Dag 154 van 2555; het lijkt wel een tafelkleed

Dag 154 van 2555; het lijkt wel een tafelkleed  In mijn DIP- pro opleiding ben ik begonnen met het werken met backchat en moest ik een dagboek bijhouden. Ik heb al veel vaker gewerkt met mijn backchats en dat is eigenlijk nooit een probleem geweest, tot voor kort. Terwijl ik met het lezen en inwerken in de les bezig was wist ik al dat ik mijn backchats moest gaan bijhouden en dus begon ik wat meer dan normaal hierop te letten. Terwijl ik op een avond terug wandelde van de supermarkt, zag ik een donkere man in nette kleiding met papieren in zijn hand een luxe auto uitstappen, hij werd gereden en was duidelijk een zakenman.Voor ik het wist flitste er een stem door mijn geest die zei: “een aap met een pak aan”. Ik kreeg er bijna hartkloppingen van zo erg vond ik het dat ik die gedachte in mijn geest had geaccepteerd en toegestaan. Ik walgde zo gezegd van mijzelf, maar zag ook dat het een stukje van mijzelf was waar ik mee aan de slag moest. Nog geen honderd meter verderop loop ik een vrouw tegemoet die redelijk breed qua postuur was met een gebreide poncho aan met een groot bloemmotief en weer flitste die stem door mijn geest en zei: “het lijkt wel een tafelkleed”. Ook nu voelde ik mij schuldig en wilde ik het wel uit mijn geest wassen/verwijderen. Nog een paar meter had ik te gaan tot ik voor mijn voordeur was en ik was blij toen ik de voordeur dicht kon doen om even geen vreemde mensen te hoeven zien en beoordelen. Grappig alsof het dichtdoen van de voordeur een deur in mijn geest zou dicht laten doen en de backchat zou doen stoppen.

 

Later toen ik echt toe was aan het bijhouden van het dagboek had ik grote moeite met het onthouden en willen opschrijven van mijn backchats, ik ontweek zo gezegd mijn donkere/negatieve kant en blokkeerde het onthouden van de backchats, zodat ze opkwamen en direct weer verdwenen. Ik wist dat ze er waren geweest, maar niet meer wat het was. Daarna kreeg ik een periode van grote rust in mijn geest, geen enkele backchat te bespeuren. Ik ging zelfs zover dat in situaties waar ik backchats zou kunnen verwachten ik aan mijzelf vroeg of ik niet die en die backchat stiekem toch had gehad. Een geweldige verstrengeling in mijn geest ontstond er en ik wilde dit niet langer aanzien en geen onnodige consequenties manifesteren. Ik heb eens diep adem gehaald en tegen mijzelf gezegd dat het nu klaar was en dat ik het dagboek ging starten zonder daar moeilijk over te doen. En natuurlijk lukte dat, want uiteindelijk ben ik degene die de regie heeft over mijn geest en mijn fysieke realiteit in handen heeft.

 

