Dag 278 van 2555: woorden – dimensie – universeel

basisinkomengarantie

Waar ik in mijn vorige twee blogs de persoonlijke en interpersoonlijke kant van het woord dimensie heb aangepakt zal ik in deze blog dit doortrekken op universeel niveau. Waarbij ik eerst zal kijken hoe dit woord in onze wereld gebruikt wordt, door een aantal voorbeelden als leidraad te gebruiken.

 

We zeggen dat de evenaar één dimensie heeft. Hij is één-dimensionaal

 

De dimensie van een vectorruimte V is het aantal vectoren waaruit de basis van die vectorruimte is opgebouwd

 

Minister Asscher informeert de Tweede Kamer over de inzet van het kabinet inzake de versterking van de sociale dimensie van de EMU.

 

Adidas geeft window shopping nieuwe dimensie.

 

Angsten houden je nog gevangen in de derde dimensie van de Aarde.

 

In de vierde dimensie bevinden zich onze geboorte, dood en alles wat daar tussen zit.

 

Dat is de dimensie die ik hier uitleg – waarom of hoe het komt dat je soms het gevoel hebt dat wanneer je het punt dat je onder ogen moet zien probeert te veranderen, maar dat lukt je gewoonweg niet.

 

De bovenstaande tekst op de laatste zin na, heb ik nu al dagen open op mijn computer staan en ik kan er maar geen blog van maken. Het woord ‘dimensie’ bleef blur en vaag of als een polariteit door mijn hoofd spoken. Ik kwam er niet uit, ik wilde iets zinnigs schrijven, iets dat mij zou verder helpen, maar er was niets dan dat wat er eerder ook al was. En aangezien wij bij Desteni werken met wat ‘hier’ is, moest de ‘oplossing’ ook ‘hier’ zijn. En na een chat gisteravond zag ik het ineens, dimensie betekent ook alle lagen, alle kanten of alle aspecten, waarbij dat laatste woord aspect al  mijn voorkeur had. Ik zag alle dimensies van het woord ‘dimensie’ niet als een geheel, voor mij was het een strijd tussen al die betekenis dimensies waar uiteindelijk een winnaar uit moest komen, maar er is geen winnaar en ook geen verliezer. Dimensies helpen je dieper in een ‘probleem te kijken en alle stukken informatie bij elkaar te brengen zodat je de puzzel in het hier, het fysieke kan oplossen.

 

Hieronder een impressie van de chat met Sunette Spies:

 

De context waarbinnen we hier kijken is specifiek gericht op punten in de ‘geest die binnen ons dagelijks leven zich afspelen. Bijvoorbeeld: een probleem onder ogen komen in de ‘geest’ dat je met iemand hebt, waarbij je op deze persoon reageert, en wat je ook doet terwijl je het punt onder ogen ziet – je vindt geen oplossing/verandering hiervoor. In feite vindt het tegenovergestelde plaats en bemerk je dat je meer reageert, of er komen nieuwe punten bij of wanneer je het probeert te veranderen – worden er meer gevolgen gecreëerd in relatie tot die persoon.

Wij hebben de neiging om onze wereld door de ogen van de ‘geest’ te zien – bijvoorbeeld wanneer we kijken naar mensen/situaties in de wereld waarbij we het ergste verwachten/vooruit lopen op het ergste dat gebeuren kan waardoor er een angst gecreëerd wordt – dan kunnen we zeggen dat het hoofdpunt/probleem ‘het kijken naar dingen op een bepaalde manier’ is. Het voorgeprogrammeerde in de ‘geest’ is al automatisch ingesteld als het probleem – wat betekent dat de ‘geest’ fundamenteel het probleem is, dus zal de oplossing nooit in onze ‘geest’/ons zelf bestaan … het was zo nooit geprogrammeerd, het zijn altijd problemen, gevolgen en domino-effecten geweest – keer op keer opnieuw. Met andere woorden, ik kon het woord oplossing binnen elke menselijke ‘geest’ niet geprogrammeerd zien of überhaupt zien bestaan. Een andere dimensie kwam erbij, die erg interessant is – ik zag hoe we altijd met heel weinig informatie werken wanneer we naar problemen kijken, zo weinig dat we alleen een percentage van het probleem/een stukje van het probleem zien en zelfs dan creëren we nog meer problemen, omdat we niet omgaan met het probleem/punt als een geheel. Dan rijst de vraag: “hoe kunnen we dan het levende woord als oplossing integreren  binnen ons dagelijks leven/besluitvorming/het benaderen van mensen/het systeem wanneer zo’n woord in feite niet in ons en als ons bestaat?”. Wat zou het betekenen om een oplossing te creëren, oplossingen te vinden, om punten aan te sturen tot echte oplossingen? Dus moeten we de volgende punten/dimensies in ogenschouw nemen:

