activisme maar een hoofd groot is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij goed te voelen bij het afzetten van de norm binnen de veilige omgeving van mijn geest en mij niet te realiseren dat dit een andere vorm van denken en energie generen is die net als al de andere vormen niets oplevert voor het leven dan consequenties.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frustraties toe te staan binnen mijn communicatie met anderen onder het mom van niet begrepen te worden, zonder te kijken of mijn manier van communiceren voortkomend uit mijn manier van denken, wel aansluiting heeft bij mijn gesprekspartner.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet specifiek te zijn in mijn communicatie en voor buitenstaanders van mijn geest over kom als een van de hak op de tak prater, terwijl er wel een verhaallijn in mijn praten zit maar dat behoeft de nodige illustraties om duidelijk te zijn en over te komen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij als ego gekrenkt te voelen als anderen mijn denken af doen als het mij verliezen in details en niet kunnen zien in dat moment dat het wel ter zake doend is, maar mijlen ver vooruit is op hetgeen er dan besproken wordt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn communicatie te dwarsbomen door associatief te denken en praten met mensen die lineair denken en praten, waarbij er geen communicatie plaatsvindt, maar Babylonische spraakverwarring en het principe van communiceren totaal om zeep helpt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat echte communicatie frustratie vrij is en simpelweg overdracht van informatie om samen tot daden over te kunnen gaan en de samen gevormde informatie te leven en ervaren.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om communicatie niet te misbruiken voor energie opwekking en daarom er geen emoties/gevoelens aan te koppelen, waardoor het niet uitmaakt of ik beelddenk of woorddenk,  zolang er maar communicatie plaatsvindt die in het belang van een ieder is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om specifiek te zijn in mijn communicatie om zo geen ruis te accepteren die de communicatie kan verstoren.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij in de schoenen van mijn gesprekspartner te verplaatsen en te zien op welk niveau wij samen kunnen komen om effectieve communicatie te hebben zonder frustraties en onbegrepen te worden waar onnodige back chat door ontstaat.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om communicatie met het ego niet te accepteren en toe te staan, omdat dat afbreuk aan jezelf en de ander als jezelf doet en in tegenspraak met het principe van het leven is om in gelijkheid en eenheid ons tot elkaar te verhouden.

Dag 145 van 2555; o denneboom, o denneboom

Dag 145 van 2555; o denneboom, o denneboom  Wij hebben al weer een aantal jaren geen denneboom in huis rond Kerst. In de periode dat mijn kinderen nog klein waren tuigde ik elke keer onze kunstboom op. Nu mankeert het mij niet aan creativiteit, maar zodra ik de kerstboom moest gaan optuigen dan kwam er zo’n zwaar gevoel over mij heen en zou ik hem het liefst zo weer in zijn doos terug doen. Ik deed dat niet omdat ik deze gevoelens als echt en bovenal als kinderachtig bestempelde. Dus bedacht ik van alles om het aantrekkelijk te maken om dit optuigen toch te doen en maakte ik heel wat ornamentjes voor in de boom. Ik had een kerstkrans voor op de voordeur vol met zelf gemaakte kersttrollen en maakte mijzelf wijs dat ik dit allemaal leuk en heerlijk vond. Nooit was ik tevreden over hoe de ornamenten in de kerstboom hingen of hoe de lampjes en kettingen erdoorheen liepen. Ik liet het maar en inderdaad dat is precies wat ik deed, ik liet het voor wat het was en keek niet naar binnen om te zien waar dit gevoel vandaan kwam wat eigenlijk niet strookte met mijn creatieve aanleg.

 

Vandaag was ik bij mijn ouders die vol trots een tafel vol met verlichte huisjes in een winterlandschap lieten zien, hun alternatief op een kerstboom binnen in huis. Waarop ik iets zei in de trant van, dat is beter dan zo’n kerstboom. Waarop mijn moeder reageerde met, ja een kerstboom optuigen dat vond ik altijd zo verschrikkelijk om te doen. En op dat moment flitsten er beelden door mijn geest van een zuchtende moeder die tegen haar zin in een boom aan het optuigen was en alles bleef aan haar vingers plakken, niets kwam zo als zij het wenste, kortom 1 grote frustratie. En dat heb ik meegenomen als kind, de opinie dat kerstbomen optuigen niet leuk was en veel vervelend werk opleverde. De hele periode door moesten er naalden opgezogen worden en ook dat werd met zuchten gedaan. Dus zonder dat ik het door had was deze opinie met mij meegereisd tijdens mijn leven en ervoer ik weerstanden bij het optuigen van een kerstboom wat in principe voor mij niet een groot probleem zou moeten zijn. Mijn gevoel is dus niet mijn gevoel het is een geadopteerd gevoel dat absoluut geen waarde of relevantie heeft en dus ook zo de prullenmand in kan.