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de backchat “een aap met een pak aan” toe te laten in mijn geest en reacties op deze backchat te hebben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in mijn geest te discrimineren en de jarenlange sociale programmeringen te ondersteunen in mijn geest.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te walgen van mijzelf om een ander in gedachten te discrimineren en mij niet te realiseren dat ik zelf gediscrimineerd ben in het buitenland en dat niet als prettig heb ervaren en mijzelf voorgenomen had nooit iemand te discrimineren.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om teleurgesteld te zijn in mijzelf om mijn belofte met mijzelf om niet te discrimineren te breken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf te schamen voor de backchat die ik heb en mij niet te realiseren dat deze schaamte alleen maar een afleiding is voor het feit dat ik als goed gezien wil worden en dat deze backchats een bedreiging zijn voor mijn imago.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn sociale programmering binnen in mijzelf, die ik heb geïmplementeerd, in actie te zien komen als het juiste moment daar is en nog niet te kunnen staan en dit te stoppen alvorens het plaats vindt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijzelf niet als een oordelend mens te willen zien, terwijl dat wel 1 van de vele personages is die nog in mij zijn.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat, nu ik veel minder oordeel dan vroeger, het daar ook mee opgelost is en mij niet te realiseren dat het pas opgelost is als ik het bij de bron aanpak en mij gecorrigeerd heb in de fysieke realiteit totdat het niet meer voorkomt.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de backchat “het lijkt wel een tafelkleed” toe te laten in mijn geest en reacties op deze backchat te hebben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om associaties met andere voorwerpen mij een mens te oordelen over haar voorkomen en mij niet te realiseren dat ik ook had kunnen zien dat het patroon mij deed denken aan een tafelkleed en het daar bij te laten.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te verkiezen voor hatelijkheid jegens een ander wanneer mijn geest connecties tussen herinneringen en realiteit maakt en mij niet te constateren dat stap 1 is om de connectie waar te nemen en daar te laten waar het hoort en geen reacties of aandacht eraan te schenken.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om door nieuwsgierigheid in de geest mij te laten verleiden tot het onderzoeken van de connecties die mijn geest maakt om zo op backchats uit te komen om achteraf spijt te hebben van wat de nieuwsgierigheid mij opleverde.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te willen geloven dat ik geen backchats heb en alleen maar goed ben en daardoor schrik van de backchats die ik wel heb, waardoor ik opnieuw in het hier en nu wordt terug gezet en wakker geschut, maar wat ik ervaar als frictie.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om frictie te ervaren wanneer het beeld dat ik over mijzelf heb niet strookt met de realiteit waarin ik mijzelf ervaar.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om omgekeerde backchats toe te laten in mijn geest en zodoende te bedenken wat de backchat geweest zou moeten zijn in een specifieke situatie en mij dan goed te voelen wanneer mijn geest zegt dat ik die backchat echt niet heb gehad en ik dus vrij van elke schuld ben.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te schrikken van mijn donkere kant dat ik mijn backchats opslot doe terwijl ze gewoon achter de kastdeur zitten te wachten om eruit te mogen.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn ego de scepter te laten zwaaien binnen mijn geest en mij te laten zien dat ik beter ben, goed ben en dat ik eigenlijk geen backchat heb en mij niet realiseer dat ik mijzelf zeer bewust ben van mijn backchat en mijn stand van zaken binnen mijn proces.

 

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn ego te willen geloven en net zolang ga dwarsliggen, totdat ik als ego denk mijn zin te krijgen of mijn punt gemaakte te hebben.

 

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om te zien/realiseren/begrijpen dat ik een jaar langmijn back chats ga doorlopen en ik dus nog niet klaar ben met deze backchat dimensie, wat inhoud dat het zinloos is om mijzelf voor de gek te houden wanneer ik vooruit wil komen in mijn proces.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om niet meer te schrikken van mijn backchats en mij te schamen en te zien dat ik er frictie mee veroorzaak en zo energie genereer voor mijn geest om op volle toeren verder te gaan, wat niet hetgeen is dat ik voor ogen heb en niet in het belang van een ieder is.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om mijn backchats in zelfoprechtheid in kaart te brengen om zo mijzelf te kunnen corrigeren in mijn fysieke realiteit en zo niet meer te hoeven participeren in backchats als een overlevingsmechanisme van mijn geest.

 

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om het oordelen van andere mensen, terug te brengen naar de elementen, die de connecties in mijn geest hebben mogelijk gemaakt en zo terug te kunnen lopen hoe deze oordelen/backchats zijn ontstaan, om hen niet meer te laten terugkeren.