1. We creëren meer problemen, wanneer we alleen maar met weinig informatie werken – om het probleem als een geheel te zien moeten we er zeker van zijn dat we ‘alle informatie’ hebben.

2. We moeten ons realiseren dat we een inherente neiging hebben om problemen/gevolgen te willen creëren als oplossingen, dus wanneer we een oplossing hebben: dan moeten we de oplossing projecteren en zien hoe het zich ontvouwt – zien of de oplossing valide is als echte verandering of alleen maar meer gevolgen creëert.

Ik ben er zeker van dat velen bijvoorbeeld een probleem in de ‘geest’ hebben, waar zij nog geen oplossing voor hebben – dus een werkelijk punt van verandering/het laten gaan/een transformatie. Wat je dan moet overwegen is: 1. heb je het probleem voldoende onderzocht en 2. heb je na het het schrijven/zien van de verbintenissen/veranderprocessen getest of de verbintenissen/veranderprocessen effectief genoeg waren om echte veranderingen/oplossingen te zijn? Wat betekent dat we moeten nagaan waarom/hoe we geen definitieve oplossingen/veranderingen vinden/vaststellen/definitieve oplossingen/veranderingen leven, voor de problemen in onze ‘geest’, die veroorzaakt worden door deze twee dimensies die wij in relatie tot problemen hebben – het werken met te weinig informatie en de inherente neiging om constant te willen bestaan als het probleem – zelfs in onze eigen ‘geest’.

We hebben gekeken naar het vaststellen van oplossingen door het probleem te zien, en niet nog meer problemen te creëren, door alle informatie in beschouwing te nemen, er niet op te reageren, maar het op een praktische manier in te schatten – daardoor heb je de mogelijkheid om jezelf aan te sturen/bewegen/veranderen als het probleem dat je onder ogen ziet. Dus het zal een proces van verandering worden – waar jij actief maar met geduld de problemen onderzoekt – je referentiepunt om te zien of je het probleem effectief hebt onderzocht zal zich vertalen in hoe de oplossing/verandering zich ontpopt. Wanneer alle dimensies/informatie over het probleem niet in het hier gebracht zijn – dan zal de oplossing/verandering niet valide zijn, dus doe je het opnieuw en bekijk je wat je over het hoofd hebt gezien of niet in overweging hebt genomen.

 

 

Doordat we niet alle dimensies in ogenschouw nemen komen we niet tot oplossingen, waarbij het komen tot oplossingen of het woord ‘oplossing’ als levend woord niet eens aanwezig is in ons als mensheid. Dat is een heel treurig gegeven, dat wij in plaats van oplossingen meer gevolgen en daardoor problemen creëren. Toch klinkt dit niet als een ver van mijn bed show, want hoe vaak hebben wij niet een oplossing bedacht waarbij we later konden zien dat we de helft aan informatie nog niet eens gebruikt hadden.

Kijk eens in de wereld, de op handen zijnde oorlog met Syrië en de argumentatie/dimensies die worden gebruikt om tot een besluit/oplossing/verandering te komen zijn niet valide en manipuleren en verslechteren de status quo van de wereld alleen maar.

Kijk eens naar het probleem met Fukushima, daar wordt ook alleen maar gewerkt met beperkte informatie/dimensies, waardoor inmiddels het radioactieve probleem tot een universele milieucrisis leidt.

Op universeel niveau kunnen we ook zien dat er met opzet te weinig informatie/dimensies worden gebruikt om zo het eigen belang van groeperingen/landen te kunnen bedienen. En wij het volk zijn zo gewent aan problemen als zijnde de oplossing dat we ons nog eens lekker omdraaien in ons bedje. Want zolang onze portemonnaie niet wordt gerold hoeven wij ook geen moord en brand te roepen.

