Dag 365 van 2555: van wie moet ik blijdschap ervaren?

Dag 365 van 2555: van wie moet ik blijdschap ervaren?In een eerdere blog post schreef ik over mijn zoon die een teek had opgelopen op een schoolintroductiekamp in de Ardennen. De teek was besmet met Lyme waardoor mijn zoon geïnfecteerd raakte. Inmiddels is er met behulp van electro-acupunctuur en bioresonantie een behandelplan opgesteld en uitgevoerd en was het nu zover dat we opnieuw zouden meten in wat voor fysieke fase hij momenteel is aanbelandt. De uitslag was een mooie uitslag, aangezien er geen spoor van de Lyme meer te meten was in zijn lichaam.

Op de terugweg naar huis realiseerde ik mij dat ik mijzelf niet zozeer blij of gelukkig voelde, terwijl dit toch enorm goed nieuws was wat wij gekregen hadden. Een zekere mate van opluchting was er wel. Maar het viel mij op dat het mij verbaasde dat ik mij niet enorm gelukkig voelde. Ik had dus verwacht dat ik mij in zo’n moment waanzinnig gelukkig zou voelen, maar in plaats daarvan ervoer ik een soort van zwarte wolk. Ik verwachtte dat het goede nieuws zomaar zou kunnen omslaan in slecht nieuws, dat er toch nog ergens iets in het lichaam verstopt zou zitten en later roet in het eten zou gooien. Ik vertrouwde het goede nieuws niet, omdat ik bang was dat het vertrouwen om zou slaan naar een teleurstelling.

Ik had mij nu eenmaal ingesteld op een doemscenario, te weten een tweede kind met Lyme, en nu werd mij gevraagd om het leven weer rooskleurig in te zien. Ik ervoer een soort van drempel in mij om die switch naar verandering te maken. In zekere zin voelde ik mij nu comfortabel binnen het doemscenario en wilde ik daar niet uit om geluk en vooruitgang te omarmen, los van het feit dat het laatste scenario mij meer perspectief zou bieden.

Doordat ik dit zag afspelen binnenin mij, die angst om blijdschap te ervaren, onderzocht ik waarom ik dacht dat ik uitbundig gelukkig zou moeten zijn op zo’n moment. Wie dicteert mij dat ik mij zo zou ervaren in zo’n situatie? Het antwoord is uiteindelijk dat ik het ben die mij dat dicteert, hoe dat zo gekomen is, dat is een ander verhaal. Blijdschap, geluk, opgewektheid, vreugde zijn gevoelens die wij als kind leren door anderen dit te zien ervaren, totdat wij zelf dit woord koppelen aan een ervaring die we hebben.

Wanneer ik als kind een mooi cadeau kreeg dan ervoer ik blijdschap, ik was blij met het cadeau, dus ik geloofde/nam aan dat dit blijdschap was. Wat ik als kind niet zag is dat ik wellicht gedachten had tijdens het uitpakken van het cadeau die mijn angst aanwakkerden dat het wellicht een cadeau kon zijn wat ik niet wilde hebben. Ik was dus zonder dit te snappen of bewust toe te passen mijn werkelijkheid aan het polariseren. Die blijdschap kon niet bestaan als de angst voor teleurstelling er niet was.

Nu weer even terug naar mijn afwezige blijdschap. Ik ervoer de blijdschap niet omdat ik uit veiligheid de negatieve pool van de polariteit koos om zo niet nog meer teleurstelling te hoeven meemaken. Want blijdschap zou betekenen dat ik zou hebben gekregen wat ik wilde hebben, maar ik vertrouwde mijn fysieke werkelijkheid als mijzelf niet om dit te kunnen aanvaarden. Dus nog altijd zat ik opgesloten in een gepolariseerde werkelijkheid waarbij ik blijdschap, geluk, vreugde en opgewektheid niet juist gedefinieerd had ten aanzien van de juiste ervaring. Ik dacht dat ik bij zo’n soort ervaring blijdschap moest ervaren, omdat ik zo ben gevormd tijdens mijn leven. Films, reclame en andere mensen lieten mij dit keer op keer zien dat dit het juiste gevoel is dat bij zo’n ervaring hoort. Dus dwong ik dit gevoel aan mij op als zijnde correct, terwijl ik in dat moment veel meer andere emoties ervoer die de blijdschap compleet overschaduwden.