Advertenties

Dag 138 van 2555; de authenticiteit van mijn gedachten, vieze wormen

Dag 138 van 2555; de authenticiteit van mijn gedachten, vieze wormen  Na een x aantal shows van Derren Brown (de Engelse illusionist/mentalist/hypnotiseur) te hebben gezien, is het geloof in mijn gedachten als authentiek en van mijzelf zeer plastisch ontkracht. Ik wist dat veel van mijn gedachten niet authentiek waren en tot stand kwamen door programmering in mijn jeugd en door opvoeding gedurende de rest van mijn leven door de maatschappij/samenleving. Wat maakte dat ik geloofde in deze gedachten als zijnde van mij, doordat ik deze gedachten heb aangenomen/geaccepteerd/toegestaan als zijnde van mij. Het klinkt misschien wat bizar wanneer je nog heilig gelooft in jezelf als en gelijk aan je gedachten, maar durf eens een uitstapje te maken in de wondere wereld van je geest en te ervaren hoeveel er blijft staan van je gedachten wanneer je ze ontdoet van genetische -en sociale programmering. Dit wordt een serie van blogs die de authenticiteit van mijn gedachten ontkracht aan de hand van dagelijkse gebeurtenissen.

Sinds een aantal dagen hebben onze katten last van wormen. Eerst vond ik allerlei wit/bruine korreltjes op de plekken waar ze graag liggen. Daarna tijdens het schoonmaken van de kattenbak, poepte 1 van de katten op de kattenbak, terwijl ik deze aan het schoonmaken was. Doordat het drolletje niet meteen ondergespit werd kon ik goed zien dat er 1 cm lange witte glibberige streepjes op de drolletjes zaten. De korreltjes en de wormpjes n de ontlasting waren reden genoeg om te kunnen vaststellen dat mijn katten wormen hebben. Op internet vond ik beschrijvingen van verschillende soorten wormen bij katten. De korreltjes zouden duiden op een lintworm, maar 3 katten die tegelijkertijd een lintworm hebben lijkt wat merkwaardig, terwijl de wormpjes zelf meer op een spoelworm leken. Ik besloot een kit aan te schaffen om zo een monster van de ontlasting op te sturen naar een lab dat gespecialiseerd is in parasieten bij dieren. Zodra ik weet om welke wormsoort het gaat kan ik de juiste kuur aanschaffen voor alle 3 de katten. Het advies van de ‘farm’ in Zuid-Afrika is om als mensen gelijk met de dieren een wormenkuur te doen om zo geen kruisbesmetting te laten plaatsvinden.

De korreltjes die ik her en der in huis vind die zuig ik met de kruimeldief op en die leeg ik dan direct in de pedaalemmer. Aangezien ik niet weet of deze korreltjes eitjes zijn, neem ik het zekere voor het onzekere en ruim het op. Jaren terug had ik echt gegriezeld van het idee alleen al dat er wormen in huis zouden zijn. Ik heb dus aan den lijve ondervonden dat ik met die angst effectief heb afgerekend door zelfvergeving en toegepaste correctie in mijn fysieke werkelijkheid. Toch als ik de staart van de katten optil en de wormpjes in hun anus zie zitten of op hun drolletjes, dan heb direct de gedachte ‘wormen zijn vies’, terwijl ik daar geen fysieke ervaringen bij heb van echt griezelen envies vinden. Het is een gedachte in mijn geest die daar zit omdat ik hem ooit heb toegestaan en heb geaccepteerd dat hij kon verblijven in mijn geest.

Daarnaast ging mijn geest naarstig opzoek om een schuldige aan te wijzen voor het feit dat de katten voor het eerst in 6 jaar, dus voor het eerst in hun leven, wormen hebben. De eerste gedachte die opkwam was ‘van rauw vlees krijg je wormen’ en inderdaad de katten eten zo nu en dan wat rauwe kip als ik een kipfilet ontdoe van adertjes en vet. Mijn eerste kat at alleen maar rauw hart en had nooit wormen en kreeg ook geen preventieve wormenkuur. Ook mijn huidige katten krijgen geen preventieve wormenkuur om onnodige medicatie te voorkomen. Deze gedachte is dus niet gerelateerd aan wat ik heb ervaren in de fysieke werkelijkheid en toch bestaat het in me door acceptatie en het toe te staan.

‘wormen zijn vies’

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wormen als vies te bestempelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik wormen vies vind.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om als kind bang te zijn een worm uit de aarde te halen en ze dus als vies zag .