Kun je het je voorstellen dat premier Rutte met zijn ambtenaren om tafel gaat zitten en de tafel niet verlaat totdat alle informatie/dimensies voor een bepaald probleem op tafel liggen, zodat er een afgewogen beslissing genomen kan worden dat in het belang van een ieder is. Natuurlijk niet, het woord ‘oplossing’ is niet in de sikkepit van Rutte geprogrammeerd, net zoals dat bij U en mij niet is geprogrammeerd. Wij rollen onszelf liever om in de problemen, zoiets van hoe meer problemen hoe meer vreugd, en denken dan vervolgens dat verandering niet mogelijk is. Rutte roept het Obama na dat er verandering /oplossingen moeten komen, maar dat kunnen wij met z’n allen niet aan, onze comfort zone is die van problemen en problemen creëren als oplossingen. Zeg maar eens het woord ‘oplossing’ hard op en kijk dan in zelfeerlijkheid wat de ‘geest’ produceert aan beelden/ideeën/opinies, dat is het fysieke bewijs voor het feit dat ‘oplossingen’ niet bestaan als levend woord in en als ons.

Dus dimensies zijn uiterst belangrijk en kunnen ons helpen te beseffen dat wij behoorlijk ver van huis zijn als we niet komen met daadwerkelijk oplossingen die valide zijn en echte verandering teweeg brengen. Dimensies zorgen ervoor dat een probleem als een geheel van losse aspecten gezien kan worden en zo in het belang van een ieder opgelost kunnen worden.

 

In mijn volgende blog zal ik zelfvergevingen schrijven, correctieve zinnen en verbintenissen.

Advertenties

Dag 242 van 2555; de vagina de bron van al het kwaad – in het geniep – deel 3

equal money capitalismIn de blog van vandaag sluit ik het onderwerp ‘in het geniep ‘ af met correctieve zinnen en verbintenissen.

 

Wanneer en als ik mijzelf in twijfels zie gaan over mijn gedrag ten opzichte van mijn vagina en mijn omgeving, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat de twijfel laat zien dat ik alle partijen wil ‘pleasen’ om zo niet uitgestoten te worden. Ik stop de drang om geaccepteerd te willen worden en als ‘normaal’ gezien te worden en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te beseffen dat wanneer ik twijfel over mijn gedrag ik zoek naar ‘geaccepteerd gedrag’ en ik mijzelf wegcijfer voor dit gedrag en er zo dus geen sprake is van zelfexpressie.

 

Wanneer en als ik mijzelf in separatie zie gaan van mijn omgeving of vagina dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat het in separatie gaan mijn manier is om te overleven in de maatschappij en als mens. Ik stop de separatie en ga 1 en gelijk aan het leven staan.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij nog van mijn vagina nog van mijn omgeving te separeren als een overlevingsstrategie,  aangezien beiden een vorm van geen verantwoordelijkheid nemen is en zelf-sabotage en dus niet in het belang van een ieder is.

 

Wanneer en als ik mijzelf in overlevingsangst zie gaan en mijzelf zie modelleren voor de buitenwereld, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet weet wie of wat ik ben en ben zodoende bereid om leven op te offeren in het belang van het overleven. Ik stop de overlevingsangst en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om nooit mijzelf op te offeren en te vormen naar wat ik denk dat de buitenwereld van mij wil, maar simpelweg in mijn eigen kracht te staan en zelfverantwoordelijkheid te nemen voor wie ik ben.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie twijfelen over verandering in mijn leven dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat een band opbouwen met mijn vagina nooit onnatuurlijk kan zijn, omdat het bevestigt dat ik een geheel ben van delen die er allemaal mogen zijn en waardoor het geheel nooit heel kan zijn wanneer een deel niet meedoet. Ik stop de twijfel en ga de verandering aan.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf te veranderen ten opzichte van mijn vagina en te zien dat het gevoel van ‘onnatuurlijk’ een geprogrammeerd iets is aangemoedigd door de geest.

 

Wanneer en als ik mijzelf separatie zie ervaren als iets dat normaal is dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat gewoonte en gewenning hier de doorslag is voor wat normaal/acceptabel is en niet de stelregel dat separatie zelf-sabotage is. Ik stop de zelf-sabotage en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer ik separatie zie als datgeen wie ik ben dan stop ik en zie dat ik terug naar de adem moet om mijzelf te vertragen en te zien wie ik geworden ben.