De mate van opgelucht zijn, die ik ervoer, was een fysieke ervaring die ik in mijn lichaam waarnam, de andere emoties en gevoelens die speelden zich in mijn ‘geest’ af. Er viel een soort van zwaarzijn van mijn schouders af, ik was lichter door het wegvallen van een zorg minder. Echter dit werd niet bevestigt door mijn ‘geest’ waardoor er een frictie of disharmonie plaatsvond tussen ‘geest’ en fysiek lichaam wat ik verstandelijk (lees: niet geleefde informatie en kennis) labelde als niet ‘normaal’. “Ik ben niet normaal dat ik nu geen overwegende grote blijdschap ervaar.” Had ik dit niet onderzocht en niet gestopt dan was dit een aanleiding geweest tot meer denkpatronen en persoonlijkheden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet ‘hier’ te zijn met de situatie en dus de situatie niet te ervaren zoals hij zich voordoet binnen mijn fysieke werkelijkheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een situatie door de ogen van mijn ‘geest’ beoordelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik op deze wijze ver van de werkelijkheid af kom te staan en niet diegene kan zijn wie ik echt ben in dat moment. Ik stop de beoordeling door de ‘geest’, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn fysieke lichaam als indicator te gebruiken om te zien hoe ik werkelijk in een moment in een situatie sta en mij niet te laten leiden door de ‘geest’.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn werkelijkheid/definitie van het woord blijdschap als de enige werkelijkheid aan te nemen zonder te onderzoeken of dit klopt binnen mijn fysieke werkelijkheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een gekleurde definitie van een woord te leven, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ruimte open kan laten voor onderzoek om te zien of ik nog steeds op het juiste spoor zit. Ik stop de gekleurde definitie, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer ik frictie ervaar tussen mijn betekenis van een woord en mijn fysieke werkelijkheid, dit te onderzoeken en aan te passen daar waar nodig.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om verwachtingen te hebben over mijn manier van reageren op bepaalde situaties.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van op voorhand denken te weten hoe ik hoor te reageren in elke situatie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn leven op deze manier maak tot een filmscript en er geen ruimte voor verandering/afwijking meer mogelijk is. Ik stop de aannames, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om elke situatie als een nieuwe situatie te zien waarin ik diegene ben die ik kan zijn gerelateerd aan waar ik in mijn leven/proces ben qua gewaarzijn/bewustzijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om schaamte te ervaren bij geen blijdschap terwijl ik dat wel had verwacht.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van schaamte ten opzichte van mijzelf door niet te voldoen aan mijn eigen verwachtingen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik verwachtingen heb die niet geheel van mijzelf zijn en vervolgens als ik er niet aan voldoe mij schaam voor de buitenwereld dat ik niet voldoe aan wat ik denk dat van mij verwacht wordt. Ik stop de schaamte, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet meer te schamen als een bestraffing voor het niet maatschappelijk aangepast reageren op een situatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat het doemscenario bewaarheid wordt ook al wijst de fysieke werkelijkheid het tegendeel uit.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijzelf geen geluk gunnen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik geen vertrouwen heb in mijzelf en mijn toekomst wanneer ik terugkijk naar het verleden. Ik stop de zelfsabotage, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het verleden te corrigeren om zo de toekomst te kunnen sturen los van emoties/gevoelens/herinneringen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet meer in geluk te geloven voor mijzelf, door alle ervaringen die dit bevestigen over een nieuwe situatie heen te leggen.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van herinneringen gebruiken als blauwdruk voor mijn heden en toekomst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn verleden herleef en zo niet kan komen tot verandering. Ik stop het gebruik van de blauwdruk, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om elke situatie als een unieke situatie te beoordelen en de informatie en kennis die ik geleefd heb te gebruiken, los van emoties/gevoelens, om beslissingen te maken in het heden en voor mijn toekomst die in het belang van een ieder zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een drempel te ervaren in het moment waarin ik verandering kon/mocht omarmen van mijzelf.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van in mijn comfortzone blijven hangen of die nu positief of negatief gelabeld kan worden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik moeite met verandering heb wanneer ik denk dat ik veilig ben op de plek waar ik zit. Ik stop het verblijven in mijn comfrotzone , en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te realiseren dat ik binnen mijn leven vaak genoeg uit mijn comfortzone stap, dit zou dus voor al mijn comfortzones moeten gelden en niet de ene wel en de andere niet, gebaseerd op emoties/gevoelens.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn wereld te polariseren en daardoor fricties te ervaren op punten waar dat niet zou hoeven te gebeuren.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van polariseren omwille van de frictie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit doe vanuit de ‘geest’ om zo energetisch een situatie te laden en niet meer te zien waar het nu eigenlijk om draait en zo dus niet te handelen in het belang van een ieder. Ik stop de polariteiten, en sta één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet mee te gaan met de polariserende aard van mijn ‘geest’ maar mijzelf aan te sturen op basis van wat ‘hier’ is.

