Dag 271 van 2555: we zijn zooo blij

basisinkomengarantieBij mijn bezoek aan de biologische winkel in onze woonplaats stuitte ik bij de kassa op een medewerkster die zooo blij was. Ze was net terug van vakantie en had in Drente een sjamanen week gedaan. Ze was zoooo blij dat haar werkdag erop zat, wat ze tussen neus en lippen door zei, terwijl ze doorvertelde hoe geweldig het daar in Drente was. Zij sprak tegen de klant voor mij en tegen mij en mijn dochter. De andere klant wilde ook zo graag eens een sjamanen iets bijwonen dat leek haar helemaal te gek. Ik voelde een lichte reactie opkomen en veroordeelde deze vrouwen als het toch niet helemaal op een rijtje te hebben. Ik observeerde de medewerkster en het was bijna alsof zij aan de drugs was, zo was haar gezichtsexpressie.

Toen zij zag dat de klant voor ons en wij een pakje cocosdrink hadden meegenomen begon zij kortingskaarten uit te delen. Daar bleef het niet bij ze gaf nog een kaart en nog één totdat we er allemaal 4 hadden. Het leek wel een reclame waarin zij blij in de lucht keek en kortingskaarten bleef vouwen en uitdelen. Tijdens het uitdelen werd ook weer veelvuldig verteld hoe blij ze wel niet was. En dat was het moment dat het in mijn verkeerde keelgat schoot. Ik stond daar met die kaartjes en keek daar in het leipe happy gezicht van de medewerkster en zag dat het geen zin had om haar attent te maken dat zij niet zoveel kaartjes aan ons moest uitdelen tegen de regels van haar baas in, enkel en alleen omdat zij blij was. Maar dat slikte ik in en vervolgens kwam er wat anders uit. Ik zei: “weet wel dat blij maar zo lang duurt”. En ik schrok een beetje van de hardheid van mijn boodschap tegen deze high van blijdschap zijnde dame, en zei onmiddellijk: “het klinkt misschien een beetje hard maar blij zijn duurt niet eeuwig”. Waarop de medewerkster wel heel even ontnuchterd leek te zijn en zei: “ja, maar zonder verdriet hebben we geen blijdschap”. “Precies”: zei ik, “daar zit het hem nu juist in, je beweegt je tussen twee polen, probeer er niet in mee te gaan en gewoon te zijn”. Waarop de medewerkster weer blij verder sprak met de klant die voor mij was en nog altijd was blijven staan praten.

Tijdens het naar buiten gaan siste mijn dochter: “mama dat moet je niet doen, de mensen begrijpen dat niet”. En ik voelde mij een beetje betrapt en sputterde dat ik wel een zaadje mogelijkerwijs had kunnen planten. Als de medewerkster vanmiddag thuis komt en zich niet meer zo blij voelt dan denkt ze misschien aan mijn woorden. “Dat betwijfel ik”, zei mijn dochter. “Mensen denken niet over zulke dingen na”, voegde ze er nog aan toe.

En dat is ook wel zo, mensen willen niet nadenken over het feit en het waarom ze zooo blij zijn. Ik had ook kunnen vragen welk verdriet de medewerkster dan wel niet aan het onderdrukken was dat zij er zoveel extreme blijheid tegenover moest zetten, maar dat had volgens de sociale omgangsetiquette waarschijnlijk echt niet gekund. Toch zou het handig zijn wanneer wij onszelf een beetje beter zouden begrijpen. Hoe komt het dat wij ineens zooo blij zijn? Wat ging eraan vooraf dat vermeden moest worden en overspoeld moest worden door extreme blijdschap. Mogen we het verdrietige niet onder ogen zien? Mogen we niet zien wie wij zijn in elk moment en elke adem? Is dat een te benauwend gevoel?