 

Wanneer en als ik mijzelf in angst voor het onbekende zie gaan dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat deze angst alles wat bekend is in stand wil houden ook al is het misbruik van mijzelf. Ik stop de angst voor het onbekende en ga 1 en gelijk aan het leven staan.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij te realiseren dat voorbij de angst voor het onbekende gewoon leven is en het een ademhaling kost om te stoppen met deze angst en het limiteren van mijzelf.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie separeren van mijn levenskracht/vagina dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alleen door zelfaansturing mijn levenskracht kan gebruiken. Ik stop de separatie van mijn levenskracht/vagina en sta 1 en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn levenskracht te erkennen en aanvaarden als dat wat ik ben en hetgeen dat mij kan doen veranderen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vasthouden aan mijn oude ‘ik beeld’ dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik als de geest bang ben de controle te moeten verliezen/opgeven wanneer ik niet meer ben wie ik denk dat ik ben. Ik stop het vasthouden en laat los.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn oude ‘ik beeld’ los te laten en mijzelf de kans te geven om mijzelf te zien voor wie ik werkelijk ben, als een proces adem na adem.

 

Wanneer en als ik mijzelf de controle zie vasthouden dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat het loslaten van de controle de ware zelfaansturing is. Ik stop de controle en laat los.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf niet langer te controleren vanuit de geest en mijzelf niet langer vast te houden vanuit de geest en allerhande limitaties te accepteren die onacceptabel zijn.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vrezen voor mijn vagina als losse entiteit dan stop ik en haal adem. Ik realiseer en zie dat ik niet kan functioneren als losse delen, maar mijzelf moet verbinden met mijzelf als een geheel om geheel te kunnen genieten van de totaliteit die ik ben. Ik stop de vrees voor de vagina los van mijzelf en participeer 1 en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te leren genieten als geheel, als totale fysieke expressie, door verandering toe te staan en het niet vrezen voor wie ik aan mijzelf zal gaan tonen als diegene die ik werkelijk ben.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vrezen voor afkeuring en vies/ongeoorloofd gedrag, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik de opinies van anderen persoonlijk neem en als waarheid en leidraad gebruik om te leven. Ik stop het persoonlijk nemen en daarmee de vrees voor afkeuring en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet te handelen op mijn voorprogrammering en te kunnen/leren onderscheiden wanneer ik de programmering van een ander persoonlijk neem.

 

Wanneer en als ik mijzelf als eenling ervaar dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik denk uniek te zijn hierin en het slachtoffer van mijn omgeving. Ik stop deze slachtofferrol en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet te denken dat ik speciaal en bijzonder ben in hoe ik in het leven sta in separatie van mijn vagina, maar te zien dat vele vrouwen het product zijn van opinies en voorprogrammering van anderen, door dit persoonlijk te nemen en zich daardoor niet te leren/durven leren kennen.

 

Wanneer en als ik mijzelf mijn vagina als outcast van mijn lichaam zie maken, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat het makkelijker is mijn vagina als losse entiteit te beschuldigen dan naar binnen te kijken en te zien welke angsten mijzelf terughouden van leven. Ik stop het outcasten en neem 1 en gelijk deel aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf noch mijn vagina te outcasten als oplossing van het niet heel kunnen zijn met alle delen van mijzelf.

 

Wanneer en als ik mijzelf mijn werkelijkheid acceptabel zie maken dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn werkelijkheid acceptabel maak door conform mijn voorprogrammering deze te vormen. Ik stop het acceptabel maken van mijn werkelijkheid en laat mijn programmering los.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn fysieke werkelijkheid te vormen naar wat het beste voor een ieder is.

 

Wanneer en als ik mijzelf het genieten in/door het fysieke zie saboteren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik meer vertrouwt ben met het niet genieten en mijzelf niet uit die ogenschijnlijke comfort zone wil halen. Ik stop de sabotage en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zaken die vertrouwt zijn niet te vertrouwen als het beste voor een ieder, maar dat te onderzoeken alvorens dit aan te nemen.

