Dag 347 van 2555: hoe iets je meer aangrijpt dan je zou willen – deel 2 – zelfvergeving & correctieve zinnen

DIP lite cursusDeze blog post is een vervolg op de vorige post, het is aan te raden om de vorige post te lezen voor context. In deze blog post zal ik mij richten op het  ‘meer aangrijpen dan ik zou willen’ en de confrontatie met mijn eigen eindigheid door het fysieke leed van een ander van dichtbij mee te maken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te denken dat ik alleen maar sterk kan zijn en door kan gaan voor de ander.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van doorgaan en nergens aan denken of voelen om sterk te zijn voor de ander, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik aan mijzelf voorbij ga in het moment en het sterk zijn voor de ander niet benut om ook te groeien in het sterk zijn voor mijzelf. Ik stop het wegdrukken van wie ik ben in het moment om sterk te kunnen zijn en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te durven zien wie ik ben in het moment van sterk zijn voor de ander, om zo te snappen waar ik mijzelf moet ondersteunen, binnen een proces waar emoties en gevoelens oplopen, vanwege de aard en heftigheid van de situatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat door sterk te willen zijn ik participeer in een polariteit en dus zwakte zal ontmoeten in een andere hoedanigheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van participatie binnen de polariteit sterk-zwak, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik denk hier sterk uit te komen terwijl mijn fysieke werkelijkheid de zwakke kant laat zien door bevangen van stress zich te uiten in hyperventilatie. Ik stop mijn participatie in deze polariteit en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet te vertrouwen op mijn ‘geest’ wanneer ik mijzelf wijs maak dat sterkte niet samen komt met zwakte en ik mijzelf dus laat overrompelen door het moment van zwakte, terwijl ik de sterkte kant omarm.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om niet te realiseren hoe ik een moment van zwakte kan beleven terwijl ik zo mijn best doe om sterk te zijn.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het niet begrijpen van mijn zelfgeschapen fysieke werkelijkheid, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een stapje terug moet doen en bewust één moet worden met mijn adem om te zien wat er aan de hand is. Ik stop mijn onbegrip en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat onbegrip over mijn fysieke werkelijkheid voort komt uit niet stilstaan bij al die elementen die ik in het leven roep die vervolgens mijn realiteit vormen. Dus zal ik eerst de puzzel moeten maken om te zien wat het geheel van de som is en waar ik over iets heen heb gekeken waardoor er onbalans ontstond.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om door naar de zwakte van het zieke lijf van de ander te worden geconfronteerd met mijn eigen zwakte/fysieke zwakte die ik vrees en mij doet voelen dat ik eindig ben als creatie.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst voor mijn eigen eindigheid, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik mijn eigen eindigheid niet geheel kan bevatten en dus angst creëer voor het onbekende. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om geen angst voor mijn eigen eindigheid te hebben maar te begrijpen en te onderzoeken wat ik mis aan informatie om het concept eindigheid wel te kunnen bevatten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om diep van binnen paniek te voelen voor die eindigheid die ook ik bezit, maar er niet aan wil dat het ook voor mij eens over zal zijn hier in de fysieke werkelijkheid.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van angst voor de dood, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik angst heb over het feit of ik alles wat ik in het fysieke had willen doen wel kan doen voordat ik overga. Ik stop de angst en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om in plaats van mij te focussen op wat ik niet meer kan doen of wanneer ik wellicht zal sterven, mij te focussen op het hier en nu en dat te doen wat in mijn macht en mogelijkheden ligt.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat die paniek over mijn eindigheid ook de paniek is of ik wel hard genoeg werk aan mijzelf en goed genoeg mijn leven leid om niet met lege handen aan gene zijde te komen staan.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van twijfels over mijn proces, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een alles of niets mentaliteit nastreef en dus in periodes alles doe tot ik erbij neerval en perioden creëer waarbij ik geen pap meer kan zeggen en dus weinig doe en mij schuldig voel over het weinig doen. Ik stop de twijfels en doe wat ik moet doen en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer die polariteit van alles of niets na te streven en meer te streven naar geleidelijkheid, waardoor ik dingen beter kan behappen enzo mijn energie niet meer aanspreek dan nodig en niet verval in sterkte-zwakte polariteiten.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wanneer ik sterk wil zijn mijn gevoelens niet op te potten/uit te schakelen, zodat deze als een bom tot uitdrukking komen op een moment dat ik dit er niet bij kan hebben.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van een deel van mijzelf negeren, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik een geheel ben en het negeren van een deel van mij zorgt voor onbalans die ik alleen dan kan oplossen als ik mijzelf weer als geheel ga beschouwen. Ik stop het negeren en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijzelf als geheel te zien en als geheel te behandelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik mijn emoties en gevoelens niet aankan in bepaalde situaties waar ik sterk wil zijn en dus deze emoties en gevoelens wegdruk zonder over de consequenties na te denken.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van mijn ‘geest’ te geloven dat emoties en gevoelens teveel kunnen zijn, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik emoties en gevoelens toe kan laten om te identificeren wat er in mijzelf omgaat en wat er met mij gebeurd zonder de achtbaan van de emoties en gevoelens te nemen. Ik stop dit geloof en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om gevoelens en emoties als indicatoren voor mijzelf te gebruiken, zonder er in mee te gaan en mij erdoor te laten overdonderen en mee te laten sleuren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de angst voor mijn eindigheid te gebruiken als beperking/moment om te blokkeren en niet verder te gaan.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van te stoppen en mijn leven even on hold te zetten door angst, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik gewoon kan doorademen en doorleven ook wanneer ik angst ervaar, om zo mijzelf er doorheen te duwen. Ik stop het stop zetten van mijn leven en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om sterk te zijn voor mijzelf door mijzelf te ondersteunen en te helpen en hulp te vragen daar waar het nodig is om dan pas een punt van sterkte voor de ander te kunnen zijn.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om sterk te zijn voor de ander en mijn eindigheid als iets te beschouwen wat mij overkomt en geen keuze is.