Ik was in het moment in de winkel niet alleen degene die een zaadje wilde planten bij een ander, ik was diegene, die de ander veroordeelde in haar origine van blij zijn uit frustratie dat het verdriet niet erkend werd. Het verdriet van ons allen om het bestaan dat wij leiden door van de ene polariteit over te gaan in de andere en vooral niet onszelf te confronteren met onszelf of het nare beeld van de ander en de wereld. Pingpong ballen zijn we die van de ene kant naar de andere kant gestuiterd worden door onze emoties en gevoelens, terwijl wij de illusie willen hoog houden dat wij het tafeltennisbatje onder controle hebben en niet door de ruimte geslingerd worden door onze emoties en gevoelens.

Eens kijken hoe mijn volgende bezoekje verloopt aan de biologische winkel of het zaadje al aan het kiemen is of dat het is afgestorven door mijn reactieve opmerking…

Zelfvergevingen volgen.

Advertenties

Dag 263 van 2555: Paranoia: welke farmaceutische worst wordt ons voorgehouden?

basisinkomengarantieVandaag was ik bij de huisarts met mijn dochter, zij ervaart veel pijn door de Fibromyalgie, maar nu deed haar elleboog zoveel pijn dat het slapen wat al zo moeizaam gaat nu helemaal niet meer lukte. De pijn leek anders,het begon met een paar dagen tintelende vingers wat naar de onderarm toe doorstroomde. Na een fysiotherapie sessie begon de elleboog heftig pijn te vertonen en er was niet veel wat we als verlichting konden aanbieden. Dus besloten we vandaag toch even langs de huisarts te gaan om te zien of we met de fibro te maken hadden of dat dit toch meer met de botvergroeiing in de elleboog van doen had en een meer fysiologische aanpak nodig heeft.

 

Helaas was het toch een uitvloeisel van de fibromyalgie, wat op dit moment betekent dat de medische wereld niet direct iets structureel voor je kan betekenen. Tenzij je de trukendoos van de farmaceutische industrie open wil trekken. En dat gebeurde dan ook toen mijn dochter aan het eind van het consult de huisarts vroeg wat er aan die slopende pijn gedaan kan worden. Zij heeft al verschillende pijnstillers geprobeerd, die de maagwand behoorlijk aantasten en dan met veel geluk een beetje werken voor een uur. Maar ja wat is een uur op een dag, wanneer je beseft dat je het medicijn maar 3 keer per dag mag innemen, dat is 3 uur enigszins verlichting op 24 uur en het op de koop toe nemen van de bijwerkingen.

 

De huisarts moest beamen dat pijnstillers niet de truc doen bij de meeste fibromyalgie patiënten, maar zo zei hij: dat hij wel goede ervaring had met antidepressiva in een lage dosis. Het zou 30-50% van de pijn wegnemen en je zou er wat vrolijker van worden. Wanneer we volgende week nog eens terug zouden komen dan wilde hij dat wel voorschrijven. Er ging bij mij een knop om, het woord antidepressiva triggerde een reactie in mij. Een  soort van misselijk makend gevoel kwam over mij heen, mijn kind aan de antidepressiva dacht ik, no way. Ik zag dat mijn dochter  veel ontvankelijker reageerde dan ik zelf. Ik zag dat ik het persoonlijk nam en dus de afweging van zo’n medicijn persoonlijk nam, terwijl ik die afweging niet kan maken, want ik ervaar niet dag in dag uit pijn die af en toe ondraaglijk wordt. Ik ben niet dagenlang misselijk van de pijn en afgemat door de pijn, maar ik nam dit wel persoonlijk en probeerde een afweging te maken door de bril van angst voor wat een antidepressiva fysiek met je doet, kijkend naar het verslavend vermogen en de bijwerkingen.

 

Toen we terug liepen naar huis, zei mijn dochter dat ze momenteel alles wel wil proberen om verlichting van de pijn te krijgen en ik besefte mij dat ik dus ook onmogelijk die afweging kan maken voor mijn kind of het uitproberen van een antidepressiva een ‘no go area’ is of iets om toch af te wegen. Daar ligt ook de moeilijkheid van de rol als ouder, je wordt geacht om beslissingen voor en met je minderjarige kind te maken, maar met dit soort vraagstukken is het onmogelijk om je echt in te kunnen leven hoe het is om 24 uur per dag pijn te hebben en dus is het bijna onmogelijk voor mij op dit moment om een gezond verstand afweging te kunnen maken.