 

Helaas voor de denneboom gaat ook hij met de geadopteerde opinie/gevoel de prullenbak in, want inmiddels zie ik geen reden meer voor het vieren van consumentisme met als fysiek symbool de boom.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een gevoel gestuurd door een opinie van mijn moeder te adopteren als zijnde van mij.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat dit gevoel, dat frictie binnenin mij veroorzaakte, niet van mij was en niet echt was, maar geadopteerd door mijn geest om frictie te veroorzaken en meer emoties te genereren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om herkenning bij mijn moeder haar reactie te ervaren over het niet leuk vinden van een kerstboom optuigen en mij niet te realiseren dat het geen herkenning is maar het overnemen van een opinie en het bijbehorende gevoel.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als origineel te ervaren en mij niet te realiseren dat ik een soort van omnibus ben van gevoelens/emoties/angsten en opinies die ik of genetisch of door blootstelling aan mijn omgeving aan mijzelf heb toegeëigend om te bestempelen als ‘dit ben ik’.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de zonden van de voorvaderen voort te zetten zonder dit te bevragen of kritisch te bekijken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een geadopteerde aversie voor kerstbomen optuigen te beschouwen als van mijzelf en tegelijkertijd dit niet snap vanuit mijn beeld dat ik heb over mijzelf, maar het daar bij laat.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een zeurend gevoel van ik wil die boom niet optuigen geen plek kan geven door niet te kijken en te onderzoeken wie ik ben in ieder moment om zo te zien dat gevoelens en opinies niet van mij zijn of kunnen zijn omdat zij een product van de geest zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te willen zien wie ik werkelijk ben in ieder moment en zodoende ook niet kan onderscheiden wat bij mij hoort of wat lichaamsvreemd is en afgestoten kan worden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf voor raadselen te stellen over mijzelf zonder eerst de confrontatie met mijzelf aan te gaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om herkenning van eigenschappen in een ander te gebruiken om dichter tot die ander te komen en gevoelens van saamhorigheid te ervaren en mij niet te realiseren dat hetgeen ik zie in de ander van de ander is en door blootstelling eraan in mij geprogrammeerd is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vast te houden aan dit gevoel wat mij in zekere zin nieuwe gevoelens van speciaalheid opleveren door 1 van de weinigen te zijn die het, oh zo gezellige optutten van het huis en de boom, niet als leuk ervaart en mijzelf  te zien als een kerst activiste die enig in haar soort is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te ontdoen van de opinie die ik nu heb ontmaskert als geprogrammeerd.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om bij alles dat ik ervaar, voel en geloof mij af te vragen hoe dat in mij gekomen is en of het een deel van mijn echte zelf is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om alert te zijn wanneer gevoelens frictie geven en niet lijken te kloppen en zo te kunnen zien wat ik heb geadopteerd vanuit mijn omgeving als kind dat een deel van mijzelf is geworden maar niet werkelijk mijzelf is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen opinies/gevoelens/angsten/emoties van anderen over te nemen, maar mij te focussen op mijzelf en mijn proces om dat te verwijderen dat niet langer van waarde is en niet meer  zaken van anderen aan mijn lijst toe te voegen, maar simpelweg te zien wat ze zijn en te zien waarom ik ze heb en gehouden heb, om ze vervolgens los te kunnen laten en mij weer te focussen op mijzelf.

Dag 133 van 2555; frustratie in de supermarkt

Dag 133 van 2555; frustratie in de supermarkt  Ik ging even een paar boodschapjes bij de supermarkt halen vandaag en zou meteen €20 voor mijn dochter wisselen wat zij nodig had voor school. Bij de kassa aangekomen, had ik de keuze tussen 2 kassa’s die open waren. Diegene waar ik voorstond en 1 helemaal aan de andere kant, ik koos degene waar ik voorstond. Alhoewel daar een cassiere zit die nog niet zo lang daar werkt maar altijd chagrijnig kijkt, bij alles zucht en vaak bijna geen woord wisselt dat niet met haar taak als cassiere te maken heeft. Ik had haar gelabeld als die onaardige cassiere. Dus de eerste back chat barste al los, terwijl ik dacht, “nee hè, niet haar”.

 

Het was mijn beurt en alvorens af te rekenen vroeg ik haar of zij voor mij een briefje van 20 kon stuk maken in kleiner geld met wat losse euros. Ja zei ze, waarop ik meldde dat ik de boodschappen met mijn pinpas ging betalen. Ze verblikte of verbloosde niet. Ik stak mijn kaart in het pinapparaat ,waarop zij zei, kijk nu heb je het probleem ook niet meer. Dit alarmeerde mij en ik trok mijn pinpas eruit. Wat bedoel je, zei ik. Zij bedoelde dat ik nu die €20 niet meer hoefde te wisselen. De volgende back chat diende zich aan. “Praat ik Russisch ofzo” Ik legde enigszins geïrriteerd nogmaals uit dat ik los van het betalen van mijn boodschappen, €20 bij haar wilde wisselen. Oh, zei ze, en gaf mij een briefje van 10 en 2 van 5. Waarop ik dacht dat ik gek werd. Dus herstelde ik mij en liet de derde back chat passeren, “ik vroeg toch om losgeld, wat is er nu zo moeilijk”, en vroeg nogmaals of ze het briefje van 5 in losse euros kon wisselen. Nee dat was niet mogelijk kreeg ik te horen, ga maar naar de klantenservice.

