Dag 167 van 2555; van ik naar wij naar jij, moedersdeformatie

equal money capitalismIk werd geboren als een IK, nog voor ik begreep wie ik was of hoe ik genoemd werd was ik een IK. Dat voelde, die IK, als iets dat diep van binnen zat en waar ik als fysiek lichaam als een jasje omheen zat. IK wilde van alles en IK wilde de wereld verkennen en IK dacht dat het de wereld was die aan mijn voeten lag en klaar was om mij te bedienen. Zodra ik IK zei en wees dan kwam het tot mij en IK regeerde als een God over mijn fysieke werkelijkheid. Denken over mijzelf ging altijd in de eerste persoon IK, ik dacht nooit over mijzelf met de naam die mijn ouders mij gaven. IK was het centrum van mijn denken, IK was het centrum van mijn wereld. Er werd erg veel om IK gelachen en IK  kreeg dan ook veel voor elkaar. Totdat IK duidelijk werd gemaakt dat er veel meer andere IK’s in de wereld waren en dat het socialer was om met elkaar op goede voet te leven, maar IK zag hoe alle andere IK’s helemaal niet geïnteresseerd waren in elkaar. Het was de race van de IK’s waar je het beste als winnaar uit de bus kon komen. Dus IK leerde om als groep te functioneren, maar mijn eigen identiteit niet te verliezen, want dat zou de ondergang van IK zijn geweest.

 

Toen werd IK verliefd en wilde samen met HIJ een WIJ  vormen, maar ook hier kon IK mijn identiteit niet opgeven en bleven we twee IK’s die samen doelen gingen verwezenlijken. Op een dag besloot IK dat het tijd was om samen met HIJ een kind te krijgen, de ultieme vorm van verder te leven in een andere IK door een andere ik. IK realiseerde mij niet dat voor het wensen van een kind iets fundamenteels moest veranderen. IK kon dit verbond met een kind van mijzelf niet aangaan door IK  te blijven, zoals dat IK altijd was gelukt. IK was tot nu toe altijd de belangrijkste geweest en IK voelde de bui al wel hangen dat een kind altijd op de eerste plaats zou moeten komen. Toch wilde IK een kind en zag mijzelf als een IK samensmelten met mijn kind tot een WIJ. Niet altijd lukte het WIJ om als een geheel intact te blijven, IK was altijd op de achtergrond aanwezig om daar waar het kon klagen te klagen en duidelijk te maken dat IK er ook nog was en het niet altijd eerlijk was van WIJ  om alle aandacht en energie op te eisen. Naarmate de jaren verstreken werd WIJ erg goed als een team en begon IK te veranderen in WIJ.

 

Het kind kwam altijd eerst, het belang van het kind kwam altijd eerst en binnen dat WIJ werd IK niet meer herkent als zodanig, IK was niet meer belangrijk zolang WIJ  het maar goed hadden. Totdat IK zover weggedrukt was door het aangeleerde trucje van het WIJ-zijn dat WIJ  overging in JIJ. Het was nu niet meer belangrijk of WIJ  het goed hadden, ineens werd iedereen belangrijker dan IK en werd ik als JIJ een slaaf van de ander die daar niet om vroeg. JIJ was geen WIJ en geen IK, JIJ stond in dienst van iedereen op kosten van IK. JIJ was een tegenreactie van IK die als WIJ niet meer IK kon zijn. IK vond dat vervelend wanneer ik mijn moeder dit JIJ-gedrag zag vertonen maar nu deed ik hetzelfde, ik ben een JIJ geworden, een niemand die zich wegcijfert voor de ander om te compenseren dat IK  niet langer IK kan zijn omdat IK een kind wilde en WIJ wilde spelen.

 