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn voor wormen wanneer anderen ze oppakten en ze in je nek wilde gooien.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te fantaseren over hoe naar het zou zijn als een worm in mijn nek zou worden gegooid.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn de controle over mijzelf te verliezen wanneer een worm in mijn nek zou worden gegooid terwijl ik dat niet wilde.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om in de toekomst te projecteren dat ik angst moet hebben wanneer een worm in mijn nek wordt gegooid.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om gedrag van andere kinderen na te bootsen die gillend wegrenden als anderen een worm in hun nek wilden gooien.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om het bang zijn voor wormen te accepteren en toe te staan door middel van dit gedrag van anderen te kopiëren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wormen met vies te associëren.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren waarom ik wormen vies vind.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om wormen vies te vinden, omdat ik dat zo heb geleerd van mijn omgeving en daar nooit kritische vragen bij heb gesteld.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren wat de consequenties waren van het accepteren van de gedachte ‘wormen zijn vies’, waardoor ik angsten heb gekend die irreëel waren en niet voluit geleefd heb door deze angst.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om een schuldgevoel te hebben over de beperking die ik met deze ene gedachte ‘wormen zijn vies’ mijzelf heb aangedaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om angst te hebben voor wormen in mijn zwangerschap, omdat duidelijk wordt gemaakt dat bepaalde wormen voor problemen zorgen, wat resoneerde met mijn al aanwezige opinie over wormen vanuit mijn jeugd.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de authenticiteit van een gedachte eerst te checken alvorens beslissingen te maken gebaseerd op die gedachte.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om ‘wormen zijn vies’ los te koppelen van emoties/gevoelens en wormen weer kan zien als wormen zonder een bijvoeglijk naamwoord dat aangeeft wat ik nog niet vergeven en gecorrigeerd heb.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wormen te ervaren als leven en co-bewoners van de aarde, waarbij zij een deel zijn van de cyclus hier op aarde, wat niets zegt over status van meer of minder zijn dan mij en ik hen dus als gelijke kan beschouwen en behandelen.

‘van rauw vlees krijg je wormen’

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te geloven dat ik van rauw vlees per definitie wormen zou krijgen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn van mijn eigen gevormde fantasie over wormen in mijn lijf door het eten van rauw vlees.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn wanneer ik een klein balletje rauw aangemaakt gehakt te eten als mijn moeder dat aanbood tijdens het koken, omdat zij elke keer zei dat ik maar 1 balletje mocht anders zou ik wormen krijgen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn moeder te geloven wanneer zij beweerd dat ik van meer dan 1 balletje rauw gehakt wormen krijg.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om de angst van mijn moeder over te nemen zonder daar vragen over te stellen en zodoende bang te zijn over het eten van rauw vlees met als consequentie wormen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik wel 3 broodjes ossenworst van mijn moeder mocht eten en geen 2e balletje rauw gehakt, terwijl beiden hetzelfde type rauw vlees zijn, wat de inconsequentie van het niet mogen aangeeft dat ik klakkeloos accepteerde als hoger gezag boven mij.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om altijd angst te hebben bij het eten van rauw vlees door de gedachte ‘van rauw vlees krijg je wormen’ steeds weer in mijn geest te horen afdraaien.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om rauw vlees te mijden tijdens mijn zwangerschap uit angst voor nare dingen die zouden kunnen gebeuren zoals medici met mij deelden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om meer angst voor rauw vlees te ontwikkelen toen iemand die ik ken ernstig ongeneeslijk ziek werd na het eten van ongare kip van de BBQ.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om alleen vanuit angst naar het eten van rauw vlees te kijken en het kijken met gezond verstand vanuit ervaring en onderzoek niet meer mee te laten wegen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bangte worden van een gedachte die ik ervaar als van mij maar die niet meer dan geadopteerd en geïnternaliseerd is door mij.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de authenticiteit van een gedachte eerst te checken alvorens beslissingen te maken gebaseerd op die gedachte.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om de reële risico’s van  het eten van rauw vlees af te wegen tegen de behoefte/reden van het eten van rauw vlees alvorens tot het eten van rauw vlees over te gaan.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om rauw vlees als concept los te zien van geaccumuleerde gevoelens/emoties door de jaren heen en het te zien voor wat het is met reële risico’s