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geen keuze hebben, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik denk dat ik geen keuze heb in sterk zijn voor de ander als het vanuit polariteit voortkomt en ik denk geen keuze te hebben in eindigheid terwijl geboren worden het begin van de polariteit was. Ik stop mijn opinie over keuze en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat leven in deze fysieke werkelijkheid het leven van polariteit en is waarin ik de keuze heb om hierin te participeren of niet. Sterk zijn vanuit polariteit is zwak zijn en bestaan vanuit polariteit is sterven tijdens mijn leven. Ik ga dus de verbintenis aan om sterk te zijn omdat ik het woord sterk kan zijn en kan leven. En ik ga de verbintenis aan om mijn eindigheid te erkennen zonder het als beperking of stop in mijn leven een rol te laten spelen, ik ben geboren dus zal ik ook sterven, dat is niet iets om emotioneel over te zijn maar een feit. dus zal ik elke dag leven als mijn laatste dag om zo sterk voor mijzelf te zijn en alles uit het leven te halen wat erin zit.

Advertenties

Dag 286 van 2555: revalideren, rehabiliteren en remediëren – deel 4: de valkuil – zelfvergevingen en zelfcorrectie

basisinkomengarantieDeze blog is een vervolg op de voorgaande blog, voor context is het aan te raden eerst de voorgaande blog te lezen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het niet aan te kunnen zien wanneer mijn dochter geen initiatief neemt om zaken in haar leven te leiden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van niet tegen apathie/initiatiefloosheid van de ander te kunnen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik hier wordt geconfronteerd met het tegenovergestelde van mijn eigen aard en ik de vrees heb om ook te belanden in deze apathische staat van zijn wanneer ik niet snel handel en het uit de weg ruim. Ik stop het overnemen van de regie van een ander en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer angstig te zijn om meegezogen te worden in de apathie van de dierbaren om mij heen, maar mijzelf als een losstaande entiteit te zien die de ander wel kan ondersteunen en helpen maar niet kan opgaan in de ander en zodoende het leven van de ander te gaan leven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een onbedwingbare drang te voelen, na eerst te hebben gewacht, om de dingen op te pakken die mijn dochter laat liggen aangaande haar leven.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het handelen op drang, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dan handel vanuit een startpunt van energie en niet vanuit het startpunt van gelijkheid. Ik stop de drang en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om deze drang om het voor de ander te regelen te zien als de energie die mij overeind houdt en mij betekenis/waarde geeft en mij zo in een ongelijke rol plaatst waar geen ruimte voor de ander meer bestaat.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf teleurgesteld te voelen wanneer ik de dingen oppak in mijn dochter haar leven, teleurgesteld in haar en in mijzelf tegelijkertijd.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van teleurstelling, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik in zo’n situatie de teleurstelling zelf word en de ander nog meer als zielig te zien en nog meer teleurgesteld te zijn in mijzelf voor het voortbrengen van teleurstelling. Ik stop de teleurstelling en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om teleurstelling te zien als dekmantel om door te kunnen gaan met waar ik mee bezig ben en dat het mij een legitieme reden geeft om door te gaan en dus mijn drang naar controle en alles op rolletjes te laten lopen niet hoef op te geven.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het gevoel te hebben om als moeder niet geslaagd te zijn met het zelfstandig maken van mijn dochter.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het mislukt voelen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik dit gevoel zo snel mogelijk wil afschudden en zodoende zelf succes aanbreng door mijn dochter teveel te ondersteunen. Ik stop dit gevoel en ondersteun alleen nog daar waar het nodig is en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om een gevoel van mislukt zijn/gefaald te hebben niet als excuus/motivatie te gebruiken om mijn dochter meer te ondersteunen dan nodig zou moeten zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de drang om dingen op te lossen door de jaren heen als een energie te ervaren die het uiteindelijk overneemt van het gezond verstand.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van vallen voor energie, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet langer mijzelf aanstuur als ik in de ban van energie handel en dus kan ik ook geen weloverwogen beslissingen nemen op basis van gezond verstand. Ik stop de energie ervaring en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet langer op drang/energie te handelen en vanuit de ‘geest’ mijzelf en de ander aan te sturen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om tegen beter weten in zaken in mijn dochter haar leven op te vangen en haar nog steeds te zien als het hulpeloze kindje, een personage dat wij samen instant hielden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het niet doorbreken van zienswijzen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door het beeld van het zielige kindje dat geholpen moest worden instant te houden ik een niet meer weg te denken vangnet voor ons beiden werd. Ik stop deze zienswijze en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het personage van het zielige kindje niet langer meer instant te houden en mijn dochter op waarde te schatten in elk moment en elke adem opnieuw.