Ik wil niet perse IK terug en dat is wat IK natuurlijk wel wil. Ik zou graag als mijzelf door het leven gaan en iedereen gelijk behandelen en niet als een doorgeslagen IK de wereld vrezen. Ik zou graag gelijk zijn aan alles en daarvoor zal ik mijzelf moeten gelijk stellen aan alles, aan het leven en mijzelf als net zo belangrijk zien en ervaren als al het andere, wetende dat mijn kinderen mijn nummer 1 verantwoordelijkheid zijn zonder mij te separeren of tekort te doen. IK is een illusie die leeft in de geest en ik weet dat IK geen schijn van kans maak in het leven als ik mij niet realiseer dat ik JOU en JOU en JOU nodig heb om deel te kunnen nemen aan mijn fysieke realiteit, waar we allemaal het zelfde bouwsteentje zijn om een wereld te bouwen die goed voor ons allen is, de WEreld die naar JOU uitreIKt.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf als het centrum van mijn fysieke bestaan te hebben geplaatst na aanmoediging vanuit mijn ouders en familie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te ontwikkelen als een ego dat geen ruimte zag voor anderen binnen mijn belevingswereld en anderen ervoer als een bedreiging van het voortbestaan van mijzelf als het ego.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frictie te ervaren in het proces van het veranderen van IK naar WIJ en te vrezen om tekort gedaan te worden door mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn mijzelf te verliezen in een WIJ scenario en te zuchten en steunen zodra mijn ‘vrijheid’ in het gedrang komt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het als niet eerlijk te beschouwen wanneer mijn IK in het gedrang komt doordat WIJ, wat ik zo graag wilde zijn, alle aandacht opeist.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om eigenbelang als levensbelang te zien en zodra dat in het gedrang komt mij aangevallen te voelen en mijn leven bedreigd te zien.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om geen identiteit meer te hebben binnen WIJ en mij zodoende niet meer met mijzelf te kunnen identificeren en mijzelf kwijt denk te raken en mij niet te realiseren dat het mijn ego is dat op de achtergrond raakt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om zo goed te hebben geleerd om WIJ te zijn dat ik mijzelf over het hoofd zie en niet meer meeneem in de optelsom van het leven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om buiten het WIJ-zijn om als een soort van beroepsdeformatie ook in het contact met anderen mijzelf eerst weg te cijferen om het belang van het WIJ-zijn te behartigen en mij niet te realiseren dat ik zo in separatie met mijn fysieke wereld leef en nooit 1 kan zijn met alles wat is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om anderen voorop te stellen en zo nooit gelijk aan hen kan zijn en samen te lopen door het leven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf niet meer te kunnen zien, omdat ik zoek naar het IK en zo niet mijzelf zie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om als tegenreactie op het niet meer IK te kunnen zijn, mijzelf wegcijfer en hierdoor veel frictie te ervaren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om dit wegcijferen van mijn moeder zo erg te vinden en het nu mijzelf zie doen uit een daad van genetische programmering en mijzelf denk niet te kunnen helpen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te begrijpen waarom mijn moeder zichzelf wegcijferde en mij niet te realiseren dat zij dat uit dezelfde tegenreactie deed als ik die nu doe.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te hebben gerealiseerd dat ik de zonden van de voorvaderen hier kan doorbreken en ermee kan afrekenen om het zo niet  door te geven aan mijn dochter en de cirkel hier te stoppen.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf gelijk aan alles dat leeft te zien en te behandelen en zo het ego niet te volgen door egoïsme na te jagen of juist overdreven altruïsme toe te passen.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat het ego/de geest met mij speelt als ik dat toesta en accepteer en mij laat denken dat ik niet kan bestaan zonder ego en tegelijkertijd verzwijgt dat ik enkel en alleen niet hoef te participeren met het ego om te handelen in het belang van een ieder.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de cirkel van de zonden van de voorvaderen te doorbreken en niet langer mijzelf opgeef/opoffer uit een tegenreactie op het ego dat zich gepasseerd voelt.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn kinderen op de eerste plaats te zetten zonder dit als aanval op het ego te ervaren/zien en te denken dat ik mijzelf niet kan opgeven om alleen nog maar moeder te zijn.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen wie ik ben om zo een voorbeeld voor mijn kind te zijn en niet een moeder die zich schuldig voelt over het feit dat zij denkt dat zij zichzelf als ego moet opgeven om een goede moeder te kunnen zijn.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om dit onderwerp op een later stadium nog eens uit te diepen om alle patronen en mechanismen die hier schuil gaan te kunnen zien/begrijpen.

Dag 140 van 2555; wie ben ik ten opzichte van geld – de wet van aantrekking

Dag 140 van 2555; wie ben ik ten opzichte van geld - de wet van aantrekking  Ik las een stuk in het boek van Florence Scovel Shinn ‘the game of life’, zij was de eerste pionier op het gebied van de wet van aantrekking, en las het volgende: “Dus kunnen we zien dat we angst moeten vervangen voor hoop, want angst is slechts het omgekeerde van hoop; het is kwaadaardige hoop in plaats van het goede. Het doel van het spel is om helder het goede in ons te zien en om alle kwaadaardige geestesplaatjes uit te wissen. Dit moet gebeuren door een indruk van een realisatie van het goede in het onderbewuste te printen.” En dan een stukje ver zegt zij: “Men moet zich voorbereiden voor de dingen waar men om heeft gevraagd, ook al is er geen enkel teken dat het zal plaatsvinden.” Dus het geloven in het goede dat zal gebeuren, wanneer men zich focussed op het geode in plaats van het slechte.