Dag 104 van 2555; foute oma als trigger point

Dag 104 van 2555; foute oma als trigger point  We gingen als gezin mijn schoonouders een middagje opzoeken die even kort in Nederland waren. Het in kaart brengen van al mijn opinies, geloof en ideeën over mijn schoonouders en met name mijn schoonmoeder, heb ik middels schrijven en spreken voor een groot deel in kaart gebracht. Ik ben ook niet meer opstandig wanneer mijn partner mij meevraagt naar zijn ouders te gaan en ik kan zeggen dat ik nagenoeg neutraal in deze relatie sta. Ik zeg nagenoeg, want het moment brak aan dat ik, nu eens op een omslachtige manier en indirect, reacties had op mijn schoonmoeder die de oude mening die ik van haar had bevestigde. Verdorie, ben ik er toch weer ingetuind, want zo voelde het achteraf, luttele minuten erna.

Mijn schoonmoeder vertelde een verhaal over haar zus. Haar zus krijgt elke complete zondag haar kinderen en kleinkinderen over de vloer, dit is zo gegroeid door de jaren heen en iedereen houdt zich er nog altijd trouw aan. Nu kan ik mij zo indenken dat het voor de kleinkinderen die inmiddels tieners en twintigers zijn en die hun leven lang elke zondag bij opa en oma spenderen, op een bepaald moment het bezoek als een belasting voelt. Niemand heeft het hierover, want we doen wat we altijd al doen.

Op een gegeven moment komt de jongste kleinzoon het huis van opa en oma binnen samen met zijn gezin en groet oma niet. Dit schoot in het verkeerde keelgat van oma, want oma vond dit kleinkind toch al een “hark”, vertelde mijn schoonmoeder. Hier begon ik lichtjes te steigeren. Omdat oma dit kleinkind als minder acht dan de anderen,  kan hij het zich niet permitteren om niet te voldoen aan de regels van zijn oma. Oma stuurde de tiener naar buiten, want hij was niet welkom als hij niet groette. Hij liep braaf naar buiten en bleef daar een tijdje. Oma begon zich zorgen te maken en vroeg zich af of zij het kleinkind te hard had aangepakt, een schuldgevoel ontwikkelde zich. Daarna kreeg zij de angst dat hij zou zijn weggelopen, dus zij wist dat haar gedrag niet in de haak was en vreesde kritiek van de anderen en de schuld te krijgen van het eventueel weglopen van de kleinzoon. Oma ging achter de voordeur staan wachten. Uiteindelijk belde de kleinzoon aan en koos eieren voor zijn geld, groette oma en ging naar binnen om zich te voegen bij de anderen. Mijn schoonmoeder vertelde dit op zo’n toon van, kijk eens wat een opvoed talent die zus van mij. Ik weet inmiddels dat ook mijn schoonmoeder er rare kronkels op na houdt als het aankomt op opvoeden en dan met name het opvoeden van anderen dan haar eigen kroost.

Er ontstond een enorme wir war binnenin mij. Ik voelde boosheid naar de tante toe, boosheid naar mijn schoonmoeder toe om zo’n verkeerd verhaal op te hemelen als de norm voor opvoeden. Ik wilde haar wakker schudden en zeggen: “zie je niet hoe krenkend je zus en laatdunkend zij naar dit kleinkind toe is, dit is toch geen verhaal dat je gaat lopen doorvertellen alsof je zus de opvoed Godin zelve is. Wat is er mis met jullie dat jullie je zo botvieren op anderen, los verdomme je eigen shit eens op, voordat je anderen beschadigt”. Maar ik slikte dit alles in, ik had beloofd geen nieuwe frictie te veroorzaken en het was de vraag of een dikke 70-tigger haar opinies kan bijstellen. Is die flexibiliteit er nog, als zij haar hele leven zich heeft vastgebeten in deze grove/ruwe manier van opvoeden? De ervaring tot nu toe zegt, nee. Maar dit alles bevestigde mijn oude opinie die gebaseerd was op energetische verwikkelingen zoals emoties en gevoelens, dat mijn schoonmoeder niet te vertrouwen is met kinderen en er rare normen en waarden op na houdt ten opzichte van wat ik als normaal zie.