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om aan het beeld van het hulpeloze kind vast te houden, vanuit gewenning en niet beter meer weten, zodat er geen verandering kon plaats vinden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van verandering in de weg staan, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik door gewenning mijzelf en mijn dochter blokkeerde in een situatie die niet langer onder de loep gehouden werd om te zien of er verandering nodig was. Ik stop de gewenning en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om altijd verandering een kans te geven en altijd te bekijken of een situatie nog wel in het belang vaneen ieder is ook al is de gewenning een gemakkelijk gevoel om in te blijven hangen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om door middel van excuses het vangnet voor mijn dochter te blijven zijn om de rol die ik als reddende engel en moeder had ingenomen instant te houden.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van door excuses mijn rol als redder instant te houden, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet zozeer de redder wilde zijn om als goed te worden gezien maar meer de redder wilde zijn om controle op mijn leven te blijven houden. Ik stop mijn rol als redder en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te doen wat gedaan moet worden en daar is geen redder voor nodig.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om nu ik verandering wil in deze situatie ik moet opboksen tegen een ‘geest’ die daar geen zin in heeft om mijn monopolie uit handen te geven, waardoor ik vrees voelde voor hetgeen ik gecreëerd heb.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van geloven in de ‘geest’ en dus geloven dat verandering niet mogelijk/nodig is, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat de vrees en een naar onderbuik gevoel deel van het proces van loslaten zijn, waarbij ik vanuit de ‘geest’ niet zomaar zal loslaten, terwijl ikzelf allang kan zien dat dit het beste voor een ieder is. Ik stop het geloof in de ‘geest’ en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het proces van loslaten ook in de geest te lopen en mij zodoende los te maken va de emoties/gevoelens/angsten/herinneringen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te vrezen dat wanneer mijn dochter zelf beslissingen gaat nemen deze misschien in tegenspraak zullen zijn met mijn perspectief/opvattingen.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van bang zijn controle/zeggenschap over mijn dochter te verliezen, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik niet degene ben die haar leven leid en dus ook niet degene ben die haar beslissingen neemt. Ik stop de angst voor verlies en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het loslaten van de totale controle niet te vrezen of te zien als het loslaten van iets van mijzelf, maar te zien als en stap vooruit voor mijn dochter in haar zelfstandigheid, wat haar zelfvertrouwen zal sterken en zij zo beter instaat is haar leven op eigen benen te leiden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het loslaten van mijn kind en de band, die in eerste instantie noodgedwongen zo intensief was, als het verliezen van mijn bestaansrecht te ervaren.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van het verliezen van mijn bestaansrecht, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik ook zal bestaan wanneer ik mijn dochter ondersteun in plaats van haar leven leiden. Ik stop de angst voor verlies en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien en realiseren dat de adem mijn bestaansrecht is, waardoor ik alleen mijn eigen adem kan ademen en geen dubbelleven kan leiden.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het loslaten als het verliezen van een deel van mijzelf te ervaren/voelen door de verschillende emoties en gevoelens, terwijl ik met gezond verstand kan zien dat dit niet zo is.

 

Wanneer en als ik mijzelf zie vervallen in een patroon van verlies te ervaren door de ogen van de ‘geest’, dan stop ik en haal ik adem. Ik realiseer en zie dat ik afstand moet nemen door los te laten, maar dat ik niets van mijzelf kan verliezen wat in de eerste plaats al niet van mij was. Ik stop de angst voor het verlies en stuur mijzelf aan, één en gelijk aan het leven.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de symbiose die ik aanging met mijn kind los te maken en haar niet langer meer als deel van mijzelf te zien, maar als een wezen met eigen leermomenten die zal moeten vallen en opstaan om zo sterk te worden in het leven.