Dag 158 van 2555; associatief denken als vliegwiel voor de geest – deel 1

Dag 158 van 2555; associatief denken als vliegwiel voor de geest - deel 1  Tijdens mijn examenjaar van de academie voor maatschappelijk werk en dienstverlening, terwijl ik mijn eindwerkstuk en de presentatie daarvan aan het doornemen was met mijn mentor, riep mijn mentor ineens uit, maar jij bent voor het grootste gedeelte een beelddenker. Dat zei mijn niet zoveel en ik had tot dusver mijzelf niet in al teveel hokjes weten te drukken dan de nodige personages die ik bewust en onbewust aannam en aangenomen had in mijn leven tot dusver. Hij legde mij uit dat een beelddenker voornamelijk denkt in plaatjes en filmpjes en ik had geen idee dat anders denken ook mogelijk was. Denkprocessen waren nooit relaxed bij mij, als éénmaal het vliegwiel draaide dan was er geen stoppen meer aan, wat veelal resulteerde in verassende oplossingen maar ook mijzelf uitputte als ik erop terug kijk. Een uitputtingsslag om zoveel mogelijk energie op te wekken in zo min mogelijk tijd.

 

Ik heb heel lang gedacht dat het normaal is dat je eerst een filmpje in je hoofd ziet van hoe je iets gaat aanpakken en dan dat filmpje bewaarheid in je fysieke realiteit. Het om het probleem heenlopen in je geest in 3-d, om te zien waar de haken en ogen zitten en zo al kunnen inzoomen op de details waar een lineair denker de details als verwarrend ervaart en jouw inbreng al snel afschiet als, “verlies je niet in de details blijf gefocust”.

 

Op middelbare schoolleeftijd, ik denk dat ik in 2 HAVO zat, ervoer ik mijn fantasie als te overweldigend en als een beperking voor het gefocust kunnen leven/leren in mijn fysieke realiteit. Ik sprak dus met mijzelf af dat de tijd was gekomen om deze fantasie denkbeelden los te laten. Wanneer ik nu terugkijk was het niet zozeer het leven in een fantasiewereld, want ik was hier, zo goed en zo kwaad als wij mensen hier kunnen zijn in dienst van de geest. Waar ik mee te maken had was het associatief denken, het creatief denken, wat mij tot verassende oplossingen bracht en de clown van mijn vriendenclubje maakte. Door al de verbanden die ik zag, reële of irreële, werd ik overweldigd. Dit soort denken ging niet echt over problemen, meer ‘als dit’ ‘dan dat’ vraagstukken die dan heel hilarisch konden aflopen. Tijdens de les volgde ik de les, maar zodra ik associaties met woorden of concepten de vrije loop liet, zag ik allerlei plaatjes en filmpjes langskomen, wat het volgen van de les toch minder effectief maakte.  Waarop ik dan tekeningetjes maakte als een stripje over wat ik in mijn geest had zien langskomen. Niet effectief binnen een lineair denk systeem wat het onderwijs toen was en nog steeds is. Dit was dus het moment waarop ik STOP zei tegen deze manier van denken die mij overweldigde. En het stopte, maar vond als water weer een nieuwe uitgang om net even anders naar buiten te komen. Echt stoppen zou stoppen met de energie verslaving zijn geweest, maar dat was toentertijd nog niet duidelijk.

 

Rond mijn 26e had ik van die buien dat wanneer ik erg opgeladen was met energie, zoals na het zingen in een gospelkoor, dan deed ik fysiek hetzelfde als wat er aan versnelde processen in mijn hoofd zich afspeelde. Op woensdag repeteerden wij als gospelkoor en op woensdag werden ook de reclamefolders door mijn deur geperst. Wanneer ik dan terugkwam van zo’n repetitie dan was ik bijna misselijk van de energie die dit zingen en samenzijn had opgeleverd en dan pakte ik de stapel reclamefolders om daar vervolgens turbo doorheen te bladeren. Ik bladerde alles door, sloeg niets over en nam alles waar, het was de overweldigende plaatjes wereld in mijn geest die ik nu buiten mij manifesteerde doormiddel van deze reclamefolders. Het was een soort van afbouwen van de energie piek die ik had ervaren met het zingen, waardoor ik mijn beeldenken tot rust probeerde te brengen met meer van hetzelfde, plaatjes. Dit waren geen leuke ervaringen, dit waren momenten dat ik echt voelde dat ik slaaf was van een systeem in mij, maar er nog niet aan toe was om mij er los van te maken en het te bevragen en te onderzoeken.