Herdefinitie van blijdschap: het omarmen/aanvaarden van mijzelf, een ander als mijzelf of een situatie in gewaarzijn van alles dat er is.

Advertenties

Dag 323 van 2555: wie ben ik in relatie tot pakketjes – deel 2 – zelfvergeving en zelfcorrectie

Dip-lite cursusDeze blog is een vervolg op de vorige blog, het lezen van de vorige blog biedt context voor deze blog.

Vandaag is mijn pakketje aangekomen bij de ontvanger, ik was blij dat het goed over was gekomen, maar die energetische ervaring die ik normaal erbij heb had ik niet. Geen extra geluk heb ik bemerkt nu ik weet dat het pakketje goed is aangekomen. Ik was best tevreden met mijzelf dat ik door het in kaart te brengen met zelfvergeving en zelfcorrectie die energetische lading niet langer accepteerde als een beloning en bevestiging van wie ik ben.

Hieronder volgen de zelfvergevingen en zelfcorrecties van voor het moment dat het pakketje aangekomen was.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om plaatsvervangende vreugde te willen ervaren wanneer een pakketje niet voor mij bedoeld is maar voor de buren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van energie halen uit datgeen wat zich voordoet waarbij de hoeveelheid niet uitmaakt, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ook al is het pakketje voor de buren ik toch een zekere mate van energetische beweging in mijzelf waarneem, waarbij het een soort van nemen wat er is situatie ontstaat. Ik stop het zoeken naar energetische ervaringen in het krijgen van pakketjes en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een pakketje voor een ander aan te nemen zonder nieuwsgierigheid en plaatsvervangende vreugde, maar gewoon te constateren dat dit een pakketje is dat tijdelijk bij mij in huis is en wat later opgehaald gaat worden door de buren en daar is het mee af.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een warm gevoel van binnen te krijgen bij het ontvangen van een pakketje.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van gevoelens van warmte te labelen als positief, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hierdoor een opinie over positiviteit in mij vastzet gekoppeld aan een warm gevoel waardoor ik dit patroon wil blijven herhalen en al blij wordt van het idee. Ik stop het positief labelen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om gevoelservaringen niet te labelen als positief of negatief maar gewoonweg te genieten of op te staan en aan te geven dat iets onacceptabel is, waardoor niet een patroon mij doet bewegen maar het moment waarin ik mij bevind,