 

Wanneer en als ik mijzelf fysieke lichaamsexpressie als fantasie zie bestempelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijzelf zo op voorhand fysieke lichaamsexpressie zie ontnemen. Ik stop de zelfsabotage en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet totale fysieke lichaamsexpressie, die ik niet ken als volwassene, mijzelf te ontnemen alvorens ik het kan toepassen door niet te geloven dat ik daartoe instaat ben met een vagina die geestelijk geladen is met negativiteit, waarin ik de fantasie gebruik om in polariteit met het negatieve te komen.

 

Wanneer en als ik mijzelf in mijn verbeelding wel heel zie zijn als fysiek lichaam, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik alleen in fantasie/verbeelding heel kan zijn in mijn veilig gewaande geest. Ik stop de fantasie en neem 1 en gelijk deel aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet alleen in mijn fantasie heel te kunnen zijn, maar ook in mijn fysieke werkelijkheid te durven veranderen en heel te zijn zonder angst voor verandering en de opinie van mijn omgeving.

 

Wanneer en als ik mijzelf het negatieve met het positieve zie vervangen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik participeer in polariteit en zo niet gealarmeerd raak door de onbalans in mijn leven door separatie en mijzelf niet weer op de rails zet. Ik stop de participatie in deze polariteit en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om open te staan voor de waarschuwingen van mijn fysieke lichaam zonder die onder polariteiten te begraven en te doen alsof alles okay is.

 

Wanneer en als ik mijzelf mijn relatie met mijn vagina als moeilijk zie bestempelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat het moeilijke ‘em in het geniep zit, wat niet nodig is wanneer ik als geheel mij in mijn fysieke werkelijkheid plaats. Ik stop het moeilijk doen als de separatie en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn voorprogrammering niet uit te spelen door de relatie met mijn vagina als moeilijk te bestempelen en het gewaar zijn van mijn lichaam als vies te zien en onbehoorlijk.

 

Wanneer en als ik mijzelf in het geniep personage zie gaan, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een personage nodig heb om in het geniep om te kunnen gaan met de onbalans in mijn fysieke lichaam. Ik stop dit personage omdat ik mij realiseer dat het overbodig is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn participatie in dit geniep personage te signaleren en te stoppen, omdat het geen enkel ander doel dient dan de geest.

 

Wanneer en als ik mijzelf in opgewondenheid zie gaan dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dan dat ik te maken heb met angst en een verknipte vorm van intiem zijn. Ik stop de angst en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet het geniep personage te voeden door gevoelens van opgewondenheid/spanning te voelen en die niet te interpreteren als angst.

 

Wanneer en als ik mijzelf in minderwaardigheid zie gaan dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik mijn vagina als minderwaardig zie en omdat ik een geheel ben zie ik ook mijzelf als minderwaardig. Ik stop de minderwaardigheid als sluier voor wat werkelijk gaande is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de sluier van minderwaardigheid op te lichten en te zien dat ik niet minderwaardig ben als een geheel met mijn vagina, maar de opinies die ik persoonlijk neem doen mij denken dat ik minderwaardig zou moeten zijn.

 

Wanneer en als ik mijzelf genieten zie verdraaien naar losbandigheid dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik als de geest probeer frictie te bewerkstelligen om het genieten tot iets negatiefs te maken. Ik stop het verdraaien en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet te participeren in de frictie van de geest en mij verder van mijn levenskracht af te laten glijden dan dat ik al ben.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie walgen dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat het walgen, het walgen van mijzelf is en het niet gaan staan in mijn daad/levenskracht door mijzelf niet aan te sturen en geen zelfverantwoordelijkheid te nemen. Ik stop het walgen en participeer 1 en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in mijn levenskracht te gaan staan en mijzelf niet door walgen van mijzelf af te scheiden.

 

Wanneer en als ik mijzelf mijn relatie met mijn vagina in separatie fysiek zie maken dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat het fysiek maken de gevolgen van de separatie zijn. Ik stop het fysiek maken en haal diep adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om preventief naar mijn relatie met mijn vagina te kijken om zo het fysiek maken van eventuele gevolgen te kunnen voorkomen.