 

Bij de klantenservice vroeg ik of zij €5 in losse munten konden wisselen, omdat het bij de kassa zo’n probleem was. Waarop de dame achter de balie zei:” ja dat wil soms niet lukken bij de kassa, zij moeten kleingeld behouden”. En ja, daar had zij een punt, maar dat had de cassiere dan toch ook meteen kunnen communiceren toen ik haar vroeg of wisselen mogelijk was. Ik had geen pistool op haat slaap staan, ik wilde simpelweg weten of het mogelijk was. Gefrustreerd verliet ik de supermarkt. Frustratie om de miscommunicatie en frustratie over het feit dat ik mijn back chats had geaccepteerd en toegestaan.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de back chat “nee hè, niet haar” aandacht te geven en te beschouwen als een gedachte van mijzelf als mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de cassiere te labelen als een een onaardig iemand, gebaseerd op haar uiterlijk vertoon gezien door de ogen van mijn geprogrammeerde geest en mij niet te realiseren dat er een leven achter deze cassiere zit waar ik geen weet van heb en dus niet over kan en mag oordelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet bij deze cassiere in de rij te willen staan en af te rekenen omdat zij mij geen positief gevoel geeft en ik mij dus laat beïnvloeden door het humeur/gedrag van de ander inplaats van stabiel te zijn en de kracht om te leven uit mijzelf te putten omdat ik weet dat ik kan vertrouwen op mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik begrepen wordt en wanneer dat niet zo blijkt te zijn, totaal uit mijn doen te zijn en mijzelf door de ogen van de ander bekijk en bang ben dat zij mij raar vindt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn om niet begrepen te worden en niet dat te krijgen wat ik wil.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn pinpas eruit te trekken  en het apparaat te laten piepen, omdat ik geschokt ben over het feit dat ik niet begrepen ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de back chat “praat ik Russisch ofzo” aandacht te geven en te beschouwen als een gedachte van mijzelf als mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om venijnig te worden als blijkt dat ik niet wordt begrepen en direct de schuld buiten mijzelf neer wil leggen door een snerende gedachte te deponeren om zo voor mijzelf beter uit de bus te komen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij meer te maken door de snerende back chat “praat ik Russisch ofzo” als gedachte te accepteren entoe te staan en de cassiere als mindere af te spiegelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om geïrriteerd te zijn nogmaals mijn verzoek aan de cassiere te moeten uitleggen wat de knop van onzekerheid bij mij indrukte en mij liet voelen als een imbeciel en tegelijkertijd te geloven in de echtheid van dit gevoel als van mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een explosie in mij te voelen wanneer de cassiere mij geld teruggeeft maar geen losgeld, waardoor ik totaal aan mijn communicatie ga twijfelen en mij afvraag wat ik nu eigenlijk heb kunnen overbrengen aan deze vrouw en dus de communicatie in z’n geheel persoonlijk neem en niet meer in ogenschouw neem dat de cassiere met haar gedachten/back chats bezig is en wellicht net als mij niet helder meer kan denken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de back chat “ik vroeg toch om kleingeld, wat is er nu zo moeilijk” aandacht te geven en te beschouwen als een gedachte van mijzelf als mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te kunnen verplaatsen in de schoenen van een ander en ervan uit ga dat zij de domme is en ik de slimme goed communicerende om zo mijzelf te behoeden van een afgang in mijn eigen ogen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij afgewezen te voelen toen mij werd verteld naar de klantenservice te gaan en mij niet te realiseren dat wisselen eigenlijk bij de klantenservice plaatsvind en ik dus uiteindelijk op de juiste plek terecht kwam.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om als een klein kind weggestuurd te voelen, omdat ik lastige vragen stel en men mij niet langer wil zien en dus wegstuurt en mij niet te realiseren dat ik alleen maar mijn kant van het verhaal ken en aannames doe voor de andere kant.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat wisselen bij een kassa niet prettig is voor de cassiere die geld en losgeld nodig heeft voor haar contant betalende klanten.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat de cassiere niet instaat was om mijn verzoek af te slaan door welke reden dan ook, waardoor frictie en belangen verstrengeling ontstond en ik het vervelend vond om niet te krijgen wat ik wilde.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alleen aan mijn behoeften te denken en niet te zien/bekijken of mijn verlangen/vraag ook in het belang van een ieder was.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in het vervolg eerst de vraag te stellen of het de juiste plek is om geld te wisselen al sik dat bij de kassa wil doen.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet over 2 handelingen tegelijkertijd te praten zoals, wisselen en mijn boodschappen pinnen, om zo geen onnodige verwarring te zaaien en zodoende de consequenties te moeten oogsten.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn back chat gedachten in het moment niet als van mijzelf te beschouwen en de mate van eigenbelang erin te zien die al aangeeft dat ik te maken heb met de geest die rechtlijnig denkt vanuit eigenbelang.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet zo snel in het vervolg te frustreren en te irriteren door niet in het hier en nu te zijn maar af te dwalen op de gedachtes/back chats van mijn geest als de stem in mij die ik denk te zijn, maar mij te realiseren dat dit soort gedachtes altijd van de geest zijn verbloemd als mijzelf door mijn participatie in de geest.