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vreugde te ervaren wanneer ik een pakketje ontvang.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van vreugde ervaren vanuit een energetische lading, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik kan genieten wanneer ik iets krijg zonder dat er iets in mij verandert door een energetische ervaring waar ik mij door definieer. Ik stop de energetische vreugde en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te genieten in het moment, maar niet te veranderen in het moment door het aannemen van een door energie gedreven personage of definitie van mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het een speciaal moment te vinden wanneer ik een pakketje krijg.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van speciaalheid te koppelen aan situaties waardoor ik kan verlangen naar deze situaties, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een soort van energetische worst aan mijzelf voorhoud. Ik stop de speciaalheid en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om situaties niet in te delen in speciaal of niet speciaal om zo in het moment niet te kunnen genieten van wat hier is en zo de kleinste momentjes over het hoofd zie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij af te vragen hoe de ander mijn opgestuurde pakketje vind en mij niet te realiseren dat ik mij eigenlijk afvraag hoe de ander mij ervaart door deze daad.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van waardering halen uit mijn daden naar de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf niet kan definiëren door hoe de ander mij ziet wanneer ik iets geef. Ik stop het zoeken naar waardering buiten mijzelf en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet de ander te laten bepalen wie ik ben in elk moment maar zelf bepaal wie ik ben in ieder moment door mijzelf te waarderen voor wat ik doe voor mijzelf als voor de ander.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de zekerheid te willen hebben dat de ander mij kan waarderen als persoon, om zo in bevestiging verder te kunnen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van waardering van de ander nodig hebben om verder te kunnen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik altijd zelf degene ben die mijzelf stopt of laat verdergaan en dat ik dat alleen van de ander verwacht wanneer ik mijn zelfverantwoordelijkheid niet neem. Ik stop het zoeken naar waardering en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om om zo te leven dat ik waardering niet hoef te zoeken, maar mijzelf kan waarderen voor wat ik doe en wie ik ben in wat ik doe, waardoor ik altijd naar mijn eigen kracht terug kan en mijzelf als oplaadpunt heb zonder dat daar energie aan te pas komt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een geluksmoment te beleven aan het geven/sturen van een pakketje.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van zelfvalidatie door het krijgen of geven van iets, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet gelukkiger word van iets krijgen of geven, ik kan ervan genieten, maar het bepaald niet wie ik ben als een gelukkig persoon. Ik stop de zelfvalidatie en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zelfvalidatie van mijzelf af te laten hangen en niet van zaken in mijn buitenwereld.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om geïrriteerd te zijn wanneer mijn geluksmoment wordt uitgesteld door de bezorgdienst.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van irritatie wanneer ik die energie die belooft was niet op tijd krijg, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een soort van junk/vampier ben die afkick verschijnselen krijgt zodra ik niet op tijd mijn energie krijg. Ik stop de irritatie en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het consumeren van energie niet mijn leven te laten beïnvloeden, maar te zien/proberen hoe ik sta zonder de energielading die ik aan ervaringen plak.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat een pakketje mij toestaat om mij blijdschap te verschaffen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn blijdschap toe te schrijven aan een pakketje, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik blijdschap kan zijn in zelfoprechtheid zonder aansporing van buitenaf. Ik stop het excuus om blij te kunnen/mogen zijn en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat blijdschap een expressie van mijzelf kan zijn die niet bepaald wordt door emoties, gevoelens en herinneringen noch door iets van buitenaf dat ik heb gelabeld als iets dat blijdschap brengt, blijdschap ontstaat in het moment en kan zonder energie ervaren worden door te durven zijn in het moment los van verwachtingen.

Dag 264 van 2555: Paranoia: welke farmaceutische worst wordt ons voorgehouden? – zelfvergeving op het angstaspect

basisinkomengarantieIn deze blog zal ik nogmaals even het probleem, de oplossing en de beloning van de voorgaande blog op een rijtje zetten om vervolgens zelfvergeving op het angst aspect te doen.

 

Probleem:

 

Mijn probleem is de angst dat mijn dochter verslaafd raakt aan een medicijn dat maar weinig verlichting zal geven en meer bijverschijnselen zal geven. De angst dat ik een afgestompt kind terug zal krijgen dat de wereld door de ogen van antidepressiva zal moeten bekijken om de pijn dragelijker te maken. Die angst maakt mij erg verdrietig, waardoor ik haar toekomst nu al in het hier en nu als uitzichtloos ervaar. Ik wil mijn kind niet tot een patiënt maken en ik wil niet geloven/aannemen dat dit de weg is die een 16 jarig meisje moet lopen om een menswaardig bestaan te leiden. De vraag is natuurlijk hoe menswaardig haar leven met constante pijn en vermoeidheid nu is.

 

Ik vrees dit medicijn, omdat ik emotionele relaties leg met depressieve mensen, met verslaafde mensen en het medicijn label als de weg naar uitzichtloosheid. Wat inhaakt op de spijt die ik voel dat ik een kind op de wereld heb gezet dat moet lijden, zonder dat het enig nut heeft. Dus dat zijn grootse onderwerpen om eens onder de loep te nemen en door te spitten.

 

Oplossing:

 

Een oplossing op de vraag of dit medicijn het proberen waard is, zal voor mij zijn het wegnemen/los laten van de angst omtrent het medicijn om een heldere afweging samen met mijn dochter te kunnen maken. Door zelfvergeving te doen zal ik dan in kaart brengen waar ik naar moet kijken om de emotionele ruis van dit vraagstuk af te nemen en niet te handelen en te denken vanuit het perspectief van spijt.

 

Beloning:

 

De beloning zal zijn dat ik mijn dochter kan ondersteunen en assisteren met het stoppen van de problemen die oplosbaar zijn in plaats van oplossingen te zoeken als lapmiddelen. De beloning zal zijn dat ik kan adviseren zonder dit te doen door een sluier van emotionele ruis en het gevoel van spijt, door simpelweg 1+1=2 te doen.