 

Later thuis ben ik gaan googlen op antidepressiva als pijnbestrijding bij fibromyalgie patiënten, ik vond dat ik mij eerst moest inlezen alvorens een oordeel te vellen over een medicijn waar ik reacties op ervoer. De berichtgeving was niet echt om vrolijk van te worden, eigenlijk diep triest wanneer je leest wat mensen door moeten maken wanneer de medische wetenschap het ook niet echt weet en dan maar gaat experimenteren op patiënten. Een wanhopige of radeloze patiënt is natuurlijk sneller over te halen tot experimenten dan iemand die dat niet is. Al snel werd duidelijk dat een lage dosis alleen werkt wanneer je niet ook depressief bent, waar je uiteindelijk steeds in terug valt door de uitzichtloosheid van de pijn en vermoeidheid. Bij een normale of lage dosis en gevoeligheid voor het medicijn kun je juist depressief worden. Mensen kwamen 5-20 kilo in gewicht aan, de klachten verergerden of er kwamen klachten bij die na te zijn gestopt met het medicijn niet meer weg gingen. En mijn grootste angst is het verslaafd raken aan dit soort middelen endoor eenhel moeten gaan om er weer vanaf te komen. Ook waren er patiënten die er wel baad bij hadden en zelfs beter gingen slapen, waardoor ze minder vermoeid raakten en ‘overall’ zich beter voelden. Maar allen vertelden dat zij in de beleving van de wereld om hen heen zich afgestompt en mat voelden. Mijn dochter was natuurlijk ook meteen gaan googlen en kwam tot de conclusie dat er verder niet veel is dat de reguliere gezondheidszorg kan bieden en dat zij dus serieus moet gaan afwegen of dit een pad is dat zij wil gaan wandelen naast het pijnprogramma dat zij binnen de revalidatie zal gaan lopen.

 

Mijn probleem is de angst dat mijn dochter verslaafd raakt aan een medicijn dat maar weinig verlichting zal geven en meer bijverschijnselen zal geven. De angst dat ik een afgestomt kind terug zal krijgen dat de wereld door de ogen van antidepressiva zal moeten bekijken om de pijn dragelijker te maken. Die angst maakt mij erg verdrietig, waardoor ik haar toekomst nu al in het hier en nu als uitzichtloos ervaar. Ik wil mijn kind niet tot een patiënt maken en ik wil niet geloven/aannemen dat dit de weg is die een 16 jarig meisje moet lopen om een menswaardig bestaan te leiden. De vraag is natuurlijk hoe menswaardig haar leven met constante pijn en vermoeidheid nu is.

 

Ik vrees dit medicijn, omdat ik emotionele relaties leg met depressieve mensen, met verslaafde mensen en het medicijn label als de weg naar uitzichtloosheid. Wat inhaakt op de spijt die ik voel dat ik een kind op de wereld heb gezet dat moet lijden, zonder dat het enig nut heeft. Dus dat zijn grootse onderwerpen om eens onder de loep te nemen en door te spitten.

 

Een oplossing op de vraag of dit medicijn het proberen waard is, zal voor mij zijn het wegnemen/los laten van de angst omtrent het medicijn om een heldere afweging samen met mijn dochter te kunnen maken. Door zelfvergeving te doen zal ik dan in kaart brengen waar ik naar moet kijken om de emotionele ruis van dit vraagstuk af te nemen en niet te handelen en te denken vanuit het perspectief van spijt.

 

De beloning zal zijn dat ik mijn dochter kan ondersteunen en assisteren met het stoppen van de problemen die oplosbaar zijn in plaats van oplossingen te zoeken als lapmiddelen. De beloning zal zijn dat ik kan adviseren zonder dit te doen door een sluier van emotionele ruis en het gevoel van spijt, door simpelweg 1+1=2 te doen.

 

Zelfvergevingen volgen in de volgende blog.