 

Ik heb het dus altijd met mij meegedragen dit aangedragen feit dat ik een beelddenker zou zijn en voerde het in het begin nog weleens op als excuus, maar dat ebde weg. Tot ik vandaag in een voor mijn gevoel nutteloze discussie verzeilde met mijn partner en ineens zag dat wij een patroon voor de zoveelste keer aan het herhalen waren, waarbij mijn partner strakke kaken krijgt en op één of andere manier zijn gelijk lijkt te moeten halen. Kromme tenen krijg ik daarvan en ik snap niet wat hij nu eigenlijk van mij wil op zo’n moment. Wat hier gebeurd is het volgende, ik ben overwegend beelddenker en mijn partner overwegend woorddenker/lineair denker. Mijn denkprocessen gaan van A naar D naar F, terwijl mijn partner zijn denkprocessen gaan van van A naar B naar C. Ik ben dan al op F terwijl hij op C zit en waarschijnlijk helemaal ook niet uitkomt op F, omdat hij dat als niet relevant zal afstrepen. We denken dat we het nog over hetzelfde hebben, maar eigenlijk praten we langs elkaar heen en raak ik gefrustreerd doordat hij niet kan zien wat ik bedoel en mijn partner raakt gefrustreerd over het feit dat ik er dingen bij haal die er volgens hem niet toe doen. Wanneer ik het geduld heb om hem door mijn denkprocessen heen te praten, dan komen we vaak ergens in het midden uit en hebben we het ‘gevoel’ dat we niet langs mekaar heen praten, maar eigenlijk praten we 2 verschillende talen tegen elkaar, die we allebei niet spreken of begrijpen van elkaar. Wat ik veelal doe is even aankondigen dat ik van het conventionele pad afga, maar ook dat komt na een aantal keren herhalen niet aan bij een lineair denker. Het beste is het mij te realiseren dat de wereld niet gebaseerd is op associatief creatief denken en ik die behoefte om dat te delen,  zal moeten onderzoeken als, wat is die behoefte nu eigenlijk in mij? Associatieve denkprocessen die niet denken om het denken zijn, hoeven niet perse gestopt te worden, de energie vreters die moeten buitenspel worden gezet. Dan zal een gesprek ook effectiever verlopen en de lineair denker zich niet aangevallen doen voelen met voor zijn/haar gevoel irrelevante argumenten. Wanneer conclusies door associatief denken verkregen zijn, er toe doen, en niet op energie gebaseerd zijn dan moeten ze overdraagbaar zijn en minder in een ‘overtuigen van’ sfeer terecht komen. Wanneer ik mij kan focussen om specifiek te zijn/blijven en zo dicht mogelijk bij het onderwerp te blijven terwijl ik praat met anderen, dan ben ik nog te volgen en zal dat minder botsingen/frustraties opleveren. Want ook frustraties zijn energievreters en onnodig om effectief te communiceren. Wanneer ik kan zien waar mijn gesprekspartner zich bevindt in het proces, dan moet ik instaat zijn om in de schoenen van die ander te gaan staan om te zien/begrijpen/realiseren waar ik moet insteken om mijzelf duidelijk te maken.

 

In mijn proces heb ik al heel veel korte metten gemaakt met vele van die overweldigende denkprocessen in mijn geest. Na 2 jaar proces zag ik de rust in mijn hoofd komen en kon ik in bed stappen ’s avonds zonder dat er complete speelfilms begonnen te draaien of dia shows. Ik gaf het geen attentie meer, ik zocht niet meer naar betekenissen voor de beelden die langskwamen. Ik wist het terug te brengen tot lukrake beelden, waar ik niets mee hoefde te doen. Terugkijkend naar toen, dan heb ik nu een leeg en rustig hoofd als ik het heb over de beelden, wat niet zegt dat ik er al ben. Het vrij associëren is er nog steeds en nu meer gekoppeld aan vergelijken en oordelen, dus deed ik vandaag een test met mijzelf terwijl ik naar het winkelcentrum liep voor een boodschapje. Dit vrij associëren gebeurd vaker met nieuwe en andere dingen die ik zie dan binnen mijn eigen vertrouwde omgeving. Het is nieuwe input waarop de geest mij probeert te verleiden tot over-associëren en denken. Dus zodra ik voelde dat het ‘oog’ van mijn geest zich vastbeet in een voorwerp/onderwerp, dan zei ik STOP in mijn geest. Ik wist op dat moment nog niet of ik dat overwicht had op mijn geest en dus verbaasde het mij best dat dat het werkte. Wel moet ik zeggen dat mijn geestes oog direct opzoek ging naar iets anders. Als de dreumes die iets niet mag en direct wat anders doet waarvan het weet dat het ook niet mag.