 

 

 

Het angstaspect:

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst als reactie te gebruiken wanneer ik antidepressiva hoor zeggen in combinatie met mijn kind. Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn angst voorop te stellen aan hetgeen er beslist moet worden door mijn dochter en zo mijn ‘probleem’ met dit geneesmiddel groter te maken dan de daadwerkelijke keuze die er gemaakt moet worden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst op te wekken door het woord antidepressiva te behangen met herinneringen, kennis, informatie, emoties en gevoelens omtrent verslaving. Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het woord antidepressiva door de ogen van mijn geest waar te nemen en te ervaren en het woord niet te kunnen ervaren in het hier en nu vrij van ruis door het verleden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angstig te worden als ik denk aan de mensen die ik heb gekend die aan de antidepressiva waren en als zombies door het leven gingen.  Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om ervaringen met antidepressiva gebruikers op mijn dochter haar leven te projecteren nog voor zij überhaupt overweegt om hieraan te beginnen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angstig te worden bij het idee dat  mijn kind met chemische middelen wat vrolijker gemaakt moet worden.  Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om chemische middelen over 1 kam te scheren waardoor ik het onnatuurlijk vind wanneer deze chemische middelen iemand vrolijk moeten maken die geen reden heeft tot vrolijk zijn en dus geforceerd vrolijk zal zijn, waarbij er voorbijgestreefd wordt aan het feit waarom zo iemand in eerste instantie deze aandoening heeft en dus niet vrolijk wordt zonder de oorzaak weg te nemen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het woord antidepressiva angstig te worden alsof ik zelf aan het medicijn moest.  Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het nemen of niet nemen van deze antidepressiva persoonlijk te nemen en dus eerst af te wegen aan mijn maatstaven en pas daarna het in de situatie van mijn dochter in te passen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te ervaren door de rampspoed scenario’s die door mijn geest gaan bij het idee dat mijn kind aan de antidepressiva moet om van pijn af te komen. Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om van het slechtste uit te gaan ook wanneer ik mijzelf nog niet geïnformeerd heb.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angstig te zijn over de toekomst van mijn dochter met haar huidige conditie. Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om vooruit te kijken in angst en vooruit te lopen op wat nog komen gaat al angst te ervaren en niet hier te kunnen zijn zonder participatie in de geest als angst.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat wanneer ik mijn dochter niet mijn gevonden informatie doorspeel zij misschien een keuze maakt waar ik door de ogen van mijn angst niet achter kan staan. Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om informatie als manipulatie middel te gebruiken om zo mijn angst niet uit te laten komen en mijn dochter de keuze te laten maken die ik ook zou hebben gemaakt vanuit een punt van angst.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn geen invloed op mijn dochter te hebben die radeloos is en alles wel wil uitproberen om de pijn te verminderen en zij zo beslissingen zal nemen die mij angst inboezemen.  Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat mijn dochter de verkeerde keuzes zal maken en mij niet te realiseren dat dit inherent is aan mijn dochters leven, om keuzes te leren maken, goede en slechte.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat mijn dochter een uitzichtloos bestaan zal leiden wanneer zij de keuze voor antidepressiva maakt. Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet los te laten als moeder systeem en het gevoel te hebben dat ik mijn kind moet redden van de slechte buitenwereld in de vorm van Big Farma.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat mijndochter als depressief gelabeld zal worden wanneer zij zo’n middel gebruikt terwijl zij juist beter met depressie weet om te gaan.  Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn voor hoe ik/wij overkomen op de buitenwereld.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om nu al angstig te zijn voor het moment dat mijn dochter zou moeten afkicken van de antidepressiva en door een hel moet.  Waarin ik mij vergeef dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet hier te zijn en voortdurend in angst vooruit te kijken en het moment hier binnen mijn ademhaling niet te beleven.

Dag 178 van 2555; een constante muur van kindergehuil

equal money capitalismVanmorgen huilde ons buurjongetje van 2 nagenoeg de hele morgen bijna aaneengesloten door, ik kwam tot de conclusie dat het mij toch wel stoort wanneer ik geconcentreerd achter de computer zit te werken. Het is geen huilen van pijn of verdriet zozeer, het klinkt heel boos, maar dat is mijn interpretatie als moeder van 2 tieners en inmiddels heel wat buurtkinderen die veel huilden.