Dag 249 van 2555; mijn kind heeft reuma

equal money capitalismIk kreeg te horen dat mijn kind een vorm van reuma heeft en dat voelde als een soort van opluchting. Nu klinkt dit wat paradoxaal, want wie is er nu blij met reuma? Maar het is een soort van last die van mij afvalt en een soort van opluchting dat we niet meer verder hoeven te zoeken naar, wat het dan zou kunnen zijn wat haar niet meer normaal dagelijks laat functioneren. We zijn al 2 jaar aan het tobben en terug kijkend waren er al symptomen toen ze eind lagere school was en zelfs ook daarvoor. Het leken allemaal op zichzelf staande zaken die ons toen de puntjes niet met elkaar deden verbinden. Eerst werd hyper-mobiliteit geopperd als hetgeen dat er aan de hand was en dat leek ook wel zo te zijn toen. Waarbij ik moet opmerken dat hyper-mobiliteit ook een vorm van reuma is. Het laatste jaar zijn er vele andere verschijnselen bijgekomen die niet direct in 1 van de 200 reuma hokjes te plaatsen is. De symptomen zijn een allegaartje, maar het is wel een chronische vorm van reuma.

 

Het is raar je zit daar dan in zo’n kantoortje van de reumatoloog en mijn dochter kreeg dit nieuws te horen en ik dacht: eindelijk heeft het een naam. Alhoewel de reumatoloog vertelde dat zij er vooralsnog geen etiket aan gingen hangen, omdat de vraag ‘wat nu’ belangrijker is dan de naam. Ik was het daar niet helemaal mee eens, want de maatschappij denkt wel in hokjes en etiketten, en chronische ziekten die niet altijd zichtbaar zijn kunnen patiënten in lastige pakketten brengen en zorgen voor veel onbegrip. Dus zullen we moeten werken met het woord reuma, voor begrip en medewerking vanuit de maatschappij. Want welke school of werkgever ziet het zitten als je halverwege de ochtend op je werk/school komt of misschien helemaal niet, reuma is een grillige ziekte en zoals ik inmiddels heb ervaren kan het van het ene moment op het andere je dagindeling veranderen.

 

School is fysiek dan ook een hele uitdaging geweest de afgelopen 2 jaar, waarbij we nu op een punt zijn beland dat naar alle waarschijnlijkheid thuis studeren de beste oplossing is. Hoe digitaal een school ook is het is niet geënt op compleet digitaal thuis studeren. Het materiaal is gemaakt op zo’m manier dat klassikale instructies vereist zijn om de stof goed te kunnen begrijpen. Volgende week zullen we met de leerplichtambtenaren hierover een gesprek aangaan, via het ZAT-team waar mijn dochter voor aangemeld is. Ook met reuma wil je uiteindelijk een diploma halen en kijken wat je mogelijkheden verder zijn op de arbeidsmarkt.

 

Mijn dochter zal een intake gesprek met de reuma verpleegkundige hebben volgende week en met die input zal er gekeken worden of zij een revalidatie traject mag gaan lopen. Niet om te revalideren tot een gezond iemand, maar om te leren omgaan met de ziekte die niet weggaat, en zo optimaal mogelijk binnen de beperkingen te kunnen functioneren. Ondanks de opluchting die ik voel is het ook heel wat aan informatie wat er op mijn bordje komt. Ik probeer het ziektebeeld te begrijpen om zo mijn kind het beste te kunnen ondersteunen en geen dingen van haar te verlangen die niet realistisch zijn en tegelijkertijd haar net dat duwtje te geven wanneer zij vastzit in zichzelf en zichzelf meer beperkt dan nodig is. Reuma is een levenslang vonnis voor mijn dochter, maar ook voor ons als gezin betekent dit werken met de beperkingen van reuma. Dus ook ik zal moeten verwerken dat ik een kind met een blijvende chronische ziekte heb.