 

Zo kwam mijn geestes oog terecht op een paar paarse hoge pumps van een dame die voor mij liep, ik zei STOP en bleef ernaar kijken alsof ik mijn geest uitdaagde. De geest wilde niet meer kijken en wilde het hoofd afdraaien. Ik bleef kijken en associaties niet tolereren, het was een gevecht zoals mijn geest het aanpakte. Ik wilde geen gevecht, ik wilde gewoon kijken en waarnemen en hier zijn in elke adem. Ik bleef de regie in handen houden en onze wegen scheiden, waarbij de paarse pumps fysiek uit mijn gezichtsveld verdwenen. Dit was echt een cool experiment en het liet mij ook zien wat ik kon en hoe sterk de geest is om op kinderlijke wijze zijn zin te willen halen. Wat mij dus weer handvaten geeft over hoe met het kind als de geest in mij om te gaan. Het wordt dus een time-out en anders zonder eten naar bed, wetende dat energie zijn lievelingseten is.

 

Ik zal in deze blog zelfvergevingen en verbintenissen aangaan op het personage van beelddenker en in opvolgende blogs de andere stappen zetten.

 

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage als beelddenker aan te nemen op basis van een docent die mij dit label geeft.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik een beelddenker ben en dat zoiets iets bijzonders is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een bepaalde status te ervaren zodra ik mij identificeer met het personage van beelddenker.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als afwijkend te zien door de ogen van de samenleving als mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te twijfelen  of het echt wel bijzonder is dat ik beelddenker ben en niet gewoon een leuk woord voor afwijkende mensen in de samenleving.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet in een hokje gedrukt te willen worden, maar tegelijkertijd wel zoek naar iets dat mij speciaal kan maken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage als beelddenker aan te dragen als excuus voor bepaalde gedragingen en manieren van met anderen omgaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het personage als beelddenker aan te dragen als excuus, wanneer ik anderen niet begrijp die lineair denken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij warm van binnen te voelen toen ik als beelddenker benoemd werd en het voelde alsof ik thuis kwam en mij niet te realiseren dat dit alles gevoel was dat nergens op gebaseerd was.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het vele en intensive denken als positief te bestempelen en mij niet te realiseren dat dit soort denken gebaseerd op energie niets oplevert dan consequenties.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om trots te zijn op mijzelf dat ik oplossingen en antwoorden zie die anderen niet zo snel zien.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alles op cognitief gebied waarover ik onzeker ben in evenwicht te brengen met het feit dat ik goed ben in associatief denken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een beelddenk personage te creëren dat beter is als mijzelf om zo onzekerheden onder het tapijt te kunnen vegen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf op te trekken aan een op energie gebaseerd personage en dat als meer dan mijzelf te beschouwen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een personage nodig te hebben om met het leven om te kunnen gaan, terwijl ik mijzelf heb in elke adem en elk moment.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik een personage als de beelddenker nodig heb om mijn cognitieve waardigheid op te krikken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn om cognitief nets voor te stellen zonder iets speciaals dat mij vrijpleit van het hebben van de doorsnee cognitieve vaardigheden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij totaal te identificeren met mijzelf als beelddenker om dat ik geloof dat dat het is want ik ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik zonder het beelddenken niets of niemand meer ben en mijzelf niet langer kan aansturen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te weten hoe ik mijzelf aanstuur als het leeg en zwart in mijn hoofd is en geen enkel voorbeeld er meer is dat als instructie zich afspeelt in mijn hoofd.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het beelddenken niet als mijzelf te zien, als wie ik ben, maar als eenmanier van denken die ik mijn hele leven heb gehad en die wanneer het los staat van emoties/gevoelens/herinneringen een goed middel is om te komen tot oplossingen en antwoorden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de identificatie van mijzelf met de beelddenker los te laten en te zien dat het niets brengt en de wereld niet veranderd of antwoorden brengt waarop de wereld zit te wachten, in plaats daarvan haal ik diep adem en ontdoe ik mijn denken van alle connecties met energie om zo in het belang van een ieder mijn leven te kunnen leiden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer warm te worden van en erkenning te zoeken in het personage van beelddenker  en te zien/realiseren/begrijpen dat ik meer in plaatjes denk dan in woorden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren /begrijpen dat ik al enorm veel vooruitgang heb geboekt door het rustiger in mijn hoofd te maken wat mij vertrouwen zal geven om dit pad te doorlopen, totdat er geen enkele energie behoefte meer aan vast zit.