 

Met de kerst had mijn buurman een briefje in zijn kerstkaart gedaan over zijn hobby, hij speelt de jamboree en oefent dit thuis op tijden die hij zelf gesteld heeft. Hij wilde weten of wij daar last van hebben en zo ja om erover te praten. De huizen waar wij in wonen stammen uit begin 1900 en hebben een enkelsteense muur tussen de verschillende huizen. Het is vaak alsof ik de buren op visite heb en dat zal ook voor de buren gelden wanneer wij lawaai maken. Bij de vraag die mijn buurman stelde over het feit of wij last hebben van zijn getrommel, ging er door mij heen, eigenlijk heb ik daar niet echt last van. Waar ik wel last van heb is het eeuwige gejank aan de andere kant van de muur alsof het in mijn eigen huis is. In de weekenden valt het wel mee en als opa en oma oppassen door de week ook, maar de rest van de week is het veel lawaai.

 

Dus vind ik dat het tijd wordt om eens naar binnen te kijken wat mij na zo’n half jaar te zijn blootgesteld aan constant boos gehuil nu zo stoort. Ten eerste heb ik de neiging om bij de buren aan te bellen en te vragen of het wel goed met hun zoontje gaat, maar dat doe ik niet want ik wil mijn neus niet in andermans opvoedingszaken stoppen en ik heb geen vermoedens dat het kind direct fysiek mishandeld wordt. Ik heb de neiging om in mijn geest oplossingen te bedenken voor mijn buurvrouw wat ze kan doen om het kind te laten stoppen met een overdaad aan decibellen te laten produceren. Van massage tot een andere aanpak in opvoeding bedenk ik, maar ik ga, mijn buurvrouw die ik eigenlijk niet of nauwelijks ken, niet met dit soort dingen lastig vallen. Opvoeding en opmerkingen over de opvoeding die je aan ouders geeft, liggen al snel gevoelig. Ik maak ook niet echt een praatje met haar op straat, want ik zie haar nauwelijks tot niet, anders zou ik al pratende eens iets kunnen laten vallen hoe dingen ook anders kunnen. Ik weet ook helemaal niet of zij iets fout doet, het enige wat ik van haar heb gezien en gehoord is dat ze constant nee roepend achter haar 2 jarige aanloopt. En ja daar zou hij op den duur eens flink pissig van kunnen worden.

 

Dit gehuil stoort mij, het gaat diep naar binnen en werkt in op mijn moedergevoel en triggert emoties en gevoelens van vroeger. Mijn dochter toen zij ongeveer 3 was ontpopte zichzelf als een echte janker, er was altijd wel een aanleiding om te huilen. Ik voelde mij als moeder daar erg gefaald onder, wat deed ik fout, dat mijn kind altijd maar huilde. Ook op school huilde zij constant en eigenlijk pas met een jaar of 14 is dat minder geworden en nu met nagenoeg 16 gaat het goed. Zij zegt nu ook zelf dat ze niet meer zoveel hoeft te huilen, ze ziet er  geen aanleiding meer voor. Ik vond dat moeilijk als moeder om je kind altijd zo ongelukkig te zien en als eerste copingsmechanisme haar te zien gaan huilen. Dus falen en onmacht waren wel de grootste emoties die het huilen van mijn kind bij mij teweeg bracht. Daarnaast het gevoel dat ik nooit meer vrij van gehuil zou zijn, altijd maar weer en in het begin dag en nacht. Of ze kon niet slapen of ze had een boze droom, ik probeerde van alles om haar leven naar de zin te maken, maar het leek niet te lukken. Als ik eens ’s avonds weg ging om te werken dan hing ze aan mijn been huilend dat ik niet weg mocht en dan vertrok ik met een rotgevoel. Huilen vankinderen wekt bij mij hele intense moedergevoelens op, waarbij ik volgens mijn eigen richtlijnen niet goed uit de bus kom.