 

De afgelopen periode ben ik al tegen schuldgevoel aangelopen in verschillende vormen en heb die doorgewerkt met zelfvergeving en correcties, wat nu goed te merken was. Ik zag dat ik niet meer reacties had zoals voorheen. Wel probeerde mijn geest mijn schuldgevoelens aan te wakkeren, maar ik zag wat mijn geest deed en ging er niet in mee. De komende periode zal ik gerust tegen dingen aan gaan lopen die ik zal gaan uitschrijven en delen op deze plek. Vooralsnog laat ik het onderwerp even rusten totdat er weer meer zicht is op wat nu verder en waar ik daarbinnen tegenaan loop.

 

Het woord reuma heeft op zich geen negatieve connotatie voor mij. Ik kende ooit een mede student op de Kunstacademie die reuma in een al ver gevorderd stadium had. Wij vonden haar wel stoer dat ze kunstenaar wilde worden, ondanks haar ziekte. Tegelijkertijd vond ik het niet realistisch om zo’n vak te kiezen, maar ik kon mij niet echt in de schoenen van deze vrouw verplaatsen om te snappen waarom zij die studie aanging. Dus reuma is een neutraal woord voor mij en eigenlijk wil ik dat zo houden, en daarom word dat mijn uitdaging, om er geen positieve nog negatieve emoties/gevoelens aan te koppelen maar het een woord te laten zijn dat een chronische ziekte aanduid.

 

Dag 201 van 2555; een harnas om de longen als de greep waarin ik mijzelf gevangen hou

equal money capitalismDe afgelopen dagen voelde ik mij fysiek niet optimaal, er zat als het ware een strak harnas over mijn longen aan de voorzijde en achterzijde van mijn lijf. Ook was ik al moe wanneer ik opstond. Dat drukkende strakke gevoel om mijn longen voelde echt vervelend aan, ik hoestte niet meer dan anders, dus een opkomende vastzittende hoest leek het niet te zijn. Op een gegeven moment voelde ik als het ware energie bewegen in mijn long gedeelte, ik ging daar eens op letten, en elke keer wanneer ik in gedachten wegzonk dan begon die energie als een razende te bewegen in mijn longgedeelte/borst. De borst/longen staan voor familie/familie aangelegenheden en meteen moest ik denken aan het ja-nee-ja gebeuren van dit weekend en de week ervoor. Dat was een familie aangelegenheid en een herhalend patroon van de familie. Ik had in het nee-moment wel gevoeld wat een dreun dat op mijn fysiek als stress had gegeven, maar was in de veronderstelling dat het met een sisser af was gelopen. Mijn partner had vrij direct al fysieke symptomen gekregen en ik dacht echt dat de dans mij ontsprongen was. Maar niets was minder waar, ik had de stress in mijn lijf in dat nee-moment gevoeld dus het was er, ontkennen had geen zin.

 

Dus heb ik van de week meerdere malen met mijn lijf gesproken en het bedankt dat het zijn afweermechanisme in werking had gesteld, maar gezegd dat het niet nodig was in dit moment. Dit afweermechanisme maakt deel uit van eerdere ervaringen met de familie en op dit moment was er geen sprake van daadwerkelijk (fysiek) gevaar. Het was het oprakelen van ervaringen die ook in mijn lijf, in het vlees opgeslagen liggen die weer actief werden. Nu zou ik dit als een soort van falen kunnen oppakken, in de trant van waarom kan ik hier niet tegenop na zoveel zelfvergeving op de verschillende dimensies van deze relatie met de familie, maar dat zou destructief zijn. Wat hier speelde was een confrontatie met de werkelijkheid en een toets van hoever ik in bepaalde zaken sta. Ik kan mijzelf wel vergeven en corrigeren, maar uiteindelijk moet ik het doen en toepassen in de fysieke werkelijkheid, wat niet zonder vallen en opstaan kan gebeuren wanneer het een diepgeworteld probleem is.

 

 

Probleem:

 

Het geen vertrouwen in de familie hebben en daarmee geen vertrouwen in mijzelf hebben over hoe ik in dit geheel sta en mij zal gedragen in de zin van wat ik accepteer en toesta.