 

Wanneer en als ik mijzelf mijn gesepareerde relatie met mijn vagina zie ontkennen dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ga voor positiviteit en alles dat negatief is liever onder het tapijt veeg. Ik stop het ontkennen en zie mijn relatie met mijn vagina voor wat het is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn relatie met mijn vagina uit de polariteit/separatie/frictie te halen en mijzelf aan te sturen waardoor ik de levenskracht voel en de eenheid met mijn lijf kan ervaren.

Dag 147 van 2555; ben ik bang voor een muis?

Dag 147 van 2555; ben ik bang voor een muis?  Tijdens een bezoek aan mijn ouders vertelden mijn kinderen dat wij een muis in de keukenvloer hebben wonen en hoe dit piepkleine muisje ’s nachts kruimeltjes ‘steelt’ uit de kieren van de plankenvloer. Mijn kinderen hebben tot een uur of half 2 in de keuken gezeten waar de muis rond hen heen liep en zijn kunsten vertoonde en liet zien hoe hij aan eten komt. Dit verhaal triggerde bij mijn ouders een voorval van vroeger.

 

Toen ik een jaar of 8 was en mijn broertje een jaar of 4, hadden wij een muis op 6 hoog in de flat waar wij woonden. Ook deze muis was het meeste in de keuken te vinden. Ik herinner mij dat mijn moeder met een bezem op de deur bonkte van de keuken alvorens erin te gaan om eten te maken. Normaal aten wij in de keuken, maar nu alleen nog aan de eettafel in de woonkamer. Als kind ervoer ik de angst die mijn moeder had voor die muis en ik was net als mijn broertje op mijn hoede, want die muis moest toch wel een enorm monster zijn, als mijn moeder daar bang voor was. Op een gegeven moment toen wij als kinderen naar school waren en mijn vader naar zijn werk, was mijn moeder zich aan het opfrissen in de badkamer en zag ineens de muis achter zich in de badkamer. Dit resulteerde in het weg vluchten van mijn moeder naar de woonkamer, waar zij in haar ondergoed op een krukje stond, terwijl zij mijn vader op zijn werk belde. Half gillend vroeg zij om mijn vader aan de receptioniste en bij mijn vader gilde zij echt door de telefoon zodra de muis in de buurt kwam. Dit is hoe ik het verhaal als kind heb terug gehoord, wat nog meer frictie in mij zette, want ik dacht niet dat een muis iets onoverkomelijks was, maar mijn moeder liet dat wel zien in haar gedrag.

 

Uiteindelijk hebben mijn ouders de muis in een valletje gevangen en toen wilden wij als kinderen hem bekijken. Allemaal vonden we het musje er lief uitzien en ik begreep ook niet hoe dit zo’n monster heeft kunnen zijn. Weken erna kwam ik op het idee om een rubberen speelgoed muis in de opening tussen de muur bij het raam en de koelkast te leggen. Wanneer mijn moeder de planten zou water geven en naar beneden zou kijken dan zou ze de muis zien en even schrikken om vervolgens te zien dat het om een speelgoedmuis ging. Ik was alweer half vergeten dat die muis daar lag toen ik ’s avonds ineens een ijselijke gil uit de keuken hoorde komen en de connectie legde. Ik rende naar de keuken en zag mijn moeder in hetzelfde gedrag schieten als met de echte muis en besefte mij wat ik had gedaan, mijn moeder was doodsbang. Ik kreeg geen straf, mijn vader deed het bijna in zijn broek van het lachen.

 

Dus nu we na vele jaren het weer over dit voorval hadden zei mijn moeder dat zij absoluut niet bang was voor de muis toentertijd, maar dat wij zo bang waren als kinderen. Dat wij de keuken niet in durfden en dat het voornamelijk om ons ging als we spreken over angst voor een muis. Grappig hoe selectief het geheugen kan zijn om onszelf zo uit de bus te laten komen zoals wij onszelf graag zien. Toen ik vroeg waarom ze dan gillend op een krukje mijn vader had gebeld, kwam daar geen antwoord op, alsof zij mij niet gehoord had terwijl mijn vader mij begrijpend aankeek. Ik vertelde mijn moeder dat wij als ouders onze kinderen door ons gedrag dingen aanleren en dat het kind niet meer of minder dan de reflectie van de ouder is, ook hier kwam niet veel reactie op en ik liet het daar dan ook bij. Een mens kan nu éénmaal zoveel aan en dit werd niet goed verwerkt door de geest.