 

En dat zijn gevoelens die ik weg had gestopt, maar nu dagelijks een beetje naar boven worden gehaald terwijl ik probeer te functioneren in mijn eigen huis. Dat is waarom ik oplossingen wil zoeken om het te laten stoppen, alsof ik het opvoeden over wil doen met mijn nieuwe inzichten en om het gepluk en geprik in deze emoties te laten stoppen. De beste remedie is natuurlijk om het te bekijken en te vergeven, zodat ik die gevoelens een plekje kan geven en zo buiten spel kan zetten omdat ze eenvoudigweg niet meer nodig zijn in mijn huidige leven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te storen/irriteren aan het gehuil van het kind aan de andere kant van de muur, zonder te onderzoeken wat dat in mij los maakt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te willen storen aan het kind aan de andere kant van de muur om zo geen ruimte over te hebben om naar binnen te kijken wat mij echt beroerd.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij zorgen te maken over het kind aan de andere kant van de muur en te willen snappen wat er aan de hand is en of ik het kan oplossen om zo de redder in mijn eigen verhaal te zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te willen voelen dat er verdriet in mij is bij het horen van het verdriet aan de andere kant van de muur.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat het verdriet van de ander het verdriet in mij los maakt en mij de kans geeft elke dag weer opnieuw om uiteindelijk te gaan zitten en dit verdriet een plaatsje te geven om verder te kunnen zonder het verdriet dat als een onderdrukte emotie ergens in mij is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om over het verdriet in mij als falende moeder die haar kind niet kan laten stoppen met huilen heen te stappen en niet in de ogen wil zien.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf niet als falende moeder te willen zien, maar mij wel als falende moeder te voelen met een kind dat zich ongelukkig gedraagt en constant huilt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te wensen dat het huilen alsjeblieft ooit over zal gaan net zoals ik het nu wens bij mijn buurjongetje maar niets onderneem en het passief onderga.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het huilen als indicator voor mijn falen te nemen en het huilen persoonlijk te nemen van mijn kind en nu ook weer van de buurjongen wat ik mij duidelijk aantrek.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wanneer er geen reden gevonden kan worden voor het huilen van mijn kind ik dan maar mijzelf de schuld geef en mij als slechte moeder bestempel.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om graag naar andere kinderen te kijken en in mijn geest te bedenken hoe een situatie van een andere ouder beter had gekund om zo in te halen wat mij volgens mijn gevoel en herinneringen niet is gelukt bij mijn eigen kind.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om onmacht te voelen bij het huilen van mijn kind en mijzelf aansprakelijk stel voor het kunnen laten stoppen van het huilen van mijn kind.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te voldoen aan het perfecte plaatje van een moeder wat ik in mij mee draag en zo frictie voel tussen geest en fysieke realiteit.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om overtuigt te zijn dat alleen een goede moeder haar kind kan laten stoppen met huilen en het tot een vrolijk kind kan maken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bij het horen van het constante gehuil van een kind een prikkel van falen te ervaren en machteloosheid tegelijkertijd en mij alleen denk te kunnen laten berusten in het storen aan het geluid.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat met het geluid van het huilen ik terug getrokken word in de tijd zonder dit te realiseren en mijzelf zo limiteer om verder te komen dan storen en irriteren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om huilen als trigger punt te hebben voor het oprakelen van gevoelens die ik niet wil herkennen en dus als ongedefinieerde energie voel en waarneem maar niet kan plaatsen en het dan maar storen of irriteren te noemen, terwijl het een verdriet is van onmacht en falen ten opzichte van mij als het plaatje in mijn geest van de perfecte moeder.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik mijn kind gelukkig had moeten maken en mij niet te realiseren dat het kind zichzelf gelukkig kon maken in de setting waarin ze opgroeide.

 

Wanneer en als ik mij stoor aan gehuil van een kind dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat dit storen een dekmantel is om niet te hoeven voelen dat ik faalde en onmachtig was als moeder, gerelateerd aan het beeld dat ik had van het zijn van een perfecte moeder, en dus niet zag hoe ik het ongelukkig zijn va mijn kind persoonlijk nam. Dus ik stop en haal adem en realiseer mij dat ik een ander niet gelukkig kan maken en dat alleen de ander die beslissing kan nemen.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet langer te storen aan het gehuil van het kind aan de andere kant van de muur, maar mij te realiseren dat ik kan stoppen met het verdriet in mij, omdat het persoonlijk nemen van het verdriet van een ander de ander niet helpt en mijzelf alleen maar verlamd emoties van falen en onmacht.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om diep adem te halen wanneer het gehuil weer begint en mij niet op de ander te concentreren maar op mijzelf en mijn eigen proces.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn beeld van moeder aan te passen en te toetsen aan mijn fysieke realiteit om te zien of het haalbaar is en realistisch.