Advertenties

Dag 113 van 2555; een gefrustreerde bijrijder

Dag 113 van 2555; een gefrustreerde bijrijder

De rit vorige week van en naar Italië heb ik zelf als ontspannen ervaren. Ieder hebben mijn partner en ik 7 uur rijden voor ons rekening genomen en normaal gesproken was ik dan totaal kapot. Het was moeilijk om een volle 2 uur te rijden zonder vermoeidheidsverschijnselen, terwijl er nu geen sprake was van vermoeidheid. Dit is niet helemaal nieuw, maar heeft zich ontwikkeld in de loop van de afgelopen jaren, waarin ik heb geschreven en zelfvergeven op verschillende punten omtrent het auto rijden.

 

Op onze verhuizingsrit van Italië naar Nederland kwam ik er proefondervinderlijk achter dat mijn partner als bijrijder was terug geschoten in een rol/personage die hij jaren daarvoor had ontwikkeld en nu spontaan na 6 maanden gescheiden van elkaar te hebben geleefd weer oppakte. Het personage van de gefrustreerde bijrijder die in totale bezetenheid al mijn moves in de auto bekijkt en d.m.v. uitgesproken back chats communiceert en niet los laat totdat hij zijn gelijk heeft gehaald. Op deze befaamde rit heb ik dan ook mijn partner aangegeven dat ik zijn gedrag onacceptabel vond en dat hij iets moest beginnen met zijn reacties jegens mijn rijstijl of überhaupt mijn aanwezigheid achter het stuur. Iemand wijzen op hoe het in jouw ogen anders kan is van tijd tot tijd verhelderend en verfrissend voor beide partijen, maar totaal uit je driehoekje springen en de ander bij de enkels affakkelen heeft niets meer met communicatie in gelijkheid te maken.

 

Dus vorige week op onze heen en terugrit, maar voornamelijk op onze terugrit pakte mijn partner dit personage weer op, zelfs de kinderen op de achterbank schoot dit in het verkeerde keelgat, waarop mijn zoon aangaf en constateerde dat mijn partner zijn angsten op mij aan het projecteren was. Het grappige is dat het merendeel van de zaken waarop mijn partner als een niet los latende pitbull commentaar levert, zijn die zaken die hijzelf net zo doet. Zo zou ik te kort op mijn medeweg gebruikers rijden, terwijl elke keer als hij dat doet dan heeft dat een speciale reden en heet het anticiperen. Ik zou traag rijden, terwijl ik het hardst rijd van beiden en mijn partner constant vraagt of ik wel de snelheidsborden heb gezien langs de weg, met andere woorden “rij je niet te hard”.

 

Ik zelf heb niet de illusie dat mijn rijstijl dezelfde is als die van mijn partner en sterker nog ik streef er ook niet naar om net zo te rijden als hij dat doet. Dan zou ik mij een personage aanmeten. Wat ik wel merkte was dat, na veel donkere wolkjes naast mij die uit mijn partner opstegen, hij uiteindelijk zich vast beet in brandstof gebruik, terwijl ik zijn gedrag van geen verantwoordelijkheid nemen voor zijn reacties inmiddels zo zat was dat ik mijn hakken in het zand begon te zetten en onredelijk terug begon te doen. Ik had geen zin om zijn manier van rijden te accepteren als het meest goddelijke dat er is en had geen zin, maar dan ook totaal geen zin meer in enige vorm van discussie hierover en besloot te zwijgen en geen olie op het vuur te gooien. Alhoewel ik mij rot voelde om een redelijk ogend voorstel om niet te veel brandstof te verbruiken in de wind sloeg en als mijn aangelegenheid/visie en recht op bestempelde.