Ik had dus reacties en dus kan ik nog niet staan als mijzelf gelijk en 1 aan het leven, t.o.v. mijn schoonmoeder, wat ik als jammer ervoer aan de ene kant maar tegelijkertijd ook als een punt dat gewoon doorgewerkt kan worden, om zo weer verder te kunnen gaan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te participeren in het personage van “moeder” en het zodoende persoonlijk te nemen hoe en waarom dit kleinkind zo werd behandeld.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om te reageren op het feit dat iemand anders ten onrechte hark wordt genoemd en dit dus persoonlijk te nemen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om onrecht te voelen dat een kind niet zichzelf mag zijn en door zijn oma als vertegenwoordigster van het systeem tot de orde wordt geroepen. Terwijl het geen zin heeft om deze onrecht te voelen en de energie ervan persoonlijk te nemen, het zet geen zoden aan de dijk noch verandert het de situatie.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om reacties te hebben bij de goedkeuring van mijn schoonmoeder op de opvoed methode van haar zus en ik die projecteer op eerder gebeurde zaken met mijn kinderen en mijn schoonmoeder.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om nog steeds de opinie te hebben dat mijn schoonmoeder niet te vertrouwen is met kinderen, vanwege afwijkende ideeën over wat kan en niet kan.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn schoonmoeder niet te vertrouwen met mijn kinderen omdat ik in het verleden niet heb gestaan en niet een lijn heb getrokken en gezegd, tot hier en niet verder, in plaats daarvan heb ik mijn kinderen bij mij gehouden als “moeder” personage om ze te beschermen tegen deze boze schoonmoeder en nooit gecommuniceerd dat ik haar vreesde voor haar handelen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om bang te zijn dat mijn schoonmoeder rare dingen zou uithalen met mijn kinderen en zo hun verblijf tot een naar verblijf te maken.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om boos te worden als ik de verhalen van mijn kinderen terug hoorde over hoe het bij opa en oma geweest was.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om onmacht te voelen en dat in boosheid om te zetten in plaats van een lijn te trekken en de eindverantwoording over mijn eigen kinderen te nemen.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om er als “moeder” personage er alles aan te doen dat een logeer partij niet meer zou plaatsvinden.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat ik frictie veroorzaakte door mijn kinderen bij mij te houden als “moeder” personage en niet open en transparant te communiceren waarom ik geen logeerpartijen meer wilde.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mijn schoonmoeder als kwaad te bestempelen en daarmee de kous af te laten zijn en zo geen verantwoordelijkheid te nemen voor het uitpraten en zoeken naar oplossingen omtrent het zien van de kleinkinderen door de grootouders.

Ik vergeef mijzelf dat ik heb geaccepteerd en toegestaan om mij niet te realiseren dat dit voorbeeld van de zus een trigger point was voor de onderdrukte woede die ik jegens mijn schoonmoeder/schonouders voel als het gaat over de behandeling van mijn kinderen.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om wanneer logeerpartijen weer op de agenda komen ik duidelijk aangeef waar ik sta als ouder/mens en de kinderen laat meepraten samen met de grootouders over hoe zij erin staan en hoe zij het anders zouden willen zien en of zij überhaupt nog zin hebben in logeerpartijtjes gezien hun leeftijd.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om oordelen en opinies over mijn schoonmoeder te zien voor wat ze zijn en daar zelfvergeving op te doen om zodoende elke keer met een schone lei te kunnen beginnen en het verleden niet mijn heden en toekomst te laten bepalen.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om als mens met kinderen zolang dat nog nodig is voor mijn kinderen/samen met mijn kinderen te bepalen wat wij accepteren en toestaan binnen de relatie met de grootouders.

Ik ga met mijzelf de verbintenis aan om deze reacties als ondersteunend te zien in mijn proces en niet als falend, om zo vooruit te kunnen en niet te blijven steken in oordelen en opinies.