 

 

Oplossing:

 

Vertrouwen in mijzelf bewerkstelligen dat ik niet, wie ik ben, laat afhangen van de situatie waarin ik mij bevind met de familie, maar dat ik altijd stabiel ben wie ik ben. Hierdoor hoef ik gebeurtenissen ook niet te internaliseren en fysiek te maken op basis van herinnering.

 

 

Beloning:

 

Geen argwaan en angst jegens de familie hebben over hoe hun impact mij kan veranderen als wie ik ben, maar te staan in het belang van een ieder en vrij te zijn van oordelen van de ander als mij.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om boosheid als energie in mijn borstkas te laten rond waaien en mij een naar en ziek gevoel te laten beleven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om stress te internaliseren en vast te zetten in het vlees, waar het een consequentie wordt die ik eerst moet doorlopen en ik niet meer preventief te werk kan gaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de stress als stress te labelen en niet te zien wat er achter de stress zich verborgen houdt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren in het moment dat de stress in mijn borst een uiting is van wantrouwen in mijzelf en de ander als mijzelf.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat door dit wantrouwen er geen stabiliteit is en ik dus geen houvast meer heb om mijzelf aan te sturen

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de overtuiging te hebben dat ik stuurloos ben eenmaal in de greep van de ander wanneer wantrouwen het overneemt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik alles moet accepteren en toestaan wanneer ik niet in mijn kracht kan staan door gebrek aan zelfvertrouwen en daarmee mijn daadkracht weggeef.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik zal veranderen wanneer ik uit wantrouwen en geen zelfvertrouwen alles accepteer en toesta van de ander en mij niet te realiseren dat ik niet kan veranderen door externe factoren alleen dan wanneer ik beslis te veranderen en dus mijn daadkracht hiervoor gebruik/misbruik.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om teleurgesteld te zijn in mijzelf wanneer ik mijn correctie nog niet perfect kan doorlopen en mij niet te realiseren dat corrigeren oefening en tijd nodig heeft en geen ‘short cut’ of wondermiddel is.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij van mijn stuk te laten brengen door externe factoren en mij niet te realiseren dat ik om moet gaan met deze externe factoren en ze niet moet vrezen en uit de weg moet gaan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat mijn fysieke lijf, als deel van mij, met afweermechanismen reageerde op oude ervaringen die nog opgeslagen in het vlees lagen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet in eerste instantie te realiseren dat ik ook de relatie met mijn lijf moet opbouwen om tezamen de patronen in mij aan te pakken en zo preventief te voorkomen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf naar beneden te halen over het feit dat ik niet stabiel genoeg ben naar de familie toe om mij niet te laten beïnvloeden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om min over mijzelf te denken nu ik niet stabiel genoeg gebleken ben ten opzichte van de familie en mij niet te realiseren dat ik hiermee mijn zelfvertrouwen niet opbouw maar afbreek en dus mijzelf misbruik wat onacceptabel is en niet toegestaan kan worden wanneer ik in mijn kracht ga staan.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf slap en ziek te voelen ten opzichte van de familie door het ontbreken van zelfvertrouwen en daadkracht en dat terug te zien in mijn fysieke gesteldheid en mij niet te realiseren dat dit alles aan geld gekoppeld is en overleveningsdrang waarbij ik het gevoel heb te moeten dansen naar de pijpen van diegene waar het geld vandaan komt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik niet hoef te dansen naar de pijpen van de geldverstrekker wanneer ik afspraken heb gemaakt over het verstrekken van geld waar ik achter kan staan en aan kan meewerken en te zie dat het gaat om geld en niet het “pleasen’ van de ander uit angst dat het geld verstrekken in de problemen komt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat de geldkraan weer dicht gaat en de ja weer in een nee wordt omgezet door de wispelturigheid die ik vrees in de familie ,waardoor ik het gevoel heb een marionet te zijn in de handen van de familie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik nooit een marionet kan zijn in de handen van de familie wanneer ik dat niet accepteer en niet toesta.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te gruwen van afhankelijkheid van anderen uit angst dat zij hun goedheid zullen ombuigen naar kwaadaardigheid wanneer zij zien hoe afhankelijk ik ben.