 

Waar ik de meeste reactie op ondervond was toch wel het niet nemen van zelfverantwoordelijkheid van mijn partner voor zijn reactie en het niet voor reden vatbaar zijn van mijn partner. Ik vond dat na al het werk dat ik erin had gestoken om te komen tot veel relaxter rijden, hij ook zijn steentje bij zou mogen dragen. Nu weer een week thuis te zijn heeft mijn partner zijn zelfverantwoordelijkheid opgepakt en is begonnen met schrijven over zijn reacties op mijn rijden in de auto. Zelf kwam ik tot de conclusie dat er ook frictie ontstaat als we niet dezelfde betekenissen geven aan bepaalde woorden/termen en er teveel emoties en gevoelens nog omheen hebben, dus hebben we afgesproken om eens te gaan zitten en wat woorden te herdefiniëren om zo samen hetzelfde vocabulaire te gebruiken als wij elkaar ergens op willen wijzen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om reacties te hebben op mijn partner wanneer hij commentaar heeft op mijn rijstijl en er een gevoel van oneerlijkheid en slachtoffer zijn zich aandient als ik kijk naar zijn rijstijl en de manier van communiceren wat hij met mij heeft.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn partner zijn commentaren wanneer hij mij uit zijn frustratie probeert af te fakkelen bij mijn enkels persoonlijk te nemen en mij vervolgens mijzelf daardoor verdrietig te voelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wanneer mijn partner onacceptabel gedrag vertoont in het communiceren van zijn frustraties over mijn rijgedrag het gedrag van mijn schoonvader te zien en dat te projecteren op mijn situatie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te vrezen dat mijn partner net zo zal worden als mijn schoonvader die ik respectloos naar zijn vrouw toe vindt communiceren/handelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te vrezen dat dit gedrag van mijn partner mijn relatie op het spel zet, terwijl ik weet dat ik mijn zelfverantwoordelijkheid heb te nemen in deze situatie en dit gedrag niet hoef te accepteren en toe te staan wanneer het niet in het belang van een ieder is, wat niets, vanuit gezond verstand bekeken te maken heeft met het opbreken van een relatie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet met iemand in een agreement te willen zijn die is als mijn schoonvader en ik zodoende er graag aan wil werken om dit te voorkomen terwijl op de achtergrond de angst blijft bestaan dat dit gedrag misschien niet te veranderen is door mijn partner.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om uit angst te willen werken aan mijn agreement en niet met gezond verstand te zien dat frictie zal blijven ontstaan zolang onze woorden niet op 1 lijn zitten en we ons niet op elkaar afstemmen en zodoende ik mijn angst zal manifesteren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om boos te zijn op mijn partner voor het niet naar zichzelf terug nemen van zijn reacties op mijn rijstijl.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn partner te beschuldigen van het niet nemen van zelfverantwoordelijkheid als het gaat om zijn reacties op mijn rijstijl, terwijl ik mij alleen kan bekommeren over het nemen van mijn zelfverantwoordelijkheid.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in competitie te gaan met mijn partner over wie wel en wie niet zelfverantwoordelijkheid neemt en dit hele issue teruggebracht heeft naar zelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om tegen te werken bij gezond verstand vragen van de kant van mijn partner omtrent mijn rijstijl en door het persoonlijk nemen van zijn commentaren niet meer voor rede vatbaar ben en niet in het belang van een ieder naar een oplossing wil zoeken.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn partner zijn reacties omtrent mijn rijstijl niet persoonlijk te nemen en in zelfoprechtheid te kijken of mijn rijstijl voor verbetering vatbaar is op de punten die mijn partner aangeeft.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om verbaal beledigend gedrag van mijn partner niet te accepteren en hem te wijzen op zijn bezetenheid en het daarbij te laten zonder dingen persoonlijk te nemen.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet in angst te leven over mijn partners genetische belasting omtrent het communiceren met mij zijn partner en te zien dat hij kan breken en al gebroken heeft met patronen die genetisch bepaald waren.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer mijn partner gefrustreerd gaat zitten doen naast mij in de auto dit gedrag te negeren en pas  te communiceren wanneer er normaal en op basis van gelijkheid gesproken kan worden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer in competitie te gaan met mijn partner over zelfverantwoordelijkheid of welk ander issue dan ook, omdat ik zie/begrijp/realiseer dat dit tot niets anders leidt dan consequenties.