 

Dit liet mij duidelijk zien dat ik geen kaas heb gegeten van de wet van aantrekking. Mijn complete volwassen leven heb ik in angst geleefd dat ik niet genoeg geld zou hebben om mijn basisbehoeften te kunnen betalen. Het begon toen ik op kamers ging om te studeren aan de Kunstacademie en mijn studiefinancieringsaanvraag verkeerd werd afgehandeld en resulteerde in een jaar geen studiefinanciering waardoor ik moest leven op het geld dat mijn ouders mij wekelijks gaven. Ik had 50 gulden om mee rond te komen voor een week en dat was creatief boodschappen doen en schoolspullen aanschaffen. Ik wilde niet meer vragen, omdat ik bang was dat ik dat nooit meer allemaal kon terug betalen. Had ik de wet van aantrekking gevolgd dan had ik mijn angst voor een tekort aan geld kunnen vervangen voor de hoop dat genoeg geld mijn kant op zou komen elke maand weer. Ik had al op brede voet moeten leven om mij voor te bereiden op een leven zonder tekorten, om klaar te zijn voor dat wat ging volgen.

 

De vraag bij de wet van aantrekking is natuurlijk dat wanneer ik van niet genoeg geld hebben, switch naar voldoende geld dan moet dat geld ergens vandaan komen. Toentertijd werd er nog niet zo naarstig geld bijgeprint als tegenwoordig, wat betekent dat mijn gemanifesteerde geluk een ander zijn ongeluk is en omgekeerd.

 

De waarheid als ik het zo kan noemen in de wet van aantrekking is dat wij zelf dat manifesteren wat wij voorgekookt hebben over de tijd heen. Zo deed ik eens een spel, een soort van waarzegspel, waar ik kaartjes kon trekken om mijn toekomst te zien. Nu geloofde ik daar niet echt in, maar toen ik een kaart trok die mij overvloed en weelde beloofde, kon ik niet geloven dat zoveel geluk mijn kant ooit op kon komen, terwijl mijn tweede reactie  een was van verlangen naar genoeg/voldoende geld. Ik wilde het wel geloven, maar ik kon het niet. Dus door vast te houden aan de gedachte/opinie dat ik altijd geld tekort zal komen, manifesteer ik dat dus voortdurend in mijn leven. Gedachten manifesteren altijd het negatieve, hetzij negatieve of positieve gedachten, beiden draaien op hetzelfde uit. Dus dat heb ik al die jaren over het hoofd gezien, dat ik moet stoppen in het participeren in deze gedachte dat ik nooit voldoende geld zal hebben. Niet makkelijk, want het is op meerdere niveaus in mij geïmprint.

 

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de gedachten te hebben dat ik nooit genoeg geld zal hebben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven in de gedachte dat ik nooit genoeg geld zal hebben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om deze gedachte om niet genoeg geld te hebben te hebben geautomatiseerd, zodat het altijd direct in mijn gedachten bij mij is en mij direct beïnvloed.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te laten beïnvloeden door gedachten die zijn ontstaan in mijn kindertijd door te kijken naar hoe mijn moeder met geld omging.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn moeder te geloven dat er altijd heel zuinig gedaan moest worden met geld, omdat er anders tekorten ontstaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn moeders gedrag in mijn volwassen leven te kopiëren toen ik op mij zelf ging wonen en studeren en geen eigen geld had maar geleend geld van mijn ouders.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de gedachte dat er niet genoeg geld is in de praktijk te brengen toen ik ging studeren en het als normaal te ervaren dat ik het financieel zeer krap had.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik mijn gedachten aan het leven was en al die tijd de oorzaak buiten mijzelf zocht, terwijl ik het zelf manifesteerde.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het geloof in deze gedachte van niet genoeg geld hebben, één en gelijk aan mijzelf heb gemaakt, waardoor ik het als iets van mijzelf ervaar en daardoor er geen vragen over stel.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat deze geïnternaliseerde gedachte niet van mijzelf is, maar zich voordoet als van mijzelf, door geestparticipatie en het niet nemen van zelfverantwoordelijkheid voor mijn gedachten.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat gedachten niet ontspringen aan mijzelf maar worden veroorzaakt door genetische en sociale imprinting en dus als van mijzelf worden beschouwd door mij, terwijl dat niet het geval is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om  niet meer te participeren in de gedachte dat ik niet voldoende geld zal hebben, nog in de gedachte dat ik een overvloed zal hebben.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om  mijzelf financieel niet langer meer te limiteren dan nodig is, om zo lucht en ruimte te creëren op verschillende vlakken in mijn leven die aan mijn financiële situatie gelinieerd zijn.