 

 

Wanneer en als ik zie dat ik in het patroon van geen vertrouwen hebben in mijzelf als de ander verdwijn dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer mij dat ik eerst mijzelf moet stabiliseren en mijn daadkracht moet terug nemen om zo in mijn kracht te staan en te zijn wie ik ben en mij te realiseren dat ik niet kan veranderen door externe factoren tenzij ik het toesta. Ik stop dit patroon van wantrouwen en haal adem.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in elke situatie met de familie eerst te kijken hoe mijn stabiliteit ervoor staat alvorens ik in de stress schiet en in de geest schiet waar allerlei angsten klaar liggen om aangegrepen te worden.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de stress niet meer te internaliseren, maar meteen preventief te tackelen, zodat ik niet meer met een fysieke terugslag aan de slag hoef alvorens met dat te werken wat in het moment nodig is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn zelfvertrouwen en daadkracht te bestendigen ten opzichte van de familiezaken.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat familie mij niet kan veranderen en dat ik het altijd ben die verandering accepteert en toestaat.

Dag 196 van 2555; is het nu ja of is het nee?

equal money capitalismDe afgelopen dagen waren rare dagen in de zin van heen en weer geslingerd worden tussen wel of niet, ja of nee. En dit wel of niet en ja of nee lag in de handen van een ander. Dit ja of nee had directe invloed op mijn nabije toekomst en mijn toekomst in het algemeen. Dit riep allerlei gevoelens en angsten op, niet als een emotionele achtbaan, want inmiddels ga ik door dit soort ervaringen meer bewust heen en kan ik bepaalde emoties in het moment stoppen. Echter de angst voor overleving is zo sterk in ons geïntegreerd dat ik niet instaat was dat te stoppen.

Eerst kregen mijn partner en ik een ja, een paar dagen later een nee en nu vandaag een uiteindelijk ja. Bij de eerste ja maakte ik plannen van aanpak om te zien hoe nu verder te gaan. Bij de nee, was ik boos dat de ja werd teruggedraaid in een nee. Ik wist mijn daadkracht en zelfbesturing weer terug te nemen om niet in een slachtoffer rol te schieten en toen sloeg het in als een bom en realiseerde ik mij wat dat nee daadwerkelijk inhield. En daar startte de overlevingsangst die mijn hersenen versneld deed draaien om naar een oplossing te zoeken die ons uit een situatie moest helpen die onmogelijk leek. Eenmaal gewend aan het idee dat dingen anders gingen lopen en dat dit nu mijn werkelijkheid was kreeg ik de tweede ja te horen wat alles in een seconde weer 180 graden deed draaien.