 

Het aparte is dat ik altijd bij een muis in mijn achterhoofd ‘het is een monster’ beeld had maar de fysieke realiteit bood mij genoeg houvast om te zien dat dit niet waar was. Zo had ik een vriendinnetje die witte muizen had en wanneer we met de muizen speelden dan lieten wij ze los in haar enorme poppenhuis en gingen observeren waar de muisjes allemaal inkropen. Wanneer ik doodsbang voor een muis zou zijn geweest dan had ik dat echt niet ondernomen. Alleen de geschubde staart vond ik een beetje raar aanvoelen en bestempelde dat gevoel als eng/naar, maar verder kon ik goed door 1 deur met de muis. In Amsterdam waar ik met mijn huidige partner samenwoonde rende een muis elke avond boven ons hoofd over het grove spachtelputz boven ons bed, ik heb er geen nacht minder om geslapen.

 

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik door mijn ouders geprogrammeerd ben en input in mijn geest heb die soms niet als van mijzelf voelt en frictie oplevert en soms wel van mijzelf voelt en als “dat ben ik” door mij wordt aangenomen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren hoe ver deze familie programmering gaat en dat die al van generaties op generaties kan zijn overgedragen waarbij mensen het als zo gewoon binnen families zien dat zaken niet meer bevraagd of onderzocht worden die al zo lang binnen de familie zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mee te doen aan deze programmering door als kind dit toe te staan en normaal te vinden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat mijn ambivalente houding ten opzichte van muizen voortkwam uit, deels programmering en deels fysiek onderzoek binnen mijn realiteit.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het gevoel dat van een muizenstaart door mijn hand als raar te ervaren maar als eng/naar te bestempelen door mijn geest tussen beide te laten komen en deze geprogrammeerde angst voor muizen te laten meespelen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet direct heel spontaan met muizen te zijn door er meteen op af te gaan, maar waar ik even de kat uit de boom kijk, alsof er iets is dat mij tegenhoud en mij niet te realiseren dat deze weerstand, die de spontaniteit om zeep helpt de geprogrammeerde opinie is die zegt dat muizen monsters zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in het moment niet te snappen dat mijn moeder haar angst na al die jaren verdrukt en niet erkent.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn moeder in het moment als een leugenaar te zien die de waarheid verdraaid om beter uit de bus te komen voor haarzelf en haar omgeving.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij schuldig te voelen over het laten schrikken van mijn moeder met de nep muis nu ik dit verhaal weer na jaren oprakel en zie hoe mijn moeder het geheel verdringt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat het een probleem van mijn moeder is waar alleen zijzelf iets aan kan doen en waar mijn schuldgevoel van geen waarde is en mij alleen maar toont dat ik als kind mijn moeder niet kon ondersteunen in mijn angst  en het gedrag van mijn moeder alleen maar raar vond en als het ware haar terug pakte met de speelgoedmuis voor al de rare dingen die wij moesten doen voor het ondersteunen van haar angst.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik als kind de reflectie van mijn moeder ben, en door mijn moeder nogmaals met de speelgoedmuis door deze voor haar traumatische ervaring te laten gaan, bood ik haar onbewust de gelegenheid om de confrontatie met haar zelf als de angst voor de muis aan te gaan, maar wat mijn moeder niet zag en dus niet met beide handen aanpakte.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om van deze situatie te leren en maar weer te zien dat het handelen van ons als  ouders zoveel meer doet dan de mooie woorden die wij spreken.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om angsten die frictie binnenin mij geven, te onderzoeken op programmering, om zo te kunnen zien waar ik mijzelf in de maling neem en geloof in iets dat er niet is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om zodra ik angsten van mij bij mijn kinderen terug zie, dit te benoemen en hen te begeleiden in het begrijpen/zien/realiseren dat het niet iets van henzelf is maar een programmering die door mij als ouder daar is geplant als eenzaadje.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen waarde oordeel aan het gedrag van mijn moeder te hangen en te zien dat wanneer ik dat wel doe ik in weze reacties heb dus zelf nog niet sta in dat punt en dus eerst zelf terug naar de tekentafel moet om mijn verhouding met dit punt te bepalen in het belang van een ieder.