We hebben een ja wat betekent dat mijn overlevingsangsten in de koelkast kunnen en alles toch nog op z’n pootjes is terecht gekomen. Iets wat in principe ook zo had moeten lopen, omdat alles in gezond verstand gelopen was op een manier die in het belang van alle betrokken partijen was. Toch in de huidige maatschappij is alles mogelijk, omdat de meeste zaken niet op zelfoprechtheid zijn gebaseerd, wat het extra moeilijk maakt om plannen te maken en de uitkomst te kunnen overzien en daarmee de haalbaarheid van je plannen te kunnen inschatten. Ik ben blij met de ja, maar ik ben niet energetisch blij met de ja, het is meer een gerustheid dat ik voor een moment de boze buitenwereld heb kunnen temmen en synchroon daarmee het beest in mijzelf dat hebzucht en egoïsme heet wat zomaar de kop opsteekt als ik mijn zelfverantwoordelijkheid even niet in acht neem en meega op de golven van emoties.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wanneer ik afhankelijk ben van derden te geloven dat ik mijn zelfbesturing niet meer heb/kan gebruiken en totaal in de ban/in afwachting van de ander lijdzaam moet toezien hoe er over mijn toekomst wordt beschikt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een nee na een ja als een afpakken te beschouwen en mij niet te realiseren dat ik in mijn geest al bezit had genomen door de ja.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om energetisch iets in bezit te hebben genomen door een ja en daar dus ook bezitterig gedrag door te vertonen en niet te snappen waarom een ja wordt teruggedraaid.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om verbolgen te zijn over iets dat ik al bezit in de geest, van mij wordt afgenomen en daarna weer wordt terug gegeven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij te voelen als een speelbal in de handen van een derde.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om boos te zijn toen de nee werd uitgesproken, boos op het afpakken van mijn bezit dat geclaimd was door mijn geest.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om boos te zijn op de derde zijn besluiteloosheid en geen overzicht hebben over zijn eigen situatie en mij niet te realiseren dat ik ook geen overzicht had in dat moment wat mij beangstigde en in overlevingsangsten deed schieten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben dat ik niet zal overleven met een nee wanneer de maatschappij er nog grilliger uit gaat zien.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om iemand als schuldige te willen aanwijzen dat ik met een nee in de problemen kom en misschien niet mijzelf staande zal kunnen houden in de verslechterende maatschappij.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de tweede ja in eerste instantie gelaten over mij heen te laten komen omdat ik niet geloofde dat dit een definitieve ja was.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de derde niet te vertrouwen door zijn wispelturige toezeggingen nu en in het verleden en de derde dus niet te durven geloven op zijn woord.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat ik in de problemen kom als ik de derde zijn woord geloof.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om beloften van de derde te geloven omdat het voor mij dingen mogelijk maakt die anders gesloten deuren voor mij blijven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in de overtuiging te zijn dat ik de derde nodig heb, maar tegelijkertijd niet vast wil zitten aan de derde en mij tot verplichtingen te moeten onderwerpen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de derde te beschuldigen van de situatie waarin ik mij nu bevind tussen de ja en nee en mij niet te realiseren dat ik ook een deel ben van deze situatie en dus ook debet heb aan deze situatie die wij met z’n allen hebben gecreëerd.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat er meer verplichtingen tegenover het ja staan dan ik wil geven.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het wispelturige gedrag van de derde te vrezen en mij niet te realiseren dat ik mijn standvastigheid vrees,  waarbij er situaties kunnen ontstaan die ik niet wenselijk acht maar die ik niet onder controle heb door gebrek aan standvastigheid en angst om gedwongen te worden in situaties die ik niet wil.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben voor de derde omdat ik mijn leven in de derde zijn handen leg en mij haast misselijk voel door het niet nemen van mijn zelfverantwoordelijkheid, door de tweede ja, toch als een geschenk te zien en een belofte die nagekomen is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om met beloftes te werken en mij niet te realiseren dat bij BELoftes de bel moet afgaan om te zien dat dit een daad vanuit separatie en oneerlijkheid is.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat wanneer er beloftes gedaan worden dit vaak vanuit emoties gedaan wordt en men niet overziet of de belofte wel haalbaar is en nagekomen kan worden en wat vervolgens de gevolgen voor de participerende partijen zijn.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om beloftes niet te gebruiken om dingen af te spreken, maar verbintenissen en afspraken gebruik om dingen op een fysieke getoetste manier aan te gaan met anderen.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om dingen die ik bezit in de geest als hebzucht te zien en door zelfvergeving hiermee in het reine te komen om mij zo te kunnen corrigeren en alleen dat als materieel bezit te zien wat fysiek daadwerkelijk onder mijn hoede is.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de derde niet te beschuldigen, maar naar mijzelf te kijken/het naar mijzelf terug te nemen en de emoties die het oproept om te zien wat er gaande is van binnen in mij.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om  overlevingsangst met geen directe fysieke bedreiging te zien als manipulatie van de geest en een manier om mij door middel van angst inactief te houden en ik mij met de energie van deze angst in leven denk te houden, wat in feite een soort van overwinteren in de geest betekent en geen feitelijk leven in mijn fysieke werkelijkheid inhoudt.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mij niet door beloftes afhankelijk van een ja of nee van derden te voelen en te zien/realiseren/begrijpen dat ik ten allen tijde de besturing over mijzelf blijf behouden en dat elke beslissing een beslissing van mijzelf is ook al is die gekleurd en beïnvloed door mijn buitenwereld en programmering.